Bent u bekend met het bericht «Student universiteit claimt betrokken te zijn bij 7 oktober», waarin een student op video naar gemaskerde terroristen wijst en zegt: «This is me»?1 2
Kunt u gedetailleerd uiteenzetten hoe de veiligheids- en terrorismescreening eruitziet bij personen die op basis van een reguliere vergunning, zoals een machtiging voor voorlopig verblijf (mvv) voor studie, Nederland inreizen, en in hoeverre deze screening vergelijkbaar is met of afwijkt van de screening binnen de asielprocedure? Vindt deze screening volledig plaats vóórdat de persoon in kwestie Nederland binnenkomt? Zo nee, waarom niet, en hoelang duurt dit gemiddeld? In hoeveel gevallen wordt een screening uitgevoerd en in hoeveel gevallen wordt deze niet afgerond vóór inreis? Is er, gelet op het rapport van de Algemene Rekenkamer van 20 mei 2026 waaruit blijkt dat de terrorismescreening in de asielprocedure gemiddeld pas na twee jaar plaatsvindt in plaats van binnen de norm van 14 dagen, sprake van vergelijkbare achterstanden bij de screening van studenten en andere houders van een reguliere vergunning? Zo ja, hoe groot zijn die achterstanden gemiddeld? In hoeveel gevallen (en procentueel) van de uitgevoerde veiligheids- en terrorismescreenings wordt een reguliere vergunning geweigerd?
Heeft deze student een antecedentenverklaring ondertekend? Zo ja, zijn uit de antwoorden op het formulier veiligheidsrisico’s te herleiden? Zo nee, hoe beoordeelt u dat hij nadien zelf claimt betrokken te zijn geweest bij een terreuraanslag, en is hier sprake van een valse verklaring?
Kunt u gedetailleerd uiteenzetting hoe de antwoorden van het antecedentenformulier in het algemeen en in de situatie van deze specifieke student zijn geverifieerd? Zo nee, waarom niet?
Werden bij de veiligheids- en terrorismescreening voorafgaand aan de mvv-verlening ook het socialmedia-account van deze student betrokken, en zo ja, wat waren daarvan de bevindingen en conclusies? Hoe beoordeelt u de socialmediaposts waarop de student te zien is op een foto waar de tekst «Soldier of Gaza» zichtbaar is en er emoji’s van een jihadistisch gebaar staan, posts over «het martelaarschap van mijn derde broer Ahmed in Jabalia» en «Ik vraag Allah om mijn leven te bezegelen met hetzelfde einde als dat van jou, broeder»? Waren deze uitingen bekend vóórafgaand aan het verlenen van de mvv, en zo nee, waarom zijn ze niet naar voren gekomen bij de screening? Hoe verhoudt het naar Nederland halen van studenten die zich in dergelijke bewoordingen uitlaten over martelaarschap zich tot de bevindingen van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (AIVD), waarin jihadisme nog altijd als de grootste terroristische dreiging voor Nederland wordt aangemerkt? Deelt u de mening dat bij personen bij wie signalen bestaan die wijzen op mogelijke directe of indirecte betrokkenheid bij Hamas of daaraan gelieerde organisaties, of op verheerlijking daarvan, uit voorzorg de toegang tot Nederland moet worden geweigerd, dan wel – indien reeds in Nederland – de verblijfsvergunning per direct moet worden ingetrokken? Zo nee, waarom niet?
Wat waren de precieze overwegingen van de Universiteit Maastricht om juist deze student uit te nodigen en welke afwegingen maakt de universiteit in bredere zin bij de werving van studenten uit Gaza, gegeven de bekende verwevenheid van Hamas met het bestuurlijk en maatschappelijk apparaat aldaar? Bestaat hiervoor een toetsingskader of selectiecriteria? Zo ja, welke?
Bent u bereid onmiddellijk te verzoeken een onderzoek te laten doen door AIVD, politie en Openbaar Ministerie (OM) naar de identiteit van deze persoon en de waarheid van zijn claim, met de hoogste prioriteit? Zo nee, waarom niet? En hoe beoordeelt u de aanwezigheid van deze student in Nederland en de veiligheid van Nederlanders?
Bent u bereid deze persoon vooruitlopend op dat onderzoek per direct in vreemdelingenbewaring te plaatsen om onderduiken of vertrek te voorkomen? Zo nee, waarom niet?
Bent u bereid zijn verblijfsvergunning per direct in te trekken en hem (en meegereisde gezinsleden) uit te zetten? Zo nee, waarom niet?
Bent u bereid de toelating van studenten uit Gaza en de Palestijnse gebieden per direct stop te zetten en te laten screenen hoeveel vergelijkbare gevallen er al zijn? Zo nee, waarom niet?
Deelt u de mening dat het College van Bestuur (CvB) van de Universiteit Maastricht ernstig heeft gefaald in zijn zorgplicht en bent u bereid het CvB hierop aan te spreken? Zo nee, waarom niet?
Kunt u deze vragen afzonderlijk en met de hoogste spoed beantwoorden?
De uitgestelde wijziging van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (WPBR) |
|
Mahjoub Mathlouti (D66), Jeltje Straatman (CDA), Annelotte Lammers (PVV) |
|
David van Weel (VVD) |
|
|
|
|
Op welke termijn zal de wijziging van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (WPBR) naar de Kamer gestuurd worden?
Wat is de reden dat de wijziging van de WPBR al een behoorlijke tijd in voorbereiding is, maar de wet nog steeds niet naar de Kamer is gezonden?
Op welke manier gaat u op korte termijn de motie-Straatman1 en de motie-Helder2 uitvoeren?
In hoeverre strookt de vertraging met uw appreciatie «oordeel kamer» op de motie-Straatman, die oproept tot het zo snel mogelijk versturen van de wet richting de Kamer?
Bent u bereid via de toezegging te doen dat de wijziging van de WPBR nog voor het einde van dit kalenderjaar naar de Kamer gezonden wordt? Zo nee, waarom niet?
Het bericht ‘Terrorjeugd hangt bewoners Pittelo de keel uit: 'Ze plasten over mijn zoon heen'' |
|
Shanna Schilder (PVV), Annelotte Lammers (PVV) |
|
Pieter Heerma (CDA), David van Weel (VVD) |
|
|
|
|
Bent u bekend met het bericht «Terrorjeugd hangt bewoners Pittelo de keel uit: «Ze plasten over mijn zoon heen»» van 11 september 2026?1
Klopt het dat er bij de politie inmiddels meer dan honderd meldingen zijn gedaan door één gezin alleen al? Hoeveel meldingen van overlast, bedreiging, vernieling of geweld door jongeren zijn de afgelopen twaalf maanden in totaal geregistreerd voor de wijk Pittelo en hoe verhoudt zich dat tot voorgaande jaren? Hoe kan het dat deze overlast, ondanks een reeks meldingen die al vijf jaar loopt, nog altijd voortduurt?
Hoe beschouwt u in het licht van deze berichtgeving de effectiviteit van het toevoegen van meer boa-capaciteit, zoals in Assen begin dit jaar is gedaan?2
Bent u bereid zich er maximaal voor in te zetten dat de politie in Assen, maar ook in andere probleemwijken en -steden, strikter en steviger handhaaft tegen jongeren die zich schuldig maken aan overlast, intimidatie, vernielingen en geweld en dat notoire overlastgevers sneller worden aangehouden en strafrechtelijk worden aangepakt? Zo ja, welke maatregelen gaat u nemen om te voorkomen dat dezelfde overlastgevers telkens opnieuw voor overlast, intimidatie en geweld kunnen zorgen? Zo nee, waarom niet?
Bent u van mening dat mede uit het voorbeeld van dit nieuwsartikel (wederom) blijkt dat Nederland kampt met een gezagscrisis en de politie effectief niet meer de baas is op straat? Zo ja, waar komt dat precies door? Zo nee, waarom niet?
Herkent u het beeld dat bewoners van Pittelo schetsen, waarbij het bij meldingen soms drie kwartier of langer duurt voordat de politie arriveert en overlastgevers dan allang zijn verdwenen, en wat doet dat volgens u met het gedrag van jongeren die weten dat ze weinig te vrezen hebben?
Bent u van mening dat het tekortschieten van de diensten in deze ook te wijten is aan de verkeerde prioritering van politietaken, zoals besproken in het recente rapport van de Algemene Rekenkamer? Zo nee, waarom niet?
Hoeveel jongeren staan momenteel landelijk geregistreerd als notoire, herhaaldelijke overlastgevers of veelplegers onder de achttien jaar en is er zicht op de effectiviteit van de maatregelen die tegen hen en hun ouders worden ingezet? Zo nee, waarom niet?
Nieuwe VN-/UNICEF-cijfers over de voedingssituatie in Gaza |
|
Annelotte Lammers (PVV) |
|
Sjoerd Sjoerdsma (D66) |
|
|
|
|
Heeft u kennisgenomen van de vragen van mevrouw Keijzer en de heer Markuszower d.d. 7 augustus 2026 over de recente IPC-/UNICEF-analyse over acute ondervoeding in Gaza, waarin wordt geconcludeerd dat de gemeten acute ondervoeding onder kinderen jonger dan vijf jaar aanzienlijk lager ligt dan eerdere prognoses en dat de onderzochte gebieden zijn ingedeeld in de laagste categorie van acute ondervoeding?1 2
Op welke rapportages, datasets en analyses heeft het uw ministerie zich sinds oktober 2023 gebaseerd bij de beoordeling voor de verlening van humanitaire hulp in Gaza?
Kan per belangrijke beleidsbeslissing of aanvullende humanitaire bijdrage ten aanzien van Gaza worden aangegeven welke informatiebronnen daarbij zijn gebruikt, welke indicatoren daarbij doorslaggevend waren en of deze informatie betrekking had op gemeten gegevens of prognoses?
Heeft de recente IPC-/UNICEF-analyse aanleiding gegeven om de Nederlandse humanitaire inzet te herzien? Zo nee, waarom niet?
Kunt u bevestigen dat in meerdere van u afkomstige Kamerbrieven het woord «hongersnood», «femine» of soortgelijke termen zijn gebruikt? Zo nee, waarom niet? Zo ja, bent u bereid deze uitspraken naar aanleiding van de recente IPC-/UNICEF-analyse te rectificeren? Zo nee, waarom niet?
Bent u bekend met de vele beelden die al langere tijd via sociale media circuleren waarop voedselmarkten, winkels, restaurants en andere voedselvoorzieningen in Gaza zichtbaar zijn en waarop een aanzienlijke beschikbaarheid van voedsel wordt getoond?3 4
Bent u van mening dat deze beelden het beeld tegenspreken dat er sprake zou zijn geweest van een algemene voedselcrisis of grootschalige voedseltekorten in Gaza? Zo nee, waarom niet en hoe beoordeelt u deze beelden in het licht deze aannames?
Hoeveel aanwijzingen zijn er volgens u nog nodig voordat Nederland erkent dat een deel van de humanitaire hulp niet of nauwelijks bij de burgerbevolking terechtkomt, maar in handen valt van Hamas, zoals niet alleen blijkt uit videobeelden5 6 7, maar ook uit verklaringen van de VN8 9 dat Hamas humanitaire hulpgoederen heeft gestolen? En hoe beoordeelt u deze situatie in het licht van de nieuwe VN-/Unicef-cijfers over de voedingssituatie?
Bent u van mening dat, gelet op de financiële druk waaronder veel Nederlandse huishoudens momenteel staan en het feit dat veel Nederlanders hun dagelijkse boodschappen nu al niet meer kunnen betalen, direct met iedere vorm van ontwikkelingshulp gestopt moet worden te beginnen bij humanitaire hulp aan Gaza dat aantoonbaar bij terroristen terecht komt? Zo nee, waarom niet?
Aanvullende berichtgeving over de situatie in Ceuta. |
|
Annelotte Lammers (PVV) |
|
David van Weel (VVD), Bart van den Brink (CDA) |
|
|
|
|
Bent u bekend met het bericht «Veel migranten verlaten Ceuta, maar duizenden willen Europese droom niet opgeven: winkels op slot en boten richting Spanje gestopt»?1
Ja.
Welke informatie heeft het kabinet ontvangen van de Spaanse autoriteiten over het aantal migranten dat Ceuta daadwerkelijk heeft verlaten en hoeveel personen zich op dit moment nog in de Spaanse exclave bevinden?
Tijdens de informele JBZ-Raad van 4 augustus jl. gaf Spanje aan dat er rond de 72.000 irreguliere grensoverschrijdingen zijn geweest om via Ceuta de grens met Spanje over te steken waarvan zij, in samenwerking met Marokko, rond de 70.000 irreguliere migranten naar Marokko heeft laten terug keren.
Het is helder dat er grootschalig irreguliere aankomsten zijn geweest en dat deze irreguliere migranten ook op grote schaal zijn vertrokken. De irreguliere migranten zijn, door de chaotische situatie op 30 en 31 juli jl., niet geregistreerd bij binnenkomst van Ceuta. Ook is het niet mogelijk geweest om de terugkeer van al deze irreguliere migranten te registeren. Er bestaat daarom onduidelijkheid over het precieze aantal resterende irreguliere migranten dat zich nog in Ceuta bevindt. Het is daarom van belang dat Frontex de situatie aan de grens, het aantal personen in Ceuta en eventuele bewegingen nauw monitort en hierover rapporteert. Het kabinet zal daarom, samen met andere gelijkgezinden lidstaten, hierop blijven aandringen.
Op welke wijze verifieert Nederland de juistheid van informatie die door de Spaanse autoriteiten wordt verstrekt over de omvang van de migratiestroom, de terugkeer van migranten en de beveiliging van de buitengrens van de Europese Unie?
Zie antwoord vraag 2.
Bent u bekend met signalen dat de feitelijke situatie in Ceuta mogelijk afwijkt van de officiële lezing van de Spaanse autoriteiten? Zo ja, welke signalen zijn dat en welke conclusies verbindt het kabinet daaraan?
Zie antwoord vraag 2.
Indien zou blijken dat de Spaanse autoriteiten bewust een ander beeld hebben geschetst van de situatie in Ceuta of onjuiste informatie hebben verstrekt over het aantal teruggekeerde migranten, welke gevolgen zou dat volgens u moeten hebben voor de samenwerking met Spanje binnen de Europese Unie?
Het kabinet heeft geen aanwijzingen dat de Spaanse autoriteiten onjuiste informatie hebben verstrekt. Het kabinet heeft tijdens de informele JBZ-Raad van 4 augustus jl. Frontex opgeroepen om de situatie aan de grens, het aantal irreguliere migranten in Ceuta en eventuele bewegingen nauw te blijven monitoren en hierover te rapporteren.
Deelt u de opvatting dat betrouwbare en controleerbare informatie van lidstaten essentieel is voor een goed functionerend Europees migratiebeleid? Zo nee, waarom niet?
Ja.
Wanneer zou voor u de grens bereikt zijn waarop geconcludeerd moet worden dat Spanje onvoldoende invulling geeft aan zijn verplichtingen als bewaker van de Europese buitengrens?
Effectief buitengrensbeheer, inclusief screening, door de volledige en consequente toepassing en naleving van de Schengengrenscode, is voor de EU noodzakelijk om te kunnen controleren en besluiten wie er de EU binnenkomt. In dat kader is een stevige Schengengovernance, met een duidelijke toezichthoudende rol voor de Europese Commissie als hoedster van de Verdragen onmisbaar. Via Schengenevaluaties wordt getoetst of lidstaten voldoen aan het Schengen acquis. Op basis van deze evaluaties worden aanbevelingen geformuleerd die lidstaten moeten uitvoeren. Daarnaast rapporteert de Commissie over de integriteit van het Schengengebied via de Schengen barometer en het Staat van Schengenrapport. Het is, meer dan voorheen, extra van belang dat lidstaten de aanbevelingen uit de Schengenvaluaties opvolgen om adequate toepassing en naleving van de Schengenregels te waarborgen. Het kabinet pleit er daarom voor dat tekortkomingen in de toepassing voor alle lidstaten inzichtelijk worden en politiek besproken worden tijdens de Schengenraad. Dit draagt bij eraan bij dat lidstaten spoedig verbeterslagen maken en biedt de mogelijkheid voor lidstaten om waar nodig elkaar te kunnen ondersteunen.
Acht u Spanje, gelet op de huidige ontwikkelingen, nog steeds een volledig betrouwbare partner bij de uitvoering van het Europese migratiebeleid? Zo ja, waarop baseert u dat oordeel?
Het kabinet acht Spanje nog steeds een betrouwbare partner bij de uitvoering van het Europese migratiebeleid. Spanje heeft, mede op aandringen van Nederland, stappen genomen om de buitengrens verder te versterken en op korte termijn grootschalige terugkeeroperaties gestart, wat ertoe heeft geleid dat een groot aantal van de irreguliere migranten reeds zijn teruggekeerd. Het kabinet spreekt erkenning uit voor de snelle acties van Spanje. Ook ten aanzien van de uitvoering van het Pact werkt Nederland goed met Spanje samen. De ervaring van de afgelopen jaren is dat Spanje overdrachten altijd in lijn met de AMbV uitvoert.
Bent u bereid binnen de Raad van de Europese Unie aan te dringen op een onafhankelijke verificatie van de feiten rondom de gebeurtenissen in Ceuta, zodat lidstaten kunnen beschikken over objectieve informatie over de omvang van de migratiestroom, de terugkeer van migranten en de daadwerkelijke grensbewaking? Zo nee, waarom niet?
Ja, dat heeft het kabinet tijdens de informele JBZ-Raad van 4 augustus j.l. gedaan.
Indien zou blijken dat Spanje de Europese asiel- en terugkeerregels structureel onjuist toepast of onvoldoende handhaaft, bent u dan bereid de Europese Commissie te verzoeken een inbreukprocedure tegen Spanje te starten? Zo nee, waarom niet?
Het kabinet zet er stelselmatig op in dat lidstaten het asielacquis en terugkeeracquis naleven. De Commissie ziet hierop toe, als hoedster van de verdragen. Het kabinet ziet geen reden om aan te nemen dat Spanje de verplichtingen die voortvloeien uit het asiel- en terugkeer acquis niet nakomt.
Ten aanzien van de verantwoordelijkheidsregels als bedoeld in artikel 60, derde lid, van Verordening (EU) 2024/1351 geldt dat de Nederlandse ervaring van de afgelopen jaren is dat Spanje overdrachten altijd in lijn met de AMbV uitvoert. Ook de Europese Commissie heeft op op 15 juli 2026 een mededeling gepubliceerd over eventuele structurele tekortkomingen in lidstaten. Daarin concludeert de Commissie, in lijn met de Nederlandse ervaring, dat er ten aanzien van Spanje geen signalen zijn voor structurele tekortkomingen bij de uitvoering van de overdrachten onder AMbV
Bent u bereid de Europese Commissie te verzoeken onderzoek te doen naar mogelijke systematische tekortkomingen in de toepassing van de verantwoordelijkheidsregels door Spanje als bedoeld in Artikel 60, derde lid, van Verordening (EU) 2024/1351? Zo nee, waarom niet?
Zie antwoord vraag 10.
Deelt u de opvatting dat, indien de Europese Commissie dergelijke systematische tekortkomingen vaststelt, andere lidstaten niet gehouden zouden moeten zijn solidariteitsbijdragen – waaronder herplaatsingen of financiële bijdragen – aan Spanje te leveren? Bent u bereid dit standpunt in Europees verband uit te dragen?
Indien de Europese Commissie systemische tekortkomingen vaststelt bij een lidstaat die solidariteit ontvangt bij het uitvoeren van de AMbV overdrachten, dan zijn de andere lidstaten niet meer verplicht om solidariteit aan deze lidstaat te geven. Op basis van de laatste evaluatie van de Commissie, in lijn met de Nederlandse ervaring, is dit voor Spanje niet aan de orde.
Bent u bereid de Spaanse ambassadeur te ontbieden indien blijkt dat de Spaanse autoriteiten de Europese partners onjuist of onvolledig hebben geïnformeerd over de migratiesituatie in Ceuta? Zo nee, waarom niet en wanneer zou u dit wel aan de orde zijn?
Dit is niet aan de orde. het kabinet heeft geen aanwijzingen dat de Spaanse autoriteiten onjuiste informatie hebben verstrekt. Spanje heeft snel, proactief en continu informatie gedeeld over de situatie in Ceuta.
Welke diplomatieke stappen acht u passend indien zou blijken dat Spanje bewust onjuiste informatie heeft verstrekt over de omvang van de migratiestroom, de terugkeer van migranten of de naleving van Europese verplichtingen?
Zie antwoord vraag 13.
Bent u bereid, indien Spanje de buitengrens aantoonbaar onvoldoende bewaakt en daardoor een ernstig risico ontstaat voor de openbare orde en de werking van het Schengengebied, tijdelijke maatregelen te treffen ten aanzien van het personenverkeer van en naar Spanje, waaronder intensivering van grenscontroles op lucht- en zeeverbindingen, voor zover het Unierecht daarvoor ruimte biedt? Zo nee, waarom niet?
Omdat het Schengengebied niet geschonden is en het overgrote deel van de irreguliere migranten weer is teruggekeerd is dit nu niet in beeld.
Het is evident de Nederland haar eigen grenzen bewaakt. In Nederland voert daarom de Koninklijke Marechaussee (KMar) te allen tijde informatie- en risicogestuurde grenscontroles op de luchthavens uit en zijn er controles bij de binnengrens. Op basis daarvan worden specifieke vluchten met een hoger risico op irreguliere migratie gecontroleerd en wordt er risicogestuurd opgetreden bij de binnengrens. Indien de situatie daartoe aanleiding geeft, kunnen verscherpte controles aan de Nederlandse grens door de Koninklijke Marechaussee worden uitgevoerd. Mochten er in Nederland asielzoekers worden aangetroffen die zijn aangekomen in Ceuta, worden deze personen overgedragen aan Spanje conform de afspraken in de Asiel en Migratiebeheer Verordening (AMbV), zodat Nederland geen extra druk op ons asielstelsel krijgt door de situatie in Ceuta. De ervaring van de afgelopen jaren is dat Spanje dergelijke overdrachten altijd in lijn met de AMbV uitvoert.
Heeft u kennisgenomen van maatregelen van andere lidstaten om het personenverkeer met Spanje tijdelijk aan aanvullende controles te onderwerpen naar aanleiding van de huidige migratiesituatie? Zo ja, hoe beoordeelt u deze maatregelen?
Ja. Het is niet aan het kabinet om de maatregelen van andere lidstaten te beoordelen.
Onder welke omstandigheden acht u het gerechtvaardigd om, met een beroep op de Schengengrenscode, tijdelijke grenscontroles ten aanzien van reizigers vanuit Spanje in te voeren indien sprake is van een ernstige bedreiging van de openbare orde of de binnenlandse veiligheid?
Zie antwoorden hierboven. Op dit moment is er geen additioneel risico voor de openbare orde of de binnenlandse veiligheid geconstateerd, mede vanwege het feit dat er tot op heden geen secundaire bewegingen naar het Europese vasteland zijn geconstateerd. Het kabinet blijft de situatie nauw monitoren. Mocht de situatie wijzingen en additionele maatregelen nodig blijken zal het kabinet uw Kamer daarover informeren.
Bent u bekend met de Spaanse wetgeving op grond waarvan de Spaanse regering alleenstaande minderjarige migranten die illegaal Ceuta zijn binnengekomen niet zal terugsturen, maar deze minderjarige migranten in de procedure zal opnemen en eventueel naar andere autonome regio’s binnen Spanje zal sturen? Zo ja, kunt u aangeven of er informatie bekend is dat deze illegaal binnengekomen amv’ers reeds in de procedure zijn opgenomen dan wel verplaatst zijn naar andere autonome regio’s in Spanje?
Het kabinet heeft geen geverifieerde informatie waaruit blijkt dat de amv’ers al zijn opgenomen in een procedure dan wel zijn overgeplaatst naar andere autonome regio’s.
Op welke juridische grondslag baseert Spanje dit beleid en acht u dit in overeenstemming met de het Europese migratiebeleid?
Het is niet aan het kabinet om te beoordelen of het handelen van Spanje in lijn is met de Europese wetgeving. Het is aan de Europese Commissie als hoeder van de verdragen om hier op toe te zien.
Deelt u de opvatting dat het vooruitzicht op opvang en herverdeling binnen Europa een aanzuigende werking kan hebben op alleenstaande minderjarige migranten en mensensmokkelaars? Zo nee, waarom niet?
Het kabinet heeft duidelijk gemaakt, onder andere tijdens de informele JBZ-raad van 4 augustus, dat Spanje alles op alles blijft zetten om ook de nog niet teruggekeerde irreguliere migranten terug te laten keren naar Marokko en de buitengrens verder te versterken zodat er geen aanzuigende werking ontstaat voor anderen die ook irregulier naar Spanje willen komen.
In algemene zin is het, om irreguliere migratie richting de EU minder aantrekkelijk te maken en weerbaar te zijn als EU, van belang dat er een sterk EU-intern asiel- en migratiesysteem staat en dat de EU effectief samenwerkt met landen buiten de EU. Migranten die geen recht hebben om asiel moeten snel afgewezen worden, en de terugkeer geeffectueerd. Het kabinet onderstreept daarom het belang van de volledige implementatie van het Asiel- en Migratiepact en de terugkeerverordening (zodra deze van kracht wordt), en het versterken en bestendigen van partnerschappen met landen buiten de EU. De langetermijnvisie van het kabinet is dat asielaanvragen buiten Europa kunnen worden ingediend en afgehandeld. Het kabinet zet zich daarom doorlopend in voor het verder brengen en operationaliseren van innovatieve oplossingen waaronder de terugkeerhub.
Bestaat het risico dat deze minderjarigen zich, nadat zij binnen Spanje zijn verdeeld, vrij binnen het Schengengebied kunnen verplaatsen en uiteindelijk ook Nederland bereiken? Hoe beoordeelt u dit risico?
Voor de niet-begeleide minderjarige vreemdelingen die asiel hebben aangevraagd in Spanje geldt conform EU-regelgeving dat de lidstaat van eerste aanvraag, in dit geval Spanje, verantwoordelijk is voor de beoordeling van het asielverzoek. Mochten er in Nederland asielzoekers worden aangetroffen die zijn aangekomen in Ceuta, worden deze personen overgedragen aan Spanje conform de afspraken in de Asiel en Migratiebeheer Verordening (AMbV), zodat Nederland geen extra druk op ons asielstelsel krijgt door de situatie in Ceuta. De ervaring van de afgelopen jaren is dat Spanje dergelijke overdrachten altijd in lijn met de AMbV uitvoert.
Hoe beoordeelt u het Spaanse beleid in het licht van de noodzaak om irreguliere migratie en mensensmokkel tegen te gaan?
Het is niet aan het kabinet om het beleid van Spanje te beoordelen. Nederland heeft de Europese Commissie en de relevante EU-agentschappen verzocht dit samen met Spanje te onderzoeken. Hen is gevraagd hierin in ieder geval de oorzaken, inclusief de rol van mensensmokkelaars en tekortkomingen aan de Spaanse buitengrens, mee te nemen. Het kabinet blijft hierop aandringen en verzoekt de Europese Commissie en de agentschappen te rapporteren in de gebruikelijke gremia; in het bijzonder voor de JBZ-Raad van 1 oktober en Europese Raad van 15-16 oktober aanstaande.
Bent u bereid binnen de Raad van de Europese Unie aan te dringen op een eenduidig Europees beleid waarbij ook voor alleenstaande minderjarige vreemdelingen dat erop ziet dat ook zij, bij illegale grensoverschrijding, direct teruggestuurd worden?
Indien een alleenstaande minderjarige vreemdeling (amv) zonder verblijfsvergunning op het grondgebied van een lidstaat verkeert, kan een lidstaat een terugkeerbesluit nemen en is de amv daarmee vertrekplichtig. Hier zijn wel voorwaardes aan verbonden om de amv te beschermen en niet zonder adequate opvang naar het land van herkomst te sturen. De amv heeft ook, net zoals iedereen, het recht om asiel aan te vragen. Zodra de asielprocedure loopt heeft de amv, net zoals ieder ander, het recht om deze af te wachten op het territorium van de lidstaat waar de asielprocedure is aangevraagd.
Het beleid en de bijzondere waarborgen en uitzonderingen inzake de procedure en beoordeling van asielverzoeken van niet-begeleide minderjarige vreemdelingen is op Europees niveau vastgelegd in onder andere de Asielprocedureverordening. Daarmee is er reeds eenduidig Europees beleid.
Bent u het eens met de uitspraak van de Minister-President op X waarin hij stelt dat de invasie te wijten is aan mensensmokkelaars?2
Het is een gegeven dat mensensmokkelaars een kwalijke rol spelen in de migratieroutes tussen Noord-Afrika en Europa. Het kabinet heeft de rol van mensensmokkelaars, het misbruik dat zij maken van kwetsbare personen en de rol die zij hebben gespeeld in dit incident veroordeeld. Het kabinet vindt het van belang dat het wrede verdienmodel van mensensmokkelaars doorbroken wordt.
Indien de vorige vraag bevestigend wordt beantwoord, kunt u onderbouwen op basis van welke concrete informatie de Minister-President stelt dat de gebeurtenissen in Ceuta zijn veroorzaakt door mensensmokkelaars? Beschikt het kabinet over bevestigde inlichtingen of strafrechtelijke onderzoeken waaruit dit blijkt, of betreft dit een aanname? Indien die onderbouwing ontbreekt, waarom presenteert de Minister-President deze lezing, welke u volgt, dan als een vaststaand feit, terwijl er ook andere verklaringen voor de massale grensbestorming worden genoemd?
Zoals hierboven aangegeven veroordeelt het kabinet de rol die mensensmokkelaars hebben gespeeld. Om dergelijke situaties in de toekomst te voorkomen is het van belang dat er verder onderzoek wordt gedaan naar de totstandkoming van dit incident, het samenspel tussen de verschillende factoren waaronder mogelijke tekortkomingen aan de buitengrens en de rol van mensensmokkelaars is hierbij van belang. Nederland heeft hiertoe tijdens de informele JBZ-raad van 4 augustus jl. opgeroepen. Het kabinet blijft hierop aandringen en verzoekt de Europese Commissie en de agentschappen te rapporteren in de gebruikelijke gremia; in het bijzonder voor de JBZ-Raad van 1 oktober en Europese Raad van 15-16 oktober aanstaande.
Bent u bekend met het bericht «Online werd massale overtocht naar Ceuta wekenlang voorbereid en gepromoot»?3 Zo ja, hoe beoordeelt u dit bericht?
Ja. Het is op dit moment is moeilijk te kwantificeren welke factoren allemaal een rol hebben gespeeld en in welke omvang. Het kabinet loopt niet vooruit op de uitkomsten van het eerdergenoemde onderzoek.
Hoe beoordeelt u de berichtgeving dat de Spaanse inlichtingendiensten, volgens de Spaanse krant ABC, op de hoogte waren van de dreiging van de invasie in Ceuta? En hoe beoordeelt u het optreden van de Spaanse inlichtingendienst?
Het is niet aan het kabinet om het optreden van de Spaanse inlichtingdiensten te beoordelen.
Bent u bekend met de aanwijzingen dat Marokkaanse autoriteiten onvoldoende hebben opgetreden tegen mensensmokkel, georganiseerde migratiestromen of online oproepen om de oversteek naar Ceuta te maken? Zo ja, hoe beoordeelt u deze?
Het kabinet gaat nu niet in op dit soort analyses over het ontstaan van de situatie. Het kabinet is van mening dat het – met het oog op het voorkomen van een vergelijkbare plotselinge toestroom van irreguliere migranten in de toekomst- nodig is om beter in beeld te brengen hoe deze situatie bij Ceuta heeft kunnen ontstaan. Nederland heeft de Europese Commissie en de relevante EU-agentschappen verzocht dit samen met in Spanje te onderzoeken. Het kabinet blijft hierop aandringen en verzoekt de Europese Commissie en de agentschappen te rapporteren in de gebruikelijke gremia; in het bijzonder voor de JBZ-Raad van 1 oktober en Europese Raad van 15-16 oktober aanstaande.
In hoeverre deelt u de zorgen van de Spaanse autoriteiten dat migratie opnieuw als politiek drukmiddel zou kunnen worden ingezet? En welke maatregelen bent u bereid te nemen om te voorkomen dat dit gaat gebeuren?
De Raad heeft in 2024 een Verordening vastgesteld met maatregelen in geval van instrumentalisering van migratie. Daarnaast is een gezamenlijke inzet op de versterking van buitengrenzen en de andere maatregelen zoals uiteengezet in het antwoord op vraag 7 essentieel.
Welke rol speelt de samenwerking tussen de Europese Unie en Marokko bij grensbewaking en het tegengaan van illegale migratie, en voldoet Marokko volgens u momenteel aan de gemaakte afspraken?
Zowel de Europese Unie als EU-lidstaten onderhouden nauwe betrekkingen met Marokko op het gebied van migratie en werken samen op verschillende terreinen, waaronder grensmanagement en het verbeteren van terugkeersamenwerking. Marokko heeft voorts constructief meegewerkt aan terugkeer van vertrek-plichtige vreemdelingen en in nauwe samenwerking met Spanje ondersteund bij het tegengaan van verdere irreguliere bewegingen.
De migranteninvasie in de Spaanse enclave Ceuta |
|
Annelotte Lammers (PVV) |
|
Bart van den Brink (CDA) |
|
|
|
|
Bent u bekend met het bericht dat duizenden illegale migranten de Spaanse enclave Ceuta zijn binnengedrongen nadat de Marokkaanse grensbewaking zich plotseling had teruggetrokken?1 2
Ja, ik ben bekend met dit bericht.
Deelt u de mening dat dit opnieuw laat zien dat de buitengrenzen van Europa zo lek zijn als een mandje en dat ook na de inwerkingtreding van het Migratiepact Europese landen onvoldoende controle over hun eigen landsgrenzen hebben en dus ook de Europese buitengrenzen? Zo nee, waarom niet?
De situatie zoals we deze donderdag en vrijdag zagen bij Ceuta is onacceptabel, zeer onwenselijk en uitzonderlijk, die bovendien van 72 mensen het leven heeft gekost. Het kabinet betreurt dit. Het kabinet heeft, in afstemming met andere lidstaten, geëist dat er snel en adequaat gehandeld zou worden in deze crisissituatie. Spanje moest direct de buitengrens van Europa versterken en alles richten op de terugkeer van de irreguliere migranten om daarmee risico’s op secundaire migratie tegen te gaan. Spanje heeft daarmee in lijn de buitengrenzen versterkt, onder andere met een drijvende barrière, en is gestart met de grootschalige terugkeer. Spanje moet deze inzet blijven continueren. Nederland zal bij de informele JBZ-raad daarom erop aandringen dat Spanje alles op alles blijft zetten om ook de nog niet teruggekeerde irreguliere migranten terug te laten keren naar Marokko en de buitengrens verder te versterken zodat er geen aanzuigende werking ontstaat voor anderen die ook irregulier naar Spanje willen komen. Met de nu gepleegde inzet lijkt het Schengengebied niet geschonden. Het is van belang dat Frontex het aantal mensen dat daadwerkelijk is teruggekeerd verifieert en ook de situatie aan de grens blijft monitoren en hierover rapporteert. Het kabinet zal daarom tijdens de informele JBZ-raad hier nadrukkelijk om vragen, en hier uw Kamer van op de hoogte stellen via het verslag van de JBZ-raad.
Het Asiel en Migratiepact regelt het EU-asielsysteem. Onderdeel hiervan zijn de inrichting van de asielprocedures regulier en aan de buitengrens, de afspraken over overdrachten van personen in de asielprocedure en een solidariteitsmechanisme tussen lidstaten. Het beheren van de Europese buitengrens wordt daarentegen geregeld in het Schengengrenscode. Voor het beheren van de buitengrens biedt het EU-instrumentarium verschillende belangrijke handvatten om ook in situaties als deze controle te houden over deze delen van de buitengrens. Het Asiel en Migratiepact is daarom in de reactie niet in beeld. Voor de gebieden Ceuta en Melilla gelden daarbij speciale Schengenregels. Er zijn standaard controles tussen Ceuta en Melilla en het vasteland van Spanje (en andere Schengenstaten). Doorreizen vanuit Ceuta naar de rest van Schengen gaat daarom enkel gecontroleerd.
De Schengengrenscode biedt aanvullende maatregelen om irreguliere migratiebewegingen tegen te gaan. In uitzonderlijke, dreigende situaties kunnen onder meer de tijdelijke herinvoering van grenscontroles aan binnengrenzen, intensivering van bewaking en controles aan de buitengrens, risico-gestuurde politiecontroles in het binnengrensgebied, en EU-ondersteuning worden ingezet. Spanje heeft vrijdag, 31 juli jl., direct extra maatregelen aangekondigd, waaronder extra fysieke grensbescherming en een centrum voor snelle terugkeer van de irregulier overgestoken migranten in Ceuta.
Naast Marokko en Spanje heeft ook de Europese Commissie voortvarend gereageerd. De Commissie heeft gezorgd dat Frontex klaar stond om, indien dat nodig was en daartoe een formeel verzoek zou ontvangen, Spanje additioneel te ondersteunen (momenteel biedt Frontex al ondersteuning in Ceuta). Het is van belang dat Frontex het aantal mensen dat daadwerkelijk is teruggekeerd verifieert en ook de situatie aan de grens blijft monitoren en hierover rapporteert. Het kabinet zal daarom tijdens de informele JBZ-raad hier nadrukkelijk om vragen, en hier uw Kamer van op de hoogte stellen via het verslag van de JBZ-raad.
Bent u bekend met de beelden waarop te zien is dat de Spaanse autoriteiten de hekken openzetten voor illegale migranten?3
Het kabinet heeft de beelden waarnaar wordt gerefereerd bekeken, het is onduidelijk wat er precies te zien is en het kabinet gaat hierover niet speculeren.
Spanje heeft reeds jaren afspraken met Marokko om de grensovergangen bij Ceuta en Melilla goed te bewaken. Spanje heeft zich ingezet om de openbare orde en veiligheid in het gebied te herstellen, de grens bij Ceuta verder fysiek te versterken en de irreguliere migranten zo snel als mogelijk te laten terugkeren. Spanje moet deze inzet blijven continueren. Nederland zal hier blijvend op aandringen.
Hoe beoordeelt u deze handelwijze van Spanje, mede in het licht van de gemaakte afspraken in het Migratiepact?
Zie antwoord vraag 3.
Hoe groot acht u de kans dat een deel van deze illegale migranten uiteindelijk zal doorreizen naar Nederland? En kunt u uiteenzetten waar u dit op baseert?
Zoals hierboven aangegeven is Spanje gestart met de grootschalige terugkeer naar Marokko. Verder is het, zoals hierboven beschreven, niet zomaar mogelijk om vanuit Ceuta door te reizen in het Schengengebied, iedereen die wil doorreizen wordt gecontroleerd. Spanje heeft aangegeven dat geen van deze migranten is doorgereisd naar het verdere Schengengebied. Spanje moet deze inzet blijven continueren. Nederland zal bij de informele JBZ-raad daarom erop aandringen dat Spanje alles op alles blijft zetten om ook de nog niet teruggekeerde irreguliere migranten terug te laten keren naar Marokko en de buitengrens verder te versterken zodat er geen aanzuigende werking ontstaat voor anderen die ook irregulier naar Spanje willen komen. Met de nu gepleegde inzet lijkt het Schengengebied niet geschonden. Het is van belang dat Frontex het aantal mensen dat daadwerkelijk is teruggekeerd verifieert en ook de situatie aan de grens blijft monitoren en hierover rapporteert. Het kabinet zal daarom tijdens de informele JBZ-raad hier nadrukkelijk om vragen, en hier uw Kamer van op de hoogte stellen via het verslag van de informele JBZ-raad.
Het is evident de Nederland haar eigen grenzen bewaakt. In Nederland voert daarom de Koninklijke Marechaussee (KMar) te allen tijde informatie- en risicogestuurde grenscontroles op de luchthavens uit en zijn er politiecontroles bij de binnengrens. Op basis daarvan worden specifieke vluchten met een hoger risico op irreguliere migratie gecontroleerd en wordt er risicogestuurd opgetreden bij de binnengrens. Indien de situatie daartoe aanleiding geeft, kunnen verscherpte controles aan de Nederlandse grens door de Koninklijke Marechaussee worden uitgevoerd. Mochten er in Nederland asielzoekers worden aangetroffen die zijn aangekomen in Ceuta, worden deze personen overgedragen aan Spanje conform de afspraken in de Asiel en Migratiebeheer Verordening (AMbV), zodat Nederland geen extra druk op ons asielstelsel krijgt door de situatie in Ceuta. De ervaring van de afgelopen jaren is dat Spanje dergelijke overdrachten altijd in lijn met de AMbV uitvoert.
De Europese Commissie heeft mede op verzoek van Nederland op zaterdag 1 augustus jl. een crisisberaad (IPCR) georganiseerd om alle lidstaten te informeren en operationele stappen ten behoeve van een gecoördineerde EU-aanpak te identificeren. Ook heeft Nederland met 214 andere EU-lidstaten op zaterdag 1 augustus jl. een brief gestuurd aan de Europese Commissie, het Iers Voorzitterschap van de Europese Raad en de Voorzitter van de Europese Raad waarin de lidstaten zorg uitten over de gebeurtenissen in Ceuta, benadrukten dat alle nodige maatregelen genomen moeten worden om de grenzen te versterken en verzochten om een extra online JBZ-raad. Deze JBZ-raad vindt op dinsdag 4 augustus plaats. De Minister van Asiel en Migratie neemt hieraan deel. Het kabinet blijft de ontwikkelingen op Ceuta nauwgezet volgen, en blijft bijdragen aan een gecoördineerde EU-aanpak. Om de situatie verder te monitoren en eventuele benodigde vervolgstappen in kaart te brengen, komen vandaag, maandag 3 augustus, de EU-ambassadeurs bijeen. Op dinsdag 4 augustus vindt er, op verzoek van Nederland, Spanje en de meeste EU-lidstaten, een online informele JBZ-raad plaats, waaraan de Minister van Asiel en Migratie zal deelnemen.
Welke concrete maatregelen neemt u om te voorkomen dat migranten die via Spanje de Europese Unie zijn binnengekomen uiteindelijk in Nederland terechtkomen? Indien u geen maatregelen neemt kunt u uitleggen waarom u die niet neemt?
Zie antwoord vraag 5.
Bent u bereid om de grenzen te sluiten dan wel extra grenscontroles uit te voeren dan wel andere maatregelen te treffen om te kunnen controleren of deze migranten niet alsnog Nederland binnenkomen? Zo nee, waarom niet?
Zie antwoord vraag 5.
Bent u bereid in Europees verband te pleiten voor onmiddellijke sluiting van de Europese buitengrenzen en een zerotollerancebeleid te voeren ten aanzien van alle illegale grensoverschrijdingen? Zo nee, waarom niet?
Zie antwoord vraag 5.
Hoe beoordeelt u de rol van de Marokkaanse autoriteiten, die volgens de berichtgeving de grensbewaking hebben verminderd of beëindigd, waardoor duizenden migranten ongehinderd de grens konden oversteken?
Het kabinet gaat niet speculeren over het ontstaan van deze situatie. Wel ziet het kabinet dat de samenwerking met Marokko van cruciaal belang is om de situatie onder controle te brengen en te houden. De Europese Commissie, Spanje en andere lidstaten werken nauw met Marokko samen om de grenzen effectief te bewaken en terugkeer mogelijk te maken. De Minister van Buitenlandse Zaken heeft op vrijdagochtend, 31 juli jl., de noodzaak snel te handelen benadrukt bij de Marokkaanse Minister van Buitenlandse Zaken. Marokko stelt zich hierin constructief op en werkt voortvarend mee aan de terugkeer van de migranten.
Bent u bereid de Europese Commissie op te roepen maximale druk uit te oefenen op Marokko om zijn grenzen effectief te bewaken en migranten terug te nemen? Zo nee, waarom niet?
De samenwerking met Marokko is van cruciaal belang om de situatie onder controle te brengen en te houden. Deze samenwerking is nauw. De Europese Commissie, Spanje en andere EU-lidstaten werken al nauw met Marokko samen om de grenzen effectief te bewaken. Ook heeft de Commissie aangeboden te ondersteunen bij het onder controle krijgen van de situatie. De Minister van Buitenlandse Zaken heeft op vrijdagochtend de noodzaak snel te acteren benadrukt bij de Marokkaanse Minister van Buitenlandse Zaken. Bovendien heeft Marokko constructief gehandeld en werkt het voortvarend mee aan de terugkeer van de migranten.
Deelt u de mening dat de voortdurende instroom van illegale en niet-gescreende migranten een ernstig veiligheidsrisico vormt voor Nederland? Zo nee, waarom niet?
Zie beantwoording van vraag 2. Het is niet mogelijk om zonder controle door te reizen vanuit Ceuta naar de rest van het Schengengebied. Met de nu gepleegde inzet lijkt het Schengengebied niet geschonden. Het is van belang dat Frontex het aantal mensen dat daadwerkelijk is teruggekeerd verifieert en ook de situatie aan de grens blijft monitoren en hierover rapporteert. Het kabinet zal daarom tijdens de informele JBZ-raad hier nadrukkelijk om vragen, en hier uw Kamer van op de hoogte stellen via het verslag van de informele JBZ-raad. Het is evident de Nederland haar eigen grenzen bewaakt. Mochten er in Nederland asielzoekers worden aangetroffen die zijn aangekomen in Ceuta, worden deze personen overgedragen aan Spanje conform de afspraken in de Asiel en Migratiebeheer Verordening (AMbV), zodat Nederland geen extra druk op ons asielstelsel krijgt door de situatie in Ceuta. De ervaring van de afgelopen jaren is dat Spanje dergelijke overdrachten altijd in lijn met de AMbV uitvoert.
Tegelijkertijd is het effectief beheren van de buitengrenzen en het screenen van personen die het grensgebied binnenkomen noodzakelijk voor de EU om te kunnen controleren en besluiten wie er het grensgebied binnenkomt.
Nederland blijft daarom ook steun toezeggen aan lidstaten die hulp nodig hebben om hun buitengrenzen te versterken. De EU moet in onderlinge solidariteit blijven investeren in het versterken van de buitengrenzen, het tegengaan van irreguliere migratie en de terugkeer van vertrekplichtige migranten. Effectief buitengrensbeheer, inclusief screening, door de volledige en consequente implementatie van de Schengengrenscode, is voor de EU noodzakelijk om te kunnen controleren en besluiten wie er de EU binnenkomt. Een stevige Schengengovernance, met een duidelijke toezichthoudende rol voor de Europese Commissie als hoeder van de Verdragen, is daarbij onmisbaar. Tegelijkertijd vraagt het ook, meer dan voorheen, dat lidstaten de aanbevelingen uit de Schengenevaluaties opvolgen om hun implementatie te versterken. Ook pleit het kabinet onverminderd voor het transparant maken en open bespreken van de tekortkomingen en het bespreken hiervan tijdens de Schengenraad. Dit draagt bij eraan bij dat lidstaten spoedig verbeterslagen maken en biedt de mogelijkheid voor lidstaten om waar nodig elkaar te kunnen ondersteunen.
Indien het antwoord op vraag 11 nee is, hoe beoordeelt u in dat licht de berichtgeving waarin een illegale migrant zegt al eerder door Nederland te zijn uitgezet om een gevangenisstraf van vijf jaar te ontlopen?4
Zie antwoord vraag 11.
Hoe beoordeelt u de uitspraken van de Spaanse Minister van Binnenlandse Zaken over de reden voor de plotselinge toestroom van migranten?5
De Spaanse Minister van Binnenlandse Zaken heeft gewezen op mogelijke rol van mensensmokkel. Het kabinet dringt erop aan dat goed onderzoek gedaan wordt naar de oorsprong van deze situatie en of mensensmokkel hier een specifieke rol heeft gehad
Deelt u de mening dat, gelet op deze gebeurtenissen, het Migratiepact niet werkt, omdat er nog steeds geen functionerende Europese grenscontrole is, illegale grensoverschrijdingen blijven plaatsvinden en er op dit moment niets geregeld is voor terugkeer?
Zie beantwoording op voorgaande vragen. De situatie zoals we vorige week zagen is onacceptabel, zeer onwenselijk en uitzonderlijk. Tegelijkertijd namen Spanje en Marokko de nodige stappen om de situatie weer onder controle te krijgen en zijn direct gestart met de organisatie van grootschalige terugkeer en het versterken van de buitengrens. Met de nu gepleegde inzet lijkt het Schengengebied niet geschonden. Het is van belang dat Frontex het aantal mensen dat daadwerkelijk is teruggekeerd verifieert en ook de situatie aan de grens blijft monitoren en hierover rapporteert.
In algemene zin is het van belang om irreguliere migratie richting de EU minder aantrekkelijk te maken en weerbaar te zijn als EU, dat er een sterk EU-intern asiel- en migratiesysteem staat en dat de EU effectief samenwerkt met landen buiten de EU. Het kabinet onderstreept daarom het belang van de volledige implementatie van het Asiel- en Migratiepact en de terugkeerverordening (zodra deze van kracht wordt), en het versterken en bestendigen van partnerschappen met landen buiten de EU. De langetermijnvisie van het kabinet is dat asielaanvragen buiten Europa kunnen worden ingediend en afgehandeld. Het kabinet zet zich daarom doorlopend in voor het verder brengen en operationaliseren van innovatieve oplossingen waaronder de terugkeerhub.
Bent u bereid om, gelet op de gebrekkige grenscontroles en inzet van de Spaanse regering om de situatie in Ceuta onder controle te krijgen, de Solidariteitbijdrage die voortvloeit uit het Migratiepact niet meer aan Spanje te betalen? Zo nee, waarom niet?
Zie de antwoorden op voorgaande vragen. Een dergelijke inzet is niet aan de orde.
Kunt u uiteenzetten welke instrumenten uit het Migratiepact in een situatie als deze daadwerkelijk in werking treden en op welke wijze deze bijdragen aan het beperken van irreguliere migratie?
Zoals hierboven aangegeven is Spanje gestart met de grootschalige terugkeer naar Marokko. Verder is het, zoals hierboven beschreven, niet zomaar mogelijk om vanuit Ceuta door te reizen in het Schengengebied, iedereen die wil doorreizen wordt gecontroleerd. Spanje heeft aangegeven dat geen van deze migranten is doorgereisd naar het verdere Schengengebied. Spanje moet deze inzet blijven continueren. Nederland zal bij de informele JBZ-raad daarom erop aandringen dat Spanje alles op alles blijft zetten om ook de nog niet teruggekeerde irreguliere migranten terug te laten keren naar Marokko en de buitengrens verder te versterken zodat er geen aanzuigende werking ontstaat voor anderen die ook irregulier naar Spanje willen komen. Met de nu gepleegde inzet lijkt het Schengengebied niet geschonden. Het is van belang dat Frontex het aantal mensen dat daadwerkelijk is teruggekeerd verifieert en ook de situatie aan de grens blijft monitoren en hierover rapporteert. Het kabinet zal daarom tijdens de informele JBZ-raad hier nadrukkelijk om vragen, en hier uw Kamer van op de hoogte stellen via het verslag van de informele JBZ-raad.
Welke gevolgen heeft deze situatie volgens u voor de geloofwaardigheid en uitvoerbaarheid van het Migratiepact?
Zoals hierboven aangegeven is Spanje gestart met de grootschalige terugkeer naar Marokko. Verder is het, zoals hierboven beschreven, niet zomaar mogelijk om vanuit Ceuta door te reizen in het Schengengebied, iedereen die wil doorreizen wordt gecontroleerd. Spanje heeft aangegeven dat geen van deze migranten is doorgereisd naar het verdere Schengengebied. Spanje moet deze inzet blijven continueren. Nederland zal bij de informele JBZ-raad daarom erop aandringen dat Spanje alles op alles blijft zetten om ook de nog niet teruggekeerde irreguliere migranten terug te laten keren naar Marokko en de buitengrens verder te versterken zodat er geen aanzuigende werking ontstaat voor anderen die ook irregulier naar Spanje willen komen. Met de nu gepleegde inzet lijkt het Schengengebied niet geschonden. Het is van belang dat Frontex het aantal mensen dat daadwerkelijk is teruggekeerd verifieert en ook de situatie aan de grens blijft monitoren en hierover rapporteert. Het blijft van belang dat alle EU-lidstaten dit instrumentarium volledig implementeren. Daar roept Nederland consequent toe op, zo ook in het in EU-verband ingelaste crisisberaad van afgelopen weekend.
Het bericht: ‘Trump administration probes UNRWA over alleged employment of 1,500 terrorists’ |
|
Annelotte Lammers (PVV) |
|
Sjoerd Sjoerdsma (D66) |
|
|
|
|
Bent u bekend met de berichtgeving dat de regering-Trump een onderzoek is gestart naar de United Nations Relief and Works Agency for Palestine Refugees (UNRWA) vanwege beschuldigingen dat duizenden medewerkers banden zouden hebben met terroristische organisaties, zoals Hamas?
Ja.
Hoe beoordeelt u deze nieuwe beschuldigingen tegen UNRWA?
Op het moment van schrijven is het onderzoek van de VS nog gaande en is er nog geen rapport gepubliceerd. Ik wil dan ook niet vooruitlopen op de uitkomsten van het onderzoek. Navraag bij UNRWA levert op dat vooralsnog geen informatie is gedeeld over dit lopende onderzoek jegens de UNRWA-medewerkers. UNRWA heeft daartoe wel verschillende verzoeken gedaan, zodat waar nodig reactie kan worden gegeven en/of actie ondernomen kan worden.
Deelt u de opvatting dat ook de schijn dat Nederlands belastinggeld direct of indirect terechtkomt bij personen met banden met terroristische organisaties volstrekt onacceptabel is?
Zoals aangegeven in mijn brief aan uw Kamer van 30 maart jl.1 benadrukt het kabinet de strikte voorwaarde dat publieke middelen onder geen enkel beding aangewend mogen worden voor directe of indirecte ondersteuning van terroristische groeperingen.
Welke garanties kunt u geven dat geen enkele euro Nederlands belastinggeld via UNRWA terechtkomt bij personen of organisaties die betrokken zijn bij terrorisme of terrorisme ondersteunen?
Het kabinet wil onder geen enkel beding dat publieke middelen aangewend worden voor directe of indirecte ondersteuning van terroristische groeperingen zoals Hamas. Berichtgevingen over potentiële banden van UNRWA met Hamas en mogelijke betrokkenheid van enkele individuele UNRWA-medewerkers bij de aanslagen van 7 oktober worden derhalve steeds serieus bekeken. Internationale, onafhankelijke onderzoeken tonen aan dat er tot op heden onvoldoende bewijs is geleverd ten aanzien van banden tussen UNRWA en Hamas. Uit het onafhankelijk onderzoek van Office of Internal Oversight Services (OIOS) naar mogelijke betrokkenheid van individuele UNRWA-medewerkers blijkt eveneens dat er onvoldoende bewijs was en het beschikbare bewijs niet kon worden geverifieerd. UNRWA heeft robuuste systemen ontwikkeld om eventuele misstanden te signaleren en gepaste actie te ondernemen, zoals de organisatie in het verleden ook heeft laten zien. Verder heeft UNRWA aangegeven alle aanbevelingen op te volgen uit het Colonna-rapport2 over de neutraliteit van de organisatie. Tot dusverre heeft UNRWA meer dan de helft van deze aanbevelingen geïmplementeerd en wordt voortgang geboekt op de overige aanbevelingen. Daarnaast neemt Nederland deel aan de werkgroep over neutraliteit en integriteit. Deze groep ziet nauw toe op de implementatie van de aanbevelingen.
Bent u bereid alle Nederlandse financiële bijdragen aan UNRWA onmiddellijk op te schorten? Zo nee, waarom niet?
Nederland blijft het door de Algemene Vergadering van de VN verleende mandaat van UNRWA steunen. De organisatie biedt belangrijke basisdiensten conform dit mandaat, zoals gezondheidszorg en onderwijs, aan Palestijnse vluchtelingen in de regio, inclusief Libanon, Jordanië en Syrië. Op deze manier draagt UNRWA bij aan de stabiliteit in een onrustige regio. Verder is UNRWA essentieel in het bieden van humanitaire hulp in zowel Gaza als Libanon.
Hoeveel Nederlands belastinggeld is sinds 7 oktober 2023 aan UNRWA verstrekt of toegezegd?
In totaal heeft Nederland in de periode sinds 7 oktober 2023 tot nu 63 miljoen euro bijgedragen aan UNRWA. Na 7 oktober heeft Nederland in 2023 een extra 18 miljoen euro bijgedragen gezien de hoge noden in de regio. In 2024, 2025 en 2026 heeft Nederland de jaarlijkse bijdrage aan UNRWA overgemaakt, waarvan 2025 en 2026 conform amendement Stoffer/Eerdmans3.
Welke concrete controles voert Nederland uit om te voorkomen dat Nederlands belastinggeld indirect ten goede komt aan terroristische organisaties?
Nederland werkt samen met professionele en betrouwbare maatschappelijke organisaties, die beleid en gedegen procedures hebben om risico’s van malversaties te verkleinen, en die adequaat optreden in geval van zowel aantijgingen als bewezen malversaties.
Besluiten om bepaalde organisaties te financieren worden altijd zorgvuldig genomen, waarbij het voltooien van een Organisational Risk and Integrity Assessment (ORIA) essentieel is. Deze assessment toetst onder andere op governance-structuren en de integriteit van organisaties. Organisaties met wie Nederland samenwerkt doen bovendien controle en screening van alle medewerkers (zowel nationale als internationale staf) en partners aan de hand van o.a. de sanctielijsten van de VN, EU en nationale instanties. Daarnaast worden afspraken gemaakt over tussentijdse monitoring, (onafhankelijke) evaluatie en audits van activiteiten met Nederlandse steun. Indien uit het toezicht blijkt dat er mogelijk sprake is van fraude, verduistering of andere malversaties, zal het ministerie daartegen optreden.
Ook is Nederland lid van de verschillende bestuursorganen van VN-organisaties, waarbij wordt toegezien op het effectief functioneren van de organisaties.
Eveneens bestaat het Multilateral Organisation Performance Assessment Network (MOPAN), waar Nederland ook lid van is en in 2025 voorzitter van was. Dit netwerk ziet toe op de effectiviteit, transparantie en resultaten van multilaterale organisaties, zoals de VN en de Wereldbank, middels onafhankelijke doorlichtingen.
Bent u bereid toekomstige Nederlandse bijdragen aan UNRWA definitief af te schaffen indien de ernstige beschuldigingen (gedeeltelijk) worden bevestigd? Zo nee, waarom niet?
Zoals aangegeven in mijn brief aan uw Kamer van 30 maart jl.4 benadrukt het kabinet de strikte voorwaarde dat publieke middelen onder geen enkel beding aangewend mogen worden voor directe of indirecte ondersteuning van terroristische groeperingen. Indien hier sprake van zou zijn dan wordt steun heroverwogen. Het kabinet neemt de risico's op onbedoelde financiering altijd serieus en Nederland zal, samen met andere donoren, scherp blijven toezien op de integriteit van de hulpverlening, ook in de toekomst.
Bent u bereid zich er in Europees- en internationaal verband voor in te zetten dat geen belastinggeld meer terechtkomt bij organisaties waarvan de neutraliteit ernstig ter discussie staat? Zo nee, waarom niet?
Nederland is voortdurend in contact met partners en andere lidstaten om te blijven toezien op de integriteit en neutraliteit van de hulpverlening.
Beschikt u of het kabinet over aanwijzingen dat sinds 7 oktober 2023 Nederlands overheidsgeld, direct of indirect, terecht is gekomen bij Hamas of aan Hamas gelieerde personen of organisaties, dan wel dat door Nederland gefinancierde humanitaire- of ontwikkelingshulp door Hamas is verduisterd, omgeleid of in beslag genomen? Zo ja, om welke bedragen, gevallen en maatregelen gaat het? Zo nee, op basis van welke informatie concludeert het kabinet dat hiervan geen sprake is?
Na de gebeurtenissen op 7 oktober 2023 zijn de due diligence-processen die ervoor moeten waken dat geld niet (in)direct ten goede komt van terroristische organisaties tegen het licht gehouden. Daaruit bleek dat er geen signalen zijn dat geld voor Nederlandse en EU-ontwikkelingshulp voor de Palestijnse gebieden terecht is gekomen bij onbedoelde bestemmingen en dat de processen op orde zijn, zoals gesteld in de brief die met de kamer op 11 oktober 2023 gedeeld is.5
Kunt u deze vragen afzonderlijk en zo spoedig mogelijk beantwoorden?
Ja.
Het bericht ‘Zweden krijgt omstreden wet voor snellere uitzetting overlastgevende migranten’ |
|
Annelotte Lammers (PVV) |
|
Bart van den Brink (CDA) |
|
|
|
|
Bent u bekend met het bericht dat het Zweedse parlement op maandag 15 juni 2026 heeft ingestemd met de zogenoemde «goed-gedragwet», op grond waarvan autoriteiten verblijfsvergunningen kunnen intrekken wegens wangedrag?1
Ja. Ik ben bekend met het bericht over de Zweedse regeling waarbij het gedrag of de levenswijze van vreemdelingen zwaarder kan worden betrokken bij de beoordeling van verblijfsvergunningen.
Bent u het eens met de stelling dat dit een goed en voorbeeldwaardig voorstel is? Zo nee, waarom niet?
Het kabinet volgt ontwikkelingen in andere landen, maar ziet in de Zweedse regeling geen aanleiding om in Nederland een algemene gedragstoets of levenswijzetoets in te voeren. Nederland beschikt reeds over instrumenten om in vreemdelingrechtelijke context opvolging te geven aan criminaliteit, ernstige overlast, fraude, misbruik en risico’s voor de nationale veiligheid. Een brede toets op levenswijze, schulden of algemene normnaleving past niet goed binnen de Nederlandse verblijfsrechtelijke systematiek. Van belang is bovendien dat de Zweedse regeling niet ziet op alle verblijfsrechten. Zover thans bekend ziet de regeling enkel op nationale verblijfsvergunningen; EU-gerelateerde verblijfsrechten en verblijfsrechten die voortvloeien uit internationale verplichtingen, waaronder asielvergunningen, vallen daarbuiten. De reikwijdte is daarmee beperkter dan in de vraagstelling wordt gesuggereerd.
Deelt u de opvatting dat vreemdelingen die zich misdragen, schulden veroorzaken, zwart werken, belasting ontduiken of banden onderhouden met extremistische organisaties hun verblijfsrecht in geen geval mogen behouden? Zo nee, waarom niet?
Iedereen die zich in Nederland bevindt moet zich aan de wet houden. Wanneer een vreemdeling onherroepelijk is veroordeeld voor een misdrijf, kan dat reden zijn om de verblijfsvergunning in te trekken.
Ik verwijs verder naar mijn brief van 9 juni jl., waarin ik heb aangekondigd om het beleid inzake de zogenoemde «glijdende schaal» aan te passen.2
De Zweedse regeling lijkt slechts op één punt aanvullend te zijn op de Nederlandse systematiek: bij specifiek nationale verblijfsvergunningen zouden ook niet-strafrechtelijke gedragingen, zoals structurele schulden, oneerlijke inkomstenverwerving of het niet naleven van besluiten van autoriteiten, explicieter kunnen meewegen bij de verblijfsbeoordeling. Ook in die gevallen geldt in Zweden echter geen automatische verblijfsbeëindiging.
In Nederland bestaat geen algemene levenswijzetoets, maar is een onherroepelijke veroordeling wegens een misdrijf het aanknopingspunt voor verblijfsbeëindiging. Voor EU-gerelateerde verblijfsrechten en internationale bescherming gelden bovendien dwingende EU-kaders en verdragsverplichtingen. Louter «schulden» of algemene normnaleving kwalificeren in dat kader niet als zelfstandige grond voor beëindiging van verblijf. Het kabinet acht een algemene levenswijzetoets naar Zweeds voorbeeld, wat aanzienlijk subjectiever is dan de Nederlandse toets op openbare orde, daarom niet aangewezen.
Kunt u exact uiteenzetten op welke punten deze Zweedse wet verder gaat dan de huidige Nederlandse wet- en regelgeving en daarbij per onderdeel aangeven waarom Nederland op dit punt achterblijft?
Zie antwoord vraag 3.
Kunt u aangeven waarom landen als België, Duitsland en Zweden veel verdergaande maatregelen kunnen nemen, terwijl de partijleider van het CDA, de heer Bontebal, stelt: «Je kunt niet veel meer doen dan wij als Nederland nu hebben gedaan»?
Vergelijkingen met België, Duitsland, Zweden of andere EU-landen moeten zorgvuldig worden gemaakt. Nationale stelsels verschillen en maatregelen die in een ander land worden getroffen kunnen niet zonder meer worden overgenomen in de Nederlandse rechtsorde. Het kabinet herkent daarenboven niet dat andere EU-landen op relevante onderdelen verder gaan als het gaat om het weigeren of intrekken van verblijfsrecht. Nederland beschikt onder meer over mogelijkheden tot afwijzing en intrekking van verblijfsrecht, ongewenstverklaring en het opleggen van een besluit tot signalering of een inreisverbod, met inachtneming van EU-recht en internationale verplichtingen.
Kunt u aangeven hoeveel vreemdelingen in Nederland onder een regeling naar Zweeds voorbeeld zouden vallen, uitgesplitst naar lopende vergunningsaanvragen en reeds verleende verblijfsvergunningen?
Nee, dit is niet mogelijk. Als aangegeven geldt de betreffende levenswijzetoets enkel voor specifiek nationale Zweedse verblijfsvergunningen en is daarnaast altijd sprake van een individuele weging. Zie ook de beantwoording bij vraag 5.
De Nederlandse registratie is ingericht op bestaande Nederlandse wettelijke gronden, zoals openbare orde, nationale veiligheid, fraude, misbruik en het niet voldoen aan verblijfsvoorwaarden. Er wordt niet geregistreerd op een categorie als «levenswijze».
Indien exacte cijfers ontbreken, kunt u dan een onderbouwde inschatting geven en toelichten waarom deze cijfers niet beschikbaar zijn?
Zie antwoord vraag 6.
Welke reden heeft u om een vergelijkbaar wetsvoorstel niet op de kortst mogelijke termijn naar de Kamer te sturen?
Ik verwijs u hiervoor naar het antwoord op vraag 2 en de verdere uiteenzettingen in deze vragenset.
Het bericht ‘Politie vertelt waarom zo lang is gewacht met tonen video van schokkende aanval in Albert Heijn’ |
|
Annelotte Lammers (PVV) |
|
David van Weel (VVD) |
|
|
|
|
Bent u bekend met de brute mishandeling van een 19-jarige jongen door Syrische terreurgroepen in de Albert Heijn Groningen op 21 januari 2026, waarbij circa tien mannen hem achtervolgden, tegen de grond werkten en bleven schoppen en slaan, ook nadat hij bewusteloos was?1
Ja.
Waarom heeft de politie de herkenbare beelden van de daders pas na een half jaar vrijgegeven via Opsporing Verzocht, terwijl twee verdachten al vroeg waren aangehouden en de overige daders maandenlang vrij rondliepen?
Deelt u de mening dat deze onacceptabele vertraging de daders de kans heeft gegeven om te vluchten of opnieuw geweld te plegen, en dat een directe publicatie van de beelden veel eerder tot arrestaties had geleid?
Waarom weigert de politie standaard bij geweld direct herkenbare beelden openbaar te maken, in plaats van de privacy van gewelddadige daders boven de veiligheid van burgers en winkelpersoneel te stellen?
Deelt u de mening dat beelden van geweldsincidenten onmiddellijk, het liefst dezelfde dag nog, vrijgegeven moeten worden?
Bent u bereid dit naar de politie te communiceren?
Wat gaat u doen tegen de groep Syriërs die al jaren Groningen en andere steden terroriseert?
Ik heb met afschuw kennisgenomen van deze mishandeling. Het veroorzaken van overlast en het plegen van strafbare feiten zijn onacceptabel. Voor het kabinet is het belangrijk dat het gevoel van veiligheid op straat blijft bestaan. Het is aan het bevoegd gezag om daarvoor zorg te dragen, en ik zet mij ten volle in om het daartoe in staat te stellen.
Bent u bereid om ongenadig hard op te treden tegen deze mensen, in plaats van de in het verleden opgelegde gebiedsverboden? Zo ja, waar laat u dat uit blijken?
Zie antwoord vraag 7.
Deelt u de mening dat Syriërs in Syrië horen, helemaal nu, gezien het feit dat Syrië veilig is, en dat zij terug moeten naar hun eigen land in plaats van de veiligheid van Nederlanders te verzieken?
Tegen crimineel en overlast gevend gedrag moet altijd worden opgetreden, ongeacht de achtergrond van de daders.
Hoeveel Syriërs heeft u reeds begeleid naar de terugkeervliegtuigen in de eerste 100 dagen van dit kabinet?
Bent u bekend met het bericht dat inwoners van Loosdrecht zich door de komst van een asielzoekerscentrum (azc) voor alleenstaande mannelijke asielzoekers diep verdeeld voelen en als racisten worden weggezet?1
Ja.
Heeft u begrip voor de terechte woede en veiligheidszorgen van inwoners, met name vrouwen en gezinnen, over de komst van 70 alleenstaande mannelijke vreemdelingen op een locatie waar kinderen spelen en langsfietsen? Zo ja, waaruit blijkt dat concreet, of laat u hen totaal aan hun lot over?
Ik heb begrip voor de zorgen en gevoelens die inwoners van de gemeente Wijdemeren hebben over de komst van de noodopvanglocatie in Loosdrecht. Het is belangrijk dat inwoners deze zorgen ook kunnen uiten en worden gehoord. Daarom vinden er voorafgaand aan de opening van een locatie inspraakavonden plaats in de betreffende gemeenten en worden er maatregelen getroffen op het gebied van veiligheid, zoals dat altijd gebeurt alvorens nieuwe locaties opengaan. Dit heeft ook plaatsgevonden in Loosdrecht. Uitingen van geweld zijn op geen enkele manier acceptabel.
Klopt het dat bewoners pas enkele dagen van tevoren zijn geïnformeerd over het azc in het voormalige gemeentehuis, zonder veiligheidsplan en zonder enige inspraak?
Het is juist dat de omwonenden enkele dagen van tevoren zijn geïnformeerd. Er hebben inloopavonden plaatsgevonden waarbij de opbrengst van de inloopavonden is gebruikt om het veiligheidsplan verder vorm te geven. Het klopt dan ook niet dat er geen veiligheidsplan voorhanden was. Ook na de inloopavonden zijn er op diverse moment gesprekken gevoerd met omwonenden.
Is dit de toekomstige blauwdruk van uw asielbeleid: de zelf veroorzaakte asielcrisis afwentelen op kleine Nederlandse dorpen als Loosdrecht omdat u weigert de instroom te stoppen?
Ik herken het geschetste beeld over het soort asielbeleid dat het kabinet nastreeft niet. Het kabinet zet zich op verschillende manieren in om de instroom te beperken. Zo wordt uitvoering gegeven aan de Wet Tweestatusstelsel zoals deze is aangenomen in de Eerste Kamer. Daarnaast wordt uitvoering gegeven aan het Europese Migratiepact dat op 12 juni in werking is getreden. Hierin zijn verschillende instroombeperkende maatregelen opgenomen die de instroom van asielzoekers naar Nederland moet verminderen. Daarnaast wordt ook de Spreidingswet in stand gehouden en wordt het interbestuurlijk toezicht uitgevoerd. Van gemeente wordt verwacht dat zij opvang realiseren.
Wat vindt u ervan dat in Loosdrecht op 18 maart 2026 geen gemeenteraadsverkiezingen zijn gehouden, er dus geen democratisch mandaat ligt en onder leiding van een waarnemend VVD-burgemeester desondanks een azc wordt doorgedrukt tegen de wil van een groot deel van de inwoners?
Ik neem afstand van de wijze waarop u de burgemeester van Wijdemeren kwalificeert. Deze burgemeester heeft samen met het college van burgemeester en wethouders en met steun van de gemeenteraad invulling gegeven aan mijn verzoek om voor het acute tekort aan opvangplekken opvangplekken te realiseren. Ik ben de gemeente Wijdemeren daar zeer erkentelijk voor.
Mede op grond van de Wet algemene regels herindeling blijven de gemeenteraadsleden en het college van Wijdemeren volledig in functie tot de officiële fusiedatum met de gemeente Hilversum op 1 januari 2027. Tot 1 januari 2027 beschikt het college van burgemeester en wethouders van Wijdemeren derhalve over een volwaardig democratisch mandaat op basis van de gemeenteraadsverkiezingen van 16 maart 2022. Het college van burgemeester en wethouders van Wijdemeren heeft op basis van de wettelijke taken en bevoegdheden het besluit inzake de opvang van asielzoekers genomen en heeft daarover democratische verantwoording afgelegd aan de gemeenteraad.
Bent u bekend met de uitspraken van de waarnemend burgemeester, ter rechtvaardiging van zijn besluit, dat «er een crisis is» en dat «als we niet uitkijken, er weer mensen op het gras in Ter Apel of in sporthallen moeten slapen»?
Ik ben bekend met deze uitspraken. Op dit moment is de situatie in de asielopvang, dat het COA heeft moeten overgaan tot gecontroleerde toegang in Ter Apel. Op dit moment wachten mensen op het gras in Ter Apel tot er een opvangplek bij het COA beschikbaar is. Voor de korte termijn is er echter met spoed noodopvang nodig. Gemeenten die dit afgelopen periode hebben gerealiseerd ben ik dankbaar gezien de nijpende situatie.
Vindt u dat de belangen van alleenstaande mannelijke asielzoekers zwaarder wegen dan de veiligheid, rust en leefbaarheid van Nederlandse vrouwen, kinderen en gezinnen in Loosdrecht?
Ik hecht belang aan zowel de veiligheid en leefbaarheid van de inwoners van Loosdrecht als de veilige en leefbare opvang van asielzoekers. Dat dit een tegenstelling zou zijn, herken ik niet.
Bent u het eens met de stelling dat hieruit blijkt dat er sprake is van systematische benadeling van Nederlanders en bevoordeling van vreemdelingen?
Nee.
Heeft u de beelden gezien van het politieoptreden tegen demonstrerende inwoners?
Ja.
Bent u het eens met de stelling dat optreden tegen gewelddadige demonstranten noodzakelijk is, maar dat bruut politieoptreden tegen vreedzame, onschuldige inwoners met terechte zorgen niet bij onze rechtsstaat past? Zo nee, waarom niet?
Demonstreren is een grondrecht. Intimidatie of bedreiging van lokaal bestuur of gezag en vernieling is nooit acceptabel. Hier spreek ik me met klem tegen uit en als kabinet staan we vierkant achter lokaal bestuur en politie als zij optreden tegen intimidatie, geweld en vernieling.
Hoe verklaart u de dubbele maat waarbij honderden klimaatactivisten de A12 mogen blokkeren, door de politie worden begeleid en zonder enige straf wegkomen, terwijl demonstraties van bezorgde burgers in Loosdrecht worden neergeslagen en zij binnen enkele dagen worden veroordeeld?
Demonstreren is een grondrecht, maar dient te gebeuren binnen de grenzen van de wet. Wanneer er sprake is van geweld, intimidatie en bedreigingen dan wel andere overtredingen van de wet wordt er lokaal ingegrepen. Op dat moment wordt door het lokaal gezag bepaald wat de passende manier van handelen is. De inhoud van de boodschap speelt hierbij geen rol.
Bent u bereid de burgemeester tot de orde te roepen wegens het disproportionele politiegeweld, zelf in te grijpen en een streep te zetten door het azc? Zo nee, waarom niet?
De burgemeester heeft het gezag over de politie bij de inzet voor het handhaven van de openbare orde. De burgemeester legt verantwoording af aan de gemeenteraad over de uitoefening van zijn gezag. Ik treed hier niet in. Als kabinet steunen wij het lokale bestuur.
Ten aanzien van de stelling dat er disproportioneel geweld door de politie is gebruikt willen wij opmerken dat de ongeregeldheden in Loosdrecht werden gekenmerkt door geweld tégen de politie. Dat is onacceptabel. Daarnaast merk ik op dat de politie geweld als uiterste redmiddel gebruikt en dat gebruik van geweld door de politie altijd wordt getoetst.
Kunt u deze vragen zo spoedig mogelijk beantwoorden, doch ten minste ruim vóór de geplande komst van het azc?
Ik heb deze vragen zo spoedig mogelijk beantwoord.
Het bericht ‘Waakhond fileert Haagse ontkenning: ’Hamas had wel degelijk vinger in de pap bij hulporganisaties’ |
|
Gidi Markuszower (PVV), Annelotte Lammers (PVV) |
|
Sjoerd Sjoerdsma (D66) |
|
|
|
|
Bent u bekend met het rapport van NGO Monitor, «Analysis: How the Dutch Government is Evading Accountability for its Humanitarian Assistance Funding»?1, 2
Ja.
Welke maatregelen heeft het kabinet genomen, gelet op het jaarverslag van 2016 van het Palestinian Centre for Human Rights (PCHR), dat datzelfde jaar Nederlandse overheidsfinanciering ontving en waarin werd gesteld dat in Gaza «internationale organisaties werden lastiggevallen door het Ministerie van Binnenlandse Zaken (Hamas)», organisaties «vaak concessies deden om hun werk te kunnen voortzetten», een «verbod gold op onderzoeksactiviteiten zonder toestemming van het ministerie» en dossiers «zonder wettelijke grondslag werden gecontroleerd», om te voorkomen dat door Nederland gefinancierde organisaties concessies doen aan Hamas of afhankelijk worden van goedkeuring door Hamas-ministeries?
Het kabinet heeft reeds aan uw Kamer toegelicht (Kamerstukken 2026Z03619 en 2026Z03619) dat besluiten om bepaalde organisaties te financieren altijd zorgvuldig worden genomen, waarbij het voltooien van een Organisational Risk and Integrity Assessment (ORIA) essentieel is. Deze assessment toetst onder andere op governance-structuren en de integriteit van organisaties. Vraagstukken over due dilligence worden ook meegenomen in beoordelingsmemoranda, bijvoorbeeld in de risicoanalyse en intergriteitsbeoordeling. Het beoordelingsmemorandum kan niet worden geaccordeerd zonder een geldige ORIA. Daarnaast worden afspraken gemaakt over tussentijdse monitoring, (onafhankelijke) evaluaties en audits van activiteiten met Nederlandse steun. Als uit het toezicht blijkt dat er mogelijk sprake is van fraude, verduistering of andersoortige malversaties, dan treedt het ministerie daartegenop. Organisaties waar Nederland mee samenwerkt doen bovendien controle en screening van alle medewerkers (zowel nationale als internationale staf) en partners aan de hand van o.a. de sanctielijsten van de VN, EU en nationale instanties.
Het kabinet heeft daarnaast vertrouwen in de neutraliteit en onafhankelijkheid van het werk van partnerorganisaties waar Nederland mee werkt. Dit zijn professionele organisaties met een bewezen goede staat van dienst, óók in buitengewoon moeilijke omstandigheden, zoals die als Gaza, waar risico’s nooit volledig uit te bannen zijn. Direct na 7 oktober 2023 heeft een doorlichting van de Nederlandse en EU-ontwikkelingssamenwerking voor de Palestijnse Gebieden plaatsgevonden. Hieruit is gebleken dat de due diligence-processen op orde zijn; deze processen moeten ervoor moeten zorgen dat geld niet (in)direct ten goede komt aan terroristische organisaties. Dat geldt ook voor de genoemde organisaties in het NGO Monitor rapport. Ook zijn er geen signalen naar voren gekomen dat Nederlands of Europees geld terecht is gekomen bij onbedoelde bestemmingen. Bij elke subsidieaanvraag wordt er opnieuw op toegezien dat deze due diligence-processen (nog steeds) op orde zijn.
Kunt u gedetailleerd beschrijven welke due diligence-procedures momenteel gelden om te waarborgen dat door de Nederlandse overheid gefinancierde projecten en NGO’s niet, direct of indirect, worden misbruikt door terroristische organisaties?
Zie antwoord vraag 2.
Is het kabinet, gelet op het rapport van NGO Monitor waarin wordt gewezen op infiltratie van Hamas in het Ministerie van Sociale Ontwikkeling (MoSD) in Gaza, bereid toekomstige financiering, inclusief via aangepaste contractvoorwaarden, afhankelijk te maken van het uitsluiten van het MoSD uit de uitvoering van projecten, waaronder het verstrekken van begunstigdenlijsten voor financiële steun? Zo nee, waarom niet?
Nee, zie het antwoord op vraag 2 en 3
Was het kabinet ervan op de hoogte dat Oxfam Novib, lid van de door Nederland gefinancierde Dutch Relief Alliance (DRA), nog steeds samenwerkt met de Union of Agricultural Work Committees (UAWC), een organisatie waarvan Nederland de financiering eerder stopzette na een audit waaruit bleek dat 34 medewerkers banden hadden met de terroristische organisatie PFLP, waaronder 12 in leidinggevende posities, en dat Nederlands geld werd gebruikt voor salarissen van twee medewerkers die betrokken waren bij de moord op Rina Shnerb in 2019?
Ja, het kabinet is hiervan op de hoogte. Het staat Oxfam Novib vrij om samen te werken met andere organisaties.
Uw Kamer is in 2022 uitgebreid geïnformeerd over de uitkomsten en kabinetsreactie op extern onderzoek naar UAWC (Kamerstuk 23 432, nr. 486). Uit dit onderzoek is gebleken dat er geen aanwijzingen zijn dat er financiële stromen bestaan tussen UAWC en de PFLP, en evenmin kon worden geconstateerd dat sprake is van een organisatorische eenheid tussen UAWC en PFLP, dan wel aansturing van UAWC door de PFLP. Daarnaast is er geen bewijs gevonden dat suggereert dat stafleden van UAWC of bestuursleden hun positie bij UAWC gebruikt hebben voor terroristische activiteiten of om terroristische activiteiten te steunen.
Acht het kabinet het acceptabel dat Oxfam Novib nog steeds samenwerkt met UAWC? Zo ja, waarom?
Zie antwoord vraag 5.
Indien het kabinet dit onacceptabel acht, welke gevolgen heeft dit voor de financiering van Oxfam Novib en voor organisaties binnen de Dutch Relief Alliance?
Zie antwoord op vraag 5 en 6.
Op 17 maart 2026 stelde u dat het kabinet vertrouwen heeft in de neutraliteit en onafhankelijkheid van partnerorganisaties, blijft u bij dit standpunt in het licht van de bovenstaande informatie? Zo ja, waarom?
Ja. Zie antwoord op vraag 2, 3, 5 en 6.
Bent u het, gelet op bovenstaande informatie, eens met de stelling dat het onjuist is dat «geen aanwijzingen bestaan dat Nederlandse of Europese middelen bij onbedoelde bestemmingen zijn terechtgekomen»? Zo nee, waarom niet?
Nee. Zie het antwoord op vraag 2 en 3.
Bent u bereid alle steun aan organisaties waar Hamas direct of indirect zeggenschap over heeft of op enige andere wijze invloed uitoefent, op te schorten?
Dit is hier niet aan de orde. Zie het antwoord op vraag 2 en 3.
Verschillen in strafmaat en kwalificatie bij zaken van bekladding van religieuze instellingen |
|
Shanna Schilder (PVV), Gidi Markuszower (PVV), Annelotte Lammers (PVV) |
|
David van Weel (VVD) |
|
|
|
|
Heeft u kennisgenomen van recente berichtgeving, onder meer van het Centrum Informatie en Documentatie Israël (CIDI), over een uitspraak in een strafzaak rond bekladding van een Joodse instelling1 en hoe verhoudt deze zich tot een eerdere uitspraak uit 2024 waarbij voor een vergelijkbaar feit tegen een moskee celstraffen zijn opgelegd?2
Ja, ik ben bekend met deze berichten. Ik treed niet in de beoordeling van rechterlijke uitspraken. Wel kan ik toelichten dat strafrechters in elke zaak zelfstandig beoordelen of sprake is van een strafbaar feit, welke juridische kwalificatie daaraan wordt gegeven en welke straf passend en geboden is, mede op basis van de specifieke feiten en omstandigheden van het geval, waaronder eventueel een discriminatoir motief. Het is daarbij niet ongebruikelijk dat zaken die op het eerste gezicht vergelijkbaar lijken, juridisch verschillend worden beoordeeld, omdat de bewijsvoering, de context van het delict en de omstandigheden van het geval kunnen verschillen.
Begrijpt u dat het niet erkennen van een antisemitisch motief in dit soort zaken door de Joodse gemeenschap kan worden ervaren als een gebrek aan erkenning van de ernst van antisemitisme?
Ik begrijp dat beslissingen in strafzaken in de samenleving en in specifieke gemeenschappen verschillend kunnen worden ervaren en emoties kunnen oproepen, zeker bij feiten die raken aan discriminatie. Tegelijkertijd is het aan de strafrechter om vast te stellen of een discriminatoir aspect kan worden bewezen. Die juridische toets kan niet worden vervangen door de maatschappelijke beleving van een feit, hoe invoelbaar die beleving ook kan zijn.
Hoe vaak wordt in dit soort zaken uiteindelijk juridisch vastgesteld dat sprake is van antisemitisme en hoe vaak niet? Kunt u concrete cijfers geven?
In het rapport Strafbare Discriminatie in Beeld 2025 van het OM is antisemitisme 93 keer geregistreerd als discriminatiegrond. Dit betreft 8% van het totaal aantal geregistreerde discriminatiegronden in dat jaar. In 2024 betrof dit 69 registraties, oftewel 11% van het totaal aantal geregistreerde discriminatiegronden in dat jaar.
Deelt u de mening dat het niet vaststellen van een antisemitisch oogmerk in gevallen waarin dat door betrokkenen en de maatschappij in zijn geheel wel zo wordt ervaren juist bijdraagt aan het toenemende antisemitisme in Nederland?
Ik deel die mening niet. Het strafrecht is gericht op het vaststellen van individuele strafbare feiten. Het al dan niet kunnen bewijzen van een discriminatoir aspect in een concrete strafzaak betekent niet dat het onderliggende feit daarmee wordt gebagatelliseerd of niet als ernstig wordt erkend. Daarnaast denk ik niet dat het in een strafzaak niet kunnen vaststellen van een antisemitisch aspect op zichzelf bijdraagt aan het toenemend antisemitisme in de samenleving.
Deelt u de mening dat antisemitisme als motief bij strafbare feiten explicieter en zwaarder meegewogen moet worden in de strafmaat? Zo nee, waarom niet?
Het huidige strafrechtelijke kader biedt al uitdrukkelijk de mogelijkheid om een discriminatoir aspect, waaronder antisemitisme, zwaar te laten meewegen bij vaststelling van de strafmaat.
Gedragingen met een discriminatoir karakter zijn strafbaar gesteld in de artikelen 137c tot en met 137g van het Wetboek van Strafrecht. Daarnaast kan een discriminatoir aspect worden aangemerkt als strafverzwarende omstandigheid bij bepaling van de straf. Met ingang van 1 juli 2025 is een algemene wettelijke strafverzwaringsgrond geïntroduceerd (artikel 44bis Wetboek van Strafrecht). Deze bepaling regelt dat de rechter de op te leggen straf met één derde kan verhogen indien een strafbaar feit (bijvoorbeeld een mishandeling of vernieling) is gepleegd met een discriminatoir aspect.
Hoe duidt u de verschillen in strafmaat en kwalificatie in het licht van het gelijkheidsbeginsel en het uitgangspunt van rechtsgelijkheid?
Het gelijkheidsbeginsel houdt in dat gelijke gevallen gelijk moeten worden behandeld. In het strafrecht betekent dit echter niet dat zaken die in eerste opzicht vergelijkbaar lijken, automatisch tot dezelfde uitkomst moeten leiden. De strafrechter beoordeelt per zaak afzonderlijk de concrete feiten en omstandigheden, de bewijslast, de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte. Verschillen in strafmaat of kwalificatie kunnen daarom gerechtvaardigd zijn wanneer deze verschillen berusten op relevante verschillen in bewijs, context of juridische beoordeling.
In hoeverre wordt bij incidenten zoals bekladding van Joodse instellingen standaard onderzocht of sprake is van een antisemitisch motief en welke factoren zijn hierbij van belang bij de overweging van de rechter voor het aannemen van een antisemitisch oogmerk? Bent u bereid in overleg met het Openbaar Ministerie en de rechtspraak te bezien of nadere richtlijnen of verduidelijkingen nodig zijn om meer consistentie te bevorderen?
In strafrechtelijke onderzoeken wordt in zaken waarin mogelijk sprake is van discriminatoire aspecten, waaronder antisemitisme, standaard onderzocht of aanwijzingen bestaan voor een dergelijk motief. Het OM hanteert daarbij de Aanwijzing Discriminatie.3
Of een discriminatoir motief uiteindelijk juridisch kan worden bewezen, hangt af van de beschikbare bewijsmiddelen en de beoordeling daarvan door de rechter.
Ik zie, mede gelet op de bestaande wettelijke kaders en de Aanwijzing Discriminatie van het OM, op dit moment geen aanleiding om aanvullende of nadere richtlijnen te ontwikkelen. Wel blijf ik in gesprek met het OM en de rechtspraak over de effectieve werking van het bestaande instrumentarium en de bestrijding van discriminatie in al haar vormen.
De politiepublicatie 'Game Over?!' en het profiel van verdachten van bankhelpdeskfraude en nepagentpraktijken |
|
Shanna Schilder (PVV), Annelotte Lammers (PVV) |
|
David van Weel (VVD) |
|
|
|
|
Heeft u kennisgenomen van de politiepagina «Game Over?!», waarin tientallen verdachten van onder meer bankhelpdeskfraude en nepagentpraktijken herkenbaar in beeld worden gebracht?1
Ja
Herkent u een bepaald daderprofiel bij deze daders? Zo ja, hoe ziet dit profiel eruit? Zo nee, worden wij dan bedrogen door onze eigen ogen?
Zoals de campagne heeft laten zien zijn nepagenten en fraudeurs een groot probleem, met soms ingrijpende gevolgen. Niet alleen in verband met de financiële gevolgen van oplichting, maar ook het verlies van de samenleving in het vertrouwen dat je de deur kan openen of gegevens kan delen. Dit kabinet geeft prioriteit aan de aanpak van criminaliteit die burgers raakt, zowel offline als online. Met de actie Game Over?! wil de politie zaken oplossen, oplichters aanpakken, criminele netwerken verstoren en laten zien dat deze criminaliteit niet zonder gevolgen blijft. In het strafrecht staat het handelen van een verdachte centraal. Herkomst, culturele achtergrond of geloof spelen geen rol.
Kunt u bevestigen dat binnen deze dadergroep sprake is van oververtegenwoordiging van mensen met een bepaalde herkomst? Zo nee, waarom wordt hier niet explicieter over gerapporteerd?
Zie antwoord vraag 2.
Waarom wordt in publieke communicatie over deze criminaliteit terughoudend omgegaan met het benoemen van daderprofielen, terwijl dit relevant is voor preventie en bewustwording?
Zie antwoord vraag 2.
In hoeverre is er bij dit type criminaliteit sprake van georganiseerde structuren en welke rollen worden daarin onderscheiden? Indien sprake is van georganiseerde structuren, zijn deze duidelijk in beeld bij de politie?
Bij oplichtingen door nepagenten is meestal sprake van een georganiseerde structuur met een aantal rollen. De meeste fraudes verlopen volgens een vast stramien en met een vaste rolverdeling. De rollen die je kunt onderscheiden zijn: de beller, de nepagent, de chauffeur en de coördinator. Deze rollen zijn duidelijk. De «Game Over?!» campagne focust zich specifiek op de rol van nepagent.
Kunt u toelichten in hoeverre bij deze vormen van fraude sprake is van grensoverschrijdende of internationaal georganiseerde criminaliteit? Indien hiervan sprake is, op welke vlakken schieten opsporingsbevoegdheden en de samenwerking met andere landen tekort in het aanpakken van deze criminaliteit?
De internationale component verschilt per type oplichting. Bij telefonische helpdeskfraude (waar nepagenten en bankhelpdeskfraude onder vallen) is juist vaak sprake van Nederlandse daders in alle rollen. Vloeiend en netjes Nederlands spreken is een vereiste om geloofwaardig over te komen.
Er is ook een internationale context: Nederlandse daders plegen hun delicten ook in België, zowel het oplichten, als het ronselen van personeel. Ook worden Nederlandse loopjongens ingezet voor oplichtingen in België.
Bent u voornemens de korpschef op te roepen, bij effectiviteit van deze maatregel van publicatie, dit veel vaker in te zetten? Zo nee, waarom niet?
Politie en Openbaar Ministerie gaan de «Game Over?!» campagne evalueren. Afhankelijk van de uitkomst daarvan zullen zij beslissen over een vervolg.
Bent u bereid de Kamer periodiek te informeren over ontwikkelingen in daderprofielen en trends binnen deze vorm van criminaliteit?
Het Centraal Bureau voor de Statistiek levert maandelijks de kenmerken van bij de politie geregistreerde verdachten naar incidentsoort. Deze zijn openbaar beschikbaar via de website van het Centraal Bureau voor de Statistiek.2
Het uitsluiten van Joodse organisaties bij onderzoek naar Joods vastgoed in Rijswijk |
|
Gidi Markuszower (PVV), Shanna Schilder (PVV), Annelotte Lammers (PVV) |
|
David van Weel (VVD), Pieter Heerma (CDA) |
|
|
|
|
Bent u bekend met het bericht dat de gemeente Rijswijk ervoor heeft gekozen om het Nieuw Israëlitisch Weekblad en Irgoen Olei Holland niet te informeren over een onderzoek naar Joods vastgoed tijdens en na de Tweede Wereldoorlog, omdat deze media volgens de gemeente een bepaalde «kleuring» zouden geven aan het conflict in Gaza?1
Deelt u de mening dat het uiterst kwalijk is als een gemeente besluit Joodse media en organisaties uit te sluiten van communicatie over een onderzoek naar Joods vastgoed en mogelijke restitutie en dat dit op zijn minst de schijn wekt van discriminatie op grond van politieke gezindheid, afkomst of religie?
In algemene zin staat buiten kijf dat het uitsluiten van Joodse media en organisaties vanwege hun geloof of afkomst onacceptabel is. Het doen van onderzoek, naar welk onderwerp dan ook, speelt een belangrijke rol bij het verrijken van kennis en ontwikkelingen in de samenleving. Wanneer een gemeente onderzoek doet of laat uitvoeren betreft dit een lokale aangelegenheid. De gemeentelijke autonomie maakt dat gemeentebesturen een eigen bevoegdheid hebben. Hierbinnen kunnen zij ook zelf onderzoek verrichten en hier beleidskeuzes op baseren. Het is niet aan mij om een kwalificatie te geven aan de wijze waarop een gemeente in een concreet geval optreedt in het kader van een onderzoek. Het is aan de gemeenteraad om haar college van burgemeester en wethouders ter verantwoording te roepen wanneer zij dat nodig acht.
Hoe beoordeelt u het feit dat het college van burgemeester en wethouders hiermee inging tegen het advies van zowel de onderzoeker als de begeleidingscommissie, die aangaf dat het uitsluiten van deze media de onafhankelijkheid en kwaliteit van het onderzoek kon schaden?
Zie het antwoord op vraag 2.
Deelt u de opvatting dat het onacceptabel is dat communicatie over onderzoek naar onteigend Joods vastgoed uit de Tweede Wereldoorlog afhankelijk wordt gemaakt van de politieke opvattingen die een gemeente toeschrijft aan bepaalde Joodse media of organisaties?
In het algemeen ben ik het met u eens dat Joodse media of organisaties niet op basis van hun politieke opvattingen uitgesloten zouden moeten worden bij onderzoeken naar onteigend Joods vastgoed uit de Tweede Wereldoorlog.
Hoe verhoudt de handelwijze van de gemeente Rijswijk zich volgens u tot artikel 1 van de Grondwet, waarin expliciet is vastgelegd dat discriminatie op grond van onder meer politieke gezindheid niet is toegestaan?
Het is niet aan mij om een kwalificatie te geven over de handelwijze van het gemeentebestuur van Rijswijk. Wanneer er een vermoeden is van het overtreden van artikel 1 van de Grondwet, kan de rechter daar desgevraagd een oordeel over uitspreken.
Deelt u de zorgen dat door deze beslissing mogelijk relevante getuigen, nabestaanden of andere belanghebbenden nooit zijn bereikt, waardoor het onderzoek naar Joods vastgoed mogelijk onvolledig is gebleven?
Het is niet aan mij om over een specifiek geval een opvatting te hebben. Wel kan ik het mij voorstellen dat er in dit geval een zorg bestaat dat mogelijk niet alle relevante getuigen, nabestaanden of andere belanghebbenden zijn bereikt in dit onderzoek. Echter, ik wil en kan niet oordelen of het onderzoek van de gemeente Rijswijk daarmee als onvolledig kan worden gezien.
Bent u bereid te onderzoeken of de handelwijze van de gemeente Rijswijk in strijd is met het discriminatieverbod en met de zorgvuldigheid die van een overheid mag worden verwacht bij onderzoek naar onteigend Joods bezit?
Nee. De Nationale ombudsman is in beginsel bevoegd om klachten over de gedraging van – in dit geval – de gemeente Rijswijk te onderzoeken en hierover te oordelen. Met de komst van de uitbreiding van de Algemene wet gelijke behandeling – naar zogenaamd eenzijdig overheidshandelen – wordt het in de toekomst voor het College voor de Rechten van de Mens ook mogelijk om over het handelen van de overheid te oordelen. Een wetgevingstraject hiervoor ben ik momenteel aan het voorbereiden.
Welke rol ziet u voor het Rijk om te waarborgen dat gemeenten bij onderzoek naar Joods vastgoed en mogelijke restitutie zorgvuldig, onafhankelijk en zonder politieke of ideologische afwegingen handelen?
Zoals ik in het antwoord op vraag 2 aangaf dient het college van burgemeester en wethouders haar verantwoording af te leggen aan haar gemeenteraad. Het is aan de gemeenteraad om het college aan te spreken op haar handelen. Dit geldt ook bij onderzoek naar Joods vastgoed en mogelijke restitutie.
Deelt u de mening dat het bijzonder pijnlijk en ongepast is als juist bij onderzoek naar onrecht dat Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog is aangedaan opnieuw een situatie ontstaat waarin Joodse organisaties of media worden buitengesloten en dat dit bijdraagt aan het toenemende antisemitisme in Nederland?
Ik kan mij voorstellen dat er gevoelens van onvrede bestaan bij de Joodse organisaties die niet direct zijn betrokken bij het onderzoek van de gemeente Rijswijk. Echter, zoals ik in het antwoord op vraag 2 aangaf dient het college van burgemeester en wethouders verantwoording af te leggen aan haar gemeenteraad. Het is aan de gemeenteraad om het college aan te spreken op haar handelen.
Bent u bereid om op korte termijn in gesprek te gaan met de gemeente Rijswijk om opheldering te vragen over deze gang van zaken en de Kamer hierover te informeren? Zo ja, op welke termijn? Zo nee, waarom niet?
Nee. Zie het antwoord op vraag 2.
Het bericht dat Koningin Máxima aanwezig is bij de viering van het 70-jarig jubileum van Oxfam Novib |
|
Gidi Markuszower (PVV), Annelotte Lammers (PVV) |
|
Rob Jetten (D66) |
|
|
|
|
Bent u bekend met het bericht dat Koningin Máxima op 31 maart 2026 aanwezig zal zijn bij de viering van het 70-jarig jubileum van Oxfam Novib in Den Haag?1
Ja.
Bent u bekend met het feit dat Oxfam Novib Israël, een bondgenoot van Nederland, beschuldigt van «genocide», «apartheid» en een «bezettingsregime», en oproept tot een verbod op handel en investeringen?
Het kabinet is bekend met het standpunt van Oxfam Novib. Ngo’s maken zelfstandig keuzes over hun standpunten en publieke communicatie. Die ruimte is een fundamenteel onderdeel van hun onafhankelijkheid en valt onder de vrijheid van meningsuiting. Het is een democratische verworvenheid dat maatschappelijke organisaties zich kritisch mogen uitlaten over dergelijke kwesties, ook wanneer dat niet in lijn is met het standpunt van het kabinet.
Deelt u de mening dat deze ongefundeerde aantijgingen één-op-één Hamas-propaganda zijn en neerkomen op het delegitimeren van de Joodse staat?
Zie antwoord vraag 2.
Bent u bekend met recente berichtgeving, waar eerder ook schriftelijke vragen over zijn gesteld2, waaruit blijkt dat de terroristische organisatie Hamas een «flinke vinger in de pap heeft» bij organisaties als Oxfam Novib?3
Ja, het kabinet is bekend met deze berichtgeving. Echter, er is geen informatie voorhanden die de aantijgingen van deze berichtgeving of het rapport van NGO Monitor waarin deze aantijgingen worden gedaan, steunt. Partnerorganisaties waar Nederland mee werkt zijn professionele organisaties met een bewezen goede staat van dienst, óók in buitengewoon moeilijke contexten als Gaza waar risico’s nooit volledig uit te bannen zijn. Direct na 7 oktober 2023 heeft er een doorlichting van de Nederlandse en EU-ontwikkelingshulp voor de Palestijnse Gebieden plaatsgevonden. Hieruit is gebleken dat de due diligence-processen, die ervoor waken dat geld niet (in)direct ten goede komt aan terroristische organisaties, op orde zijn. Dat geldt ook voor de genoemde organisaties in het NGO Monitor rapport. Ook zijn er geen signalen naar voren gekomen dat Nederlands of Europees geld terecht is gekomen bij onbedoelde bestemmingen. Bij elke subsidieaanvraag wordt er opnieuw op toegezien dat deze due diligence-processen (nog steeds) op orde zijn. Verder wijst het kabinet ook op bestaande kritiek op de handelwijze van NGO Monitor, zoals benoemd in de beantwoording van eerdere Kamervragen over NGO Monitor en de kabinetsreactie op andere rapporten van NGO Monitor.
Deelt u de mening dat het volstrekt onaanvaardbaar is dat het Koninklijk Huis een jubileum bijwoont van een organisatie die antisemitische propaganda verspreidt, een bondgenoot delegitimeert en aan het koordje van Hamas loopt?
Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 2 en 3, maken ngo’s zelfstandig keuzes over hun standpunten en communicatie. Het kabinet heeft daarbij vertrouwen in de betrouwbaarheid en professionaliteit van onze partnerorganisaties. Dit geldt ook voor Oxfam Novib.
Hoe is het bezoek aan deze organisatie te rijmen met de toespraak van de Koning, die zich in 2024 rechtstreeks tot Joodse Nederlanders richtte met de woorden «blijf, wij horen samen», terwijl deze organisatie actief bijdraagt aan een klimaat waarin Joden ons land worden uitgejaagd?4
Dit bezoek staat volledig los van hetgeen Zijne Majesteit de Koning heeft gezegd in 2024. Die oproep geldt overigens nog steeds.
Bent u bereid met het Koninklijk Huis in gesprek te gaan om te voorkomen dat deze aanwezigheid bij het jubileum van Oxfam Novib doorgang vindt?
Het kabinet ziet hier geen enkele reden toe.
De komst van antisemitische activisten naar een bijeenkomst in de Dominicuskerk in Amsterdam |
|
Annelotte Lammers (PVV), Gidi Markuszower (PVV) |
|
David van Weel (VVD), Bart van den Brink (CDA) |
|
|
|
|
Bent u bekend met het evenement «People’s Congress» dat op 7 maart 2026 plaatsvindt in de Dominicuskerk in Amsterdam, waarbij onder meer Omar Barghouti, Francesca Albanese en Jeremy Corbyn als sprekers zijn aangekondigd?1
Ja.
Bent u bekend met antisemitische uitlatingen van verschillende aangekondigde sprekers op dit evenement, waaronder de uitspraak van Omar Barghouti dat hij zich «definitely, most definitely» verzet tegen het bestaan van een Joodse staat, en de uitspraak van Jeremy Corbyn waarin hij sprak over «our friends in Hamas and Hezbollah», terroristische organisaties die oproepen tot de vernietiging van Israël?
Haatzaaiende uitingen tegen bepaalde groepen kunnen bijdragen aan gevoelens van onveiligheid en uitsluiting. Dat is verwerpelijk. Hamas is in 2003 op de Europese sanctielijst terrorisme (GS931) geplaatst. Deelname aan deze terroristische organisatie is dan ook strafbaar. De publieke steunbetuigingen aan Hamas worden door het kabinet met grote zorg bezien. Daarom wordt aan een wetsvoorstel gewerkt om zowel het verheerlijken van terrorisme als het openlijk betuigen van steun aan een terroristische organisatie strafbaar te stellen. Momenteel wordt het advies van de Raad van State verwerkt. Het kabinet heeft kennisgenomen van de wens om het wetsvoorstel zo snel mogelijk naar de Kamer te verzenden.
Bent u bekend met de uitspraak van VN-rapporteur Francesca Albanese na de gruwelen van 7 oktober dat het geweld «must be put in context» en deelt u de mening dat dit neerkomt op het legitimeren van terrorisme?
Zie antwoord vraag 2.
Bent u bekend met VN-Veiligheidsraadresolutie 1566 (2004), waarin wordt gesteld dat terroristische daden «under no circumstances justifiable by considerations of a political, philosophical, ideological, racial, ethnic, religious or other similar nature» zijn, en deelt u de mening dat de uitspraken van de genoemde sprekers stuk voor stuk rechtstreeks ingaan tegen deze door de VN-Veiligheidsraad vastgestelde norm? Zo nee, waarom niet?
Zie antwoord vraag 2.
Deelt u de mening dat Nederland nooit een podium mag bieden aan sprekers die antisemitisme verspreiden, oproepen tot het verdwijnen van een bondgenoot en terroristische aanslagen legitimeren? Zo nee, waarom niet?
In Nederland geldt het grondrecht van vrijheid van meningsuiting, dat alleen onder strikte voorwaarden kan worden beperkt. Het kabinet acht het daarom niet passend om in algemene zin te stellen dat bepaalde personen of sprekers nooit een podium mogen krijgen.
Wel geldt dat wanneer uitlatingen de grenzen van de wet overschrijden, bijvoorbeeld door aan te zetten tot haat, discriminatie of geweld, hiertegen kan worden opgetreden. Het is in eerste instantie aan lokale autoriteiten en het Openbaar Ministerie om, binnen de geldende wettelijke kaders, te beoordelen of en welke maatregelen in concrete gevallen noodzakelijk zijn.
Bent u bereid deze buitenlandse sprekers ter bescherming van de openbare orde de toegang tot Nederland te ontzeggen en hun een inreisverbod op te leggen?
Ik deel uw bezorgdheid over antisemitisme in Nederland. De Minister van Asiel en Migratie gaat niet in op individuele zaken. In algemene zin kan ik zeggen dat een vreemdeling die een gevaar vormt voor de openbare orde of nationale veiligheid, bijvoorbeeld vanwege het uitdragen van extremisme, de toegang tot Nederland (en het Schengengebied) geweigerd kan worden. Dit is mogelijk middels onder andere het weigeren van een visum, een ongewenstverklaring en/of een signalering in het Schengeninformatiesysteem (SIS III).
Bent u bekend met het feit dat deze bijeenkomst plaatsvindt in een kerkgebouw, namelijk de Dominicuskerk in Amsterdam, en deelt u de mening dat het moreel volstrekt onacceptabel is dat een kerk wordt gebruikt als podium voor antisemitische propaganda?
Ik vind elke vorm van antisemitische propaganda altijd onacceptabel.
Welke maatregelen neemt u om te voorkomen dat Nederland een vrijhaven wordt voor internationale sprekers die antisemitische propaganda verspreiden?
Het kabinet acht het van belang dat de openbare orde en nationale veiligheid worden beschermd en dat binnen de grenzen van de rechtsstaat wordt opgetreden tegen strafbare uitingen, zoals het aanzetten tot haat, discriminatie of geweld. Daartoe bestaat een breed palet aan maatregelen.
Bij strafbare feiten, zoals uitlatingen die aanzetten tot haat, geweld, discriminatie, opruiing of (onnodige) belediging is strafrechtelijk optreden in concrete gevallen mogelijk door de Politie en het Openbaar Ministerie.
Indien de spreker een aantoonbaar risico vormt voor de openbare orde, kan de burgemeester besluiten om het evenement of de manifestatie vooraf te beperken of te verbieden.
Wanneer dit niet het geval is, kunnen lokale overheden hun zorgen over de spreker of het evenement met de uitbater van de locatie bespreken, maar is het aan de uitbater zelf om te zorgen dat extremistische boodschappen bij hen geen podium krijgen.
Daarnaast kan de toegang tot Nederland worden geweigerd of een ongewenstverklaring en/of een signalering in het Schengeninformatiesysteem (SIS III), indien de IND beschikt over informatie van de AIVD, de lokale driehoek of een duiding van de NCTV, waaruit blijkt dat de aanwezigheid van de vreemdeling een gevaar vormt voor de openbare orde of de nationale veiligheid.
Het kabinet blijft zich, samen met betrokken partners, inzetten voor de bescherming van de openbare orde en het tegengaan van strafbare gedragingen.
Kunt u deze vragen uiterlijk op 6 maart om 20:00 uur (vanavond) beantwoorden en maatregelen nemen om te voorkomen dat deze bijeenkomst doorgaat?
Dat is helaas niet gelukt.
Bent u bekend met het bericht dat tussen Wit-Rusland en Polen tunnels zijn aangetroffen die mogelijk zijn gegraven door terroristische organisaties zoals Hamas, Islamitische Staat (IS), Hezbollah of Iran-gelieerde groeperingen om illegale migranten Europa binnen te smokkelen?1
Ja.
Erkent u dat, als deze tunnels daadwerkelijk zijn gebruikt, er duizenden terroristen via deze route Europa en mogelijk dus ook Nederland kunnen zijn binnengekomen?
Nederland en de EU werken nauw samen om de dreiging van terrorisme en extremisme tegen te gaan. Een onderdeel van deze samenwerking is de intensieve informatie-uitwisseling tussen de verschillende veiligheidspartners. Alle betrokken veiligheidspartners blijven zowel nationaal als internationaal alert op mogelijke dreigingen en zetten zich onverminderd in om risico’s voor de nationale veiligheid te mitigeren.
Hoewel het bekend is dat terroristen mogelijk misbruik kunnen maken van migratiestromen is het overgrote deel van de migranten niet betrokken bij terrorisme. Dat dergelijke door de Poolse grensautoriteiten onderkende tunnels door migranten kunnen zijn benut is hoe dan ook een kwalijke zaak. Het kabinet onderstreept dan ook het belang van de inzet door landen aan de Europese buitengrens, in samenwerking met het Europees Grens- en kustwachtagentschap (Frontex), om mogelijke irreguliere grenspassages tegen te gaan en de integriteit van de Europese buitengrens te beschermen. Lidstaten zijn daarbij verplicht om iedere persoon die zich aan de buitengrens van de Europese Unie (EU) meldt, aan een grenscontrole te onderwerpen.
Realiseert u zich dat één doorgelaten jihadist al voldoende is voor een bloedige aanslag op Nederlandse bodem?
Zie antwoord vraag 2.
Hoe ziet u deze ontwikkeling in het licht van de oplopende spanningen met Iran en de angst voor de inzet van terroristische netwerken om aanslagen in Europa te plegen?
Het is bekend dat Iran en aan Iran gelieerde groepen in Europa doorgaans via clandestiene netwerken, terroristische of criminele proxy’s en (online) gerekruteerde individuen opereren, maar niet via logistiek complexe infrastructuur zoals tunnels. De oplopende spanningen hebben de hoogste aandacht van alle veiligheidsdiensten.
Kunt u ons garanderen dat via deze route géén personen met banden met jihadistische organisaties Nederland zijn binnengekomen? Zo nee, erkent u dat alle Nederlanders dus ernstig gevaar lopen?
Ondanks de strenge procedure en inspanningen kan er nooit een absolute garantie worden gegeven dat er geen personen Nederland binnenkomen die veiligheidsrisico’s met zich mee brengen. Nederland heeft een sterke en brede aanpak om signalen van terrorisme tijdig te onderkennen en personen die worden verdacht van misdrijven met een terroristisch oogmerk op te sporen, te vervolgen en, indien toepasselijk, te bestraffen.
Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 2 en 3 blijft het kabinet zich onverminderd inzetten om de dreiging van terrorisme en extremisme tegen te gaan. De bescherming van de nationale veiligheid vergt constante inspanning, nauwe samenwerking en gerichte implementatie van maatregelen.
Binnen de asiel- en nareisprocedure bestaan daarnaast verschillende maatregelen om eventuele risico’s voor de nationale veiligheid te mitigeren. Hier worden besluiten over toelating en verblijf per casus zorgvuldig afgewogen op basis van de informatie die op dat moment beschikbaar is, binnen de nationale en Europese wettelijke kaders en met inachtneming van internationale verdragsverplichtingen. Onder de coördinatie van de NCTV is in 2023 een systeemcheck uitgevoerd over het tijdig onderkennen van signalen die de nationale veiligheid kunnen raken binnen de migratie- en veiligheidsketen. Uw Kamer is over de bevindingen en maatregelen geïnformeerd door middel van de Kamerbrief «Stand van zaken bestrijding misbruik asiel- en migratiestromen door terroristen».2
Hoeveel illegale migranten zijn in 2024 en 2025 via de oostelijke buitengrens de EU binnengekomen, hoeveel daarvan zijn in Nederland terechtgekomen en hoeveel van deze groep zijn daadwerkelijk uitgezet?
Volgens cijfers van Frontex werden in 2025 10.846 irreguliere grenspassages aan de oostelijke landgrens van de EU waargenomen, dit is 37% minder dan in 2024.3 Over het aantal migranten dat vervolgens doorreist naar Nederland, en het aantal daarvan dat (al dan niet gedwongen) terugkeert zijn geen cijfers beschikbaar. Dit heeft onder meer te maken met het feit dat de afgelegde reisroute niet in de cijfers wordt geregistreerd, en er voorts ook geen koppeling mogelijk is met de terugkeercijfers.
Bent u het eens dat, als Europa en Nederland overspoeld worden met miljoenen illegale migranten, miljoenen mensen moeten worden uitgezet en bent u bereid daartoe een massief uitzetprogramma te starten? Zo nee, waarom niet?
In algemene zin is het kabinet van mening dat de omvang van migratie naar Nederland ingeperkt moet worden. Dat geldt ook voor asielmigratie. Binnen de geldende internationale en Europese juridische kaders doet het kabinet dan ook wat kan om dit te bewerkstelligen. Een belangrijk sluitstuk van het migratiebeleid richt zich reeds op het bewerkstelligen van effectieve terugkeer, al dan niet door gefaciliteerde zelfstandige terugkeer middels terugkeer- en herintegratieondersteuning van de Dienst Terugkeer en Vertrek (DTenV) of via gedwongen vertrek indien vreemdelingen vertrekplichtig zijn en niet meewerken aan zelfstandig vertrek. Zoals u ook kunt lezen in het regeerakkoord steunt het kabinet de nieuwe EU-terugkeerverordening waarmee onder andere de mogelijkheden voor gesloten opvang voorafgaand aan gedwongen vertrek worden verruimd. Het kabinet is hierbij tevens voorstander van het verruimen van het zogeheten bandencriterium, waardoor het gemakkelijker wordt op EU-niveau terugkeerafspraken te maken met landen buiten Europa. Bij afspraken over terugkeer- en transithubs waarborgt Nederland dat migranten nooit terug worden gestuurd naar een land waar zij het risico lopen om vervolgd te worden.4
Bent u het eens dat Wit-Rusland migratie inzet als hybride oorlogsvoering tegen Europa, dat dit bewuste ondermijning is van onze nationale veiligheid en dat daartegen harde tegenmaatregelen moeten volgen?
Het kabinet vindt de hybride dreiging door instrumentalisering van migratiestromen door Belarus onaanvaardbaar en heeft zich dan ook altijd voorstander getoond voor het sanctioneren van het Belarussische regime in Europees verband. Zo sprak de Europese Raad zich gezamenlijk al in 2021 uit tegen de hybride aanvallen aan de grenzen van de EU, en stelde daar gepast op te reageren richting het Belarussische regime.5 Zo werd de sanctieregeling aangepast waardoor ook opgetreden kan worden wanneer migranten worden ingezet voor politieke doeleinden, en zijn er om deze reden Europese sancties uitgevaardigd tegen Belarus. Sindsdien zijn er – mede in relatie tot de oorlog in Oekraïne – reeds verscheidene sanctiepakketten uitgevaardigd tegen het Belarussische regime en andere betrokkenen, ook in reactie op de hybride aanvallen tegen EU-landen.6
Bent u het eens dat dit precies laat zien waarom Nederland per direct een asielstop moet invoeren en weer volledige controle moet nemen over wie ons land binnenkomt? Zo nee, waarom niet?
Vreemdelingen die asielbescherming behoeven moeten die conform Europese en internationale verplichtingen ook kunnen krijgen. Een algehele asielstop is dus niet de juiste oplossing. Het kabinet staat voor een nieuw modern migratiemodel met meer grip migratie, een verlaging van de instroom en verhoging van de terugkeer van asielmigranten, fatsoenlijke opvang en sneller meedoen, en sturing op arbeidsmigranten. Het EU-migratiepact dat op 12 juni in werking treedt is een grote stap om meer grip te krijgen over wie er naar Nederland komt. Zoals toegelicht onder vraag 7 vormt een effectief terugkeerbeleid een sluitstuk van ons migratiebeleid, en zal de nieuwe EU-terugkeerverordening het Europese terugkeerbeleid effectiever maken en de nationale autoriteiten meer opties geven om terugkeer te effectueren. Daarnaast zet het kabinet onverkort in op nationale maatregelen en brengen we de asielketen op orde, spant het kabinet zich internationaal in voor de modernisering van het internationaal vluchtelingenrecht, en werkt het kabinet – zowel billateraal als in Europees verband – intensief samen met landen langs de migratieroutes met als doel het beperken van irreguliere migratie en het tegengaan van mensensmokkel, het bevorderen van terugkeer bij onrechtmatig verblijf en het bieden van bescherming aan migranten.
Kunt u deze vragen vóór vrijdag 6 maart om 12.00 uur beantwoorden?
Dit is helaas niet gelukt.
Het bericht dat Hamas ook bij Nederlandse hulporganisaties zoals Oxfam Novib een stevige vinger in de pap heeft. |
|
Gidi Markuszower (PVV), Annelotte Lammers (PVV) |
|
Berendsen , Sjoerd Sjoerdsma (D66) |
|
|
|
|
Bent u bekend met berichtgeving en internationale rapporten waaruit blijkt dat Hamas hulporganisaties in Gaza infiltreert, medewerkers plaatst binnen ngo’s en deze organisaties gebruikt als instrument voor haar eigen doeleinden?2
Ja.
Deelt u de mening dat het volstrekt absurd is wanneer een Nederlandse stichting met ANBI-status en subsidie, samenwerkt met organisaties die banden hebben met een terroristische organisatie?
Er is geen informatie voorhanden die de aantijgingen van NGO Monitor steunt.
Voor wat betreft deze casus; het kabinet heeft vertrouwen in de neutraliteit en onafhankelijkheid van het werk van partnerorganisaties waar Nederland mee werkt. Dit zijn professionele organisaties met een bewezen goede staat van dienst, óók in buitengewoon moeilijke contexten als Gaza waar risico’s nooit volledig uit te bannen zijn. Direct na 7 oktober 2023 heeft er een doorlichting van de Nederlandse en EU-ontwikkelingshulp voor de Palestijnse Gebieden plaatsgevonden. Hieruit is gebleken dat de due diligence-processen die ervoor waken dat geld niet (in)direct ten goede komt van terroristische organisaties, op orde zijn. Dat geldt ook voor de genoemde organisaties in het NGO Monitor rapport. Ook zijn er geen signalen naar voren gekomen dat Nederlands of Europees geld terecht is gekomen bij onbedoelde bestemmingen. Het kabinet is hierdoor van mening dat terroristische organisaties zoals Hamas, direct noch indirect, gefinancierd worden met Nederlands belastinggeld. Bij elke subsidieaanvraag wordt er opnieuw op toegezien dat deze due diligence-processen (nog steeds) op orde zijn. Verder wijst het kabinet ook op bestaande kritiek op de handelwijze van NGO Monitor, zoals benoemd in de beantwoording van eerdere Kamervragen over NGO Monitor3 en de kabinetsreactie op andere rapporten van NGO Monitor.4
Realiseert de regering zich dat het direct of indirect financieren van een terroristische organisatie een misdrijf vormt en daarmee in strijd is met de wet?
Ja.
Kunt u garanderen dat tijdens uw ambtstermijn geen euro Nederlands belastinggeld, direct of indirect, terechtkomt bij organisaties die onder invloed staan van Hamas? Zo nee, waarom niet?
Nederland werkt samen met professionele en betrouwbare maatschappelijke organisaties, die beleid en gedegen procedures hebben om risico’s van malversaties te verkleinen, en die adequaat optreden in geval van zowel aantijgingen als bewezen malversaties. Dergelijke procedures bieden nooit volledige garanties, maar helpen risico’s te minimaliseren in de moeilijke noodhulpcontexten waarin veel van onze humanitaire partners werken.
Besluiten om bepaalde organisaties te financieren worden altijd zorgvuldig genomen, waarbij het voltooien van een Organisational Risk and Integrity Assessment (ORIA) essentieel is. Deze assessment toetst onder andere op governance-structuren en de integriteit van organisaties. Organisaties met wie Nederland samenwerkt doen bovendien controle en screening van alle medewerkers (zowel nationale als internationale staf) en partners aan de hand van o.a. de sanctielijsten van de VN, EU en nationale instanties. Daarnaast worden afspraken gemaakt over tussentijdse monitoring, (onafhankelijke) evaluatie en audits van activiteiten met Nederlandse steun. Als uit het toezicht blijkt dat er mogelijk sprake is van fraude, verduistering of andersoortige malversaties, dan treedt het ministerie daar tegen op.
Hoe controleert u concreet dat Nederlands belastinggeld niet terechtkomt bij organisaties die onder invloed staan van terroristische organisaties?
Zie antwoord vraag 4.
Bent u bereid per direct een diepgaand onderzoek te starten naar Nederlandse organisaties, waaronder Oxfam Novib, om vast te stellen of en hoe zij, direct of indirect, bijdragen aan Hamas, en bij de geringste aanwijzing de ANBI-status onmiddellijk in te trekken, de subsidie te beëindigen en hier harde consequenties tegenover te plaatsen?
Nee. Zie de antwoorden op vragen 2, 4 en 5.
Hoe valt het te rijmen dat in het coalitieakkoord staat dat de samenwerking met UNRWA wordt hersteld, gezien de overduidelijke banden tussen UNRWA-medewerkers en Hamas en het feit dat Gaza feitelijk onder controle staat van deze terroristische organisatie?3
Diverse onafhankelijke onderzoeken, waaronder onderzoeken uitgevoerd door VN Office of Internal Oversight Services (OIOS) en het Colonna-rapport, stellen vast dat voor de aantijgingen van banden tussen UNRWA-medewerkers en Hamas geen verifieerbaar bewijs is geleverd. Daarnaast blijkt uit het Colonna-rapport dat UNRWA de benodigde mechanismen, procedures en beleid heeft om ervoor te zorgen dat de verplichting tot naleving van het neutraliteitsbeginsel wordt nageleefd. Tevens implementeert UNRWA de aanbevelingen komende uit het Colonna-rapport die de neutraliteit en integriteit verder versterken.
Bent u bekend met het recente besluit van de Duitse christendemocraten om onvoorwaardelijke steun aan UNRWA te beëindigen?4 Waarom kiest het kabinet daar niet voor?
Ja, ik ben bekend met dit besluit. Het kabinet ondersteunt het mandaat van UNRWA en hun cruciale werk om levensreddende humanitaire hulp te bieden in Gaza. Ook levert UNRWA essentiële basisdiensten, met name op gebied van gezondheidszorg en onderwijs, aan Palestijnse vluchtelingen in Gaza, de Westelijke Jordaanoever, Jordanië, Libanon en Syrië. Met het leveren van basisdiensten aan Palestijnse vluchtelingen draagt UNRWA bij aan stabiliteit in de regio. Daar is iedereen bij gebaat.
Bent u bereid de Nederlandse steun aan UNRWA onmiddellijk op te schorten? Zo nee, waarom niet?
Nee. Zie het antwoord op vraag 8.
Klopt het dat de gemeente Lochem omwonenden en ondernemers rond het geplande asielzoekerscentrum (azc) € 1.000 wil geven om hun «gevoel van veiligheid en leefbaarheid» te vergroten?1
Het college van burgemeester en wethouders (hierna: het college) van de gemeente Lochem heeft een conceptsubsidieregeling voorgesteld waarop omwonenden en ondernemers tot medio maart kunnen reageren. Er is nog geen definitief besluit genomen, op basis van inspraak bepaalt het college de definitieve regeling. Het voorstel voor de financiële tegemoetkoming voor omwonenden is een regeling van de gemeente waarbij het Ministerie van Justitie en Veiligheid niet betrokken is.
Bent u het eens met de stelling dat veiligheid geen taak is van burgers, maar van de overheid en dus de verantwoordelijkheid van de burgemeester?
De burgemeester is verantwoordelijk voor de handhaving van de openbare orde, het Openbaar Ministerie voor de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde. De burgemeester en het OM voeren daarover binnen de lokale driehoek overleg met de politie.
Erkent u dat dit voorstel een impliciete erkenning is dat de komst van het azc grote veiligheidsrisico’s met zich meebrengt die de gemeente schijnbaar niet onder controle heeft? Zo nee, waarom niet?
Het voorstel betreft een autonome, lokale keuze van het college. De toelichting en motivering van deze lokale subsidieregeling zijn aan de gemeente.
Bent u het eens met de stelling dat dit azc er dan nooit mag komen, omdat de veiligheid van de inwoners op één moet staan?
De veiligheid van inwoners heeft prioriteit en de veiligheidssituatie wordt continu gemonitord en indien nodig wordt direct opgetreden om de veiligheid van bewoners en omwonenden te borgen. Er zijn op dit moment geen incidenten bekend bij de gemeente Lochem met betrekking tot de huidige opvanglocatie voor alleenstaande minderjarige vluchtelingen (AMV’ers) en er is geen aanleiding om van de komst van het azc af te zien.
Bent u bereidt een streep door de komst van dit azc te zetten? Zo nee, bent u bereid om desnoods, in overleg met de Minister van Defensie, militairen in te zetten om de veiligheid van de inwoners te garanderen?
Zoals toegelicht bij het antwoord op vraag 4 is dit niet aan de orde. Er zijn geen incidenten bekend met betrekking tot de huidige opvanglocatie.
De oproep van MiGreat tot het aangaan van schijnhuwelijken |
|
Shanna Schilder (PVV), Annelotte Lammers (PVV) |
|
David van Weel (VVD), Foort van Oosten (VVD) |
|
|
|
|
Bent u bekend met de oproep van niet-gouvernementele organisatie (ngo) MiGreat om schijnhuwelijken aan te gaan om een verblijfsvergunning te krijgen?1
Ja.
Bent u het eens met de stelling dat het aangaan van een schijnhuwelijk met het oog op verblijfsrecht huwelijksfraude is en dus strafbaar is?
Het aangaan van een schijnhuwelijk met als doel verblijfsrecht verkrijgen is in strijd met het vreemdelingenrecht. Indien sprake is van een schijnhuwelijk kan de IND bestuursrechtelijk optreden, bijvoorbeeld door afwijzing of intrekking van een verblijfsvergunning.
Strafbaarheid kan aan de orde zijn als daarbij strafbare handelingen worden gepleegd, zoals valsheid in geschrifte of het opzettelijk faciliteren van illegaal verblijf. Of in een concreet geval sprake is van een strafbaar feit, is in eerste instantie aan het Openbaar Ministerie en uiteindelijk aan de strafrechter.
Bent u bereid alles op alles te zetten om huwelijksfraude tegen te gaan en, als hiervan sprake is, verblijfsvergunningen en/of paspoorten onmiddellijk met terugwerkende kracht in te trekken? Zo nee, waarom niet?
Ik vind het onacceptabel dat schijnhuwelijken met als doel het verkrijgen van verblijfsrecht plaats kunnen vinden. Ik zet mij er dan ook voor in om dit tegen te gaan.
Op het moment dat de IND aanwijzingen heeft dat sprake is van een schijnhuwelijk, kan de verblijfsaanvraag worden afgewezen of kunnen verleende verblijfsrechten, afhankelijk van de omstandigheden van het geval, met terugwerkende kracht worden ingetrokken. Hiervoor moet de IND vaststellen dat het huwelijk of partnerschap uitsluitend is aangegaan met het doel verblijfrecht te verkrijgen. Dit gebeurt of basis van verklaringen van betrokken, informatie van gemeenten, en bevindingen uit onderzoek. Veelal wordt de Afdeling Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel (AVIM) van de politie gevraagd een onderzoek (adrescontrole) in te stellen. Indien het Nederlanderschap is verkregen op basis van onjuiste gegevens kan door de IND worden bezien of intrekking daarvan aan de orde is, binnen de kaders van de Rijkswet op het Nederlanderschap. Daarvoor moet worden vastgesteld dat het Nederlanderschap is verkregen op basis van fraude, misleiding of het achterhouden van relevante informatie. De IND stelt hiervoor een dossier op met de relevante feiten en bewijsstukken en beoordeelt of aan de wettelijke voorwaarden voor intrekking is voldaan. Voor de benodigde informatie en verificatie werkt de IND samen met gemeenten, bijvoorbeeld ten aanzien van gegevens uit de Basisregistratie Personen. Daarnaast kan informatie worden betrokken van andere ketenpartners, zoals de politie of toezichthoudende instanties. Daarnaast doet de IND na constatering van een schijnhuwelijk aangifte bij de politie. Dit kan leiden tot strafrechtelijk onderzoek naar mogelijke fraude of valsheid in geschrifte.
Bent u het eens met de stelling dat het publiekelijk oproepen tot het plegen van een strafbaar feit strafbaar is? Zo ja, doet het Openbaar Ministerie onderzoek naar deze oproep?
In algemene zin is het publiekelijk aanzetten tot het plegen van strafbare feiten strafbaar (art. 131 Wetboek van Strafrecht (Sr)). Of een concrete uiting daaronder valt, hangt af van de precieze inhoud, context en vergt juridische beoordeling.
Het is aan het Openbaar Ministerie om zelfstandig te besluiten of er aanleiding bestaat om een strafrechtelijk onderzoek te starten. Over eventuele lopende onderzoeken worden in beginsel door het kabinet geen publieke uitspraken gedaan. Ik hecht er wel aan te benadrukken dat ik de betreffende oproep van MiGreat afkeurenswaardig vind en dat ik dit aan MiGreat kenbaar heb gemaakt.
Hoe beoordeelt u de ANBI-status (Algemeen Nut Beogende Instelling) die deze ngo geniet, gelet op de strafbare oproep en het nalaten van het voldoen aan de wettelijk verplichte jaarverslagen, zoals beschreven in het artikel van NieuwRechts?2
Omdat de Belastingdienst gehouden is aan de geheimhoudingsplicht van artikel 67 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR), kan geen informatie worden verstrekt over deze individuele instelling.
In zijn algemeenheid geldt dat een instelling op verzoek kan worden aangemerkt als ANBI indien de instelling (onder meer) uitsluitend of nagenoeg uitsluitend (ten minste 90%) het algemeen nut beoogt. Het begrip «algemeen nut» is in de AWR neutraal vormgegeven en wordt, zoals ook uit de jurisprudentie blijkt, neutraal getoetst. Dat betekent dat een ANBI de vrijheid heeft om – binnen de in de wet genoemde categorieën3 – een door haar als algemeen nuttig beschouwde doelstelling na te streven. Dit neutrale karakter is een belangrijke eigenschap van de ANBI-regelgeving, omdat ANBI’s daarmee een afspiegeling zijn verschillende doelen die als algemeen nuttig worden gezien. Hiermee wordt gewaarborgd dat niet alleen doelen in lijn met bijvoorbeeld het overheidsbeleid gezien kunnen worden als algemeen nuttig. Het betreft objectieve criteria.
Het beoordelen van het recht op (behoud van) de ANBI-status aan de hand van de daarvoor bij wet gestelde voorwaarden is wettelijk voorbehouden aan de inspecteur van de Belastingdienst.4 Voor wat betreft intrekking van de ANBI-status is de inspecteur gebonden aan een limitatief aantal gronden.5 Intrekking vindt plaats ingeval een instelling niet langer voldoet aan de wettelijke voorwaarden voor de ANBI-status of als niet wordt voldaan aan de zogenoemde integriteitstoets.
Een van de wettelijke voorwaarden is dat de instelling via internetinformatie met betrekking tot haar functioneren openbaar maakt.6 Indien de inspecteur constateert dat niet aan deze voorwaarde wordt voldaan, wordt in de praktijk in de regel eerst een hersteltermijn geboden. Als de instelling na afloop van die termijn de benodigde informatie niet openbaar heeft gemaakt, wordt haar ANBI-status ingetrokken.
De integriteitstoets houdt in dat de ANBI-status door de inspecteur wordt ingetrokken als het hem kenbaar is dat de instelling of een bestuurder, feitelijk leidinggever of gezichtsbepalend persoon van die instelling onherroepelijk is veroordeeld wegens het opzettelijk plegen van een in de ANBI-regelgeving genoemd misdrijf. Een overtreding van wet- en regelgeving kan dus pas fiscale gevolgen hebben op het moment dat deze strafrechtelijk is afgedaan. De inspecteur van de Belastingdienst kan en mag immers niet op de stoel van de strafrechter gaan zitten.7
De integriteitstoets brengt ook met zich dat de ANBI-status wordt ingetrokken als de inspecteur gerede twijfel heeft over de integriteit van de instelling of van bovengenoemde betrokken personen én de instelling of persoon ondanks een verzoek daartoe van de inspecteur niet binnen zestien weken een verklaring omtrent gedrag (VOG) kan overleggen. Gerede twijfel veronderstelt dat de inspecteur niet te lichtvaardig kan overgaan tot het opvragen van een VOG.8 Dit mede gelet op de neutrale toetsing of sprake is van algemeen nuttige activiteiten.
Verdenkingen, niet-vervolgbare activiteiten of gedrag dat simpelweg niet aansluit bij eenieders overtuiging van wat behoort tot het algemeen nut zijn an sich geen redenen om de ANBI-status van een instelling in te trekken.
Bent u bereid om, in overleg met de Staatssecretaris van Financiën – Fiscaliteit, Belastingdienst en Douane, de ANBI-status te onderzoeken en deze in te trekken? Zo nee, waarom niet?
Zie antwoord vraag 5.