Kamervraag 2014Z07977

Het oordeel van het College voor de Rechten van de Mens over het door Veolia gemaakte onderscheid op basis van handicap of chronische ziekte

Ingediend 29 april 2014
Beantwoord 6 juni 2014 (na 38 dagen)
Indieners Otwin van Dijk (PvdA), Duco Hoogland (PvdA)
Beantwoord door Wilma Mansveld (staatssecretaris infrastructuur en waterstaat) (PvdA)
Onderwerpen organisatie en beleid recht staatsrecht verkeer zorg en gezondheid
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2014Z07977.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20132014-2300.html
  • Vraag 1
    Kent u het oordeel van het College voor de Rechten van de Mens, oordeelnummer 2014-50, over het door Veolia Transport Limburg B.V. gemaakte onderscheid op basis van handicap of chronische ziekte?1

    Ja.

  • Vraag 2
    Hoe beoordeelt u het feit dat Veolia Transport Limburg B.V. volgens het College voor de Rechten van de Mens verboden onderscheid heeft gemaakt op grond van handicap of chronische ziekte door geen tijdelijke bijstand te verlenen aan een reiziger in een rolstoel?

    Ik interpreteer het oordeel van het College voor de Rechten van de Mens als een duidelijke aanwijzing voor Veolia om de dienstverlening voor reizigers met een rolstoel structureel te verbeteren. Ik zal dit ook per brief onder de aandacht brengen van de provincie Limburg die de concessie beheert.

  • Vraag 3
    Bent u bereid hierover met de provincie Limburg en Veolia Transport Limburg B.V. in overleg te treden?

    Ik heb naar aanleiding van de uitspraak een oproep gedaan aan beide partijen om tot een oplossing van de genoemde punten te komen (zie bijlage).2
    De provincie Limburg is als concessieverlener echter de eerst aangewezene om over dit oordeel van het College met Veolia Transport in gesprek te gaan. Ik heb begrepen dat deze overleggen hebben plaatsgevonden. Het is naar mijn mening van belang dat ook de andere concessieverleners kennis nemen van het oordeel van het College. Ik zal het oordeel met een toelichting op mijn eigen rol dan ook onder de aandacht brengen van de koepels van de verleners van busconcessies IPO en SKVV en van de koepelorganisaties van de busvervoerbedrijven KNV en FMN.

  • Vraag 4
    Deelt u de mening dat onderscheid maken op grond van handicap of chronische ziekte onwenselijk is en uitermate kwetsend voor de gedupeerden?

    Ja.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2014Z07977
Volledige titel: Het oordeel van het College voor de Rechten van de Mens over het door Veolia gemaakte onderscheid op basis van handicap of chronische ziekte
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20132014-2300
Volledige titel: Antwoord op vragen van de leden Hoogland en Otwin van Dijk over het oordeel van het College voor de Rechten van Mens over het door Veolia gemaakte onderscheid op basis van handicap of chronische ziekte