Voorgesteld tijdens het wetgevingsoverleg van 19 januari 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat in de Wet werkelijk rendement box 3 een vermogenswinstbelasting geldt voor onroerend goed en aandelen in start-ups;
constaterende dat er sprake kan zijn van een forse vermogenswinstheffing over de waardestijging van onroerend goed en aandelen in start-ups bij ingrijpende persoonlijke gebeurtenissen zoals een echtscheiding of overlijden, terwijl het ongewenst of onmogelijk is om op dat moment het betreffende vermogensbestanddeel te verkopen;
overwegende dat er betalingsregelingen zijn die niet in alle gevallen voldoende zijn en er individuele betalingsregelingen mogelijk zijn;
verzoekt de regering om bij grote vermogenswinstheffingen bij ingrijpende persoonlijke gebeurtenissen de mogelijkheid tot een betalingsregeling actief onder de aandacht te brengen, en te bezien of verruiming van deze regelingen noodzakelijk is,
en gaat over tot de orde van de dag.
Oosterhuis
Grinwis
Hoogeveen