Kamerstuk 33990-16

Amendement van het lid Bergkamp dat regelt dat een kiezer die wegens een verstandelijke beperking of psychische stoornis bij het stembureau hulp behoeft wordt bijgestaan door een van de leden va het stembureau

Dossier: Uitvoering van het op 13 december 2006 te New York tot stand gekomen Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap (Trb. 2007, 169)


Nr. 16 AMENDEMENT VAN HET LID BERGKAMP

Ontvangen 8 december 2015

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

Artikel II wordt als volgt gewijzigd:

1. De zinsnede «In artikel J 4, tweede lid, van de Kieswet» wordt vervangen door: De Kieswet wordt als volgt gewijzigd:

A

In artikel J 4, tweede lid,.

2. Er wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:

B

Artikel J 28 wordt als volgt gewijzigd:

1. Voor de huidige tekst wordt de aanduiding «1.» geplaatst.

2. In het eerste lid wordt na «bijstaan» toegevoegd: door een derde of door een van de leden van het stembureau.

3. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 2. Wanneer een kiezer bij het stembureau om hulp verzoekt die hij wegens een verstandelijke beperking of psychische stoornis behoeft, staat een van de leden van het stembureau de kiezer bij.

Toelichting

Voor de indiener is het van groot belang dat iedere stemgerechtigde zijn of haar stem kan uitbrengen. Ook het VN Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap (Artikel 29 Participatie in het politieke en openbare leven) stelt dat de vrije wilsuiting van personen met een handicap als kiezers gewaarborgd moet worden en dat waar nodig, op hun verzoek, ondersteuning bij het uitbrengen van hun stem moet worden toegestaan. In de huidige wet kan iemand die wegens zijn lichamelijke gesteldheid hulp behoeft, zich laten bijstaan, zowel door een lid van het stembureau als door een persoon van eigen keuze. Dit amendement regelt dat ook iemand die wegens een verstandelijke beperking of psychische stoornis hulp behoeft, desgevraagd ondersteuning kan krijgen bij het uitbrengen van zijn of haar stem. Deze ondersteuning kan dan worden verleend door een van de leden van het stembureau. Wanneer een persoon hier zelf om verzoekt, weegt voor die persoon de mogelijkheid om te kunnen stemmen dus zwaarder dan het recht om anoniem een stem uit te kunnen brengen. De indiener meent dat het aan de persoon zelf is deze afweging te maken. Omdat de persoon er zelf om moet verzoeken, en door een onafhankelijk lid van het stembureau zal worden ondersteund, wordt ook de kans op intimidatie verkleind.

Bergkamp