| Ingediend | 13 februari 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 16 maart 2026 (na 31 dagen) |
| Indiener | Tom van der Lee (GL) |
| Beantwoord door | David van Weel (VVD) |
| Onderwerpen | bestuur europese zaken internationaal parlement |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z03239.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-1334.html |
Ja.
Lidstaten konden tot 30 november jl. een verzoek indienen om leningen te ontvangen uit SAFE. Hongarije heeft in dit kader om een lening van EUR 16.2 miljard verzocht, maar heeft de lening nog niet ontvangen. Het is eerst aan de Europese Commissie om het verzoek van Hongarije te beoordelen. Wanneer de Commissie vaststelt dat het verzoek voldoet aan de voorwaarden van de SAFE-verordening, dient zij een voorstel in voor een uitvoeringsbesluit van de Raad. Op dit moment is het kabinet nog in afwachting van dit voorstel voor een uitvoeringsbesluit.
Het kabinet is, in lijn met de motie Erkens c.s.3, kritisch over het verstrekken van een lening onder SAFE aan Hongarije.
Zie antwoord vraag 7.
De SAFE-verordening zelf bevat geen voorwaarden op het gebied van de rechtsstaat waaraan de Europese Commissie het verzoek van Hongarije om een lening dient te toetsen. Wel bevat de SAFE-verordening andere voorwaarden, bijvoorbeeld op het gebied van de naleving van aanbestedingsregels. Het Financieel Reglement van de EU bevat daarnaast een uitgebreid pakket van juridische, administratieve en operationele waarborgen om misbruik van EU-gelden te voorkomen, op te sporen en te corrigeren. Het betreffen maatregelen ter preventie, detectie, correctie en verantwoording.4 Ook is de Meerjarig Financieel Kader (MFK)-rechtsstaatverordening van toepassing op leningen die verstrekt worden de SAFE-verordening. Bij schendingen van de beginselen van de rechtsstaat door de lidstaten die rechtstreekse gevolgen hebben of dreigen te hebben voor de financiële belangen van de Unie of voor goed financieel beheer van de Uniebegroting kunnen passende maatregelen worden genomen tegen een lidstaat op grond van deze MFK-rechtsstaatverordening. Daarbij geldt dat de Commissie in haar beoordeling is gebonden aan de kaders van de verordeningen en het beginsel van proportionaliteit en noodzakelijkheid.