Kamervraag 2012Z14988

De aanpak van kindersekstoerisme

Ingediend 10 augustus 2012
Beantwoord 23 augustus 2012 (na 13 dagen)
Indiener Tofik Dibi
Beantwoord door Fred Teeven (staatssecretaris veiligheid en justitie) (VVD)
Onderwerpen criminaliteit openbare orde en veiligheid recht strafrecht
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2012Z14988.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20112012-3276.html
  • Vraag 1
    Herinnert u zich uw antwoorden op eerdere vragen over de aanpak van kindersekstoerisme?1

    Ja.

  • Vraag 2
    Deelt u de mening dat het beslist onwenselijk is dat gevallen van kindersekstoerisme niet afzonderlijk worden geregistreerd? Dreigt daar immers niet het grote gevaar dat de effectiviteit van de Nederlandse aanpak afneemt door een gebrekkig inzicht in de aard en de omvang van kindersekstoerisme? Zo nee, waarom niet? Zo ja, bent u bereid om zo snel mogelijk te voorzien in een afzonderlijke registratie?

    Zoals ik heb gemeld in antwoord op eerdere vragen (Aanhangsel Handelingen, vergaderjaar 2011–2012, nr. 3123) is kindersekstoerisme geen specifiek delict. Het betreft seksueel misbruik van kinderen in een ander land door een Nederlandse onderdaan of ingezetene. Concreet kan het misbruik bestaan uit ontuchtige handelingen, verkrachting, maar ook het maken van kinderporno. Elk van deze handelingen is strafbaar naar Nederlands recht, ook als deze in het buitenland worden verricht (zie artikel 5, lid 1, sub 3, van het Wetboek van Strafrecht en de artikelen waarnaar aldaar verwezen wordt). Daarnaast zijn deze handelingen op grond van het tweede aanvullende protocol bij het Internationaal Verdrag voor de rechten van het kind dan wel op grond van het nationale recht strafbaar in veel andere landen. Het reizen naar het buitenland met het doel deze strafbare handelingen te plegen is op zichzelf niet strafbaar. Wel komt er, zoals ik reeds meldde, een wettelijke mogelijkheid om bij een strafrechtelijke veroordeling een reisverbod als bijzondere voorwaarde op te nemen.
    Voor Nederland bestaat inzicht in het strafrechtelijk optreden tegen personen die verdacht worden van seksueel misbruik van kinderen in een ander land. Een afzonderlijke registratie van kindersekstoerisme bij politie en OM versterkt de effectiviteit van de Nederlandse aanpak niet. Het knelpunt bij kindersekstoerisme is niet zozeer een gebrekkig inzicht in Nederland, maar vooral een gebrekkige opsporing en dossieropbouw in de betrokken buitenlanden.

  • Vraag 3
    Moet niet nagedacht worden of er goede argumenten bestaan voor een afzonderlijke strafbaarstelling van kindersekstoerisme? Zo nee, waarom niet?

    Zie antwoord vraag 2.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2012Z14988
Volledige titel: De aanpak van kindersekstoerisme
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20112012-3276
Volledige titel: Antwoord vragen van het lid Dibi over de aanpak van kindersekstoerisme