| Ingediend | 28 april 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 15 juni 2026 (na 48 dagen) |
| Indieners | Etkin Armut (CDA), Bente Becker (VVD) |
| Beantwoord door | Sophie Hermans (VVD), David van Weel (VVD) |
| Onderwerpen | openbare orde en veiligheid organisatie en beleid zorg en gezondheid |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z09078.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-2250.html |
Ja.
Iedere vrouw en ieder meisje heeft recht op veiligheid en gezondheid. Vrouwelijke genitale verminking (VGV) is een ernstige schending van de mensenrechten en geen enkele vrouw of meisje zou hier slachtoffer van mogen worden. Uit het onderzoek van Pharos2 blijkt dat het geschatte aantal meisjes en vrouwen in Nederland dat VGV heeft ondergaan licht is gestegen: van ongeveer 41.000 in 2018 naar ongeveer 43.000 in 2023. De stijging hangt vooral samen met demografische ontwikkelingen en met een verfijning in de onderzoeksmethode. Er wonen meer meisjes en vrouwen in Nederland die afkomstig zijn uit landen waar VGV voorkomt. Daarnaast zijn in het huidige onderzoek alle meisjes en vrouwen uit Irak meegenomen. In de studie uit 2018 werden alleen meisjes en vrouwen uit de Koerdisch Autonome Regio in Irak meegenomen. Deze aanpassing vergroot de onderzoekspopulatie en heeft daarmee invloed op de schatting. Het is belangrijk te benadrukken dat het onderzoek werkt met schattingen en niet met exacte aantallen. De onderzoekers passen prevalentiecijfers uit landen van herkomst toe op de populatie meisjes en vrouwen in Nederland die afkomstig is uit landen waar VGV voorkomt. Als deze populatie groeit, kan ook het geschatte aantal meisjes en vrouwen met VGV toenemen.
De onderzoekers geven aan dat deze stijging niet betekent dat VGV vaker in Nederland wordt uitgevoerd. Er zijn geen signalen dat VGV na migratie in Nederland plaatsvindt. Veel vrouwen en meisjes die in de schatting zijn meegenomen, hebben VGV al vóór hun komst naar Nederland ondergaan.
De registratie van signalen of meldingen vindt plaats bij diverse organisaties. Zo kan de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) signalen van VGV of het risico daarop registreren. De nieuw ontwikkelde richtlijnmodule voor de JGZ kan professionals daarbij ondersteunen. Met subsidie van VWS wordt ingezet op de afronding en implementatie van deze module. Daarnaast kunnen adviesvragen en/of meldingen van VGV worden gedaan en geregistreerd bij Veilig Thuis. Iedere professional die vermoedens heeft van (risico op) VGV moet hiervan een melding doen bij Veilig Thuis. Bekend is dat (zorg)professionals die in Nederland een slachtoffer zien van VGV, niet altijd een melding doen bij Veilig Thuis omdat dit de mogelijke ondersteuning van en hulp voor het slachtoffer in de weg staat, bijvoorbeeld door (verwachte) aantasting van de vertrouwensband tussen de professional en het slachtoffer als de professional melding doet. Registraties geven dan ook niet een totaalbeeld van de omvang van de problematiek weer. Het is echter belangrijk dat er altijd een melding wordt gedaan bij Veilig Thuis.
Het onderzoek van Pharos laat zien dat het aantal meisjes dat reëel risico loopt om de komende twintig jaar slachtoffer te worden van VGV 2.606 (2023) is. Dit aantal is gedaald ten opzichte van 2018 (4.190). De daling van het risico hangt volgens de onderzoekers samen met factoren zoals veranderende normen en opvattingen onder de tweede generatie, veranderingen in normen en opvattingen na migratie en verfijning in het rekenmodel van het onderzoek. Dit duidt erop dat bewustwording en preventie effect hebben. Verder zijn er geen signalen van meisjes die na migratie naar Nederland slachtoffer zijn geworden van VGV (bijvoorbeeld tijdens verblijf in het land van herkomst). Met preventieve maatregelen, zoals voorlichting door de JGZ of de verklaring tegen meisjesbesnijdenis, wordt ingezet op het wegnemen van dit risico.
Het Ministerie van Buitenlandse Zaken levert consulaire bijstand aan Nederlandse slachtoffers in het buitenland. Er zijn enkele gevallen in 2024 (2) en in 2025 (1) bij het Ministerie van Buitenlandse Zaken bekend waarbij sprake was van achterlating in het buitenland in combinatie met (een vermoeden van) VGV, waarbij hulp werd geboden aan het slachtoffer om terug te keren naar Nederland.
De zomerperiode kan potentieel een verhoogd risico met zich meebrengen voor slachtofferschap van VGV. Het kabinet zet diverse preventieve maatregelen in om dit slachtofferschap (het gehele jaar door) te voorkomen. Zo werkt het kabinet in overleg met Schiphol aan een campagne op de luchthaven gericht op potentiële slachtoffers van VGV, huwelijksdwang, achterlating en mensenhandel. Het doel is om potentiële slachtoffers die op het punt staan uit te reizen, te wijzen op de mogelijkheid van spoedhulp bij dreiging van bovengenoemde risico’s. De afgelopen maanden is samen met veldorganisaties gekeken naar de opvolging door de Koninklijke Marechaussee, de inzet van beschermingsmaatregelen en eventuele opvang en zorg (via Veilig Thuis). Op dit moment wordt de campagne verder uitgewerkt. De campagne is gereed voor de zomervakantie.
Daarnaast worden er voor de schoolvakanties, waaronder de zomervakantie, nieuwsbrieven verstuurd naar onderwijsprofessionals om hen te attenderen op het risico, signalen en de meldroute in geval van signalen van VGV, huwelijksdwang of achterlating. De JGZ kan ouders die willen afreizen naar het land van herkomst de verklaring tegen meisjesbesnijdenis meegeven. In deze verklaring staan de risico’s en consequenties van VGV vermeld en is opgenomen dat VGV in Nederland als vorm van mishandeling strafbaar is. Deze verklaring is beschikbaar in acht talen.
Het Ministerie van OCW en SZW ondersteunen de Alliantie Verandering van Binnenuit 2.0 waarin Movisie, het consortium zelfbeschikking en LCC+ werken aan voorlichting en dialoogbijeenkomsten binnen christelijke en migrantengemeenschappen om mentaliteitsverandering te bereiken richting acceptatie van gendergelijkheid, seksuele- en genderdiversiteit en persoonlijke vrijheid in het algemeen. Middels deze primaire preventie wordt beoogd om de grondoorzaken van gendergerelateerd geweld – waaronder VGV – weg te nemen. Ook binnen de inburgeringstrajecten wordt aan preventie gewerkt, door voorlichting over onder andere het recht op zelfbeschikking en het feit dat VGV in Nederland verboden is en informatie over waar men terecht kan voor hulp of advies.
De JGZ voert gesprekken met ouders over de risico’s en gevolgen van VGV. In dit gesprek kan de JGZ voorlichting geven, ook over de Nederlandse wetgeving en de verklaring tegen meisjesbesnijdenis overhandigen. Bij concrete vermoedens of dreiging van VGV wordt gehandeld conform de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling, waarbij Veilig Thuis wordt ingeschakeld.
Op dit moment is het al mogelijk om voor minderjarige meisjes als sprake is van een hoog risico en acuut gevaar op VGV het uitreizen te voorkomen via de rechter door middel van een (spoed)kinderbeschermingsmaatregel, al dan niet in combinatie met een schriftelijke aanwijzing die het reizen met de minderjarige verbiedt. Daarnaast kunnen er in voorkomende gevallen contact- en gebiedsverboden worden opgelegd om het (potentiële) slachtoffer te beschermen.
Verder hebben de grenswachters een belangrijke radarfunctie ter voorkoming dat meisjes en/of vrouwen uitreizen naar het buitenland en daar slachtoffer worden van VGV. Momenteel wordt een applicatie voor de mobiele (dienst)telefoon ontwikkeld die grenswachters snel toegang geeft tot de indicatoren van (onder meer) VGV. Verder wordt in samenwerking met de Rijksdienst voor Identiteitsgegevens gewerkt aan een uitbreiding van de gezagsinformatie, waaronder de gezinssamenstelling. Dit inzicht kan bijdragen aan het onderkennen van de indicatoren van onder andere VGV.
Verder is in het coalitieakkoord de mogelijkheid voor een uitreisverbod bij onder meer het risico op VGV opgenomen. In de beleidsverkenning naar preventieve beschermingsbevelen die op dit moment wordt uitgevoerd, wordt dit meegenomen. De Minister van Justitie en Veiligheid verwacht de opbrengst van deze verkenning begin 2027 met uw Kamer te kunnen delen.
In het kader van preventie van VGV wordt ingezet op bewustwording en normverandering binnen (gesloten) gemeenschappen door de inzet van sleutelpersonen en worden door professionals (bijvoorbeeld in de JGZ) gesprekken gevoerd met ouders over de risico’s en consequenties van VGV voor de gezondheid van hun kinderen. Verder is de verklaring tegen meisjesbesnijdenis een middel dat preventief kan werken. Deze verklaring wordt uitgereikt aan ouders die van plan zijn af te reizen naar het land van herkomst. In de verklaring is onder andere opgenomen welke consequenties VGV heeft en dat dit strafbaar is in Nederland. De verklaring is beschikbaar in acht talen. Verder draagt Nederland bij aan projecten die VGV tegengaan in landen van herkomst, bijvoorbeeld in Afrika.
Zoals reeds toegelicht in het antwoord op vraag 4 wordt in het recente onderzoek van Pharos gewezen op het kleinere aantal meisjes dat reëel risico loopt om de komende twintig jaar slachtoffer te worden van VGV dan in 2018. De onderzoekers wijzen erop dat het verminderde risico op VGV voor de tweede generatie migranten onder andere het gevolg is van de verandering van normen en opvattingen in landen waar VGV voorkomt. Dit hangt onder meer samen met migratie en invloeden van onderwijs, wetgeving en preventie. Dit kan er op wijzen dat inspanningen gericht op bewustwording en preventie effect hebben.
Het strafrecht biedt een duidelijke norm en maakt opsporing, vervolging en bestraffing juridisch mogelijk. Dat neemt niet weg dat slechts heel weinig zaken een weg vinden naar de politie of het Openbaar Ministerie. Er zijn tot op heden geen veroordelingen bekend. Dit komt onder meer omdat er geen aangifte wordt gedaan. Het strafrecht is een belangrijk onderdeel binnen een integrale aanpak, en draagt met name bij aan normstelling, maar is op zichzelf onvoldoende voor een effectieve aanpak van VGV.
Zie antwoord vraag 7.
Het is belangrijk dat professionals de signalen van VGV vroegtijdig herkennen. Dit geldt ook voor zorgprofessionals. Voortdurende inzet op deskundigheidsbevordering blijft daarmee van belang. Er zijn diverse trainingen en e-learnings beschikbaar voor professionals. Specifiek gericht op huisartsen en verloskundigen is door Pharos opleidingsmateriaal ontwikkeld dat kan worden gebruikt in de opleidingen. Met subsidie van VWS wordt ingezet op verdere doorontwikkeling en verspreiding van dit opleidingsmateriaal.
Zie het antwoord op vraag 6.
De Staatssecretaris van Onderwijs en Emancipatie zet in op het versterken van de primaire preventie van alle vormen van geweld tegen vrouwen, waaronder VGV. Primaire preventie richt zich op het bevorderen van gendergelijkheid, het respecteren van wensen en grenzen, en het tegengaan van schadelijke opvattingen en stereotypen om daarmee gender weg te nemen als oorzaak van het ontstaan en voortduren van gendergerelateerd geweld tegen vrouwen. Een onderdeel is een op te richten mannenalliantie gericht op het versterken van de rol van mannen in het tegengaan van gendergerelateerd geweld. En er wordt toegewerkt naar de uitvoering van primaire preventiemaatregelen op gemeentelijk niveau om te zorgen voor een landelijk dekkende aanpak. Verder wordt door het kabinet op dit moment gewerkt aan een campagne op Schiphol, zoals in vraag 5 benoemd en worden de mogelijkheden voor preventieve beschermingsbevelen verder onderzocht.
De subsidies aan organisaties die gemeenschapsgerichte aanpakken vormgeven en sleutelpersonen inzetten, zoals de alliantie Verandering van binnenuit 2.0 en de subsidies aan Movisie en FSAN, lopen tot eind 2027. Bij het opstellen van het nieuwe Nationaal Actieplan geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld zal worden bezien hoe deze aanpak wordt vervolgd.
De beleidsverkenning naar de preventieve beschermingsbevelen (en het uitreisverbod) wordt momenteel uitgevoerd. Uw Kamer wordt hier begin 2027 nader over geïnformeerd.
VGV is een vorm van huiselijk geweld of kindermishandeling en valt onder de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling. Professionals die onder de meldcode vallen zijn verplicht de stappen van de meldcode te doorlopen. Bij signalen of vermoedens van VGV is het de professionele norm dat er altijd contact wordt gezocht met Veilig Thuis.
Hierbij deel ik u, mede namens de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, mede dat de schriftelijke vragen van de leden Armut (CDA) en Becker (VVD), van uw Kamer aan de minister van Justitie en Veiligheid over het bericht «Is de toename van het aantal besneden vrouwen nog te stoppen? – zomervakantie is risicoperiode» (ingezonden Klik of tik om een datum in te voeren.) niet binnen de gebruikelijke termijn kunnen worden beantwoord, aangezien nog niet alle benodigde informatie is ontvangen. Ik streef ernaar de vragen zo spoedig mogelijk te beantwoorden.