| Ingediend | 28 mei 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 26 juni 2026 (na 29 dagen) |
| Indiener | Jurgen Nobel (VVD) |
| Beantwoord door | Boekholt-O’Sullivan |
| Onderwerpen | immigratie migratie en integratie |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z11206.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-2387.html |
Ja.
Ik zie dat de voorrang voor statushouders op sociale huurwoningen inderdaad steeds meer knelt, omdat andere woningzoekenden te lang op een wachtlijst staan. Tegelijkertijd is het belangrijk dat statushouders doorstromen uit de asielopvang zodat de opvang wordt ontlast en statushouders kunnen beginnen met integreren, hun leven kunnen gaan opbouwen en bijdragen aan de samenleving. Om daarvoor te zorgen is het van groot belang om aanvullende vormen van huisvesting sneller te realiseren waarin verschillende groepen een start kunnen maken op de woningmarkt. Denk bij deze aanvullende huisvestingvormen aan de inzet van flexwoningen, transformatie en woningdelen.
In het coalitieakkoord is afgesproken dat, zolang er onvoldoende aanvullende huisvesting beschikbaar is, gemeenten ruimte houden om lokaal invulling te geven aan hun taakstelling om statushouders te huisvesten. Tegelijkertijd werk ik aan een uitvoerbaar wetsvoorstel waarmee de voorrang voor statushouders op sociale huurwoningen op termijn wettelijk niet meer mogelijk is, zodra er voldoende aanvullende huisvestingsmogelijkheden beschikbaar zijn.
Eén van de oorzaken van de druk op het aanmeldcentrum in Ter Apel is dat gemeenten achterlopen op hun wettelijke taakstelling om statushouders te huisvesten. Hierdoor blijven opvangplekken bezet en ontstaat er extra druk op het asielopvangsysteem. Daarnaast is uitstroom uit de opvang belangrijk omdat statushouders dan ook kunnen starten met hun inburgering en participatie.
In totaal zijn er 48 doorstroomlocaties operationeel met 1853 plekken. Hiervan zijn er 557 plekken gerealiseerd in 2026. Voor het zomerreces worden er naar verwachting nog 263 extra plekken gerealiseerd. Ik verwacht dat het aantal aanvragen na het reces verder zal toenemen, omdat gemeenten vanaf 1 juli 2026 de doelgroep flexibele regeling (DFR) kunnen aanvragen.
Het is niet behulpzaam om groepen woningzoekenden tegenover elkaar te zetten. De inzet is van dit kabinet is erop gericht om het woningaanbod voor iedereen te vergroten en aanvullende huisvestingsmogelijkheden te realiseren voor een brede doelgroep, zodat de druk op de sociale huurmarkt voor alle woningzoekenden, waaronder jongeren, afneemt.
In mijn reactie op het verantwoordingsonderzoek van de Algemene Rekenkamer over het beleid rond flexwoningen heb ik uitgelegd hoe de ambitieuze doelstelling van 15.000 flexwoningen per jaar is ontstaan. Die ambitie kwam voort uit een motie van de Tweede Kamer, de grote druk op de woningmarkt en de oorlog in Oekraïne, waardoor veel ontheemden naar Nederland kwamen. Samen zorgde dat in 2022 voor een flinke versnelling in de ontwikkeling van flexwoningen.
Met die urgentie is er toen veel in gang gezet om flexwoningen echt een volwaardig onderdeel van de woningmarkt te maken. Ik heb ook aangegeven dat ik me hier volop voor wil blijven inzetten. Tegelijkertijd zien we inmiddels dat een realistischer aantal rond de 5.000 flexwoningen per jaar ligt. Dat beeld komt naar voren uit de toenemende aanvragen voor de Stimuleringsregeling Flex- en Transformatiewoningen (SFT) en positieve signalen uit de markt. Dit aantal sluit ook beter aan bij wat er de afgelopen vier jaar daadwerkelijk is gerealiseerd: 17.665 flexwoningen.
Het Rijk ondersteunt gemeenten op verschillende manieren bij het realiseren van (tijdelijke) huisvesting en doorstroomlocaties. Zo zijn er financiële regelingen zoals de Stimuleringsregeling Flex- en Transformatiewoningen (SFT) en op korte termijn de doelgroepflexibele regeling (DFR). De SFT ondersteunt onder meer de realisatie van verplaatsbare woningen, transformatiewoningen en het splitsen van bestaande woningen. De DFR, die per 1 juli 2026 in werking treedt, voorziet in meerjarige financiering voor gemeenten voor de opvang en tijdelijke huisvesting van asielzoekers, statushouders en ontheemden.
Daarnaast werk ik op dit moment intensief samen met de VNG, Aedes en het IPO om te komen tot bestuurlijke afspraken over de versnelling en opschaling van aanvullende huisvesting voor een brede doelgroep. Uw Kamer wordt vóór de zomer geïnformeerd over de voortgang.
Ik ben voornemens om gemeenten die vooruitlopend op bestuurlijke afspraken al aan de slag zijn gegaan met realisatie van aanvullende huisvesting, op verschillende manieren te ondersteunen. In mijn brief die ik vóór de zomer naar de Kamer stuur, informeer ik u hierover.
Ja.