| Ingediend | 10 april 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 12 mei 2026 (na 32 dagen) |
| Indiener | Sjoerd Sjoerdsma (D66) |
| Beantwoord door | Herbert , Sjoerd Sjoerdsma (D66) |
| Onderwerpen | economie handel organisatie en beleid |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z07615.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-1903.html |
Ja.
De MATCH Act is een wetsvoorstel van het Amerikaanse Congres dat zowel in het Huis van Afgevaardigden als in de Senaat wordt geïnitieerd. Het gaat op dit moment om conceptwetgeving, die zowel in het Huis als de Senaat nog de formele processen moet doorlopen. Het gaat bovendien nog om twee eigenstandige teksten in het Huis en de Senaat. De teksten kunnen gedurende de behandeling in zowel het Huis als de Senaat nog worden aangepast.
In de kern stelt de MATCH Act exportcontroles op bepaalde halfgeleiderproductieapparatuur en componenten via diplomatie multilateraal te «harmoniseren». De tekst richt zich daarbij op Amerikaanse bondgenoten en partners. De conceptwetteksten specificeren niet om welke landen het gaat en richten zich op alle partnerlanden die belangrijke («chokepoint») halfgeleiderproductietechnologie maken.
Het Nederlandse bedrijfsleven heeft een positie in halfgeleiderproductieapparatuur, samen met bedrijven uit onder andere Verenigde Staten, Japan, Zuid-Korea, Duitsland en andere Europese landen. In het wetsvoorstel wordt de Amerikaanse regering opgedragen om in coördinatie met bondgenoten en partners tot meer restrictief beleid te komen, met landen-specifieke exportcontroles met als uitgangspunt dat alle aanvragen worden afgewezen («country-wide controls with presumption of denial»). Dit zou moeten gelden voor China, Rusland, Iran, Noord-Korea en andere landen die door het Amerikaanse Ministerie van Buitenlandse Zaken als «land van zorg» worden gezien.
De huidige versie van de MATCH Act omvat ook voorstellen omtrent service- en onderhoudsdiensten voor geavanceerde halfgeleiderapparatuur. Dit zou kunnen betekenen dat voor onderhoud van dergelijke apparatuur bij bepaalde eindgebruikers een vergunning vereist wordt. Dit voorstel van het VS-congres kan ertoe leiden dat bedrijven, ook voor reeds geleverde machines, geen onderhoud of ondersteuning meer mogen verrichten zonder vergunning, en stelt dat bij de vergunningbehandeling het uitgangspunt zou moeten gelden dat deze niet worden verleend («presumption of denial»). De uiteindelijke impact hangt af van de nadere uitwerking in uitvoeringsregelgeving en eventuele uitzonderingen.
Het initiatief voorziet erin dat, als bondgenoten en partners binnen de vastgestelde periodes niet tot geharmoniseerde controles komen, de Verenigde Staten via Amerikaanse wetgeving extraterritoriaal beperkingen kunnen op leggen op export uit deze landen. Het kabinet kijkt daarom met zorg naar de MATCH Act.
Het is aan de leden van het Amerikaanse Congres om hun eigen standpunt over deze conceptwetgeving te bepalen. Gezien de mogelijke impact van de MATCH Act op Nederland bij aanname in huidige vorm, heeft Nederland zijn bezwaren, in het bijzonder over de extraterritorialiteit, zowel bij leden van het Amerikaanse Congres als bij de Amerikaanse regering neergelegd (zie ook vraag 6).
Zie antwoord vraag 2.
Zie antwoord vraag 2.
Het kabinet is tegen de extraterritoriale werking die uitgaat van het Amerikaanse voorstel. Elk land is verantwoordelijk voor zijn eigen exportcontrolewetgeving.
Dergelijke brede maatregelen kunnen daarnaast potentieel significante invloed hebben op de omzet van halfgeleiderbedrijven, inclusief de Nederlandse, en hun marktpositie verslechteren. Ook kunnen ze de voorspelbaarheid van het handels- en investeringsklimaat aantasten. Dat is ook de boodschap die de Minister-President, de Minister van Buitenlandse Zaken en de Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking hebben afgegeven tijdens het bezoek van het Koninklijk Paar aan de Verenigde Staten.
Het kabinet hecht aan goede samenwerking met partners. Nederland heeft als uitgangspunt dat ieder land verantwoordelijk is voor zijn eigen wetgeving en is dus geen voorstander van extraterritoriale wetgeving. Dat maken we altijd duidelijk in onze diplomatieke contacten met andere landen, zo ook met de Verenigde Staten.
Nederland deelt in algemene zin de veiligheidszorgen van zijn partners met betrekking tot de ongecontroleerde export van geavanceerde halfgeleidertechnologie en heeft daartoe zowel nationaal als in multilateraal verband exportcontrolemaatregelen voor ingesteld.
De aanpak van het kabinet is chirurgisch en gebaseerd op nationale veiligheidsrisico’s-, gericht op non-proliferatie en het voorkomen van ongewenst eindgebruik.
De EU Dual Use Verordening is het leidende juridische kader voor Nederland. Daaruit vloeit voort dat het Europese en Nederlandse exportcontrolebeleid landenneutraal is, elke vergunningaanvraag op zijn eigen merites («case-by-case») wordt beoordeeld en exportcontrole geen exportverbod is. Internationaal overleg over exportcontrole is de standaard en de inzet van Nederland is om met zoveel mogelijk landen tot overeenstemming te komen. Uiteindelijk gaat elk land zelf over de exportcontrolemaatregelen die nodig zijn om zijn nationale veiligheid te beschermen. Nationale veiligheidsoverwegingen zijn doorslaggevend bij exportcontrole.
Nederland staat in het kader van exportcontrole continu en op alle niveaus in contact met andere technologiehoudende landen, bilateraal alsook via de multilaterale exportcontroleregimes zoals het Wassenaar Arrangement. De MATCH Act is daar onderdeel van, gezien de nauwe verwevenheid van de internationale halfgeleidersector en de potentiële scope van de MATCH Act. Wegens de diplomatieke vertrouwelijkheid kan het kabinet niet in detail treden over de inhoud deze gesprekken.
Het kabinet hecht eraan te benadrukken dat het vooralsnog gaat om een voorstel. De inhoud en reikwijdte kunnen in het verdere Amerikaanse wetgevingsproces nog wijzigen, of het voorstel kan uiteindelijk niet worden aangenomen.
De behandeling van deze concept wettekst is in handen van het Amerikaanse Congres. Het is op dit moment niet duidelijk wanneer het Huis en de Senaat verdere behandeling van de concept wettekst zullen agenderen.
Het kabinet blijft in de tussentijd zijn zorgen over de concept wettekst nadrukkelijk onder de aandacht te brengen op alle niveaus.