Kamerstuk 35600-20

Amendement van de leden Geurts en Van Otterloo ter vervanging van nr. 16 over een lichte voorhangprocedure

Dossier: Wijziging van de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet (stikstofreductie en natuurverbetering)


100,0 %
0,0 %

CU

DENK

Krol

vKA

PVV

SGP

VVD

D66

SP

FVD

CDA

50PLUS

PvdD

PvdA

GL


Nr. 20 AMENDEMENT VAN DE LEDEN GEURTS EN VAN OTTERLOO TER VERVANGING VAN DAT GEDRUKT ONDER NR. 161

Ontvangen 10 december 2020

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

Aan artikel I wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:

D

In artikel 8.4 wordt onder vernummering van het eerste en tweede lid tot tweede en derde lid een lid ingevoegd, luidende:

  • 1. De voordracht voor een krachtens artikel 1.12f, eerste lid, 1.12h of 2.9a vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet eerder gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.

Toelichting

Voor de uitwerking van het programma stikstofreductie en natuurverbetering worden bij algemene maatregel van bestuur (AMvB) nadere regels gesteld over de inhoud van het programma, het verzamelen en verstrekken van gegevens, de beoordeling of wordt voldaan aan de omgevingswaarde en de tussentijdse doelstellingen, en de verslaglegging. Verder worden bij AMvB activiteiten van de bouwsector aangewezen die worden vrijgesteld van de Natura 2000-vergunningplicht. De regering wijst erop dat parlementaire betrokkenheid steeds verzekerd is door de voorhangprocedure die onder de Omgevingswet geldt voor de totstandkoming en wijziging van AMvB’s (artikel 23.5, eerste lid). Echter, de regering streeft naar 1 januari 2022 als inwerkingtredingsdatum van de Omgevingswet. Om toch snel zekerheid over het wettelijke kader te kunnen bieden, is er daarom ook een wettelijk kader uitgewerkt onder de huidige Wet natuurbescherming (artikel I). Indieners willen zeker stellen dat ook op grond van de Wet natuurbescherming sprake zal zijn van parlementaire betrokkenheid bij de AMvB’s.

Geurts Van Otterloo