Nieuwe EU-belastingen en de voorgenomen verhoging van de EU-meerjarenbegroting 2028-2034 |
|
Gidi Markuszower (PVV) |
|
Eelco Heinen (VVD), Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Bent u bekend met het bericht «Europese belastingen op komst»?1
Kunt u aangeven hoeveel Nederland in 2024 bruto heeft afgedragen aan de EU-begroting en hoeveel Nederland aan Europese Unie (EU)-gelden heeft terugontvangen, en kunt u dit omrekenen naar een bedrag per Nederlands huishouden?2 3 Kunt u daarbij bevestigen dat dit neerkomt op circa € 7,5 miljard bruto afdracht en € 3,15 miljard aan ontvangsten (netto circa € 4,35 miljard), oftewel omgerekend over de ruim 8,4 miljoen Nederlandse huishoudens ongeveer € 890 bruto en € 520 netto per huishouden per jaar?4 5
Kunt u een inschatting geven van wat de Nederlandse afdracht aan de EU per huishouden zou worden als het voorstel van de Europese Commissie (EC) voor het Meerjarig Financieel Kader (MFK) 2028–2034 wordt aangenomen? Kunt u daarbij ingaan op de eigen schatting van het kabinet dat alleen al de Bruto Nationaal Inkomen (BNI)-afdracht voor 2028 kan oplopen tot circa € 9 miljard per jaar – zo’n € 4,5 miljard hoger dan in 2024 – wat, nog exclusief douanerechten, btw-afdracht en de nieuwe EU-belastingen, neerkomt op ruim € 1.070 per huishouden per jaar alleen al voor het BNI-deel?6 7 Kunt u bevestigen dat de grove inschatting, waarbij de overige afdrachtscomponenten (douanerechten, btw-afdracht, plasticheffing) op het huidige niveau van circa € 3 miljard per jaar worden verondersteld, uitkomt op een totale afdracht van ruim € 12 à 13 miljard per jaar, oftewel circa € 1.450 tot € 1.550 per huishouden per jaar? Kunt u een volledige, officiële raming geven van de totale afdracht per huishouden inclusief alle afdrachtscomponenten en de nieuwe eigen middelen en aangeven of mijn hierboven genoemde inschatting in de juiste orde van grootte zit?
Bent u bekend met de berichtgeving over de plannen van de EC en het Europees Parlement (EP) voor het MFK 2028–2034, waarin de begroting bijna wordt verdubbeld naar circa € 2.000 miljard en het EP zelfs inzet op € 2.200 miljard, een verhoging van 10 procent ten opzichte van het Commissievoorstel?8 9
Deelt u de opvatting dat een verdubbeling van de EU-begroting, in een tijd waarin Nederlandse huishoudens de broekriem moeten aanhalen, onaanvaardbaar is? Zo nee, waarom niet?
Kunt u bevestigen dat het kabinet in de Kamerbrief van 15 september 2025 heeft aangegeven in te zetten op «een verlaging van het voorgestelde MFK», omdat de voorziene stijging van de EU-afdrachten niet past bij de budgettaire kaders uit het Hoofdlijnenakkoord?10 Deelt u de opvatting dat het huidige niveau van de EU-begroting van bijna € 1.200 miljard over zeven jaar al belachelijk hoog en volstrekt onnodig is?11 Bent u bereid deze kabinetsinzet radicaal aan te scherpen, niet tot een verlaging ten opzichte van het Commissievoorstel, maar tot een forse verlaging van de EU-begroting tot ruim onder het huidige niveau van € 1.200 miljard en tot een structureel veel kleinere EU-begroting dan nu het geval is? Zo nee, waarom niet? Kunt u dan puntsgewijs onderbouwen waarom een EU-begroting van bijna € 1.200 miljard over zeven jaar wél gerechtvaardigd zou zijn?
Bent u bekend met het feit dat de EC ter dekking van deze begroting vijf nieuwe «eigen middelen» (EU-belastingen) heeft voorgesteld: een vennootschapsheffing voor bedrijven met een jaaromzet boven € 100 miljoen, een tabaksaccijnsafdracht (TEDOR), een heffing op elektronisch afval en aanpassingen in de inkomsten uit het Emission Trading System (ETS) en het CO2-grenscorrectiemechanisme (CBAM), die samen circa € 58,5 miljard per jaar zouden moeten opleveren?12
Onderschrijft u de positie dat het heffen van belastingen een kernbevoegdheid van soevereine lidstaten is en moet blijven en dat de EU nooit de bevoegdheid mag krijgen om eigenstandig belasting te heffen bij Nederlandse burgers of bedrijven? Zo nee, waarom niet?
Klopt het dat het kabinet in de Kamerbrief van 15 september 2025 heeft aangegeven nieuwe eigen middelen niet bij voorbaat af te wijzen maar «op eigen merites» te beoordelen en daarbij al in beginsel opening heeft gegeven voor een nieuw eigen middel op basis van ETS-1-inkomsten en een nieuw eigen middel op basis van CBAM?13 Bent u bereid deze opening alsnog in te trekken en categorisch af te wijzen dat de EU eigenstandig belasting heft, in welke vorm dan ook? Zo nee, waarom niet?
Bent u bereid toe te zeggen dat Nederland in de Raad zijn veto zal gebruiken tegen ieder onderdeel van het Eigenmiddelenbesluit dat voorziet in nieuwe EU-belastingen én tegen een MFK 2028–2034 dat een verhoging van het totale EU-budget en/of een verhoging van de Nederlandse afdracht inhoudt ten opzichte van het huidige MFK, aangezien zowel het MFK als het Eigenmiddelenbesluit unanimiteit in de Raad vereisen?14 Kunt u daarbij bevestigen dat het Eigenmiddelenbesluit bovendien pas in werking treedt nadat alle lidstaten het hebben goedgekeurd overeenkomstig hun eigen grondwettelijke bepalingen en dat dit voor Nederland op grond van Artikel 91 van de Grondwet parlementaire goedkeuring door beide Kamers vereist, via een goedkeuringswet conform de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen? Zo nee, waarom niet? (Kamerstuk 22 112, nr. 3760) (Kamerstuk 35 711, nr. 3)
Kunt u bevestigen dat het bestaande Eigenmiddelenbesluit de Commissie nu al de mogelijkheid geeft om lidstaten te verzoeken om aanvullende, op het BNI gebaseerde bijdragen als de opbrengst van de nieuwe EU-belastingen achterblijft bij de verwachtingen, zodat Nederland via een omweg alsnog voor de rekening kan opdraaien? Wat is uw inzet om dit vangnetmechanisme voor Nederland uit te sluiten?
Klopt het dat Nederland zich tijdens de Raad Algemene Zaken van 17 november 2025 al heeft uitgesproken tegen gemeenschappelijke schuld voor het verstrekken van NRPP-leningen aan lidstaten, en dat het kabinet in de Kamerbrief van 15 september 2025 al heeft aangegeven geen voorstander te zijn van gemeenschappelijke leningen voor een nieuw crisisinstrument?15 16 Bent u bereid deze lijn te verbreden en categorisch af te wijzen dat de EU nieuwe schulden aangaat of nieuwe EU-gedekte leningen verstrekt – zoals het door de Commissie voorgestelde «Catalyst Europe»-instrument – en dat Nederland daar in de Raad ook op zal inzetten? Zo nee, waarom niet?
Bent u bekend met het bericht dat Spanje bij de Eurogroep van 9 juli 2026 een voorstel heeft gepresenteerd voor een «European Sovereign Facility», waarbij de EC tot wel € 850 miljard per jaar aan gemeenschappelijke schuld zou kunnen uitgeven namens de lidstaten en dat dit voorstel – zoals verwacht – op weerstand stuit van met name Duitsland en Nederland, de twee landen die zich het meest consistent hebben verzet tegen verdere gemeenschappelijke schuld?17 18 19
Bent u bereid dit Spaanse voorstel en iedere vergelijkbare poging om een permanent EU-mechanisme voor gemeenschappelijke schuld (een «Europees veilig actief») te creëren, resoluut en publiekelijk af te wijzen en dit standpunt uit te dragen bij zowel de onderhandelingen over het MFK 2028–2034 als bij de Eurogroep? Zo nee, waarom niet?
Kunt u bevestigen dat er nog altijd geen besluit is genomen over de wijze waarop de circa € 750 miljard aan gemeenschappelijke schuld uit het coronaherstelfonds NextGenerationEU wordt terugbetaald en dat landen als Frankrijk en Griekenland pleiten voor het doorrollen van deze schuld in plaats van aflossing, terwijl de Franse president Macron oproept tot vervroegde terugbetaling «idioot» noemde? Deelt u de opvatting dat Nederland zich niet door dergelijke uitspraken uit andere lidstaten moet laten weerhouden van een strikt aflossingsschema? Zo nee, waarom niet?
Bent u bereid om, ook voor wat betreft de resterende aflossing en rentebetaling van de bestaande NextGenerationEU-schuld, aan te sturen op versnelde afbouw in plaats van het doorschuiven van deze lasten binnen de MFK-plafonds tot 2058? Zo nee, waarom niet?
Bent u bereid in de onderhandelingen in te zetten op een Nederland dat per saldo geen netto-betaler meer is aan de EU-begroting, maar netto-ontvanger wordt? Zo nee, kunt u toelichten waarom Nederland structureel meer aan de EU zou moeten blijven afdragen dan het terugkrijgt?
Hoe beoordeelt u het feit dat verschillende ingewijden in Brussel de onderhandelingen willen afronden vóór de Franse presidentsverkiezingen van april 2027, uit vrees dat een eurosceptische regering het akkoord zou kunnen blokkeren? Deelt u de opvatting dat dit geen reden mag zijn voor Nederland om onder tijdsdruk in te stemmen met een voor Nederland ongunstig akkoord?
Bent u bereid om een fundamenteel andere onderhandelingsinzet naar de Kamer te sturen waarin wordt uitgegaan van een substantieel lagere EU-begroting, een substantieel lagere Nederlandse afdracht, categorische afwijzing van alle nieuwe EU-belastingen, en categorische afwijzing van nieuwe EU-schulden of EU-gedekte leningen – inclusief het Spaanse voorstel voor een European Sovereign Facility? Zo nee, waarom niet?
Kunt u deze vragen afzonderlijk beantwoorden?
De urgentie van klimaatactie, aanhoudende hitte en de noodzaak van een klimaatpersconferentie |
|
Christine Teunissen (PvdD) |
|
Stientje van Veldhoven (D66), Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Bent u er zich van bewust dat Nederland en Europa opnieuw worden geconfronteerd met extreme hitte, droogte en natuurbranden, en dat deze gebeurtenissen inmiddels onmiskenbaar deel uitmaken van de klimaatcrisis?
Hoe beoordeelt u de natuurbranden in Frankrijk in het licht van de toenemende wetenschappelijke waarschuwingen dat klimaatrampen vaker, heviger en langer zullen optreden?
Deelt u de opvatting dat de klimaatcrisis inmiddels een structurele veiligheids- en gezondheidsopgave is? Zo nee, wat is uw argumentatie? Zo ja, bent u bereid de aanpak van de klimaatcrisis in te bedden in veiligheids- en gezondheidsbeleid?
Acht u het nog geloofwaardig om te blijven volhouden dat de klimaatcrisis voldoende prioriteit krijgt, terwijl Nederland al jaren niet op koers ligt voor het halen van de klimaatdoelen en de gevolgen zich intussen in hoog tempo opstapelen?
Hoe denkt u andere landen aan te spreken op het nemen van klimaatmaatregelen als het kabinet zichzelf niet aan wettelijke doelen houdt?
Deelt u de opvatting dat er, gelet op de ernst en reikwijdte van de huidige situatie, meer nodig is dan het uitdelen van ijsjes, namelijk een duidelijke politieke boodschap aan het land over de ernst van de klimaatcrisis?
Waarom heeft u, ondanks de toenemende urgentie en de aangenomen motie-Klos c.s. over een eerste Nederlandse briefing klimaat, natuur en veiligheid organiseren1, tot op heden geen brede publieke klimaatpersconferentie gehouden met een serieuze duiding van de klimaatcrisis en uitleg van wat het kabinet gaat doen om de klimaatcrisis te bestrijden?
Bent u bereid alsnog op korte termijn een klimaatpersconferentie te organiseren, waarin publiekelijk toelicht wat de oorzaken en gevolgen zijn van de klimaatcrisis, hoe het kabinet de uitstoot sneller wil terugdringen, welke sectoren het meest moeten bijdragen aan de noodzakelijke versnelling en hoe het kabinet de bevolking beter wil beschermen tegen hitte, droogte, brand en potentiële overstromingen?
Hoe verklaart u dat de politieke urgentie van de klimaatcrisis in de communicatie van het kabinet achterblijft bij de feitelijke urgentie die burgers inmiddels dagelijks ervaren?
Bent u bereid deze vragen afzonderlijk en met spoed te beantwoorden?
Gesprekken die zijn gevoerd met de Taliban |
|
Lisa Westerveld (GL), Kati Piri (PvdA) |
|
Rob Jetten (D66), Bart van den Brink (CDA), Berendsen |
|
|
|
|
Bent u bekend met het bericht «Gesprek Taliban en EU afgelopen, ook Nederland zat aan tafel»?1
Erkent u dat er ook Nederlandse ambtenaren bij de gesprekken zaten die zijn gevoerd met de Taliban in Brussel?
Zo ja, hoe kan het dat u tijdens het commissiedebat JBZ-Raad van 27 mei beweerde dat Nederlandse ambtenaren niet betrokken zijn bij de gesprekken?
Wanneer is het besluit genomen om ambtenaren van Nederland te laten deelnemen aan de gesprekken met de Taliban in Brussel? Wie waren er betrokken bij dit besluit?
Waarom is de Kamer hier niet over geïnformeerd?
Is er over de deelname van een ambtenaar van het Ministerie van Asiel en Migratie aan het overleg advies ingewonnen bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe luidde het advies?
Erkent u dat deze gesprekken een stap zijn richting de normalisering van het Taliban-regime en dat zij met deze gesprekken een podium hebben gekregen in het hart van onze Europese democratie? Zo nee, waarom niet?
Waarom zorgt u ervoor dat Nederland door Nederlandse ambtenaren te sturen bijdraagt aan het normaliseren van het wrede Taliban-regime?
Bent u het eens met Europarlementariër Raquel García Hermida-van der Walle, wiens instagrampost hierover een like van premier Jetten kreeg, dat het gesprek met de Taliban in Brussel «waanzin» is? Zo nee, waarom niet?
Bent u het eens met Europarlementariër Raquel García Hermida-van der Walle, wiens Instagrampost hierover een like van premier Jetten kreeg, dat we onze geloofwaardigheid over mensenrechten volledig verliezen als we de Taliban voor een kopje thee in Brussel uitnodigen? Zo nee, waarom niet?
Is er sprake van eenheid van kabinetsbeleid, als ambtenaren van één ministerie deelnemen aan het gesprek met de Taliban, terwijl de premier zich op Instagram in felle bewoordingen uitlaat tegen het gesprek met de Taliban?
Vertegenwoordigt de Taliban volgens u het Afghaanse volk? Zo nee, waarom kiest u ervoor om ambtenaren wel met hen in gesprek te laten gaan en hen samen met vertegenwoordigers van de Europese Commissie en 14 andere EU-landen te verwelkomen in Brussel?
Erkent u dat de gesprekken die zijn gevoerd met de delegatie van de Taliban een meerwaarde hadden voor het regime? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wat is deze precies en vindt u dat de mogelijkheid om Afghanen misschien terug te kunnen sturen waard?
Wat is er precies besproken tijdens de gesprekken? Kunt u op korte termijn een verslag aan de Kamer doen toekomen?
Sluit Nederland uit dat officiële vertegenwoordigers van het Taliban-regime in Nederland geaccrediteerd worden? Zo nee, waarom niet?
Wat zijn de eisen die de Taliban hebben neergelegd in ruil voor het terugsturen van uitgeprocedeerde Afghanen?
Is er gesproken over de veiligheid van deze mensen? Zo ja, wat is hierover besproken? Zo nee, waarom niet?
Is er gesproken over de mensenrechtensituatie in Afghanistan, en met name de situatie van vrouwen en meisjes die in Afghanistan onderdrukt worden? Zo ja, wat is er besproken, zo nee, waarom niet?
Kunt u deze vragen afzonderlijk en voor de start van het zomerreces beantwoorden?
Dat bezuinigingen op zorg en sociale zekerheid een voedingsbodem vormen voor toename van populisme en opkomst van radicaal- en extreemrechts |
|
Ines Kostić (PvdD) |
|
Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Herinnert u zich nog dat de Partij voor de Dieren u tijdens het debat over de regeringsverklaring wees op de conclusies van de VN-rapporteur voor armoede, die adviseert om te investeren in publieke en sociale voorzieningen en dat niet te zien als een kostenpost, maar als een belangrijk instrument om je sociale weefsel en je democratische samenleving in stand te houden en extreemrechts geen kans te geven?
Ja.
Herinnert u zich nog dat u had toegezegd dit advies en andere onderzoeken waaruit blijkt dat bezuinigingen op sociale voorzieningen de voedingsbodem voor radicaal- en extreemrechts vergroten tot u te nemen?
Ja.
Wat neemt uw mee in uw beleid uit onderzoeken zoals die van Lattanzio en Savu (2022), Baccini en Sattler (2024), waaruit af te leiden is dat vooral populistische en radicaal rechtse partijen profiteren van bezuinigingen op het sociale stelsel, met name bij groepen in kwetsbare positie?1, 2
Het kabinet ziet het belang van een sterk en toekomstbestendig sociaal stelsel, dat we samen met sociale partners en medeoverheden vormgeven – ook met het oog op toekomstige generaties. Daarom kiest dit kabinet voor hervormingen én gerichte investeringen, zodat iedereen kan meedoen en we alle talent in de samenleving ondersteunen en benutten. Het is niet aan het kabinet om uitspraken te doen over mogelijke verbanden tussen gevoerd beleid en electorale ontwikkelingen. Wel legt het kabinet verantwoording af over het gevoerde beleid, altijd met oog voor de kwetsbaarsten in onze samenleving.
Bent u inmiddels bekend met het VN-rapport van Speciaal rapporteur Extreme armoede en mensenrechten Olivier De Schutter met de titel «Promotion and protection of human rights: human rights questions, including alternative approaches for improving the effective enjoyment of human rights and fundamental freedoms» en de conclusies die de rapporteur eraan verbindt?3
Ja.
Bent u het eens met de VN-rapporteur dat het belangrijk is om te investeren in publieke en sociale voorzieningen, en dat niet te zien als een kostenpost, maar als een belangrijk instrument om je sociale weefsel en je democratische samenleving in stand te houden en radicaal- en extreemrechts geen kans te geven? Zo nee, waarom niet?
Dit kabinet deelt de visie dat investeren in publieke en sociale voorzieningen essentieel is voor een sterk sociaal weefsel en een democratische samenleving. Een toekomstbestendig stelsel, dat we samen met sociale partners en medeoverheden opbouwen, zorgt ervoor dat iedereen kan meedoen en dat we alle talent in onze samenleving benutten. Dat is precies waarom we kiezen voor hervormingen én gerichte investeringen. De basis hiervoor ligt in het coalitieakkoord, waarin onder andere is opgenomen dat wie niet kan werken, moet kunnen vertrouwen op een goed stelsel van sociale zekerheid. Tegelijkertijd is het tijd om keuzes te maken voor de middellange termijn, zodat we ook toekomstige generaties kunnen voorzien van een houdbaar en goed stelsel van sociale zekerheid.
Bent u het eens met de bevindingen van VN-rapporteur De Schutter dat sociale zekerheid een dam is tegen radicaal-rechts populisme? Zo nee, waar baseert u zich op?
Zie het antwoord op vraag 3.
Bent u het eens met de bevindingen van de VN-rapporteur dat bezuinigingen op het sociale stelsel en verschuiving van collectieve bescherming naar risico’s voor individuen leiden tot gevoel van schaarste, onzekerheid, ongelijkheid en wantrouwen in de overheid, wat een vruchtbare bodem vormt voor radicaal-rechts? Zo nee, waar baseert u zich dan op?
Zie het antwoord op vraag 3.
Welke lessen trekt u uit de conclusies van de VN-rapporteur voor uw beleid in de toekomst om de voedingsbodem voor extreem en radicaalrechts weg te nemen? Welke stappen gaat u naar aanleiding hiervan zetten?
Zie het antwoord op vraag 3.
Bent u bekend met het pas verschenen boek De symfonie van onvrede: de opmars van radicaal rechts in Europa, geschreven door Catherine de Vries?
Ja.
Bent u het eens met de analyse dat de Nederlandse sociale zekerheid in de afgelopen decennia verschraald is door verschillende kabinetten? Zo nee, op basis van welke bronnen en cijfers stelt u dat?
Dit kabinet hecht grote waarde aan een sterk en toekomstbestendig sociaal stelsel, dat we samen met sociale partners en medeoverheden vormgeven – ook met het oog op toekomstige generaties. Daarom kiezen we voor hervormingen én gerichte investeringen, zodat iedereen kan meedoen en we alle talent in de samenleving ondersteunen en benutten. Met enige regelmaat verschijnen er publicaties die proberen een beschrijving te geven van langjarige veranderingen in de samenleving en in de verhouding tussen overheid en samenleving, of het nu gaat over sociale zekerheid of over klimaatbeleid. In zijn algemeenheid dragen dergelijke publicaties bij aan een levendig maatschappelijk debat over een veelheid aan fenomenen. Het is echter niet aan het kabinet om standpunten in dergelijke debatten in te nemen of standpunten van anderen te waarderen, anders dan door verantwoording af te leggen over het gevoerde kabinetsbeleid en de onderliggende gronden voor het gekozen kabinetsbeleid toe te lichten.
Herkent u zich in het oordeel van de Vries op bladzijde 58 dat «onder het vaandel van marktwerking en modernisering publieke taken werden verzelfstandigd of geprivatiseerd, terwijl de bestuurstaal verschoof van rechten en nabijheid naar doelmatigheid, contracten en controle»? Zo ja, hoe waardeert u deze verandering? Zo nee, waarom niet? Welke bronnen heeft u daarvoor?
Zie het antwoord op vraag 10.
Bent u het eens met haar oordeel op dezelfde bladzijde dat «hierdoor de relatie tussen burgers en de overheid veranderde: meer benchmarks en verantwoordingsdruk, minder relatie en wederkerigheid»? Zo ja, hoe waardeert u deze verandering? Zo nee, waarom niet? Welke bronnen heeft u daarvoor?
Zie het antwoord op vraag 10.
Hoe waardeert u de oplossingsrichting van De Vries om als overheid meer te gaan werken aan nabijheid (zie hoofdstuk 8)? Kunt u toelichten wat u daaruit meeneemt en hoe u dit gaat implementeren in het beleid?
Zie het antwoord op vraag 10.
Erkent u dat uit cijfers van het Centraal Planbureau (CPB) blijkt dat met uw kabinet de sociale zekerheid en zorg de grootste bezuinigingsposten zijn, burgers grotere lasten dragen dan bedrijven, uitkeringsgerechtigden en langdurig zieken relatief zwaar worden geraakt door uw beleid, en grote vermogens en superrijken relatief worden ontzien?
Zie het antwoord op vraag 10.
Erkent u dat er veel maatschappelijke weerstand is over de keuzes van het kabinet om te bezuinigen op o.a. de WW, WIA en de zorg?
Zie het antwoord op vraag 10.
Erkent u dat ook uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) naar draagvlak voor klimaatbeleid blijkt dat mensen klimaatbeleid in meerderheid steunen, maar het niet rechtvaardig vinden dat de lasten vooral bij burgers terechtkomen, terwijl bedrijven worden ontzien? Erkent u dat mensen het belangrijk vinden dat lasten eerlijker verdeeld moeten worden? Wat is uw reactie daarop?
Zie het antwoord op vraag 10.
Erkent u dat mensen in dat licht de afschaffing CO2-heffing voor vervuilers, het in stand houden van fossiele subsidies, en miljarden uitgeven aan buitenlandse multinationals als Tata Steel onbegrijpelijk zouden kunnen vinden?
Zie het antwoord op vraag 10.
Bent u zich ervan bewust dat uit onder andere de eerdergenoemde onderzoeken volgt dat de bezuinigingen op de sociale zekerheid en de zorg die het kabinet wil doorzetten, ertoe kunnen leiden dat de onvrede en onrust onder burgers in de samenleving worden vergroot?
Zie het antwoord op vraag 10.
Realiseert u zich dat uit onder andere eerdergenoemde onderzoeken volgt dat burgers door zulke bezuinigingsmaatregelen van het kabinet burgers in toenemende mate hun vertrouwen kunnen verliezen in de overheid en haar instituten, en gevoeliger kunnen worden voor populistisch en radicaal- en extreemrechts gedachtegoed? Zo nee, waar baseert u zich op?
Zie het antwoord op vraag 10.
Gezien de wetenschappelijke analyse (genoemd in het boek van De Vries, zie bladzijde 160) die wijst op de samenhang tussen ervaren verschraling en steun voor radicaal-rechtse partijen, waarom bezuinigt u dan toch op onder andere de WW en de WIA, en laat u superrijken en grote vermogens relatief met rust? Ziet u in dat u door het verschralen van de sociale zekerheid de voedingsbodem legt voor radicaal-rechts gedachtegoed, zoals ook De Vries beschrijft?
Zie het antwoord op vraag 10.
Ziet u bijvoorbeeld dat radicaal- en extreemrechts meteen gebruik maakt van de keuzes van uw kabinet om te bezuinigen op de zorg en sociale zekerheid, om mensen op te hitsen tegen onder andere vluchtelingen en de LHTBQIA+ gemeenschap en om onrust aan te wakkeren, waar de tweet van Eva Vlaardingerbroek (vlak na de presentatie van de plannen van uw kabinet) exemplarisch voor is?4
Zie het antwoord op vraag 10.
Welke lessen trekt u uit alle bovengenoemde onderzoeken en analyses voor uw beleid in de toekomst, om de voedingsbodem voor radicaal- en extreemrechts weg te nemen?
Zie het antwoord op vraag 10.
Erkent u dat er alternatieve financieringsmogelijkheden zijn, die de lasten eerlijker leggen bij grote vermogens en grote vervuilers, in plaats van bij sociale zekerheid, zorg en werkende mensen?
Zie het antwoord op vraag 10.
Bent u, ook gezien de verschillende onderzoeken, bereid om niet verder te bezuinigen op de sociale zekerheid en zorg, maar om de lasten eerlijker te verdelen en meer geld op te halen bij grote vervuilers, grote vermogenden en de superrijken?
Zie het antwoord op vraag 10.
Kunt de vragen zo snel mogelijk en één voor één beantwoorden?
De vragen zijn zo spoedig als mogelijk en separaat beantwoord.
Kunt u voor uw ministerie uitgesplitst per jaar voor de komende kabinetsperiode, inzichtelijk maken hoeveel publieke middelen worden besteed aan adviesraden, commissies en non-gouvernementele organisaties, waaronder maar niet beperkt tot het Voedingscentrum, het College financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten, de Nederlandse Sportraad en de Wetenschappelijke Klimaatraad?
Kunt u per ministerie exact aangeven hoe de financiering van deze adviesraden, commissies en non-gouvernementele organisaties is vormgegeven (structureel/incidenteel, subsidie/opdracht, looptijd en verantwoordingsvereisten) en welke begrotingsartikelen hiervoor worden aangesproken, neem hierin ook constructies mee zoals bij het Voedingscentrum, waarbij financiering van twee departementen komt?
Welke formele en informele invloed hebben deze adviesraden, commissies en non-gouvernementele organisaties op beleidsvorming binnen elk ministerie? Kunt u concreet aangeven welke beleidsvoorstellen in het afgelopen jaar aantoonbaar zijn aangepast, gestart of versneld naar aanleiding van hun adviezen?
Hoe wordt per ministerie de onafhankelijkheid en objectiviteit van publiek gefinancierde adviesraden, commissies en non-gouvernementele organisaties getoetst en geborgd? Welke toetsingskaders worden gehanteerd en welke concrete maatregelen worden genomen bij (de schijn van) belangenverstrengeling of een gebrek aan wetenschappelijke of beleidsmatige neutraliteit?
Kunt u per ministerie inzichtelijk maken welke externe organisaties, lobbyclubs of consultants door adviesraden of commissies zijn ingehuurd met publieke middelen, inclusief de aard van de opdrachten, de kosten en de wijze waarop deze uitgaven zijn verantwoord?
Kunt u per ministerie inzichtelijk maken hoeveel fte ambtenaren jaarlijks betrokken zijn bij activiteiten rondom deze raden en commissies, inclusief het verwerken van hun adviezen, en welke totale kosten hiermee gemoeid zijn?
Hoe beoordeelt u de recente maatschappelijke en politieke ophef rondom het advies van het Voedingscentrum? Welke lessen trekken de betrokken Ministers hieruit ten aanzien van transparantie, onafhankelijkheid en rolvastheid van adviesorganen, en welke concrete verbetermaatregelen worden doorgevoerd?
Acht u het wenselijk dat door de overheid gefinancierde adviesraden en commissies voorstellen doen met zeer ingrijpende maatschappelijke en economische gevolgen zoals een vleestaks, een forse reductie van dierlijk eiwit of het afbouwen van delen van de zware industrie, zoals voorgesteld door de Wetenschappelijke Klimaatraad? Hoe weegt elk ministerie dergelijke adviezen ten opzichte van democratische besluitvorming, draagvlak en economische realiteit?
Beantwoording van vragen inzake de Bilderbergconferentie |
|
Pepijn van Houwelingen (FVD) |
|
Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Bent u bekend met de beantwoording die door u is verstuurd naar de Kamer op 2 juni 2026 (2026Z07726)?
Ja.
Waarom is de tweede gesloten vraag niet, zoals gevraagd, ontkennend of bevestigend, met «ja» of «nee», beantwoord?
Dit is mijn reactie op de gestelde vraag.
Waarom heeft het meer dan zes weken geduurd om deze simpele «ja-nee-vraag» te beantwoorden?
De vragen zijn zo spoedig als mogelijk beantwoord.
Vertegenwoordigden de Koning, Koningin en premier op deze Bilderbergconferentie Nederland? Ja of nee?
Kenmerkend voor de Bilderbergconferentie is dat de deelnemers in hun formele hoedanigheid worden uitgenodigd maar tijdens de conferentie op informele wijze van gedachten kunnen wisselen volgens de zogeheten Chatham House Rule die inhoudt dat deelnemers de informatie vrij mogen gebruiken, maar niet koppelen aan de identiteit of functie van een spreker of andere deelnemer. Hiermee is de vrijheid van een open gedachtewisseling tijdens de conferentie gediend. Informatie over de werkwijze tijdens Bilderbergconferenties en de deelnemers is beschikbaar op www.bilderbergmeetings.org.
Kan deze ja-nee-vraag binnen een week beantwoord worden? Zo nee, waarom niet?
De vragen zijn zo spoedig als mogelijk beantwoord.
Het niet ingaan op de eerder gestelde vragen over de politieke consequenties van de extreemrechtse geweldsfantasie van Gidi Markuszower |
|
Esther Ouwehand (PvdD) |
|
Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Waarom heeft u in antwoord op de op 15 mei 2026 gestelde Kamervragen slechts het woordvoeringslijntje herhaald waarover de vragen juist waren gesteld en verwijst u steeds naar hetzelfde riedeltje dat juist de vragen opriep?1
Dit is mijn reactie op de gestelde vragen.
Herinnert u zich de grondwettelijke verhoudingen nog tussen het parlement en het kabinet, nu u zelf premier bent?
Ja.
Begrijpt u dat de Kamer heeft recht heeft u ter verantwoording te roepen over uw beleid, uw uitspraken en uw optreden, en dat, als de Kamer gebruik maakt van dat recht, u die verantwoording dan ook zult moeten afleggen?
Ja.
Kunt u alsnog ingaan op de gestelde vragen?
Zie het antwoord op vraag 1.
Kunt u deze vragen één voor één en binnen een dag beantwoorden, aangezien ze echt zo moeilijk niet zijn, terwijl het gevaar van groeiend extreemrechts geweld zeer dringend om effectief optreden vraagt van uw regering?
De vragen zijn zo spoedig mogelijk beantwoord.
De oproep tot geweld tegen Palestijnse vluchtelingen door Gidi Markuszower |
|
Esther Ouwehand (PvdD) |
|
Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Heeft u kennisgenomen van de uitspraken van Gidi Markuszower, fractievoorzitter van de Groep Markuszower, die in een interview met Left Laser onder meer heeft gezegd: «De Nederlandse overheid moet ze [Palestijnse vluchtelingen] met geweld – misschien met nog meer geweld dan waar ze vandaan zijn gekomen – met geweld tegenhouden», «Die mensen moet je met geweld – echt met geweld, desnoods maximaal geweld – die moet je tegenhouden», «Israël heeft nog nooit wat ergs gedaan» en «Het Israëlische leger is het meest morele leger ter wereld»?
Ja.
Heeft u gezien dat dhr. Markuszower een paar dagen later hierover bij een interview op Radio 1 heeft bevestigd dat «de inhoud staat»?1
Ja.
Hoe beoordeelt u deze uitspraken?
De Minister-President gaat in de Kamer in debat met Kamerleden en reageert niet op individuele uitspraken van Kamerleden, gedaan in de pers. Maar laat helder zijn dat Nederland nooit geweld zal gebruiken tegen mensen die op de vlucht zijn en een veilige haven zoeken. Elke oproep daartoe is verwerpelijk en gaat alle perken te buiten.
Waarom heeft u geweigerd deze uitspraken ondubbelzinnig te veroordelen in uw reactie op 15 mei jl.?2 Vindt u dit verstandig in tijden waarin gewelddadig extreemrechts duidelijk groeit en Palestijnen structureel worden gedehumaniseerd?
Zie het antwoord op vraag 3.
Bent u alsnog bereid te normeren en te begrenzen en deze uitspraken van dhr. Markuszower ondubbelzinnig te veroordelen?
Zie het antwoord op vraag 3.
Vindt u dat uw kabinet kan samenwerken met een fractie waarvan de leider dit gedachtegoed aanhangt en dit soort uitspraken doet? Bent u nog steeds van mening dat een samenwerking met de Groep Markuszower kansen biedt, zoals u in januari 2026 hebt aangegeven?
Het kabinet is aan de slag op basis van het coalitieakkoord, en zal daarbij altijd streven naar zo breed mogelijke steun binnen de Tweede Kamer. Laat echter helder zijn dat het kabinet nooit zal meegaan in oproepen tot geweld tegen mensen die op de vlucht zijn. Het kabinet zal altijd in de meest stellige bewoordingen afstand nemen van opvattingen die strijdig zijn met de democratisch-rechtsstatelijke waarden.
Dergelijke uitingen – zeker wanneer daar niet eenduidig van teruggekomen wordt of wanneer herhaaldelijk gedaan – maken het moeilijker om tot een constructieve samenwerking te komen.
Kunt u deze vragen één voor één en uiterlijk voor dinsdag 19 mei om 10.00 uur in de ochtend beantwoorden?
Ja.
Het zich niet uitspreken tegen extreemrechts geweld en het ontbreken van steun van het kabinet voor de getroffen vluchtelingen |
|
Esther Ouwehand (PvdD) |
|
Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Erkent het kabinet dat er sprake is van een groei van extreemrechts, waarvoor de veiligheidsdiensten al langer waarschuwen?
De AIVD en NCTV constateren een groeiende normalisatie van het rechts-extremistische narratief. In het AIVD jaarverslag van 2025 staat dat, binnen de rechts-extremistische beweging, er veel personen en subgroepen zijn die het rechts-extremistische geluid willen normaliseren en dit breed geaccepteerd proberen te krijgen. Daarbij presenteren ze hun gedachtegoed veelal in een mildere vorm om zo acceptabeler over te komen, terwijl ze achter de schermen het rechts-extremistische doel van een «blanke etnostaat» nastreven.
Erkent u dat het kabinet een grote verantwoordelijkheid heeft om de groei van extreemrechts effectief tegen te gaan en het in elk geval niet verder te laten doorwoekeren?
Ja. Dit kabinet zet zich in voor het beschermen van de nationale veiligheid tegen de vele dreigingen die onze vrije Nederlandse samenleving kunnen ondermijnen. Daar waar het gaat om het normaliseren van rechts-extremistisch gedachtegoed acht het kabinet het van belang om zich daartegen uit te spreken en te normeren.
Voor het tegengaan van extremisme bestaat een breed instrumentarium. Sinds twee jaar is de Nationale Extremismestrategie van de Ministers van Justitie en Veiligheid, Binnenlandse Zaken en Sociale Zaken en Werkgelegenheid van kracht. Hierin wordt een integrale inzet beschreven: van vroege preventie, tot het beschermen van bestuurders en hard optreden bij excessen. Deze strategie is van toepassing op alle vormen van extremisme, waaronder rechts-extremisme. De NCTV volgt de ontwikkelingen rondom rechts-extremisme nauwlettend om zo de ideologie-neutrale aanpak te kunnen versterken waar nodig.
Waarom heeft u het geweld en de brandstichting bij een noodopvanglocatie voor vluchtelingen niet veroordeeld als extreemrechts geweld, maar koos u ervoor om de daders slechts te bestempelen als «een groep relschoppers» die «zorgen» zouden hebben die je «altijd» mag «uitspeken» en heeft u alleen in algemene termen gezegd dat geweld nooit mag?
Het kabinet veroordeelt elke vorm van geweld. Op dit moment wordt er nog volop onderzoek gedaan naar de gebeurtenissen van de afgelopen weken door het OM en de politie. De conclusies en exacte duiding moeten hieruit volgen, maar dat er meerdere uitingen zijn gedaan die geduid kunnen worden als rechts-extremistisch, zoals het tonen van prinsenvlaggen gecombineerd met bepaalde leuzen, is evident. Dit is absoluut verwerpelijk en onacceptabel. Zoals ook toegelicht in het debat van 26 mei 2026, richt dit geweld schade aan die veel dieper gaat dan alleen tastbare vernieling: het gaat om mensen. Inwoners van steden die niet meer over straat durven, de mensen in de opvanglocaties en medewerkers en vrijwilligers die in angst afwachten tot het geweld voorbij is, hulpverleners die in de vuurlinie staan en bestuurders die geïntimideerd en bedreigd worden. Het kabinet acht dit onacceptabel.
Bent u alsnog bereid om uit te spreken dat het hier ging om extreemrechts geweld? Zo nee, waarom niet?
Zie antwoord vraag 3.
Waarom hebben zowel u als mevrouw Yeşilgöz in haar rol als eerste vicepremier (en uw vervanger bij de persconferentie na de ministerraad van 13 mei) niet expliciet specifiek medeleven betuigd met de vluchtelingen en medewerkers in het pand die slachtoffer zijn geworden van dit intimiderende geweld en de brandstichting bij hun onderkomen?
Zie antwoord vraag 3.
Bent u bereid om op zeer korte termijn een bezoek te brengen aan de bewoners en de medewerkers van de noodopvanglocatie in Loosdrecht om hen alsnog een hart onder de riem te steken en persoonlijk uw medeleven over te brengen, namens het hele kabinet?
Ja.
Kunt u deze vragen één voor één en binnen een week beantwoorden?
De vragen zijn beantwoord binnen de termijn.
Bescherming van Bonaire tegen de klimaatcrisis |
|
Christine Teunissen (PvdD) |
|
Rob Jetten (D66), Stientje van Veldhoven (D66) |
|
|
|
|
Heeft u kennisgenomen van het NOS-artikel over het bezoek van premier Jetten aan Bonaire1, bezien in samenhang met het nieuwe rapport van Greenpeace waaruit blijkt dat de kosten van klimaatverandering op Bonaire in de toekomst fors zullen oplopen2?
Hoe beoordeelt u het feit dat u naar Bonaire afreist met niets meer dan woorden, terwijl de inwoners van het eiland al jaren wachten op daadwerkelijke bescherming tegen de gevolgen van de klimaatcrisis?
Welke boodschap denkt u af te geven aan de inwoners van Bonaire door in hoger beroep te gaan tegen de uitspraak in de klimaatzaak, terwijl diezelfde inwoners juist dringend meer bescherming nodig hebben?
Begrijpt u dat het hoger beroep door veel inwoners van Bonaire zal worden ervaren alsof de Staat hun veiligheid, gezondheid en toekomst nog altijd niet serieus neemt?
Kunt u toelichten hoe u voorkomt dat Caribisch Nederland bij een volgend bezoek opnieuw met lege handen blijft achter in beleid, bescherming en middelen?
Kunt u aangeven welke gesprekken er zijn gevoerd met het Openbaar Lichaam Bonaire over klimaatverandering en klimaatmitigatie en -adaptatie? Hoe zijn deze gesprekken verlopen?
Overweegt u de eilanden nog eens in de zomer te bezoeken, zodat u zelf kunt ervaren hoe ondraaglijk de hitte daar werkelijk kan worden?
Waarom kiest u ervoor om tijd en geld te steken in een hoger beroep, terwijl die energie ook direct kan worden ingezet voor uitvoering, bescherming en financiering van urgente maatregelen op Bonaire?
Deelt u de conclusie van Greenpeace dat de kosten voor bescherming van Bonaire fors kunnen oplopen als nu niet wordt ingegrepen? Zo nee, op welke grond wijkt u daarvan af?
Welke nieuwe feiten of omstandigheden uit het recente rapport van Greenpeace zijn voor u aanleiding geweest om de schade en kosten van uitblijvend beleid op Bonaire opnieuw te beoordelen?
Kunt u aangeven welke concrete aanvullende maatregelen u op korte termijn neemt om Bonaire beter te beschermen tegen zeespiegelstijging, droogte, hittestress en andere klimaatrisico’s?
Bent u bereid om de financiering voor de bescherming van Bonaire structureel te borgen door deze onder te brengen in het Deltafonds of een vergelijkbare systematiek van meerjarige begrotingsreserveringen in plaats van te werken met incidentele bijdragen?
Bent u bereid om, gelet op het bezoek aan Bonaire, het hoger beroep in de klimaatzaak opnieuw te bezien en prioriteit te geven aan snelle uitvoering van beschermende maatregelen?
Kunt u deze vragen afzonderlijk en ruim voor het plenaire debat over de gerechtelijke uitspraak inzake de klimaatzaak Bonaire beantwoorden?
Het artikel 'Het Koninklijk Huis heeft geen boodschap aan de gevoeligheden rond de Biënnale in Venetië' |
|
Laurens Dassen (Volt) |
|
Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Bent u bekend met het artikel «Het Koninklijk Huis heeft geen boodschap aan de gevoeligheden rond de Biënnale in Venetië»?1
Ja.
Bent u ervan op de hoogte dat Zijne Majesteit de Koning en Hare Majesteit de Koningin voornemens zijn op 6 mei 2026 het Nederlandse paviljoen op de Biënnale van Venetië te openen, terwijl Rusland daar met een eigen paviljoen aanwezig is? Is hierover vooraf afstemming geweest binnen het kabinet?
Ja, daarvan ben ik op de hoogte en hierover heb ik contact gehad binnen het kabinet. Daarbij is geconcludeerd dat het bezoek doorgang kon vinden. Het Koninklijk Paar en ik waren aanwezig bij de opening van het Nederlands paviljoen, vanwege het 60-jarige jubileum van de Nederlandse bijdrage Biënnale, en om Oekraïne te steunen.
Deelt u de zorg dat de aanwezigheid van het Koninklijk Paar bij dit evenement door Rusland zal worden aangegrepen als propagandamiddel waarbij ze kunnen laten zien dat relaties aan het normaliseren zijn? Zo niet, waarom niet?
Het kabinet blijft Oekraïne onverminderd steunen en zet maximale druk op Rusland door het land economisch en politiek zoveel mogelijk te isoleren. Deelname van Rusland aan internationale culturele evenementen is voor Nederland dan ook onaanvaardbaar. Daarom heb ik, samen met 21 andere Europese Cultuurministers, een protestbrief gestuurd aan de organisatoren van de Biënnale.
Oekraïne heeft delegaties van andere landen, waaronder Nederland, echter verzocht om aanwezig te zijn op de Biënnale om een tegengeluid te geven aan Russische aanwezigheid. De Nederlandse delegatie is dan ook aanwezig geweest om steun te betuigen aan Oekraïne.
Tijdens mijn bezoek had ik een afspraak met mijn Oekraïense ambtsgenoot en ook het Koninklijk Paar heeft expliciet aandacht gegeven aan Oekraïne. Er zijn daarnaast verschillende maatregelen genomen om interactie met Rusland te vermijden. Zo werd door de delegatie afstand gehouden tot het Russisch paviljoen. Tevens waren de Russische autoriteiten en vertegenwoordigers van de Russische inzending niet uitgenodigd voor de opening van het Nederlandse paviljoen op 6 mei jl. Ook zal Nederland niet deelnemen aan de algemene opening van de Biënnale op 9 mei a.s.
Deelt u de zorg dat gelet op de controverse rondom Ruslands deelname, Nederland en het Koninklijk Paar reputatieschade oplopen? Zo niet waarom niet?
Nee, die zorg deel ik niet. Zie mijn antwoord op vraag 3.
De Italiaanse cultuurminister boycot de opening en de Europese Unie dreigt met het stoppen met de subsidie als Rusland mee blijft doen. Hoe verhoudt de Nederlandse keuze om juist met de hoogst mogelijke delegatie aanwezig te zijn zich hiertoe?
Deelname van Rusland aan internationale culturele evenementen is voor Nederland daarom onaanvaardbaar. De Europese Unie heeft tevens aangegeven Russische deelname onacceptabel te vinden vanwege de vernietiging van cultureel erfgoed tijdens de Russische agressie in Oekraïne, deze boodschap heb ik tevens gesteund.
Tegelijkertijd is de Biënnale één van de belangrijkste evenementen op de internationale culturele agenda. Met de Nederlandse deelname door Dries Verhoeven aan de Biënnale wordt de zichtbaarheid van Nederlandse kunst vergroot en versterkt op mondiaal niveau. De Biënnale is in essentie het platform van kunstenaars, waarbij artistieke vrijheid belangrijk is. Die vrijheid moeten we beschermen. Ik ben er ook geweest om dat te benadrukken.
Daarnaast heeft Oekraïne delegaties van andere landen verzocht om aanwezig te zijn op de Biënnale om een tegengeluid te geven aan Russische aanwezigheid.
Er is gekozen Nederlandse kunst te steunen en tegelijkertijd aan te geven dat we de keuze van de Biënnale om Rusland toe te laten betreuren.
Heeft u overleg gevoerd met het Mondriaanfonds en/of het Koninklijk Huis over de politieke risico’s van een bezoek met de hoogst denkbare vertegenwoordiging, gegeven de omstandigheid dat de voltallige jury is afgetreden en de Europese Unie dreigt de subsidie in te trekken? Kunt u hierop reflecteren?
Er is overleg geweest met alle betrokkenen. Daarnaast is het bezoek aan de Biënnale afgestemd binnen het kabinet. Zoals hierboven toegelicht zijn diverse voorzorgsmaatregelen getroffen en was de conclusie dat het verantwoord was om te gaan.
Bent u bereid het koninklijke bezoek te heroverwegen/te annuleren totdat vaststaat dat Rusland daadwerkelijk is uitgesloten van de Biënnale? Zo nee, waarom niet?
Zoals hierboven heeft een zorgvuldige afweging plaatsgevonden en is er besloten het geplande bezoek te laten doorgaan.
Kunt u deze vragen voor 5 mei één voor één beantwoorden?
Nee.
Het bericht: 'Sweden Drops Use of the Term Islamophobia' |
|
Gidi Markuszower (PVV) |
|
Berendsen , Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Bent u bekend met het bericht «Sweden Drops Use of the Term «Islamophobia»»?1
Ja.
Klopt het dat Zweden niet langer de term Islamofobie gebruikt?
De Zweedse regering heeft in december 2024 een actieplan tegen racisme en haatmisdrijven aangenomen. Uit dat actieplan wordt duidelijk dat het begrip antimoslimracisme het begrip islamofobie vervangt in alle officiële communicatie.
Zoals de Zweedse Minister van Buitenlandse Zaken op 24 april jl. aan het Zweeds parlement heeft toegelicht, zijn de redenen daarvoor dat het woord «fobie» doet denken aan irrationele angsten van individuele personen, in plaats van aan discriminatie, uitsluiting en racisme. Bovendien kan het begrip de indruk wekken dat het uitsluitend gaat om de opvatting over de islam als religie en niet om de opvatting over moslims.
Klopt het dat Zweden ook binnen de verschillende gremia van de EU nu aandringt om deze term niet langer te gebruiken?
Ook binnen de EU heeft de verandering van «islamofobie» naar «anti-moslim discriminatie» of «anti-moslim-haat» al plaatsgevonden en gebruik van deze aanduidingen is inderdaad staand EU beleid.
Indien dat het geval is kunt u ons toezeggen dat de Nederlandse regering dat verzoek van Zweden steunt? Zo nee waarom niet?
Nederland steunt een breed gedragen uniforme omschrijving binnen de Europese Unie voor de beschrijving van discriminatie, vijandigheid of geweld gericht tegen moslims of personen die als moslim worden gezien. Deze benadering richt zich niet op het beschermen van religies als zodanig, maar op het beschermen van individuen en hun fundamentele rechten. De Zweedse benadering sluit aan bij de bestaande Nederlandse en Europese praktijk.
Los van dit nieuwsbericht over Zweden, is het Nederlandse kabinet bereid de term Islamofobie te schrappen en juist ruimte te geven aan de vrijheid van meningsuiting en religie kritiek? Zo nee waarom niet?
Binnen de Europese Unie is het reeds staande praktijk om de term «anti-moslimhaat» te gebruiken voor discriminatie, vijandigheid of geweld gericht tegen moslims of personen die als moslim worden gezien. In internationale context is dat eveneens de term die Nederland hanteert. In binnenlandse context hanteert Nederland de term «moslimdiscriminatie». Moslimdiscriminatie is wanneer iemand negatief bejegend, uitgesloten of achtergesteld wordt vanwege het feit dat diegene (vermeend) moslim is.2 Voor Nederland is het essentieel dat het tegengaan van haat en discriminatie hand in hand gaat met het waarborgen van de vrijheid van meningsuiting.
De uitkomsten van de Hongaarse parlementsverkiezingen |
|
Felix Klos (D66), Joost Sneller (D66), Hanneke van der Werf (D66) |
|
Berendsen , Enneüs Heerma (CDA), Rob Jetten (D66), David van Weel (VVD) |
|
|
|
|
Wat gaat u doen om het nieuwste sanctiepakket tegen Rusland, dat door Hongarije tot op heden werd geblokkeerd, zo spoedig mogelijk aangenomen te krijgen?
De Unie bereikte op 23 april jl. een akkoord over het twintigste sanctiepakket. Uw Kamer is hierover geïnformeerd in het verslag van de informele Europese Raad van 23 en 24 april jl.1 De inspanningen van het kabinet zijn er nu op gericht de druk op Rusland nog verder te verhogen met aanvullende sancties. Het kabinet heeft het belang hiervan ook benadrukt in contacten met de inkomende Hongaarse regering.
Wat gaat u doen om de circa € 90 miljard aan Europese steun voor Oekraïne, die tot op heden door Hongarije werd geblokkeerd, zo snel mogelijk op Europees niveau goedgekeurd te krijgen?
Op 23 april jl. bereikte de Raad akkoord op de benodigde amendering van de MFK-verordening. Hiermee is niet langer sprake van een blokkade. Op dit moment werken de deelnemende EU-lidstaten aan de verdere implementatie van de steunlening.
Wat gaat u doen om het toetredingsproces van Oekraïne, inclusief het openen van de onderhandelingsclusters die door Hongarije werden geblokkeerd, zo spoedig mogelijk te laten hervatten?
Beoogd premier Magyar heeft aangegeven dat kandidaat-lidstaten moeten kunnen toetreden tot de EU als ze daar klaar voor zijn. Dat is een belangrijk signaal. Het kabinet hoopt op een constructieve houding van Hongarije in het op merites gebaseerde toetredingstraject van Oekraïne. Het openen van Cluster 1 vormt hierin de eerstvolgende stap. Het kabinet roept hier ook toe op en zal deze boodschap ook bilateraal onder de aandacht brengen van de nieuwe Hongaarse regering. Naar verwachting zal discussie hierover plaatsvinden in Brussel in aanloop naar de Europese Raad op 18-19 juni a.s.
Aan welke voorwaarden moet Hongarije volgens het kabinet voldoen om weer in aanmerking te komen voor de eerder bevroren Europese middelen? Welke resultaten moeten er worden geboekt? En hoe voorkomt het kabinet dat de Commissie bevroren tegoeden uitkeert voordat het een transparante evaluatie heeft uitgevoerd van bereikte mijlpalen?
De voorwaarden waaraan Hongarije moet voldoen om weer in aanmerking te komen voor de geblokkeerde EU-middelen liggen op het terrein van anti-corruptie, belangenverstrengeling en rechterlijke onafhankelijkheid en zijn opgenomen als supermijlpalen in het RRF-uitvoeringsbesluit, als corrigerende maatregelen in het uitvoeringsbesluit voor maatregelen tegen Hongarije op grond van de MFK-rechtsstaatsverordening, en als horizontale en thematische randvoorwaarden in de Common Provisions Regulation.2 In lijn met de moties van Lanschot c.s. en Sjoerdsma c.s. pleit het kabinet er voor dat Hongarije deze hervormingen doorvoert voordat de geblokkeerde EU-middelen worden vrijgegeven.3
Overwegende dat er hoop is dat de afbrokkelende rechtsstaat in Hongarije door een nieuwe regering wordt hersteld, welke mogelijkheden ziet u om kennis en ervaring te delen, dan wel op andere wijze Hongarije te ondersteunen bij het herstellen van de rechtsstaat?
Het kabinet zal de nieuwe regering waar mogelijk bij deze hervormingen helpen, afhankelijk van de behoefte, bijvoorbeeld via het delen van kennis en expertise of ondersteuning van het maatschappelijk middenveld. Dit aanbod is in de eerste contacten met de beoogd Minister van Buitenlandse Zaken Anita Orbán al overgebracht.
Zijn er concrete mogelijkheden voor de Ministers van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Justitie en Veiligheid om in de vorm van expertise bij te dragen aan dit proces? Bent u bereid om op Europees niveau een voortrekkersrol te spelen bij het ondersteunen van het herstel van de Hongaarse rechtsstaat?
Ja. Nederland is bereid om, op verzoek en binnen EU-kader, expertise beschikbaar te stellen ter ondersteuning van rechtsstaathervormingen in Hongarije. Daarbij kan worden voortgebouwd op de wijze waarop eerder in EU-verband dialoog en uitwisseling met Polen hebben plaatsgevonden, onder meer via het delen van best practices en peer-to-peer samenwerking. Ondersteuning zou plaatsvinden in nauwe afstemming met Hongarije, de Europese Commissie en andere lidstaten.
Welke mogelijkheden ziet u om met een nieuwe Hongaarse regering stappen te zetten in de opvolging van de motie-Klos, die oproept tot het afschaffen van veto’s in het gemeenschappelijk buitenland- en defensiebeleid van de Europese Unie?
In lijn met motie Klos zet het kabinet zich in voor het afschaffen van veto’s in het Gemeenschappelijk buitenland- en veiligheidsbeleid (GBVB) van de Europese Unie. Dit is belangrijk voor de slagvaardigheid van de EU. Nederland maakt zich hier hard voor in EU verband. Het is nog onduidelijk wat de opstelling van de inkomende Hongaarse regering zal zijn op dit onderwerp. Verschillende lidstaten hebben echter principiële bezwaren tegen het afschaffen van veto’s, waardoor de inzet op het afschaffen van veto’s in het GBVB een kwestie van lange adem zal blijven. Nederland is nu eerst in gesprek met andere lidstaten over hoe we het beste dit doel kunnen bereiken. Daarbij is het ook van belang om dit onderwerp te zien in de bredere discussie over hoe effectiviteit van het EU-buitenlandbeleid kan worden vergroot.
Welke mogelijkheden ziet u om op andere dossiers doorbraken te realiseren na het aantreden van een pro-Europese regering in Hongarije?
Cf. motie Van Lanschot c.s.4 zal het kabinet zich er bij de Commissie voor inzetten dat Hongarije de rechtsstaat herstelt, zich opnieuw in lijn brengt met gedeelde waarden en het Gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid zoals steun aan Oekraïne en sancties tegen Rusland, en de hervormingen doorvoert om te voldoen aan de voorwaarden voor Europese financiering. Beoogd premier Maygar heeft in zijn overwinningsspeech benadrukt een sterke bondgenoot voor de EU en NAVO te willen zijn. Op basis van eerste mediaoptredens van Magyar en de eerste contacten, is het kabinet hoopvol over een constructieve koers van Hongarije binnen de EU. Het kabinet kijkt uit naar samenwerking met de nieuwe regering.
In dat kader wordt ook gewerkt aan spoedige bilaterale contacten. Zo wordt gestreefd naar een ontmoeting met de beoogd Hongaarse Minister van Buitenlandse Zaken, Anita Orbán, en marge van de informele NAVO-ministeriële bijeenkomst in Helsingborg, Zweden, op 21-22 mei aanstaande. Tevens wordt ingezet op een bezoek aan Boedapest op ministerieel niveau op korte termijn.
Bent u bekend met het pleidooi voor een Europees «re-democratiseringsplan» voor Hongarije, waarin wordt voorgesteld dat de Europese Unie actief bijdraagt aan institutionele wederopbouw door democratische hervormingen structureel te ondersteunen en lidmaatschapsrechten sterker te koppelen aan het functioneren van democratische instituties, en bent u bereid zich op Europees niveau in te zetten voor de ontwikkeling en implementatie van een dergelijk plan? Zo ja, op welke wijze en met welke concrete voorstellen? Zo nee, waarom niet?
Ik ben bekend met dit pleidooi. Democratie is een kernwaarde van de Europese Unie. Het is in de eerste plaats aan lidstaten zelf om de democratie vorm te geven. Initiatieven van de Commissie kunnen daar ondersteunend aan zijn. Het kabinet onderschrijft het belang van dergelijke initiatieven die democratische instellingen binnen lidstaten versterken. Zoals blijkt uit antwoord op vraag 5 en 6 is Nederland bereid om bij te dragen aan benodigde democratische hervormingen in Hongarije daar waar dat toegevoegde waarde heeft.
Het artikel 'Leger VS: blokkade Straat van Hormuz begint maandag om 16:00' |
|
Sarah Dobbe (SP) |
|
Berendsen , Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Wat is uw reactie op bericht dat het Amerikaanse leger de Straat van Hormuz gaat blokkeren vanaf 16:00 vandaag?1
Het kabinet pleit ervoor dat de Straat van Hormuz zo spoedig mogelijk open gaat en blijft voor internationale scheepsvaart. De maritieme blokkade door de VS is niet gericht op het blokkeren van alle internationale scheepvaart, maar op het tegenhouden van Iraanse schepen en schepen die Iraanse havens aandoen om te voorkomen dat Iran profiteert van diens blokkade van de Straat van Hormuz voor overige scheepvaart. Met de maritieme blokkade poogt de Verenigde Staten om druk uit te oefenen om via die weg de Iraanse blokkade op te heffen. Het kabinet is niet betrokken bij de maritieme blokkade die de VS heeft ingesteld als onderdeel van het gewapend conflict met Iran.
Bent u van plan om druk te zetten op de Amerikaanse regering om af te zien van een blokkade of, als de blokkade is gestart, deze op te heffen in dezelfde lijn als met de blokkade door Iran?
Zie antwoord vraag 1.
Is de Minister-President van plan om de blokkade te bespreken tijdens zijn bezoek aan het Witte Huis? Zo ja, wat wordt de inzet en welke maatregelen worden besproken als de inzet niet wordt gehaald?
In de verschillende gesprekken tijdens het bezoek aan Washington is de situatie in de Straat van Hormuz besproken. Vanwege het vertrouwelijke karakter van deze gesprekken, kan ik hier niet verder over uitweiden.
Welke gevolgen heeft dit voor Nederlandse schepen of voor Nederlanders die zich nog in de Straat van Hormuz bevinden of daar doorgang zoeken?
Nederlandse schepen worden niet aanvullend geraakt door de maritieme blokkade, omdat het niet gaat om Iraanse schepen of schepen die Iraanse havens aandoen.
Bent u bereid deze vragen met spoed te beantwoorden?
De vragen zijn zo spoedig mogelijk beantwoord.
De Bilderbergconferentie |
|
Pepijn van Houwelingen (FVD) |
|
Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Is het correct dat de Koning, Koningin en premier deel hebben genomen aan de Bilderbergconferentie 2026?
Ja.
Hebben de Koning, Koningin en premier aan deze conferentie deelgenomen op persoonlijke titel of vertegenwoordigden ze Nederland?
Kenmerkend voor de Bilderbergconferentie is dat de deelnemers in hun formele hoedanigheid worden uitgenodigd maar tijdens de conferentie op informele wijze van gedachten kunnen wisselen volgens de zogeheten Chatham House Rule die inhoudt dat deelnemers de informatie vrij mogen gebruiken, maar niet koppelen aan de identiteit of functie van een spreker of andere deelnemer. Hiermee is de vrijheid van een open gedachtewisseling tijdens de conferentie gediend. Informatie over de werkwijze tijdens Bilderbergconferenties en de deelnemers is beschikbaar op www.bilderbergmeetings.org.
Is uw kabinet zich bewust van zijn grondwettelijke plicht om de internationale rechtsorde te bevorderen?
Ja. Als een van de weinige landen heeft Nederland deze taak vastgelegd in Artikel 90 van de Grondwet.
Erkent u dat Israël de internationale rechtsorde steeds verder tart, door structurele ontmenselijking en onderdrukking van de Palestijnen, oorlogsmisdaden, misdaden tegen de menselijkheid en illegale nederzettingen en nu ook nog het legaliseren van het doodmartelen van Palestijnse gevangenen die zonder eerlijk proces zijn vastgezet met de nieuwe doodstrafwet?
Het kabinet maakt zich zorgen over de ontwikkelingen in Israël en de bezette Palestijnse Gebieden, waaronder de doodstrafwetgeving. Uw Kamer is op 26 maart jl. geïnformeerd over het standpunt van het kabinet over deze wetgeving.1 Het kabinet vindt de aanname van de Israëlische wet over de doodstraf door de Knesset onacceptabel. Nederland is principieel tegen de doodstraf en veroordeelt het toepassen van executies als onmenselijk en ondoeltreffend.
Waarom spreekt u Israël wel aan op de doodstrafwet, maar veroordeelt u niet keihard het racistische karakter van de wet die mogelijk maakt dat Israëlische militaire rechtbanken uitsluitend Palestijnen op de bezette Westelijke Jordaanoever kunnen en zelfs moeten veroordelen tot executie door ophanging, binnen 90 dagen, zonder mogelijkheid tot hoger beroep?
Naast de wet zelf acht het kabinet acht discriminatoire karakter van de nieuwe Israëlische doodstrafwetgeving onacceptabel. Zie het antwoord op vraag 2.
Erkent u dat deze wet een verdere voltooiing is van het geïnstitutionaliseerde apartheidsregime van Israël gericht op de Palestijnse bevolking?
Apartheid is een specifieke juridische term. Het is aan de rechter om te oordelen of daarvan sprake is.2 Het Internationaal Gerechtshof (IGH) heeft in zijn advies inzake de Israëlische bezetting van de Palestijnse Gebieden vastgesteld dat het Israëlische optreden een schending oplevert van artikel 3 van het Internationaal Verdrag inzake de uitbanning van alle vormen van rassendiscriminatie (het CERD). Het IGH heeft daarbij evenwel geen duidelijk uitsluitsel gegeven over de vraag of er, naast rassendiscriminatie, ook sprake is van apartheid in de bezette Palestijnse Gebieden. Volgens het kabinet past deze nieuwe doodstrafwetgeving in dit patroon.
Wat vindt u ervan dat het aannemen van deze racistische wet in het Israëlische parlement ter plekke door de Israëlische regering werd gevierd met bubbels?
Zie het antwoord op vraag 2 en 3. Het kabinet beschouwt de reactie in het parlement als zeer ongepast en verwerpelijk.
Erkent u dat Israël deze wet kon doorvoeren na voortdurende straffeloosheid voor het apartheidsregime van Israël en de genocide in Gaza door het wegkijken van landen als Nederland? Zo nee, waarom niet?
Het kabinet werpt de aantijging dat Nederland wegkijkt voor de situatie in Israël en de Palestijnse Gebieden verre van zich. Nederland veroordeelt schendingen van het internationaal recht. Nederland draagt bij aan waarheidsvinding en de bevordering van berechting. Uw Kamer is daarnaast veelvuldig geïnformeerd over maatregelen die Nederland heeft genomen.
Erkent u dat wanneer een staat schendingen van het internationaal recht kan plegen zonder vervolging, als een bezetting kan voortduren zonder consequenties en als economische en politieke relaties gewoon blijven bestaan alsof er niets aan de hand is, het internationaal recht op z’n zachtst gezegd selectief wordt toegepast en uitgehold? Zo nee, waarom niet?
Zie antwoord vraag 6.
Erkent u dat het onbeschrijfelijke lijden van het Palestijnse volk niet alleen wordt veroorzaakt door de misdaden die Israël structureel pleegt tegen de Palestijnen, maar ook door de wetenschap dat landen zoals Nederland (dat immers een belangrijke handelspartner is van Israël en dat Israël nog steeds een bondgenoot noemt) weigeren een rode lijn te trekken en daadwerkelijk consequenties te verbinden aan het overschrijden van die rode lijn door Israël?
Zie antwoord vraag 6.
Welke verantwoordelijkheid voelt u voor dit deel van het leed dat het Palestijnse volk wordt aangedaan; het wegkijken en het niet-handelen van de zogenaamde omstanders, zoals Nederland?
Zie antwoord vraag 6.
Kent u de geschiedenis van de druk die de internationale gemeenschap op Zuid-Afrika heeft uitgeoefend, met boycots tegen het apartheidsregime? Deelt u de mening dat de internationale gemeenschap daar goed aan heeft gedaan (ook al had het allemaal beter en sneller gekund)? Zo nee, waarom niet? Zo ja, waarom zou een soortgelijke boycot van Israël nu niet op z’n plaats zijn?
Ja, het kabinet is bekend met deze geschiedenis. Ik ga geen vergelijking maken tussen deze situaties.
Wanneer heeft u kennisgenomen van het nieuwe rapport van de Speciaal VN-rapporteur voor de mensenrechten in de Palestijnse gebieden over het Israëlische gevangenisstelsel (maart 2026), waaruit blijkt dat duizenden Palestijnen, waaronder vrouwen en kinderen, zonder geldig rechtsproces worden opgepakt, opgesloten en gemarteld?1 Wat was uw eerste, eerlijke reactie op wat u las in dit rapport?
Het kabinet heeft kennisgenomen van het rapport van VN-rapporteur Albanese kort na publicatie in maart 2026. Dergelijke rapporten leveren een bijdrage aan het vergaren van informatie over mensenrechtenschendingen. Het rapport schetst een schokkend beeld van de omstandigheden van hoe door Israël (gedetineerde) Palestijnen worden behandeld. Foltering is onacceptabel. Het verbod op foltering is absoluut en is een regel van dwingend internationaal recht (ius cogens). Het kabinet wijst Israël ook consequent op naleving van het internationaal recht, waaronder het Antifolteringverdrag.
Onderschrijft u de conclusie in het rapport dat marteling en gevangenschap systematisch worden toegepast op de totale Palestijnse bevolking en dat ze daarom onderdeel zijn van de genocide op het Palestijnse volk? Zo nee, op welke gronden denkt u de conclusie van dit VN-rapport te kunnen verwerpen?
Het kabinet neemt het werk en de rapporten van deze onafhankelijke mandaathouders serieus. Genocide is een uiterst serieuze kwalificatie en daarom is het kabinet in de regel terughoudend om situaties als zodanig te kwalificeren. Om genocide vast te stellen, moet aan alle elementen van de juridische definitie van genocide uit het Genocideverdrag worden voldaan. Uitspraken van internationale gerechts- en strafhoven, eenduidige conclusies volgend uit wetenschappelijk onderzoek, of vaststellingen door de VN-Veiligheidsraad zijn dan ook voor het kabinet zwaarwegend bij het kwalificeren van dergelijke handelingen als genocide. Het vraagstuk over vermeende genocide in de Gazastrook ligt momenteel voor bij het Internationaal Gerechtshof in de zaak van Zuid-Afrika tegen Israël. Nederland wacht deze uitspraak af.
Hoe beoordeelt u het nieuwe rapport van de speciaal VN-rapporteur inzake foltering en andere wrede, onmenselijke of vernederende behandelingen of straffen, Alice Jill Edwards van 2 april jl.? Onderschrijft u haar conclusie dat de Israëlische doodstrafwet het risico op marteling en andere vormen van mishandeling verder verergert?2 Zo nee, op welke gronden denkt u de conclusie van dit VN-rapport te verwerpen?
Dit betreft geen nieuw rapport van VN-rapporteur Alice Jill Edwards, maar een persverklaring. Onze positie ten aanzien van de Israëlische doodstrafwetgeving is helder: Nederland is principieel tegen de doodstraf. Zie ook het antwoord op vraag 2. Dergelijke wetgeving zal geenszins positief bijdragen aan het verbeteren van de detentieomstandigheden van Palestijnen in Israëlische detentiefaciliteiten. Nederland blijft Israël oproepen om zijn internationale verplichtingen volledig na te leven.
Erkent u dat het internationaal humanitair recht vereist dat alle Palestijnen die zonder proces vastzitten onmiddellijk worden vrijgelaten, zeker nu het executeren van deze gevangenen wettelijk beleid dreigt te worden onder leiding van de Israëlische Minister Ben Gvir? Zo nee, op basis waarvan meent u dat deze mensen gevangen mogen blijven zitten met dreigende executie als gruwelijk eindstation? Zo ja, welke middelen gaat uw kabinet direct inzetten tegen Israel om het krachtige signaal af te geven dat al deze mensen moeten worden vrijgelaten en dat de doodstrafwet moet worden ingetrokken?
Het kabinet acht het veelvuldig gebruik van administratieve detentie, alsook de duur en schaal hiervan, door Israël zorgwekkend en onderstreept in gesprekken met de Israëlische autoriteiten met regelmaat het belang van een eerlijke rechtsgang. Op basis van het humanitair oorlogsrecht is detentie om dwingende veiligheidsredenen, zonder dat dit samenhangt met een strafrechtelijk proces, geoorloofd als een uitzonderlijke maatregel. Een dergelijke detentie dient conform internationaalrechtelijke waarborgen en zonder willekeur te worden uitgevoerd. Ook gelden er internationale waarborgen die stellen dat de reden voor arrestatie gecommuniceerd moet worden. Dit draagt Nederland actief uit richting
Israël.
Erkent u dat de huidige kabinetsreactie – zorgen uiten over de doodstrafwet en in EU-verband pleiten voor het opschorten van de doodstraf – niet in verhouding staat tot wat nodig is om het systematische apartheidsregime van Israel tegen de Palestijnen, waar deze doodstraf onderdeel van is, te stoppen?
De kabinetsreactie5 had louter betrekking op de Nederlandse inzet ten aanzien van de doodstrafwetgeving.
Op welke manier gaat u Israël aanzetten tot onmiddellijke toegang voor het Internationale Rode Kruis tot alle Israëlische gevangenissen om noodzakelijke medische hulp aan Palestijnen te bieden?
Nederland steunt het Internationaal Comité van het Rode Kruis (ICRC) als hoeder van de Verdragen van Genève en hun kernmandaat om gedetineerden te bezoeken tijdens gewapend conflict conform deze Verdragen. Het kabinet blijft de Israëlische regering oproepen ICRC-gedelegeerden toegang te verlenen en dringt hiertoe bij Israël aan, onder meer bij monde van de Mensenrechtenambassadeur tijdens zijn bezoek aan Israël en de Palestijnse Gebieden in november 2025.
Welke drukmiddelen gaat u tegen Israel inzetten om onafhankelijke waarnemers toe te laten in de Israëlische gevangenissen, zodat onafhankelijk bewijsmateriaal kan worden verzameld en Nederland Israël voor het internationaal Gerechtshof kan dagen wegens schending van het VN-verdrag tegen foltering – zoals Nederland dat in 2023 ook tegen Syrië deed?
Zie het antwoord op vraag 16. Verder hangt het van de feiten en omstandigheden van een specifieke gebeurtenis af of een aansprakelijkheidsstelling mogelijk is. Deze hangen samen met voldoende bewijs, de mogelijkheid het geschil voor te leggen aan een rechter of tribunaal, en de mogelijkheid om de aansprakelijkstelling samen met een ander gelijkgezind land te doen. Nederland kan Israël niet voor het Internationaal Gerechtshof dagen voor schending van het Antifolterverdrag. Er geldt tussen Nederland en Israël namelijk geen bepaling die het Internationaal Gerechtshof bevoegdheid geeft in een dergelijke zaak. Zie hiervoor ook het verslag van de Europese Raad van 18 december 2025.6
Erkent u dat van een normale handels- en samenwerkingsrelatie met een land dat oorlogsmisdaden en mensenrechtenschendingen pleegt geen sprake kan zijn? Zo ja, bent u bereid om nu eindelijk een economische boycot in te stellen? Zo nee, waarom niet?
Het kabinet is geen voorstander van een algehele boycot van Israël. Zie verder het antwoord op vraag 6, 7, 8 en 9.
Erkent u dat een volledige stop op militaire samenwerking en wapenhandel noodzakelijk is zolang een reëel risico bestaat dat deze bijdragen aan ernstige schendingen van het internationaal humanitair recht? Bent u bereid om elke militaire samenwerking met Israël op te schorten? Zo nee, waarom niet?
Wat betreft de uitvoer van militaire goederen worden alle individuele vergunningaanvragen voor de uitvoer van militaire goederen per geval zorgvuldig getoetst aan de daarvoor geldende wapenexportcontrolekaders (het EU Gemeenschappelijk Standpunt inzake wapenexport en het Wapenhandelsverdrag), zo ook voor Israël. Daarbij geldt dat een vergunningaanvraag wordt afgewezen indien er een duidelijk risico wordt geconstateerd dat militaire goederen kunnen bijdragen aan ernstige schendingen van de mensenrechten of het humanitair oorlogsrecht. Gezien de situatie in de Gazastrook en op de Westelijke Jordaanoever, verleent Nederland op dit moment geen vergunningen voor de uitvoer van militaire goederen die kunnen bijdragen aan de activiteiten van de Israëlische krijgsmacht in de Gazastrook of op de Westelijke Jordaanoever vanwege het risico op ongewenst eindgebruik. Het kabinet is daarmee van mening dat het staande beleid volstaat om ongewenste transacties te voorkomen.
Elke vorm van defensiesamenwerking met Israël wordt zorgvuldig en afzonderlijk afgewogen. Vanwege de huidige ontwikkelingen en de zorgen die het kabinet heeft over het militaire optreden van de Israëlische regering in Gaza leidt deze weging in de praktijk tot minimale samenwerking, beperkt tot materieel. Israëlische bedrijven leveren diverse essentiële militaire systemen of onderdelen hiervan waarvoor geen, minder geschikte of geen tijdige alternatieven beschikbaar zijn. Het stopzetten van de bestaande samenwerking met Israëlische bedrijven heeft daarom grote gevolgen voor de slagkracht en het voortzettingsvermogen van de krijgsmacht, alsmede voor de veiligheid van onze militairen. Eventuele nieuwe materieel-aankoop uit Israël wordt reeds per geval zorgvuldig gewogen, waarbij Defensie onderzoekt of het materieel essentieel is voor de gereedstelling van de krijgsmacht, of er geschikte alternatieven zijn en of deze alternatieven tijdig leverbaar zijn. Hiermee geeft Defensie tevens invulling aan de motie van het lid Teunissen (Kamerstuk 22 054, nr. 478) om de afhankelijkheid van de Israëlische wapenindustrie af te bouwen.
Erkent u dat de Speciaal VN-rapporteur voor de mensenrechten in de Palestijnse gebieden, Francesca Albanese, het mikpunt is van een aanhoudende lastercampagne van pro-Israëlische lobbyisten?1 Zo ja, veroordeelt u deze lastercampagne? Zo nee, waar baseert u dit op?
Zoals aangegeven in beantwoording van eerdere Kamervragen is het kabinet bekend met de in de artikelen genoemde vermeende uitspraak van mevrouw Albanese.2 Het blijkt dat zij deze uitspraak zo niet heeft gedaan. Het is voor het kabinet niet mogelijk te beoordelen of het hier een bewuste poging tot misleiding – en daarmee een eventuele lastercampagne – betrof. Evenwel is het kabinet kritisch op de gedane uitspraken en roept het de Speciaal Rapporteur op om af te zien van polariserende uitspraken in het publieke domein.
Erkent u dat dat de pro-Israëlische lobbygroep UN Watch desinformatie als wapen heeft gebruikt tegen deze onafhankelijke VN-mensenrechtenrapporteur?2 Zo nee, wat was het wel en waar baseert u dit oordeel op?
Zoals gesteld in antwoord op vraag 1 bleek dat mevrouw Albanese de betreffende uitspraak niet zo heeft gedaan. Het is voor het kabinet niet mogelijk te beoordelen of het hier een bewuste poging tot misleiding betrof.
Wat vindt u ervan dat de Franse Minister van Buitenlandse Zaken, Jean-Noël Barrot, naar aanleiding van deze desinformatie Albanese opriep om af te treden, en dat Oostenrijkse, Tsjechische, Duitse en Italiaanse Ministers daarop soortgelijke uitspraken deden?3
Het is aan deze landen zelf om te bepalen hoe zij de uitspraken van mevrouw Albanese beoordelen.
Erkent u dat Francesca Albanese als Speciaal VN-mensenrechtenrapporteur voor de Palestijnse gebieden een onafhankelijke positie heeft en werkt in opdracht van de VN-mensenrechtenraad? Zo nee, waarom niet?
Ja. VN Speciaal Rapporteurs zijn onafhankelijke deskundigen die opereren op basis van een mandaat van de VN-mensenrechtenraad. Speciaal Rapporteurs werken onbezoldigd maar krijgen ondersteuning van het kantoor van de Hoge Commissaris (OHCHR). Speciaal Rapporteurs spreken niet namens de VN als organisatie. Zij dienen zich wel te houden aan de VN-gedragscode.
Deelt u de opvatting van meer dan 150 (oud-) politici en diplomaten dat het legitimeren van deze desinformatiecampagne tegen Albanese het instituut van de Verenigde Naties ondermijnt en dat het essentieel is om de legitimiteit van internationale instituties te beschermen om ervoor te zorgen dat het internationaal recht kan functioneren?4 Zo nee, waarom niet?
Graag verwijs ik u naar het antwoord op vraag 2.
Onderschrijft u de oproep van deze 150 (oud-) diplomaten en politici dat de valse beschuldigingen aan het adres van de speciaal VN-rapporteur voor de Palestijnse gebieden moeten worden gecorrigeerd? Zo ja, waarom heeft u zich nog niet uitgesproken tegen het gebruik van desinformatie als wapen tegen deze onafhankelijke VN-mensenrechtenrapporteur? Zo nee, waarom niet?
Zie antwoord vraag 5.
Deelt u de opvatting dat de eerdere weigering van het toenmalige Nederlandse kabinet in februari 2025 om Albanese te ontmoeten een ondermijning is van het VN-instituut en een gevaar vormt voor de legitimiteit van Nederland binnen de VN en binnen de internationale rechtsorde? Zo nee, waarom niet?
Voor alle VN Speciaal Rapporteurs hanteert Nederland – net als de overgrote meerderheid van VN-lidstaten – een zogenaamd «standing invitation» beleid. Dit betekent dat alle Speciaal Rapporteurs altijd welkom zijn om Nederland te bezoeken. De afweging om al dan niet op politiek of op hoog ambtelijk niveau in gesprek te gaan met een Speciaal Rapporteur wordt van geval tot geval bekeken. Mevrouw Albanese heeft het kabinet geïnformeerd voorafgaand aan haar meest recente bezoek aan Nederland op 23 en 24 maart 2026. Hierbij heeft zij niet verzocht om een onderhoud met een lid van het kabinet.
Heeft het nieuwe kabinet, dat onder uw leiding staat, VN-rapporteur Albanese uitgenodigd voor een officieel bezoek om de schade te herstellen?
Zie antwoord vraag 7.
Onderschrijft u het oordeel van het VN-coördinatiecomité dd. 28 maart 2025, en in de notulen van de bijeenkomst van het dagelijks bestuur van de Mensenrechtenraad, dd. 1 april 2025, dat er geen schending van de gedragscode is vastgesteld? Zo nee, waarom niet?
Het kabinet heeft geen reden om van deze vaststelling af te wijken.
Bent u bereid zich ondubbelzinnig uit te spreken voor het respecteren van het mandaat van Francesca Albanese als Speciaal VN-rapporteur voor de mensenrechten in de Palestijnse gebieden en zo bij te dragen aan het bevorderen van het internationaal recht? Zo nee, waarom niet?
Het kabinet spreekt zich binnen de VN met regelmaat uit voor het belang van het werk en de onafhankelijkheid van alle VN-Speciaal Rapporteurs, waaronder ook het mandaat van de «Special Rapporteur on the situation of human rights in the Palestinian territory occupied since 1967». Dit VN-mandaat bestaat als sinds 1993 en Nederland heeft dit mandaat altijd ondersteund.
Bent u bereid Francesca Albanese uit te nodigen voor een bezoek en steun over te brengen, om op deze wijze te laten zien dat Nederland pal staat voor het internationaal recht en voor het mandaat van de Speciaal VN-mensenrechtenrapporteur van de Palestijnse gebieden? Zo nee, waarom niet?
Graag verwijs ik u naar het antwoord op vraag 7 en 8.
Bent u bereid om Frankrijk, Oostenrijk, Tsjechië, Duitsland en Italië op te roepen zich alsnog publiekelijk te verontschuldigen, hun oproepen tot het aftreden van Francesca Albanese te corrigeren en het gevaar van desinformatie te erkennen?
Het is aan deze landen zelf om te bepalen hoe zij de vermeende uitspraken van mevrouw Albanese beoordelen.
Bent u bereid deze landen ook op te roepen zich, in plaats van het luidkeels naroepen van desinformatie, luid en duidelijk uit te spreken tegen de Israëlische regering die zich schuldig maakt aan genocide, illegale bezetting en apartheid en om maximale sancties daartegen in te stellen? En bent u bereid om als Nederlands kabinet hetzelfde te doen? Zo nee, waarom niet?
Graag verwijs ik u naar het antwoord op vraag 12. Het kabinet zet in op een combinatie van druk en dialoog om de situatie in Israël en de Palestijnse Gebieden te verbeteren, zowel bilateraal als in breder verband.
Wat gaat uw kabinet doen om (de verspreiding van) dit soort schadelijke desinformatie met betrekking tot de Palestijnse gebieden te voorkomen, dan wel zo snel mogelijk de kop in te drukken of te ontzenuwen wanneer dit wordt ingezet door pro-Israëlische lobbygroepen zoals UN-Watch en/of wordt rondgepompt door bepaalde media? Mogen we van uw kabinet een pro-actieve houding verwachten op dit punt? Zo ja, hoe gaat die pro-actieve houding eruitzien? Zo nee, waarom denkt u dat een pro-actieve houding ten aanzien van het bestrijden van schadelijke desinformatie ten aanzien van de (VN-rapporteur voor de) Palestijnse gebieden niet nodig is voor het bevorderen van de internationale rechtsorde en de mensenrechten, gezien uw kabinet in het coalitieakkoord dit beloofde te gaan doen en wat bovendien uw grondwettelijke plicht is?
Het is niet primair de taak van de overheid om berichten te fact checken en te ontkrachten. Dat is een taak voor onder andere onafhankelijke media en organisaties uit het maatschappelijk middenveld. Het kabinet acht het van belang dat deze organisaties hun werk adequaat kunnen doen. Daarom steunt het kabinet bijvoorbeeld het fact-check-netwerk BENEDMO. Ook gaat de Europese Commissie onder het European Democracy Shield 5 miljoen euro aan subsidies verlenen aan onafhankelijke fact checking. Ook het Mensenrechtenfonds wordt onder meer ingezet voor de steun aan het maatschappelijk middenveld en onafhankelijke media.
Het aankomende bezoek van de minister-president en het koninklijk paar aan Donald Trump |
|
Esther Ouwehand (PvdD) |
|
Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Onderschrijft u de analyse van onder andere Amnesty International dat het dreigen met het laten sterven van een hele beschaving, wat Donald Trump heeft gedaan, gelijk staat aan het dreigen met grootschalige oorlogsmisdaden? Zo nee, welke argumenten heeft u om deze analyse te verwerpen?1
Het kabinet roept consequent op tot de-escalatie en verwelkomt dan ook het staakt-het-vuren tussen de Verenigde Staten (VS) en Iran. Het kabinet heeft kennisgenomen van de uitspraak van de Amerikaanse president en de Minister-President heeft deze eerder als onwenselijk gekwalificeerd.
Heeft u gezien dat het The Hague Centre for Strategic Studies heeft opgeroepen om naar aanleiding van de uitlatingen van Trump over Iran uw bezoek en dat van het Koningspaar aan het Witte Huis te annuleren? Wat vindt u daarvan?
Het staat het The Hague Centre for Strategic Studies (HCSS) vrij om dergelijke oproepen te doen. Het behartigen van het Nederlands belang staat centraal in het beleid van het kabinet. We blijven ons inspannen voor onze trans-Atlantische band. Tegelijkertijd benutten we diplomatieke kanalen om de VS aan te spreken wanneer hun acties onze waarden en belangen ondermijnen, altijd met oog voor de relatie en het behoud van kritieke veiligheidsbelangen. Bovendien bieden ze de kans om met elkaar het gesprek te voeren over de ontwikkelingen in de wereld en onze belangen uit te dragen, inclusief over onderwerpen waar we van inzicht verschillen. Dit doen we vanuit de overtuiging dat we samen sterker staan.
Welk signaal denkt u dat uitgaat van een bezoek van de Koning en Koningin aan een autoritaire president die het internationaal recht overschrijdt, de positie van Poetin tegenover Oekraïne heeft versterkt, zich laat meeslepen in de illegale oorlog van Netanyahu tegen Iran, die Israël aan wapens tegen de Palestijnse bevolking helpt, die Venezuela illegaal is binnengevallen, die heeft gedreigd met het innemen van Groenland en Cuba en dreigt met het vernietigen van «een hele beschaving»?
De Nederlandse inzet richt zich op diplomatieke oplossingen. Het kabinet acht het van belang om met de VS te spreken over de ontwikkelingen in de wereld, inclusief over onderwerpen waarover we van inzicht verschillen.
Ziet u het risico dat het bezoek wordt gezien als een vorm van politieke legitimatie of steun aan Trump? Zo nee, waarom niet?
Nee, dat risico ziet het kabinet niet. Het is gebruikelijk met de leiders van belangrijke bondgenoten contact te onderhouden. Zoals de Minister-President na afloop van het bezoek aan het Witte Huis op 13 april jl. aangaf is tijdens dit bezoek een constructief gesprek gevoerd over de ontwikkelingen in de wereld. Hierbij zijn gedeelde belangen besproken, maar zijn ook de standpunten en zorgen van de Nederlandse regering uitgedragen op thema’s die Nederland raken.
Ziet u het risico dat andere landen Nederland zien als blijvende bondgenoot van de VS in het schenden van het internationaal recht, en dat dat nadelige consequenties kan hebben voor Nederland? Zo nee, waarom niet?
Nee, dat risico ziet het kabinet niet. De aanvallen van de VS en Israël vallen, op basis van de kennis waarover het kabinet op dit moment beschikt, niet binnen het kader van het internationaal recht. Nederland benadrukt dat alle partijen zich dienen te houden aan het internationaal recht en roept daartoe ook op. Tegelijkertijd heeft het kabinet, zoals meermaals benoemd, begrip voor de noodzaak die de VS en Israël voelden om over te gaan tot actie jegens Iran gezien de zorgen die er bestaan omtrent de destructieve rol van Iran op tal van dossiers en richting verschillende partners in de regio.
Welk signaal denkt u dat er vanuit gaat als de Koning en Koningin op de foto gaan met Donald Trump? Ziet u het risico dat de Koning en Koningin door de Trump-regering kunnen worden misbruikt om het imago van Trump op te poetsen, nadat hij na de illegale oorlog tegen Iran in binnen- en buitenland zeer veel kritiek heeft gekregen?
Zoals benoemd in het antwoord op vraag 2 bood dit bezoek niet alleen de kans om de banden met de VS te onderhouden en versterken, maar ook om met elkaar het gesprek te voeren. Bij dergelijke bezoeken hoort ook een foto-moment.
Ziet u nog andere risico’s van uw bezoek en dat van de Koning en Koningin aan Trump?
Nee.
Heeft u in uw overweging om al dan niet te gaan meegenomen dat de Koning als staatshoofd alle Nederlanders vertegenwoordigt, en dat het van groot belang is dat de Koning bij officiële bezoeken de waarden uitstraalt die Nederland internationaal wil uitdragen, zoals democratie, rechtsstaat, inclusiviteit, internationaal recht en respect voor mensenrechten? Zo ja, op welke manier is het bezoek van het Koninklijk paar aan Trump in lijn met deze waarden? Zo nee, waarom niet?
De waarden waar u naar verwijst zijn prioritair in het Nederlandse buitenlandbeleid. Nederland draagt deze internationaal uit, inclusief in doorlopende gesprek met partnerlanden, waaronder de VS. Zo ook in het gesprek met president Trump.
Bent u bereid om naar aanleiding van het dreigen met grootschalige oorlogsmisdaden door de Amerikaanse president het bezoek aan Trump te annuleren? Zo nee, bent u dan tenminste bereid het bezoek van het Koninklijk paar te annuleren, zodat u alleen gaat?
Zoals in het antwoord op vraag 2 uiteengezet, heeft dit bezoek op hoog niveau meerwaarde.
Indien u uw bezoek toch doorzet, kunt u de inzet van de regering bij dit bezoek met de Kamer delen?
Zie het antwoord op vraag 2.
Kunt u een verslag van de gesprekken van de regering met Trump met de Kamer delen?
Contacten met buitenlandse regeringen zijn vertrouwelijk en het kabinet deelt in de regel geen verslagen diplomatieke uitwisselingen. Wel heeft de Minister-President reeds in de media teruggekoppeld na afloop van het diner in het Witte Huis. Er is op een open en constructieve manier van gedachten gewisseld over veel thema’s die Nederland en de VS raken, waaronder de situatie in het Midden-Oosten en in Oekraïne, onze economische samenwerking en onze samenwerking binnen de NAVO.
Hoeveel Iraanse en Libanese burgers zijn er zover bekend door de VS en Israël gedood?
Het is niet mogelijk om met zekerheid het volledige aantal slachtoffers in Iran vast te stellen. Dit hangt onder meer samen met de internetblokkade die de Iraanse overheid al vanaf het begin van de oorlog heeft ingesteld. Mensenrechtenorganisatie HRANA meldde op 7 april jl., voorafgaand aan het staakt-het-vuren, 3.636 geverifieerde dodelijke slachtoffers, waaronder 1.701 burgers (onder wie minstens 254 kinderen), 1.221 militairen en 714 personen van wie niet duidelijk is of dit burgers betreffen.
In het gewapend conflict tussen Hezbollah en Israël is lastig vast te stellen hoeveel burgers zijn omgekomen. Het Libanese Ministerie van Gezondheidszorg melde op 16 april jl. 2196 doden en 7185 gewonden sinds de hernieuwde start van het conflict op 2 maart jl. Het is onduidelijk hoeveel van deze doden Hezbollah-strijders betreffen.
Erkent u dat de illegale oorlog van de VS en Israël de hele wereld raakt, met name de armste bevolking?
Het conflict in het Midden-Oosten heeft serieuze effecten op de wereldeconomie en wereldwijde stabiliteit. De economische gevolgen worden bij mensen thuis stevig gevoeld. In de regio is sprake van miljoenen ontheemde mensen en van toenemende humanitaire noden. Terwijl de aandacht vooral uitgaat naar Iran en de Iraanse blokkade van de Straat van Hormuz, benadrukt het kabinet tevens het belang aandacht te blijven houden voor de situaties in Gaza, de Westelijke Jordaanoever en in Libanon als ook voor de Russische agressie-oorlog in Oekraïne.
Heeft u, met de kennis van nu, nog steeds begrip voor de volgens het internationaal recht illegale aanval van de VS en Israël? Bent u bereid de aanval alsnog te veroordelen?
Het kabinet heeft, zoals meermaals benoemd, begrip voor de noodzaak die de VS en Israël voelden om over te gaan tot actie jegens Iran gezien de zorgen die er bestaan omtrent de destructieve rol van Iran op tal van dossiers en richting verschillende partners in de regio. Tegelijkertijd heeft het kabinet aangegeven dat, op basis van de informatie waar het kabinet nu over beschikt, de aanvallen van de VS en Israël op Iran buiten de kaders van het internationaal recht vallen. Het kabinet blijft zich inzetten voor de naleving van het internationaal recht. Hier past ook bij dat het kabinet het staakt-het-vuren verwelkomt en inzet op de-escalatie.
Bent u bereid om tijdens uw bezoek bij Trump aan te dringen op een einde aan deze illegale oorlog, het stoppen van het geweld in Libanon en het stoppen van de aanhoudende genocide op de Palestijnen en tegen Trump te zeggen dat Nederland verwacht dat de VS zich houden aan het internationaal recht? Zo nee, waarom niet?
Tijdens het bezoek zijn veel onderwerpen besproken, zoals het conflict in het Midden-Oosten. Het betrof, zoals al gedeeld, een open en eerlijk gesprek, waarbij zaken waarover we van inzicht verschillen niet zijn vermeden. Tijdens het gesprek is onder andere het staakt-het-vuren tussen de VS en Iran verwelkomd en het belang van de-escalatie onderstreept. Ik heb in mijn gesprek met Secretary of State Rubio ook aangegeven dat Nederland zich inzet voor een zo spoedig mogelijke diplomatieke oplossing. Dit vergt dat beide partijen inzetten op onderhandelingen en werken aan het bereiken van een akkoord.
Bent u bereid dit ook publiekelijk klip en klaar uit te dragen, zodat duidelijk wordt dat Nederland weer staat voor het internationaal recht?
Nederland blijft zich publiekelijk uitspreken voor wereldwijde naleving van het internationaal recht.
Kunt u de vragen 9 en 10 beantwoorden voor het aanstaande bezoek op maandag 13 april?
De vragen zijn zo spoedig mogelijk beantwoord.
De gedane toezegging bij het plenair debat over 4 jaar oorlog in Oekraïne |
|
Chris Stoffer (SGP), Fatihya Abdi (PvdA) |
|
Letschert , Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Herinnert u zich uw toezegging uit het plenair debat over 4 jaar oorlog in Oekraïne van 24 maart 2026, om de Kamer te informeren over het langetermijnbeleid richting de Oekraïense studenten die zich vóór 1 mei a.s. moeten inschrijven bij een studie en geen recht hebben om alleen het wettelijk collegegeld te betalen?
Bij het debat over 4 jaar oorlog in Oekraïne heeft de Minister-President toegezegd voor het komend collegejaar nog één keer te kijken naar de mogelijkheden om Oekraïense studenten tegen het wettelijk collegegeld toegang te geven tot het hoger onderwijs, in lijn met het verzoek van het lid Stoffer mede namens het lid Abdi.
Ik wil allereerst benadrukken dat ik goed begrijp dat Oekraïense ontheemden graag duidelijkheid willen hebben. De omstandigheden die hen naar Nederland hebben gebracht zijn vreselijk, en ik begrijp dat zij zorgen hebben over hun toekomst.
We zijn op dit moment bezig om de mogelijkheden te bekijken voor Oekraïense studenten die willen studeren in het collegejaar 2026–2027. Daarbij zijn wij ervan bewust dat de inschrijvingsdatum van 1 mei a.s. nadert. Tegelijkertijd willen wij ook geen onjuiste verwachtingen wekken bij een kwetsbare doelgroep.
Om hoeveel studenten gaat het hierbij en welk bedrag zou voor dit studiejaar gemoeid zijn om voor dit aantal Oekraïense studenten het lagere wettelijk collegegeld te berekenen? En hoe staat het met de regeling voor de studiejaren hierna?
Zoals met uw Kamer gedeeld in de brief Appreciaties van amendementen op de OCW-begroting (VIII) van 20 maart jl. (kenmerk: Kamerstukken II 2025/2026, 36 800 VII, nr. 136) gaat het om een geraamd aantal van 9.908 ontheemden uit Oekraïne die mogelijk in aanmerking zouden komen voor hbo- en wo-onderwijs in collegejaar 2026–2027. De verwachting is dat deze groep, als het wettelijk verlaagd collegegeld gaat gelden, de komende jaren gaat studeren – al is niet op voorhand te zeggen welk deel van de groep dat komend jaar al zou doen. Voor die gehele groep zou € 100.253.100 exclusief uitvoeringskosten nodig zijn.
Ik begrijp de wens van uw Kamer om iets te willen betekenen voor deze doelgroep en zie ook zeker de urgentie daarvan. Tegelijkertijd is het ook zo dat het inperken van deze doelgroep, bijvoorbeeld via het door u gevraagde maatwerk voor scholieren die komend jaar hun diploma halen en verder willen in een hbo- of wo-opleiding, kan leiden tot een juridisch onhoudbare ongelijke behandeling ten opzichte van andere Oekraïense ontheemden die ook zouden kunnen en willen studeren. Binnen deze kaders span ik mij in om een oplossing te vinden.
Kunt u, met het oog op de beperkte periode waarbinnen Oekraïense studenten moeten beslissen om zich al dan niet in te schrijven aan een Nederlandse onderwijsinstelling, de Kamer voorafgaand aan het commissiedebat Hoger onderwijs, studiefinanciering en DUO van woensdag 8 april a.s. informeren over het bedoelde langetermijnbeleid? Zo nee, waarom niet?
Wat het langetermijnbeleid betreft waar in de vraag aan gerefereerd wordt, is het kabinet voornemens om u bij Miljoenennota nader te informeren over de rechten, plichten en voorzieningen voor ontheemden uit Oekraïne vanaf maart 2027 en daarmee dus ook over de mogelijke introductie van het wettelijke collegegeld vanaf 1 september 2027. Dit onderwerp staat hoog op de agenda van de ministeriële Taskforce Asiel en Migratie. Hier wordt nader richting gegeven voor de verdere uitwerking van het ingezette beleid.
De toezegging inzake de tenuitvoerlegging van vonnissen over in Nederland veroordeelde Pakistanen |
|
Geert Wilders (PVV) |
|
Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Herinnert u zich uw gedane toezegging tijdens het debat over de regeringsverklaring van 25 februari 2026, dat u de Kamer zou informeren over of én welke stappen Nederland heeft gezet om de gerechtelijke vonnissen, waaronder die zijn opgenomen onder ECLI:NL:RBDHA:2023:13579, ECLI:NL:RBDHA:2024:14348 en ECLI:NL:RBDHA:2024:14347, waarin een aantal Pakistanen zijn veroordeeld voor ernstige misdrijven gericht tegen ondergetekende waaronder het uitvaardigen van fatwa’s door imams om mij te vermoorden, ten uitvoer te leggen én of de desbetreffende veroordeelden aan Nederland uitgeleverd te krijgen?
Wij kunnen bevestigen dat de Minister-President bij het debat over de regeringsverklaring op 25 februari jl. heeft toegezegd zich ertoe te zullen inspannen om de Pakistaanse autoriteiten te laten meewerken aan de verzoeken met betrekking tot de in Nederland veroordeelde personen.
Kunt u de Kamer op korte termijn op de hoogte stellen van alle concrete stappen de regering sinds voornoemde vonnissen heeft genomen om de onherroepelijk veroordeelde Pakistanen hun straf te laten uitzitten respectievelijk aan Nederland te laten uitleveren? Welke stappen heeft de regering inmiddels genomen om de veroordelingen effectief ten uitvoer te leggen? Welke stappen bent u nog voornemens te nemen?
Nederland heeft Pakistan eind 2024 formeel verzocht om de uitlevering van diverse in Nederland veroordeelde personen. Het is aan Pakistan om op de uitleveringsverzoeken te reageren. We kunnen uw Kamer verzekeren dat Nederland de uitleveringsverzoeken met grote regelmaat op alle geëigende niveaus nadrukkelijk onder de aandacht brengt bij de Pakistaanse autoriteiten.
Over welke inspanningen precies zijn gepleegd, doen wij gezien de vertrouwelijke aard van het diplomatieke verkeer met buitenlandse autoriteiten, geen verdere uitspraken. Dit kan de internationale strafrechtelijke samenwerking met andere landen en het land in kwestie, zowel in het algemeen als met betrekking tot deze specifieke zaken, belemmeren.
Bij brief van 2 september 2024 is geschetst welke inspanningen worden geleverd in geval van rechtshulp- en uitleveringsverzoeken.1 Daarnaast wordt ingegaan op de diplomatieke inzet van het kabinet indien landen niet meewerken aan de opsporing, vervolging of berechting van personen die verdacht worden van, of veroordeeld zijn voor, het bedreigen van politieke ambtsdragers.
Nederland zal niet schuwen om te blijven aandringen op uitvoering. Het belang dat Nederland aan deze verzoeken hecht wordt duidelijk overgebracht en er kan aan de zijde van Pakistan geen misverstand bestaan over de noodzaak van een adequate opvolging van de Nederlandse verzoeken.
Deelt u nog steeds de mening dat het onaanvaardbaar is als personen, waaronder imams, die zijn veroordeeld door een Nederlandse rechtbank vanwege het uitbrengen van een of meerdere fatwa’s waarin moslims wordt opgeroepen mij te vermoorden, hun straf niet hoeven uit te zitten omdat de Pakistaanse autoriteiten niet meewerken?
We zijn ons ervan bewust dat het lid Wilders al jarenlang wordt geconfronteerd met ernstige bedreigingen. Het kabinet keurt fatwa’s en bedreigingen nadrukkelijk af. Bedreigingen tegen politieke ambtsdragers door of vanuit andere landen die niet meewerken aan opsporing, vervolging of berechting hiervan, worden niet geaccepteerd en hierop wordt geacteerd. Dit uitgangspunt staat buiten kijf.
Het kabinet spant zich maximaal in om de Pakistaanse autoriteiten te laten meewerken aan de verzoeken met betrekking tot de in Nederland veroordeelde personen. Nederland brengt de verzoeken op alle geëigende niveaus veelvuldig en nadrukkelijk onder de aandacht van de Pakistaanse autoriteiten.
Welke politieke en diplomatieke stappen bent u bereid te nemen tegen Pakistan als dat land blijft weigeren mee te werken aan het effectueren van het vonnis van de Nederlandse rechtbank? Bent u bereid sancties te overwegen? Zo ja welke, zo neen waarom niet?
Zie antwoord vraag 2.
Kunt u deze vragen binnen een week beantwoorden?
De vragen zijn zo snel als mogelijk beantwoord.