Kamerstuk 36748-25

Motie van het lid Oosterhuis c.s. over bij grote vermogenswinstheffingen bij ingrijpende persoonlijke gebeurtenissen de mogelijkheid tot een betalingsregeling actief onder de aandacht brengen

Dossier: Wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001 om werkelijke inkomsten uit bezittingen en schulden in box 3 te belasten (Wet werkelijk rendement box 3)

Gepubliceerd: 19 januari 2026
Indiener(s): Henk-Jan Oosterhuis (D66), Pieter Grinwis (CU)
Onderwerpen: belasting financiƫn
Bron: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36748-25.html
ID: 36748-25

98,0 %
2,0 %

SGP

BBB

FVD

D66

SP

PVV

Groep Markuszower

GroenLinks-PvdA

PvdD

CDA

JA21

50PLUS

CU

Volt

VVD

DENK


Nr. 25 MOTIE VAN HET LID OOSTERHUIS C.S.

Voorgesteld tijdens het wetgevingsoverleg van 19 januari 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat in de Wet werkelijk rendement box 3 een vermogenswinstbelasting geldt voor onroerend goed en aandelen in start-ups;

constaterende dat er sprake kan zijn van een forse vermogenswinstheffing over de waardestijging van onroerend goed en aandelen in start-ups bij ingrijpende persoonlijke gebeurtenissen zoals een echtscheiding of overlijden, terwijl het ongewenst of onmogelijk is om op dat moment het betreffende vermogensbestanddeel te verkopen;

overwegende dat er betalingsregelingen zijn die niet in alle gevallen voldoende zijn en er individuele betalingsregelingen mogelijk zijn;

verzoekt de regering om bij grote vermogenswinstheffingen bij ingrijpende persoonlijke gebeurtenissen de mogelijkheid tot een betalingsregeling actief onder de aandacht te brengen, en te bezien of verruiming van deze regelingen noodzakelijk is,

en gaat over tot de orde van de dag.

Oosterhuis

Grinwis

Hoogeveen