Kamervraag 2026Z12403

De noodverordening in Zandvoort en de overlast, intimidatie en geweldsincidenten op Nederlandse stranden

Ingediend 9 juni 2026
Beantwoord 28 augustus 2026 (na 80 dagen)
Indiener Tom Russcher (FVD)
Beantwoord door Bart van den Brink (CDA), David van Weel (VVD)
Onderwerpen openbare orde en veiligheid organisatie en beleid
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z12403.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-2801.html
  • Vraag 1
    Bent u bekend met het artikel «Noodverordening moet «hufterigheid» in Zandvoort tegengaan. «Die meiden zijn net zo brutaal»» in de Volkskrant van 31 mei 2026?1

    Ja.

  • Vraag 2
    Klopt het dat de burgemeester van Zandvoort een noodverordening heeft afgekondigd wegens ernstig overlastgevend gedrag na de Pinksterdagen, en dat ook het strand bij Nesselande in Rotterdam is aangewezen als veiligheidsrisicogebied?

    Ja. De burgemeester van Zandvoort heeft op 29 mei tot en met 31 mei jl. en op 20 juni tot en met 22 juni jl. een noodverordening afgekondigd wegens incidenten zoals bedreigingen, mishandeling en openlijke geweldpleging. Het strand van Nesselande is door de burgemeester van Rotterdam aangewezen als veiligheidsrisicogebied voor de periode van 12 juni tot 1 oktober 2026.

  • Vraag 3
    Kunt u bevestigen dat strandpachters zijn geïntimideerd, een portier een stok in zijn gezicht kreeg, serveersters zijn lastiggevallen en twee strandpaviljoens daardoor eerder zijn gesloten?

    De overlast en incidenten in Zandvoort en in andere strandgebieden hebben impact op de hele gemeenschap. Op donderdag 4 juni jl. ben ik op het strand van Zandvoort in gesprek gegaan met de burgemeester, ondernemers, politie, boa’s en het OM over de situatie. De strandpachters vertelden mij dat personeel is geïntimideerd, bespuugd of uitgescholden. De verhalen zijn indringend. Strandpachters voelden zich genoodzaakt eerder dicht te gaan of zelfs dicht te blijven, omdat de situatie niet meer veilig voelde. Dat is niet normaal. Zandvoort moet veilig en toegankelijk blijven.

  • Vraag 4
    Bent u in staat om cijfers aan te leveren over het jaarlijkse aantal vergelijkbare incidenten van intimidatie, bedreiging en geweld tegen ondernemers, personeel en bezoekers op stranden van de afgelopen tien jaar?
  • Vraag 5
    Bent u bereid om – gelet op de zware oververtegenwoordiging van mensen met een migratieachtergrond in de criminaliteitscijfers en het actuele maatschappelijke debat over migratie – in kaart te brengen wat de herkomst is van de daders van deze overlast- en geweldsincidenten?
  • Vraag 6
    Bent u bereid in dat overzicht niet alleen eerste en tweede generatie migranten op te nemen, maar ook derde en vierde generatie migranten, zodat een volledig beeld ontstaat?
  • Vraag 7
    Indien u deze gegevens niet paraat heeft, bent u dan bereid hier onderzoek naar te laten doen?
  • Vraag 8
    Indien het antwoord op bovenstaande vraag ontkennend luidt, waarom niet?
  • Vraag 9
    Bent u bereid een openbaar dashboard in te richten waarop per periode zichtbaar is hoeveel personen worden verdacht van geweldsmisdrijven, uitgesplitst naar leeftijd, geslacht en herkomst, inclusief derde en vierde generatie migranten? Zo nee, waarom niet?
  • Vraag 10
    Waarom wordt er «weinig onderzoek» gedaan – aldus Ira Helsloot, de in het artikel genoemde hoogleraar besturen van veiligheid – naar de oorzaak van de overlast en het geweld? Waarom wordt dat onderzoek niet gedaan?
  • Vraag 11
    Bent u bereid alsnog onderzoek te laten doen naar de oorzaken van deze overlast, inclusief de migratieachtergrond van de daders? Zo nee, waarom niet?
  • Vraag 12
    Herkent u uit politieregistraties het beeld – alsook beschreven door bovenstaande hoogleraar – dat met name jongeren met een migratieachtergrond niet accepteren dat vrouwen schaars gekleed op het strand zitten?

    Op basis van politieregistraties kunnen hier geen uitspraken over worden gedaan.

  • Vraag 13
    Deelt u de mening dat het onaanvaardbaar is dat vrouwen op een Nederlands strand worden lastiggevallen of geïntimideerd vanwege hun kleding of gedrag?

    Ja. Het lastigvallen of intimideren van vrouwen, om welke reden dan ook en waar dan ook, is onaanvaardbaar.

  • Vraag 14
    Welke maatregelen neemt u om te voorkomen dat de vrijheid van vrouwen op het strand wordt ingeperkt door intimiderend gedrag van groepen jongeren?

    Handhaving van de openbare orde is aan het lokaal gezag. Bestaande maatregelen die hiertoe kunnen bijdragen zijn zichtbare aanwezigheid van politie, boa’s, toezicht- en handhavingsteams, toepassing van Algemene Plaatselijke Verordening (APV)-instrumenten en gebiedsverboden, Halt-trajecten voor minderjarigen, lokale preventie (jeugdwerk, voorlichting, afspraken met strandexploitanten) en in het uiterste geval de inzet van de noodbevoegdheden. De afweging wat effectief en proportioneel is vindt plaats in de lokale driehoek.

  • Vraag 15
    Indien u die maatregelen nog niet heeft, op welke termijn komt u hiermee?

    Zie antwoord vraag 14.

  • Vraag 16
    Welke gevolgen voor het beleid verbindt u aan de signalering van de burgemeester dat de overlastgevende groep steeds jonger wordt – soms 12 of 13 jaar – en een anti-autoritaire houding heeft?

    Het is belangrijk dat de politie en het lokale gezag in staat zijn om de openbare orde op straat en in onze wijken goed te handhaven. En dat het gezag wordt gerespecteerd en dat we ons veilig voelen op straat en in onze buurt. De signalering dat overlastgevende groepen steeds jonger zijn, onderstreept het belang van een vroegere en integrale preventieve en doortastende inzet; een goede samenwerking tussen gemeenten, onderwijs, justitie, zorg en jongerenwerk. Het is daarbij aan de burgemeester om in samenwerking met andere (gemeentelijke) partners en het OM (voor zover het om strafbare feiten gaat) om (jeugd-)overlast aan te pakken. Vanuit het Centrum voor criminaliteitspreventie en veiligheid zijn hiervoor verschillende handreikingen beschikbaar.

  • Vraag 17
    Hoeveel aanhoudingen en gebiedsverboden zijn er dit voorjaar landelijk opgelegd wegens strand- en uitgaansoverlast?

    Aanhoudingen en gebiedsverboden in de context van strand- en uitgaansoverlast worden niet apart geregistreerd.

  • Vraag 18
    Acht u de huidige bevoegdheden van politie en handhaving toereikend om dit soort overlast aan te pakken?

    Ik heb geen signalen dat de huidige bevoegdheden niet toereikend zijn om dit soort overlast aan te pakken. Strafrechtelijk kan worden opgetreden tegen o.a. openlijke geweldpleging, mishandeling en bedreiging. Bestuursrechtelijk staan onder andere het noodbevel en de noodverordening, gebiedsverboden, cameratoezicht en aanwijzing van een veiligheidsrisicogebied ter beschikking. Waar het minderjarigen betreft kan handhaving tevens bestaan uit het opleggen van Halt-trajecten en de inzet van het jeugdstrafrecht. De afweging wat nodig en proportioneel is vindt plaats in de lokale driehoek.

  • Vraag 19
    Zo nee, welke aanvullende bevoegdheden acht u nodig?

    Zie antwoord vraag 18.

  • Vraag 20
    Bent u bereid bij geweld en intimidatie door minderjarigen ook de ouders aansprakelijk te stellen, mede gelet op de constatering dat ouders minder betrokken zijn?

    Ouders kunnen niet strafrechtelijk aansprakelijk worden gesteld voor het gedrag van hun kinderen. Als het gaat om civiele aansprakelijkheid voor veroorzaakte schade zijn ouders aansprakelijk voor veroorzaakte schade door hun kinderen tot en met 13 jaar.5 Hierbij kunnen benadeelden een schadeclaim voegen in een eventuele strafzaak.
    Ten aanzien van ouders of gezagsdragers van kinderen onder de 12 jaar heeft de burgemeester de bevoegdheid om rechtstreeks aan ouders het bevel te geven ervoor te zorgen dat kun kind zich niet onbegeleid op bepaalde plaatsen bevindt.6 De burgemeester kan in geval van overtreding van de APV een last onder dwangsom opleggen ter voorkoming van herhaalde overtreding.

  • Vraag 21
    Welke consequenties verbindt u aan herhaalde overlast voor de verblijfsstatus of het inburgeringstraject van daders, voor zover dit van toepassing is?

    Het Europees Unierecht vereist dat, als een vreemdeling internationale bescherming nodig heeft, er sprake moet zijn van een ernstig misdrijf of een bijzonder ernstig misdrijf om de verblijfsvergunning te weigeren of in te trekken.
    Wanneer vreemdelingen misdrijven plegen en hiervoor onherroepelijk veroordeeld zijn, beoordeelt de IND altijd of dit ook verblijfsrechtelijke gevolgen heeft. Daarbij wordt onder meer gekeken naar de verblijfsduur van de vreemdeling en de duur van de opgelegde gevangenisstraf. Na een weigering of intrekking van de verblijfsvergunning door de IND start de Dienst Terugkeer en Vertrek (DTenV) het terugkeerproces.

  • Vraag 22
    Deelt u de analyse dat het toenemende aantal overlast- en geweldsincidenten op publieke plaatsen mede samenhangt met de omvang en samenstelling van de immigratie van de afgelopen decennia?

    De in de vraag genoemde analyse en de bijbehorende feitelijke onderbouwing zijn niet bekend. Het is daarom niet mogelijk de genoemde analyse te duiden.

  • Vraag 23
    Indien u deze analyse niet deelt, op welke gegevens baseert u dat?

    Zie antwoord vraag 22.

  • Vraag 24
    Deelt u de mening dat de burger recht heeft op een veilig en onbezorgd strandbezoek, en dat de overheid op dit moment tekortschiet in het faciliteren hiervan?

    Ik deel de mening dat iedere burger die het strand bezoekt dat veilig en onbezorgd moet kunnen doen. Ik heb geen signalen dat de huidige bevoegdheden van het lokaal gezag niet toereikend zijn om overlast aan te pakken.

  • Vraag 25
    Bent u bereid deze vragen afzonderlijk en vóór het zomerreces te beantwoorden?

    Dat is helaas niet gelukt.

  • Mededeling - 30 juni 2026

    Hierbij deel ik u, mede namens de Minister van Justitie en Veiligheid, mede dat de schriftelijke vragen van het lid Russcher (FVD), van uw Kamer aan de Minister van Asiel en Migratie over de noodverordening in Zandvoort en de overlast, intimidatie en geweldsincidenten op Nederlandse stranden (ingezonden 9 juni 2026) niet binnen de gebruikelijke termijn kunnen worden beantwoord, aangezien nog niet alle benodigde informatie is ontvangen. Ik streef ernaar de vragen zo spoedig mogelijk te beantwoorden.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2026Z12403
Volledige titel: De noodverordening in Zandvoort en de overlast, intimidatie en geweldsincidenten op Nederlandse stranden
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20252026-2801
Volledige titel: Antwoord op vragen van het lid Russcher over de noodverordening in Zandvoort en de overlast, intimidatie en geweldsincidenten op Nederlandse stranden