Ontvangen 9 april 2026
De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
In artikel I, onderdeel E, wordt in het voorgestelde artikel 628aa, derde lid, na «heeft de werknemer» ingevoegd «die de leeftijd van eenentwintig jaar heeft bereikt».
Dit amendement regelt dat het voorgestelde artikel 628aa, derde lid, niet van toepassing is op werknemers jonger dan 21 jaar.
De bepaling dat werknemers met een arbeidsomvang van minder dan vijftien uur per week recht hebben op loon over minimaal drie uur per gewerkte periode, sluit onvoldoende aan bij de praktijk van jongeren met een bijbaan. Dit speelt in het bijzonder bij 15-jarigen. Zij mogen op schooldagen wettelijk maximaal twee uur achtereenvolgens werken. In sectoren zoals supermarkten en detailhandel worden deze jongeren daarom vaak voor korte diensten van bijvoorbeeld twee uur ingezet, passend binnen deze wettelijke grenzen.
Door de toepassing van artikel 628aa, derde lid, ontstaat in die gevallen de verplichting om loon te betalen over drie uur, terwijl de werknemer wettelijk niet langer mag werken. Dit kan ertoe leiden dat werkgevers dergelijke korte diensten niet meer aanbieden en minder snel jongeren van 15 jaar inzetten. Daarmee komt voor 15-jarigen de mogelijkheid om hun eerste werkervaring op te doen onder druk te staan.
De indiener beoogt hiermee tevens aansluiting te vinden bij de wensen en behoeften van scholieren en studenten met een bijbaan. Zij combineren werk vaak met school, studie of andere activiteiten en hebben daardoor behoefte aan beperkte en flexibele inzet. De verplichting om loon te betalen over minimaal drie uur per dienst kan ertoe leiden dat bijbanen minder goed aansluiten bij deze doelgroep en dat het aanbod van korte diensten afneemt.
Ceulemans