Gepubliceerd: 12 december 2008
Indiener(s): Ab Klink (minister volksgezondheid, welzijn en sport) (CDA)
Onderwerpen: netwerken openbare orde en veiligheid organisatie en beleid recht ruimte en infrastructuur staatsrecht zorg en gezondheid
Bron: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-31466-14.html
ID: 31466-14
Origineel: 31466-2

31 466
Wijziging van de Wet gebruik burgerservicenummer in de zorg in verband met de elektronische informatieuitwisseling in de zorg

nr. 14
DERDE NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 12 december 2008

Artikel I, onderdeel C, van het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

1. Artikel 13a wordt als volgt gewijzigd:

a. De aanhef van het tweede lid komt te luiden:

2. Van het landelijk schakelpunt maken voorts deel uit voorzieningen waarmee een cliënt:

b. In het tweede lid, onderdeel b, wordt na «centrale gebruiksregistratie» ingevoegd: elektronisch.

c. In het tweede lid, onderdeel c, wordt na «indexgegevens» ingevoegd: al dan niet elektronisch.

2. Artikel 13e, vijfde lid, komt te luiden:

5. De cliënt kan de in artikel 13a, tweede lid, bedoelde voorzieningen gebruiken om:

a. zijn elektronisch patiëntendossier en de hem betreffende centrale gebruiksregistratie elektronisch op te vragen en te raadplegen;

b. zijn indexgegevens elektronisch volledig af te schermen voor het opvragen en raadplegen door een zorgaanbieder of een categorie van zorgaanbieders.

Toelichting

Met onderhavige wijzigingen wordt in de wet neergelegd dat het stelsel voor het EPD de mogelijkheid biedt aan de patiënt zelf om op elektronische wijze toegang te krijgen tot zijn medische gegevens. Het landelijk schakelpunt zal voorzieningen bevatten waarmee de patiënt zijn EPD elektronisch kan opvragen en raadplegen, de centrale logging kan opvragen en raadplegen en zijn indexgegevens kan afschermen voor het opvragen en raadplegen door één of meerdere zorgaanbieders.

In eerdere stadia werd uitgegaan van de komst van de elektronische Nederlandse identiteitskaart (eNIK) als identificatie- en authenticatiemiddel voor de zorgconsument. Helaas is de verwachting dat de eNIK de komende twee jaar niet gereed zal zijn. Besloten is om in de huidige fase de komst van de eNIK niet af te wachten als toegangsmiddel voor de patiënt om het EPD elektronisch te raadplegen, maar andere reeds beschikbare toegangsmiddelen te verkennen. PriceWaterhouseCoopers heeft, in samenwerking met de Universiteit van Tilburg en de Radboud Universiteit, in opdracht van VWS onderzoek gedaan naar mogelijke andere toegangsmiddelen. Hierbij zijn verschillende alternatieven tegen elkaar afgewogen in het licht van de noodzakelijke beveiligingseisen. Uit het rapport is het gebruik van DigiD, met sms-verificatie (niveau DigiD midden) en een additionele face-to-face controle bij de uitgifte als beste alternatief naar voren gekomen. Momenteel worden gesprekken gevoerd met het Ministerie van BZK om uitvoering te geven aan het gebruik van dit alternatief als toegangsmiddel voor de patiënt om het EPD elektronisch te kunnen raadplegen. De technische realisatie van de toegang van de patiënt middels deze variant van DigiD+ zal eind 2009 mogelijk zijn.

Met het onderhavige artikel wordt het kader geschapen voor een zodanige voorziening. De nadere uitwerking, hoe de voorziening er precies uit zal zien, welke beveiligingseisen er aan de toegang van de patiënt tot het EPD gesteld zullen worden, hoe toegang verkregen kan worden, welk toegangsmiddel nodig is, etc. zal neergelegd worden in lagere regelgeving. Deze voorschriften zullen immers van een hoog technische gehalte zijn en lenen zich niet voor regeling op wetsniveau. Deze mogelijkheid ligt besloten in artikel 13a, derde lid, waarin bepaald wordt dat bij of krachtens algemene maatregel van bestuur regels gesteld worden met betrekking tot het beheer en de inrichting van het landelijk schakelpunt. Nictiz draagt zorg voor de inrichting en het beheer van bedoelde voorziening, net als voor de rest van het landelijk schakelpunt. Met onderhavige wijziging wordt mede uitvoering gegeven aan motie nr. 48 van de leden Omtzigt, Vermeij en Zijlstra, ingediend tijdens het VAO d.d. 19 november 2008.

De minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,

A. Klink