Kamervraag 2021Z00305

Vismonitoring in het Eems-estuarium

Ingediend 11 januari 2021
Beantwoord 22 februari 2021 (na 42 dagen)
Indiener Tjeerd de Groot (D66)
Beantwoord door Carola Schouten (CU)
Onderwerpen natuur- en landschapsbeheer natuur en milieu water
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2021Z00305.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20202021-1817.html
1. Walker, P.A. & Eriksson, B.K.E. 2020, Tethys rapport 2020–01, «Vis in het Eems estuarium beter in beeld. Rapportage visbemonstering 2019», p. 51.
2. Walker, P.A. & Eriksson, B.K.E. 2020, Tethys rapport 2020–01, «Vis in het Eems estuarium beter in beeld. Rapportage visbemonstering 2019», p. 29.
  • Vraag 1
    Bent u op de hoogte van de pilot die de Waddenvereniging heeft gedaan naar frequentere vismonitoring in het Eems estuarium, «Vis in het Eems estuarium: beter in beeld»?1

    Ja, ik ben hiervan op de hoogte.

  • Vraag 2
    Deelt u de mening dat het voor zowel het Eems estuarium als de Waddenzee van groot belang is dat de staat van de natuur goed gemonitord wordt zodat deze effectief beschermd en verbeterd kan worden indien dit nodig blijkt?

    Ja, deze mening deel ik.

  • Vraag 3
    Deelt u de mening dat een goede monitoring frequent is en aansluit op het migratiepatroon van de vissen die functioneren als graadmeter voor de beschermde Natura 2000-habitats?

    Voor een goede monitoring is het belangrijk dat de frequentie goed is afgestemd op de informatiebehoefte. Met het migratiepatroon van vissen wordt door de frequentie en locaties van de monitoring rekening gehouden.
    De Habitatrichtlijn bevat geen specifieke monitoringscriteria; de monitoring kan een lidstaat zelf vormgeven, zolang de criteria daarvoor goed aansluiten op de doelstellingen van de Habitatrichtlijn.

  • Vraag 4
    Kunt u toelichten waarom op dit moment voor de huidige frequentie en meetmomenten is gekozen? Passen deze bij het migratiepatroon van de typische vissoorten van de beschermde Natura 2000-habitats? Zo nee, waarom niet?

    De huidige vismonitoring in het Eems-Dollardestuarium vindt plaats in het kader van de Kaderrichtlijn Water (verder te noemen KRW) en wordt gezamenlijk met Duitsland uitgevoerd. De monitoring richt zich op het verkrijgen van inzicht in de samenstelling van de vispopulatie en schattingen van de dichtheden per soort.
    Hoewel de KRW voorschrijft om eens per drie jaar in het voor- en najaar te meten, wordt dat voor het Eems-Dollard estuarium op drie locaties jaarlijks gedaan in het voor- en najaar. Zodoende wordt rekening gehouden met het migratiepatroon. Zowel aard als omvang van de monitoring voldoen aan de eisen zoals gesteld in de KRW.
    Monitoring is nodig om de instandhoudingsdoelstellingen te kunnen evalueren, maar de Habitatrichtlijn schrijft niet voor hoe er gemonitord moet worden. Typische soorten maken deel uit van de kwaliteit van het habitattype Estuaria (H1130) en een aantal vissen behoort daartoe (zoals bot, tong en haring). Daarnaast gelden de al bestaande doelen voor trekvissen van het gebied Waddenzee sinds 2017 ook voor het deelgebied Eems-Dollard; op het niveau van de Waddenzee als geheel moet geëvalueerd kunnen worden of de instandhoudingsdoelstellingen voor deze trekvissen worden behaald: dit betreft omvang en kwaliteit van het leefgebied voor behoud of uitbreiding van de populatie. Op dit moment wordt gewerkt aan een supplement van het Natura 2000 beheerplan Waddenzee waarbij de instandhoudingsdoelen en beheermaatregelen voor het Eemsestuarium worden opgenomen, zodat deze geëvalueerd kunnen worden

  • Vraag 5
    Deelt u de zorgen die aanleiding gaven tot het onderzoek dat de huidige meetfrequentie onder het meetprogramma van de Kaderrichtlijn Water onvoldoende is om een goed beeld te geven van de visfauna?

    Het huidige monitoringsprogramma wordt momenteel geëvalueerd. De Waddenvereniging is daarbij betrokken. Op basis van de uitkomsten besluit de Minister van Infrastructuur en Waterstaat of het monitoringsprogramma aangepast moet worden. De resultaten van de evaluatie worden eind 2021 verwacht.

  • Vraag 6
    Deelt u de mening dat ook de typische soorten (indicatorsoorten) van de Natura 2000-habitats gemonitord moeten worden?

    De eisen die aan de monitoring van typische soorten worden gesteld, gaan veel minder ver dan de eisen die worden gesteld aan de monitoring van soorten waarvoor instandhoudingsdoelen gelden. Of aan die minder ver gaande eisen nu al wordt voldaan, is onderwerp van onderzoek (zie het antwoord op vraag 5).

  • Vraag 7
    Kunt u reflecteren op de resultaten, conclusies en aanbevelingen van de pilot die is uitgevoerd door de Waddenvereniging, vooral met betrekking tot de meetfrequentie?

    Het rapport van de Waddenvereniging stelt dat frequenter meten een vollediger beeld geeft van de visstand. Rijkswaterstaat neemt dit rapport mee in de bij antwoord 5 genoemde evaluatie.

  • Vraag 8
    Hoe kijkt u aan tegen de conclusie van het onderzoek dat jaarrond meten, dus vier keer per jaar, een ander en completer beeld geeft «van de visfauna dan monitoring op twee tijdstippen in het jaar als het gaat om aantallen, soortensamenstelling en lengte-opbouw van de vispopulaties»?2

    Zie antwoord 5. De resultaten van het onderzoek neemt Rijkswaterstaat in de evaluatie mee.

  • Vraag 9
    Ziet u in dit onderzoek aanleiding om de monitoringsfrequentie uit te breiden? Zo nee, waarom niet?

    Zie antwoord 5. De resultaten van het onderzoek neemt Rijkswaterstaat in de evaluatie mee.

  • Vraag 10
    Kunt u deze vragen elk afzonderlijk beantwoorden?

    Ja.

  • Mededeling - 2 februari 2021

    Er zijn vragen gesteld door het lid De Groot (D66) over vismonitoring in het Eemsestuarium, ingezonden op 11 januari 2021 (kenmerk 2021Z00305). Het lukt helaas niet de antwoorden op de vragen, zoals gevraagd, binnen één week aan uw Kamer te sturen aangezien de antwoorden inhoudelijk afgestemd dienen te worden met de Minister van Infrastructuur en Waterstaat.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2021Z00305
Volledige titel: Vismonitoring in het Eems-estuarium
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20202021-1817
Volledige titel: Antwoord op vragen van het lid De Groot over vismonitoring in het Eems estuarium