Ontvangen 21 mei 2026
De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:
Artikel 1, onderdeel 0Df, wordt als volgt gewijzigd:
1. voor de tekst wordt de aanduiding «2.» geplaatst.
2. Voor onderdeel 2 (nieuw) wordt een aanhef en onderdeel ingevoegd, luidende:
Artikel 62 wordt als volgt gewijzigd:
1. Het eerste lid wordt als volgt gewijzigd:
a. In onderdeel d wordt «tweemaal» vervangen door «viermaal» en wordt de punt aan het slot vervangen door een puntkomma.
b. Er wordt een onderdeel toegevoegd, luidende:
e. inhouding van het aan de vreemdeling te verstrekken zakgeld, bedoeld in artikel 27 voor ten hoogste vier weken.
3. In onderdeel 2 (nieuw) wordt «In artikel 62 wordt onder» vervangen door «Onder» en wordt na «zesde lid,» ingevoegd «wordt».
Met dit amendement wordt de maximale geldboete verhoogd van tweemaal naar viermaal het bedrag van het zakgeld per week. Daarnaast wordt inhouding van zakgeld voor ten hoogste vier weken toegevoegd als afzonderlijke disciplinaire maatregel.
Indiener vindt dat de directeur over voldoende passende instrumenten moet beschikken om op ongewenst gedrag in de inrichting te kunnen reageren. Niet iedere situatie vraagt om dezelfde maatregel. Door zowel de maximale geldboete te verhogen als inhouding van zakgeld mogelijk te maken, ontstaat meer ruimte om de disciplinaire reactie af te stemmen op de aard en ernst van het gepleegde feit.
Daarmee wordt de handhaving van orde, rust en veiligheid in de inrichting versterkt, terwijl de directeur per geval kan beoordelen welke maatregel proportioneel is.
Van der Plas