Gepubliceerd: 2 februari 2011
Indiener(s): Hirsch Ballin
Onderwerpen: recht strafrecht verkeer weg
Bron: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-32438-7.html
ID: 32438-7
Origineel: 32438-2

Nr. 7 NOTA VAN WIJZIGING

Ontvangen 2 februari 2011

Het voorstel van wet wordt als volgt gewijzigd:

1.

Artikel I wordt als gevolgd gewijzigd:

a. Onderdeel C komt te luiden:

C

In artikel 23, tweede lid, wordt «vijfentwintig procent» vervangen door «vijftig procent» en vervalt: «doch ten minste € 4,».

b. Onderdeel D komt te luiden:

D

In artikel 25, eerste lid, wordt «vijftig procent» vervangen door «honderd procent» en vervalt: «doch ten minste € 11,».

c. Er wordt een onderdeel toegevoegd, dat luidt:

E

In de bijlage, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften, worden in de afdeling A. Verkeer te land, na K600, als bestuurder van een motorrijtuig van de rijbewijscategorie A niet op eerste vordering het theoriecertificaat dan wel de oproep voor het examen ter inzage geven, twee rijen ingevoegd, luidende:

   

tarief in euro en per feit en per categorie

 

Feit

Overtreden artikel

1

2

3

4

5

6

7

8

A 902

als bezitter, als houder of als degene aan wie het kenteken is opgegeven, voor een motorrijtuig, zijnde een bromfiets, waarvoor een kentekenbewijs is afgegeven niet de vereiste verzekering sluiten en in stand houden

30 lid 2 WAM

       

310

A 915

als bezitter, als houder of als degene aan wie het kenteken is opgegeven, voor een motorrijtuig, niet zijnde een bromfiets, waarvoor een kentekenbewijs is afgegeven, niet de vereiste verzekering sluiten en in stand houden

30 lid 2 WAM

       

380

2.

Artikel III komt te luiden:

III

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Toelichting

Onderdeel 1 – a en b

Het is van belang om op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) opgelegde sancties zoveel mogelijk binnen de betalingstermijn te innen. Op die manier wordt voorkomen dat de overheid kostbare capaciteit moet inzetten om ervoor te zorgen dat een overtreder zijn verkeersboete alsnog betaalt. Met de thans voorgestelde verdubbeling van de aanmaningen wordt beoogd het initiële betalingspercentage te verhogen. Een forse verhoging van het verschuldigde bedrag bij niet-tijdige betaling vormt immers een prikkel voor de overtreder om zijn boete tijdig te voldoen. Daarmee draagt deze wijziging bij aan het zo min mogelijk belasten van de rechterlijke macht, het openbaar ministerie en de politie met zaken van niet-betalende overtreders.

Het initiële inningspercentage van Wahv-zaken in 2009 is 85,9%. Dit zijn meer dan 10 miljoen betalingen die zijn gedaan na ontvangst van de eerste acceptgiro die wordt verstuurd door het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB). Na de eerste aanmaning betaalde nog eens 6,0% (ruim 700 000) en naar aanleiding van de tweede aanmaning nog 2,0%. In totaal betaalde derhalve 93,9% (ruim 11 miljoen) van de overtreders in het acceptgirotraject. Dit betekent dat in de overige 6,1% gevallen andere, naar verhouding dure middelen moeten worden ingezet om het verschuldigde bedrag te innen. Als het openstaande bedrag na het acceptgirotraject niet (volledig) is betaald, onderzoekt het CJIB of het kan worden verhaald op het banktegoed van betrokkene. Wanneer dat niet mogelijk blijkt, wordt een gerechtsdeurwaarder ingeschakeld. Als ook de inzet van een gerechtsdeurwaarder niet leidt tot betaling van het openstaande bedrag, kunnen vervolgens op grond van de Wahv verschillende dwangmiddelen worden toegepast. Zo zijn er in 2009 173 221 zaken aangeboden aan de officier van justitie voor inneming van het rijbewijs en 136 225 zaken voor buitengebruikstelling van het voertuig. Daarnaast zijn 68 428 zaken aangeboden aan de kantonrechter voor het toepassen van het dwangmiddel gijzeling.

De extra inkomsten die uit de maatregel voortvloeien worden geraamd op € 50 miljoen in het eerste jaar na invoering en € 60 miljoen in het tweede jaar. Daarna lopen de inkomsten terug doordat er naar verwachting een verbetering optreedt van het betalingsgedrag.

Onderdeel 1 – c

Voor afdoening van overtreding van artikel 30, tweede lid, Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (Wam) met een administratieve sanctie is op grond van artikel 2, eerste lid, Wahv vereist dat de gedraging uit deze strafbepaling is opgenomen in de bijlage bij de Wahv. Met het voorgestelde onderdeel E wordt aan de bijlage bij de Wahv de gedraging toegevoegd van het als bezitter, als houder of als degene aan wie het kenteken is opgegeven, voor een motorrijtuig, waarvoor een kenteken is afgegeven niet de vereiste verzekering sluiten en in stand houden. Voor een nadere toelichting verwijs ik naar het in de nota naar aanleiding van het verslag gegeven antwoord op de vraag terzake van de leden van de D66-fractie.

Onderdeel 2

Voorgesteld wordt de inwerkingtredingsbepaling van dit wetsvoorstel zo te wijzigen dat de verschillende onderdelen op verschillende momenten in werking kunnen treden. Hierdoor kan rekening worden gehouden met de situatie bij de betrokken uitvoeringsorganisaties op het gebied van de implementatie van de voorgestelde wijzigingen.

De minister van Veiligheid en Justitie,

I. W. Opstelten