| Ingediend | 29 juni 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 30 juni 2026 (na 1 dagen) |
| Indiener | Tamara ten Hove (PVV) |
| Beantwoord door | van Essen |
| Onderwerpen | economie natuur en milieu organisatie en beleid |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z14867.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-2420.html |
Uw eerste vraag refereert aan een bericht in de Telegraaf (van 25 juni jl.) dat «bijna 100 bedrijven in de buurt van Natura 2000 gebieden een verplichting opgelegd krijgen om hun stikstofuitstoot radicaal omlaag te brengen». In dit artikel wordt ingegaan op de economische impact van de stikstofmaatregelen. In de Kamerbrief van 26 juni jl. wordt het stikstofbeleid verder toegelicht. Hierin is ook rekening gehouden met economie. De vergunningverlening weer op gang krijgen vraagt iets van alle sectoren die bijdragen aan de uitstoot van stikstof en dus ook van de industrie. Industriële bedrijven doen al veel, omdat ze moeten voldoen aan milieu- en klimaatmaatregelen. Voor industrie geldt bijvoorbeeld dat de vergunning periodiek wordt vernieuwd en de fabriek zich moet aanpassen naar de beste beschikbare techniek (BBT). Daarom daalt de stikstofuitstoot van de industrie al lange tijd gestaag en deze ontwikkeling zet zich de komende periode voort, en dat geldt ook voor bedrijven in de nabijheid van natura 2000 gebieden. Het kabinet heeft gekeken naar wat de industrie aanvullend kan doen. Zo is het kabinet voornemens om aanvullend middelen beschikbaar te maken voor de (bestaande) subsidieregeling Beperking Ammoniakemissies Industrie, en bieden we industriële bedrijven binnen de vastgestelde zones rondom natura 2000 gebieden, een kans om een vrijwillige bijdrage te leveren door bovenwettelijk extra stikstofoxide te verminderen.
Doordat er momenteel geen vergunningen kunnen worden verleend loopt de Nederlandse economie schade op. Voor de periode van 2024 tot 2030 is dat rond de 4,1 miljard euro voor projecten die geen vergunning kunnen krijgen. (Jaarlijks 0,1% van het BBP). En de economische schade van stikstofemissies op gezondheid en natuur komt in 2023 neer op jaarlijks minstens 15,1 miljard euro (Jaarlijks 1,6% van het BBP) (Stikstofuitstoot en stikstofbeperkingen; Wat is de schade? SEO 20252). Dit maatregelenpakket zorgt ervoor dat vergunningverlening weer op gang kan komen. Dit zal stap voor stap en gebied voor gebied gaan.
Het aantal bedrijven in de zones rondom Natura 2000-gebieden is te vinden in de kennisnotitie van het RIVM over dit onderwerp (https://www.rivm.nl/bibliotheek/rapporten/KN-2025-0016.pdf). Op individueel bedrijfsniveau zijn de emissiegegevens van agrarische activiteiten om privacy-redenen niet openbaar.
Voor industriële bedrijven in zones worden met dit maatregelenpakket geen nieuwe regels opgesteld. Het kabinet is wel voornemens om stikstofimpact van industrie te verminderen door voor bedrijven die zich dicht bij natuurgebieden bevinden een tenderregeling open te stellen voor bovenwettelijke reductie.
Zoals aangegeven in het antwoord op vraag 2 worden met dit maatregelenpakket geen nieuwe regels opgesteld voor industriële bedrijven in zones.
In de plannen heeft het kabinet zich gebaseerd op de diverse onderzoeken en rapporten die de afgelopen jaren verschenen zijn over mogelijke oplossingen en effecten van de stikstofproblematiek. Het kabinet kiest nu voor deze aanpak, juist ook vanwege de hoge maatschappelijke kosten waar de economie momenteel onder gebukt gaat en de onzekerheid die daarmee gepaard gaat.
Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) zal voorafgaand aan de begrotingsbehandeling van het Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) in de Tweede Kamer een reflectie op het maatregelpakket publiceren, die het kabinet zal benutten bij de verdere uitwerking van de verschillende maatregelen en besluiten. Het kabinet zal ook scherp zicht houden op mogelijke (regionale) sociaaleconomische effecten, onder meer via de reguliere monitoring.
Zoals aangegeven in de beantwoording van vraag 2, komen er met dit maatregelenpakket geen nieuwe regels voor industriële bedrijven, en ook niet rioolwaterzuiveringen. Veel rioolzuiveringsinstallaties worden al vernieuwd door waterschappen om te kunnen voldoen aan de Kaderrichtlijn Water (KRW).
Aangezien er geen nieuwe regels zijn voor rioolwaterzuiveringen, is er ook geen sprake van een effect op aan te sluiten woningbouw.
Het kabinet realiseert zich dat met dit pakket veel wordt gevraagd van (onder meer) agrarische ondernemers. Tegelijkertijd is dit pakket ook noodzakelijk om weer perspectief te bieden. De ondernemer staat er niet alleen voor. Het kabinet biedt ruimhartige ondersteuning gericht op verschillende ontwikkelrichtingen. En als onderdeel van de aanpak investeert in de sociale en economische vitaliteit van het platteland.
Het vorige kabinet heeft de heer Meester gevraagd om analyse naar de statistiek onder de modellen die gebruik worden voor het verkrijgen van inzicht in stikstofdepositie die o.a. gebruikt is in de natuurdoelanalyses. Deze analyse is onderhevig geweest aan een uitgebreide review. Het vorige kabinet constateerde reeds dat de bevindingen van de heer Meester niet allemaal berusten op voldoende wetenschappelijke onderbouwing, en dit blijkt ook uit de review van dhr. Petersen.4 Ik sluit mij hierbij aan en vind het belangrijk dat beleid, zeker als dit ingrijpende gevolgen kan hebben voor de samenleving, gebaseerd is op een degelijke wetenschappelijke onderbouwing.
Ja