Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal
Den Haag, 22 juni 2026
Sinds 2022 hebben ouders recht op 9 weken betaald ouderschapsverlof met een uitkering van 70 procent dagloon, op te nemen in het eerste levensjaar van het kind. Bij de invoering van dit betaald ouderschapsverlof is bepaald dat de regeling na drie jaar geëvalueerd zou worden. Bijgaand ontvangt u het eindrapport van de evaluatie, uitgevoerd door SEO.
Het is positief om te zien dat het rapport laat zien dat het betaald ouderschapsverlof bijdraagt aan de hoofddoelen van de regeling. Door het verlof zijn ouders beter in staat om werk en zorg met elkaar te combineren en het verlof draagt bij aan een betere verdeling van zorgtaken onder ouders. Daarnaast verbetert het de arbeidspositie van vrouwen. Zo stijgt door verlofopname van vaders het gemiddeld bruto maandloon van vrouwen met € 62 euro, drie jaar na de geboorte van het kind.
Uit het onderzoek komen ook aandachtspunten naar voren. Zo vormt het inkomensverlies voor vaders een drempel om het verlof op te nemen. Gemiddeld neemt 53 procent van de vader en 71 procent van de moeders betaald ouderschapsverlof op. Het bereik van het verlof is groter onder hoger-opgeleide ouders en mensen met een vast contract. Met name kleine werkgevers ervaren moeite met het uitvoeren van de verlofregelingen. Ze hebben problemen met het vinden van tijdelijke vervanging en ervaren de regeling als complex en administratief belastend.
De uitkomsten van de evaluatie neem ik waar mogelijk mee in de vereenvoudiging van het verlofstelsel, waarover uw Kamer vorig jaar is geïnformeerd.1 Doel van de vereenvoudiging is een begrijpelijker en toegankelijker verlofstelsel. Ook moet het bijdragen aan een verbeterde uitvoering door de complexiteit in het stelsel zoveel mogelijk weg te nemen. Het nieuwe wetsvoorstel zal deze zomer worden opengesteld voor internetconsultatie. Streven is het wetsvoorstel voor het einde van het jaar aan uw Kamer aan te bieden.
De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, J.A. Vijlbrief