Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben dat het wenselijk is de Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen in te trekken vanwege het belang dat gemeenten op basis van vrijwilligheid kunnen besluiten tot het al dan niet aanbieden van asielopvangplekken en hiertoe niet wettelijk gedwongen worden;
Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
De Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen wordt ingetrokken.
De Wet Centraal Orgaan opvang asielzoekers wordt als volgt gewijzigd:
A
Artikel 1, onderdeel e, vervalt, onder verlettering van onderdeel f tot onderdeel e.
B
In artikel 3, eerste lid, wordt, onder verlettering van de onderdelen c en d tot d en e, na onderdeel b een onderdeel ingevoegd, luidende:
c. het plaatsen van asielzoekers op gemeentelijke opvangplaatsen, alsmede het betalen van bijdragen aan de desbetreffende gemeente ten behoeve van de kosten van deze opvang;.
C
De artikelen 3a tot en met 3c vervallen.
In de bijlage bij artikel 124b van de Gemeentewet vervallen in onderdeel G de onderdelen 3 en 4.
Artikel 9 van de Wet gemeentelijke taak mogelijk maken asielopvangvoorzieningen, zoals dat luidde voor de inwerkingtreding van deze wet, blijft van toepassing op een specifieke uitkering die reeds is toegekend of waarop een recht is ontstaan vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet of op basis waarvan onomkeerbare verplichtingen zijn aangegaan om aan deze wet te voldoen.
Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren die zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.
Gegeven
De Minister van Asiel en Migratie,