| Ingediend | 27 maart 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 17 april 2026 (na 21 dagen) |
| Indiener | Etkin Armut (CDA) |
| Beantwoord door | Judith Tielen (VVD) |
| Onderwerpen | basisonderwijs bestuur onderwijs en wetenschap parlement |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z06400.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-1664.html |
Ja, ik ken dit bericht. Het is jammer dat onrust is ontstaan over de school. In de beantwoording op de vragen van de leden Van Asten en Rooderkerk (beiden D66) over hetzelfde onderwerp is aangegeven dat het schoolbestuur het besluit om de school te sluiten heeft teruggedraaid.
Volgens de laatste cijfers van DUO staan op deze school 62 leerlingen ingeschreven. Er hadden 167 leerlingen ingeschreven moeten staan om te voldoen aan de vereiste leerlingenaantallen van de stichtingsnorm voor scholen. Deze norm verschilt per gemeente en wordt vastgesteld op basis van de leerlingdichtheid in de gemeente.
Bij de stichtingsaanvraag moet een schoolbestuur aantonen, met een belangstellingsmeting, dat de nieuwe school in het 11e jaar na de aanvraag op voldoende leerlingen kan rekenen. Deze belangstellingsmeting gebeurt 1) aan de hand van verklaringen van ouders in het voedingsgebied met kinderen in de juiste leeftijdscategorie en 2) het aantal leerlingen op het moment van de stichtingsaanvraag en 3) het geprognostiseerde aantal leerlingen in het 11e jaar na de stichtingsaanvraag. De verwachte groei van het aantal leerlingen in een gebied is dus onderdeel van de aanvraagprocedure voor een nieuwe school.
Basisscholen die op de teldatum van het aantal leerlingen minder dan 150 leerlingen hebben, ontvangen momenteel kleinescholentoeslag. De school De Binck ontvangt daarom kleinescholentoeslag. Op dit moment wordt gewerkt aan het omvormen van de kleinescholentoeslag naar dunbevolktheidstoeslag. Uw Kamer is door mijn voorganger geïnformeerd over deze wijziging.2
Zie antwoord vraag 4.
Ja, scholen kunnen een belangrijke functie hebben voor de leefbaarheid van een wijk. Tegelijkertijd moet ook de afweging worden gemaakt waar kleine scholen hun rol het beste kunnen vervullen. Het huidige scholenlandschap is erg divers en fijnmazig. Dit is waardevol, maar het grote aantal (te kleine) scholen drukt sterk op de oplopende tekorten in het onderwijsveld. Dat is zeker het geval in stedelijke gebieden. De aangekondigde stelselwijziging zal op dit vraagstuk ingaan. Uw Kamer ontvang voor het zomerreces nog een brief met een update over de beoogde stelselwijziging.
Het aantal beschikbare plaatsen bij basisscholen in de directe omgeving is geen criterium bij het al dan niet bekostigen van een nieuwe school.
Vergaande samenwerking met andere basisscholen, bijvoorbeeld in de vorm van een fusie, kan een mooie manier zijn om het onderwijs en de identiteit van een te kleine school te behouden. Met het oog op de stelselwijziging moedig ik schoolbesturen van te kleine scholen aan om mogelijkheden voor samenwerking of fusies in hun omgeving te onderzoeken. Het zoeken naar samenwerking blijft immers een verantwoordelijkheid van een schoolbestuur.
De keuze om leerlingen op een basisschool in te schrijven is verder aan de ouders, die vrij zijn om daar zelf een afweging in te maken.
Zie antwoord vraag 8.