Kamervraag 2012Z07149

De gebrekkige medewerking van de NAVO bij het onderzoek van de rapporteur van de Parlementaire Assemble van de Raad van Europa naar de omgekomen bootvluchtelingen uit Libië

Ingediend 5 april 2012
Beantwoord 8 mei 2012 (na 33 dagen)
Indieners Mariko Peters (GL), Arjan El Fassed (GL)
Beantwoord door Hans Hillen (minister defensie) (CDA), Uri Rosenthal (minister buitenlandse zaken) (VVD)
Onderwerpen immigratie internationaal migratie en integratie militaire missies
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2012Z07149.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20112012-2427.html
  • Vraag 1
    Bent u bekend met het onderzoeksrapport van de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa (PACE) «Lives lost in de Mediterranean sea: who is responsible»? dat op 29 maart door de migratiecommissie van de PACE is behandeld en waarvan het voorstel voor de resolutie door deze commissie is overgenomen?

    Ja.

  • Vraag 2
    Hoe oordeelt u over de gebrekkige medewerking van de NAVO, door de rapporteur van de Parlementaire Assemblee niet de gevraagde opheldering te verschaffen? Deelt u de mening dat de NAVO openheid van zaken zou moeten betrachten en volle medewerking zou moeten verlenen aan het onderzoek naar het uitblijven van hulp aan 70 bootvluchtelingen waarvan 63 zijn omgekomen? Zo nee, waarom niet?

    De NAVO heeft naar haar beste vermogen medewerking verleend aan het onderzoek van de Raad van Europa. Het bondgenootschap heeft zoveel mogelijk informatie beschikbaar gesteld om de vragen van mevrouw Strik te beantwoorden, zegde reeds verdere medewerking toe bij aanvullende vragen en zal medewerking blijven verlenen.
    Een deel van de gevraagde informatie kan alleen door lidstaten worden aangeleverd. Het betreft een nationale bevoegdheid. Wij vertrouwen er op dat de landen die mevrouw Strik heeft benaderd haar naar beste vermogen hebben geïnformeerd en dat desgevraagd zullen blijven doen. Dat geldt ook voor Nederland. Wij beschikken op dit moment niet over aanwijzingen dat lidstaten de opvarenden hebben aangetroffen en hun verplichtingen onder internationaal recht niet zijn nagekomen.

  • Vraag 3
    Deelt u de mening dat er momenteel geen beletsel meer is om de rapporteur van de Parlementair Assemblee toegang te verschaffen tot de gevraagde informatie? Zo nee, waarom niet?

    Zie antwoord vraag 2.

  • Vraag 4
    Bent u bereid de NAVO en de in het rapport genoemde vlagstaten, waaronder met name Italië en Spanje, ertoe te bewegen deze informatie alsnog beschikbaar te stellen aan de rapporteur, waaronder met name: a) de positie van de militaire schepen gedurende de periode dat de vluchtelingenboot midden in een NAVO-operatie in de Middellandse Zee dobberde, in elk geval binnen een actieradius van 100 mijl rond de locatie van de boot, zoals gereconstrueerd in het rapport; b) de registraties van de communicatie van de in het rapport genoemde schepen met het NAVO-hoofdkwartier en de Italiaanse grenswacht, van de bewegingen van die schepen en van de op die schepen gestationeerde helikopters? Zo nee, waarom niet?

    Zie antwoord vraag 2.

  • Vraag 5
    Waarom heeft naar uw mening de NAVO, die vanaf 31 maart het commando had over het zeegebied waarin de vluchtelingenboot zich bevond, en met veel schepen en luchtmacht aanwezig was, geen redding geboden na de noodmelding van de Italiaanse kustwacht aan het NAVO-hoofdkwartier?

    De NAVO voerde niet het commando over het zeegebied. De NAVO handhaafde op dat moment het wapenembargo tegen Libië, maar had in het kader van operatie Unified Protector geen zeggenschap over of verantwoordelijkheden en verplichtingen jegens het reguliere scheepvaartverkeer in de Middellandse Zee. Zoals het rapport stelt, lag de verantwoordelijkheid voor coördinatie van een reddingsoperatie op basis van de relevante verdragen in beginsel bij Libië, aangezien de boot zich in de Search And Rescue-zone van dat land bevond. Het Maritime Rescue Coordination Centre in Rome heeft de melding verzonden omdat de Libische autoriteiten daartoe niet in staat waren.
    De melding over het schip met de vluchtelingen is door het Maritime Rescue Coordinaton Centre verzonden aan alle schepen, ook civiele, in het verantwoordelijkheidsgebied en aan het Allied Joint Forces Command in Napels. In het bericht dat werd uitgezonden door het Maritime Rescue Coordination Centre in Rome werden schepen verzocht uit te kijken naar de opvarenden en melding te doen zodra zij het desbetreffende vaartuig signaleerden. Het betrof dus geen noodmelding. Helaas is het schip niet aangetroffen. Nederland betreurt het grote aantal slachtoffers. Het Nederlandse schip dat deelnam aan de operatie Unified Protector, Hr. Ms. Haarlem, en Hr. Ms. De Ruyter, die vanuit de Hoorn van Afrika op weg was naar Nederland, waren niet in de buurt.

  • Vraag 6
    Wist Nederland, als deelnemer aan Unified Protector, van de noodmelding van het Italiaanse Maritime Rescue Coordination Centre? Wanneer hoorde u voor het eerst van de noodmelding?

    Zie antwoord vraag 5.

  • Vraag 7
    Op welke wijze is er binnen de alliantie voorafgaand aan of tijdens de operatie gesproken over mogelijke consequenties van de NAVO-missie Unified Protector voor vluchtelingenstromen, met name over zee? Zijn hierover afspraken gemaakt en zo ja, welke?

    Zodra een schip onder NAVO-commando een vaartuig met vluchtelingen in nood aantreft, licht het schip conform de procedures de verantwoordelijke nationale kustwacht in, evenals de International Organisation for Migration en de United Nations High Commissioner’s Office for Refugees.
    De commandanten van marineschepen zijn net als kapiteins van andere schepen op grond van het VN Zeerechtverdrag en gewoonterecht verplicht opvarenden in nood te hulp te komen voor zover dat mogelijk is zonder hun schip, bemanning of opvarenden in ernstig gevaar te brengen.

  • Vraag 8
    Hoe luidt de verantwoordelijkheidsverdeling tussen de NAVO, deelnemende bondgenoten en andere betrokken landen met betrekking tot search and rescue acties in gebieden waar een NAVO-operatie loopt? Hoe zou die naar uw mening moeten luiden?

    Zie antwoord vraag 5.

  • Vraag 9
    Deelt u de mening dat de Italiaanse grenswacht NAVO- en andere militaire schepen niet afzonderlijk kon benaderen bij gebrek aan kennis over de locatie van die schepen en dat het NAVO-hoofdkwartier de coördinatie- en informatietaak van Italië daarom had moeten overnemen? Zo nee, waarom niet?

    Dergelijke meldingen verzendt een Maritime Rescue Coordination Centre aan alle schepen die zich in het desbetreffende zeegebied ophouden. Kennis van de posities van schepen is geen vereiste. De NAVO heeft deze melding vanuit het Allied Joint Force Command in Napels herhaald naar alle schepen die op dat moment onder haar commando deelnamen aan de operatie Unified Protector.
    De verzending van noodoproepen is een civiele taak en berust zodoende niet bij de NAVO, die bovendien niet het commando voerde over het zeegebied. Er voer ten tijde van het incident bovendien slechts een beperkt aantal schepen in het gebied onder commando van de NAVO in het kader van operatie Unified Protector. Het Middellandse zeegebied wordt voornamelijk bevolkt door regulier scheepvaartverkeer.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2012Z07149
Volledige titel: De gebrekkige medewerking van de NAVO bij het onderzoek van de rapporteur van de Parlementaire Assemble van de Raad van Europa naar de omgekomen bootvluchtelingen uit Libië
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20112012-2427
Volledige titel: Antwoord vragen Peters en El Fassed over de gebrekkige medewerking van de NAVO bij het onderzoek van de rapporteur van de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa naar de omgekomen bootvluchtelingen uit Libië