Kamerstuk 35200-V-6

Verslag houdende een lijst van vragen en antwoorden

Dossier: Jaarverslag en slotwet Ministerie van Buitenlandse Zaken 2018

Gepubliceerd: 12 juni 2019
Indiener(s): Pia Dijkstra (D66)
Onderwerpen: begroting financiƫn
Bron: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-35200-V-6.html
ID: 35200-V-6

Nr. 6 VERSLAG HOUDENDE EEN LIJST VAN VRAGEN EN ANTWOORDEN

Vastgesteld 12 juni 2019

De vaste commissie voor Buitenlandse Zaken, belast met het voorbereidend onderzoek van dit voorstel van wet, heeft de eer verslag uit te brengen in de vorm van een lijst van vragen met de daarop gegeven antwoorden.

De vragen zijn op 23 mei 2019 voorgelegd aan de Minister van Buitenlandse Zaken. Bij brief van 4 juni 2019 zijn ze door de Minister van Buitenlandse Zaken beantwoord.

Met de vaststelling van het verslag acht de commissie de openbare behandeling van het wetsvoorstel voldoende voorbereid.

De voorzitter van de commissie, Pia Dijkstra

De griffier van de commissie, Van Toor

1

Kan de volgende zin worden gespecificeerd? «Een gedeelte van deze onderuitputting houdt verband met de vertraging die is ontstaan bij de implementatie van de zogenaamde intensiveringsmiddelen postennet en de gestegen uitvoeringskosten ontwikkelingssamenwerking.» Welk deel van de implementatie is vertraagd? En wordt bedoeld dat ook de uitvoering van de gestegen uitvoeringskosten ontwikkelingssamenwerking is vertraagd, of wordt bedoeld dat deze een gedeelte van de andere vertraging hebben opgeheven?

Antwoord:

Het regeerakkoord stelt structureel EUR 40 miljoen extra ter beschikking voor het postennet, het netwerk van ambassades, consulaten-generaal en permanente vertegenwoordigingen. Over de wijze waarop deze middelen worden besteed is de Kamer per brieven van 2 juli (Kamerstuk 32 734, nr. 31) en 8 oktober 2018 (Kamerstuk 32 734, nr. 32) geïnformeerd. Dit structurele bedrag van EUR 40 mln kent een oploop, voor 2018 was EUR 10 miljoen beschikbaar. Vertraging is onder meer ontstaan doordat nieuwe posten moesten worden geopend en nieuwe functies moesten worden gecreëerd en vervuld. Deze vertraging was voorzien en wordt vanaf 2019 geleidelijk ingelopen. Met betrekking tot de uitvoeringskosten Ontwikkelingssamenwerking geldt, dat in verband met de stijging van de OS-begroting uitbreiding van uitvoeringscapaciteit op het departement noodzakelijk was. Ook hier is sprake van «vertraging», omdat niet alle vacatures en nieuwe functies direct en tegelijkertijd vervuld konden worden. Dit proces is nog gaande.

Het 24/7 Loket Buitenland, de centrale front office in aanbouw voor dienstverlening van de Nederlandse overheid aan burgers in het buitenland, wordt ook uit de intensiveringsmiddelen bekostigd. Uitgaven hiervoor komen later op gang, omdat deze mede afhankelijk zijn van een analyse van de huidige klantvraag en het huidige dienstverleningsaanbod bij alle twaalf partnerorganisaties, alsmede een impactanalyse van wat er nodig is voor opname in het Loket Buitenland. Naar verwachting zijn deze analyses in het 3e kwartaal van 2019 gereed. Hierop zal in de meerjarige begroting worden geanticipeerd.

2

Waardoor kon het Nederlandse aandeel voor de VN-crisisoperaties niet volledig betaald worden?

Antwoord:

Uitgaven voor de VN-crisisbeheersingsoperaties vinden plaats op basis van betaalafroepen per VN-crisisbeheersingsoperatie die van de VN worden ontvangen. Deze betaalafroepen worden door de VN berekend op basis van 1) de mandaten die door de VN-Veiligheidsraad per missie zijn verleend en 2) de begroting die per missie in de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties wordt vastgesteld en met een vast percentage over de lidstaten wordt verdeeld. Het totaal van deze betaalafroepen lag in 2018 lager dan begroot. Hierbij spelen een aantal factoren. De VN-begroting voor vredesoperaties in 2018/19 is met anderhalf procent verlaagd ten opzichte van 2016/17. De missie in Sierra Leone kwam tot een einde en de missie in Haïti is beperkt tot steun op het terrein van het rechtssysteem. In de loop van 2018 zijn na onderhandelingen in de VN-Veiligheidsraad over concrete mandaten enkele bezuinigingen doorgevoerd.

3

Wat verklaart de lagere liquiditeitsbehoefte bij het Law and Order Trustfund for Afghanistan (LOTFA)?

Antwoord:

Bij de inzet voor de wederopbouw van Afghanistan hanteert Nederland strikte voorwaarden en zet het kabinet in op effectieve monitoring. Zoals aan de Tweede Kamer gemeld (Kamerstuk 27 925, nr. 611) besloot Nederland in 2017 om de bijdrage aan LOTFA tijdelijk op te schorten, omdat het programma op dat moment een groot kasoverschot had mede door een beperkte terms of reference. Daarnaast bleek uit voorlopig onderzoek van de Wereldbank dat een aantal agenten dat salarisbetaling ontving, niet kon worden geverifieerd. Hierdoor heeft Nederland in 2017 en 2018 de geplande bijdrage van EUR 15 miljoen aan LOTFA niet overgemaakt als gevolg van donor-conditionaliteit (zie ook Kamerstuk 27 925, nr. 630).

4

Waardoor is er een lagere bijdrage aan de VN-crisisbeheersingsoperaties?

Antwoord:

Uitgaven voor de VN-crisisbeheersingsoperaties vinden plaats op basis van betaalafroepen per VN-crisisbeheersingsoperatie die van de VN worden ontvangen. Deze betaalafroepen worden door de VN berekend op basis van 1) de mandaten die door de VN-Veiligheidsraad per missie zijn verleend en 2) de begroting die per missie in de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties wordt vastgesteld en met een vast percentage over de lidstaten wordt verdeeld. Het totaal van deze betaalafroepen lag in 2018 lager dan begroot. Hierbij spelen een aantal factoren. De VN-begroting voor vredesoperaties in 2018/19 is met anderhalf procent verlaagd ten opzichte van 2016/17. De missie in Sierra Leone kwam tot een einde en de missie in Haïti is beperkt tot steun op het terrein van het rechtssysteem. In de loop van 2018 zijn na onderhandelingen in de VN-Veiligheidsraad over concrete mandaten enkele bezuinigingen doorgevoerd.

5

Hoe valt te verklaren dat er minder aanvragen voor projecten op het gebied van stabiliteit zijn gedaan?

Antwoord:

De lagere realisatie van verplichtingen in het stabiliteitsfonds heeft vooral te maken met het feit dat de jaarlijkse bijdrage van EUR 15 miljoen aan het Law and Order Trust Fund for Afghanistan (LOTFA) in het najaar van 2018 werd opgeschort (zie ook antwoord op vraag 3), en het feit er in een aantal grote projecten vertraging in de uitvoering optrad, waardoor betalingen zijn doorgeschoven naar 2019. Omdat dit tegen het einde van het jaar plaatsvond, was het niet meer mogelijk het vrijgekomen budget toe te kennen aan andere activiteiten.

6

Hoe wordt verklaard dat de ontvangsten voor het aantal verstrekte visa zo sterk is toegenomen?

Antwoord:

De hogere visum inkomsten zijn het gevolg van de wereldwijde autonome groei in het aantal visumaanvragen.

7

Wat wordt verstaan onder de vertraging bij de implementatie van de zogenaamde intensiveringsmiddelen postennet? Hoe wordt deze verklaard?

Antwoord:

Zie antwoord vraag 1.