Voorgesteld tijdens het wetgevingsoverleg van 19 januari 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende dat de gerichte fiscale uitzondering in box 3 voor aandelen in startende ondernemingen kan bijdragen aan innovatie, economische groei en het toekomstig verdienvermogen van Nederland;
overwegende dat investeringen in start-ups en scale-ups gepaard gaan met hoge risico's en beperkte liquiditeit, wat vraagt om een passend en investeringsvriendelijk fiscaal kader;
overwegende dat indirecte investeringen via start-upfondsen en fund-of- funds particuliere beleggers toegang geven tot risicospreiding en kapitaalmobilisatie;
overwegende dat het onwenselijk is dat belasting wordt geheven over vermogenswinsten die nog niet liquide zijn;
verzoekt de regering:
– bij de verdere uitwerking van de fiscale regeling voor aandelen in startende ondernemingen te zorgen voor een ruimhartige en investeringsvriendelijke toepassing;
– te bezien of directe en indirecte investeringen fiscaal behandeld kunnen worden;
– te bezien of belastingheffing kan aansluiten bij daadwerkelijke liquiditeit, met ruimte voor tegenbewijs bij aantoonbare niet verhandelbaarheid,
en gaat over tot de orde van de dag.
Van Eijk
Martens-America