Kamervraag 2026Z10862

Het bericht 'Aantal kinderen in Rotterdam in de jeugdzorg voor het vierde jaar op rij gestegen'

Ingediend 26 mei 2026
Beantwoord 16 juni 2026 (na 21 dagen)
Indiener Ingrid Coenradie (PVV)
Beantwoord door Mirjam Sterk (CDA)
Onderwerpen jongeren zorg en gezondheid
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z10862.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-2265.html
  • Vraag 1
    Bent u bekend met het bericht «Aantal kinderen in Rotterdam in de jeugdzorg voor het vierde jaar op rij gestegen», waarin wordt gemeld dat in Rotterdam inmiddels 15.160 jongeren tot 23 jaar met jeugdzorg te maken hadden, dat dit neerkomt op ongeveer één op de elf jongeren, en dat dit afwijkt van de landelijke dalende trend?1

    Ja, ik ben bekend met dit artikel.

  • Vraag 2
    Kunt u voor de jaren 2020 tot en met 2025, uitgesplitst naar gemeente, jeugdregio en provincie, aangeven hoeveel jongeren jeugdzorg ontvingen, zowel absoluut als als percentage van het aantal jongeren tot 23 jaar?

    De door u opgevraagde informatie is dusdanig uitgebreid dat deze niet goed weer te geven is in tabellen in deze schriftelijke beantwoording. Daarom zijn hieronder verschillende verwijzingen opgenomen, die u direct naar deze cijfers op de website van het CBS toeleiden:
    Vanwege doorgevoerde verbeteringen in de verwerking van gegevens over jeugdzorg tussen 2020 en 2021, wordt data over de jeugdzorg door het CBS gepresenteerd in twee afzonderlijke periodes: periode 2015 – 2020 en periode 2021 tot heden. Hierdoor zijn de uitkomsten over jeugdhulp over de jaren 2021 en later niet goed te vergelijken met de uitkomsten over de jaren 2015 t/m 2020. Meer informatie is te vinden in de Methodewijzigingen Beleidsinformatie jeugd.5 Indien data over de jeugdzorg 2020 toch gewenst is, dan is deze online beschikbaar.6

  • Vraag 3
    Kunt u deze cijfers uitsplitsen naar jeugdhulp zonder verblijf, jeugdhulp met verblijf, pleegzorg, gezinsgerichte opvang, gesloten jeugdhulp, jeugdbescherming en jeugdreclassering?

    De door u gewenste selecties bevat te veel data (bij de uitsplitsing naar gemeente) om online (via de website van het CBS) te kunnen weergeven in tabellen. Wel kunnen deze als CSV-bestand gedownload worden via de open data API van het Dataportaal.7 Voer daar de gewenste selectie in en download de CSV. Een andere optie is om de data in delen online te filteren. De verwijzingen daarvoor zijn hieronder opgenomen.
    Data jongeren met jeugdzorg 2021 – 2025 in delen:
    Data naar jeugdregio en provincie:

  • Vraag 4
    Kunt u aangeven in welke gemeenten het jeugdzorggebruik het sterkst boven of onder het landelijke gemiddelde ligt, en welke verklarende factoren daarvoor volgens u het meest aannemelijk zijn?

    Hieronder treft u een landkaart met de weergave van het jeugdzorggebruik per gemeente (jongeren tot 23 jaar). De kleuren van de gemeenten geven een indicatie van of het jeugdzorggebruik ver boven of onder het landelijke gemiddelde ligt. Er bestaat een interactieve landkaart online om van iedere gemeente afzonderlijk de percentages te zien.13 Het CBS doet verder geen duiding van de cijfers. Per gemeente zullen de onderliggende redenen verschillen, zeker waar het gaat om gemeenten die sterk boven of onder het landelijk gemiddelde liggen. Vanuit VWS wordt wel nog onderzoek uitgezet naar aanvullend inzicht in de uitgavenontwikkeling van de jeugdzorg en de onderliggende factoren. Dit zal in algemene zin ook meer inzicht moeten geven in de ontwikkelingen in jeugdhulpgebruik.

  • Vraag 5
    Kunt u voor de afgelopen vijf jaar aangeven welk deel van de jeugdhulptrajecten is gestart als crisis, welk deel herhaald beroep betreft en welk deel betrekking heeft op jongeren die daarnaast ook jeugdbescherming of jeugdreclassering ontvangen?

    Op basis van de beschikbare informatie van het CBS, geeft onderstaande tabel inzicht in «gestart met crisis» en «herhaald beroep».14
    Totaal jeugdhulptrajecten
    Totaal begonnen trajecten
    Herhaald beroep
    Gestart met crisis
    2021
    652.970
    304.760
    79.630
    26,1
    11.715
    3,8
    2022
    667.420
    309.615
    80.230
    25,9
    10.610
    3,4
    2023
    702.100
    326.450
    83.235
    25,5
    10.935
    3,3
    2024
    709.935
    323.860
    84.275
    26
    10.200
    3,1
    20251
    673.075
    288.685
    77.350
    26,8
    9.665
    3,3
    % t.o.v. totaal aantal begonnen trajecten
    Betreft voorlopige cijfers.
    Voorts vraagt u naar de uitsplitsing hierin naar jeugdbescherming en jeugdreclassering. Hieronder is in een tweetal tabellen de beschikbare informatie over het aantal jeugdigen met jeugdbescherming en/of jeugdreclassering weergegeven. Een verdere uitsplitsing naar jeugdbescherming of jeugdreclassering (bijvoorbeeld naar de wijze van de start van het traject) is echter niet mogelijk. Dit komt omdat de betreffende data niet op deze wijze aan elkaar is gekoppeld. Verder is er data beschikbaar over herhaald beroep van jeugdreclasseringsmaatregelen en van ondertoezichtstellingen in de jeugdbescherming.15, 16
    Jongeren met meerdere vormen van jeugdzorg
    Jongeren met jeugdhulp
    Jongeren met jeugdhulp
    Jongeren met jeugdhulp
    Jongeren met jeugdhulp
    Jongeren met jeugdhulp
    Jeugdbescherming
    Wel of geen JR
    41.235
    38.765
    35.720
    33.940
    32.825
    Wel JR
    1.040
    1.060
    1.020
    1.085
    1.145
    Geen JR
    40.195
    37.705
    34.700
    32.855
    31.675
    Alleen voogdij
    Wel of geen JR
    10.305
    9.990
    9.480
    8.995
    8.380
    Wel JR
    135
    145
    165
    180
    170
    Geen JR
    10.170
    9.840
    9.315
    8.815
    8.210
    Alleen OTS
    Wel of geen JR
    29.925
    27.970
    25.605
    24.450
    24.005
    Wel JR
    895
    905
    845
    895
    970
    Geen JR
    29.030
    27.065
    24.760
    23.555
    23.040
    Zowel voogdij als OTS
    Wel of geen JR
    1.005
    810
    640
    495
    440
    Wel JR
    10
    10
    10
    10
    10
    Geen JR
    995
    800
    625
    485
    430
    CBS StatLine Jongeren met één of meerdere vormen van jeugdzorg te raadplegen via https://opendata.cbs.nl/#/CBS/nl/dataset/85101NED/table?dl=D5E3A.
    Betreft voorlopige cijfers.
    Jongeren met meerdere vormen van jeugdzorg
    Jongeren met jeugdhulp
    Jongeren met jeugdhulp
    Jongeren met jeugdhulp
    Jongeren met jeugdhulp
    Jongeren met jeugdhulp
    Wel JR
    Wel/geen jeugdbescherming
    7.975
    7.475
    7.665
    8.290
    8.660
    Wel JR
    Wel jeugdbescherming
    1.040
    1.060
    1.020
    1.085
    1.145
    Wel JR
    Alleen voogdij
    135
    145
    165
    180
    170
    Wel JR
    Alleen OTS
    895
    905
    845
    895
    970
    Wel JR
    Zowel voogdij als
    OTS
    10
    10
    10
    10
    10
    Wel JR
    Geen jeugdbescherming
    6.935
    6.410
    6.645
    7.205
    7.515
    CBS jongeren met één of meerdere vormen van jeugdzorg te raadplegen via https://opendata.cbs.nl/#/CBS/nl/dataset/85101NED/table?dl=D5F80.
    Betreft voorlopige cijfers.

  • Vraag 6
    Kunt u de jeugdzorgcijfers uitsplitsen naar leeftijdscategorie, geslacht, type huishouden, inkomenskwintiel van het huishouden en onderwijssoort?

    Voor de gewenste data adviseren wij om de nieuwste CBS rapporten te raadplegen over jeugdhulp,17 jeugdbescherming,18 en jeugdreclassering.19 In de rapporten staan (interactieve) staafdiagrammen met bijbehorende tabellen (incl. cijfers van voorgaande jaren) overzichtelijk gepresenteerd tezamen met een begeleidend schrijven.

  • Vraag 7
    Kunt u, voor zover beschikbaar en met inachtneming van statistische geheimhouding, de jeugdzorgcijfers tevens uitsplitsen naar geboorteland van de jongere, geboorteland van de ouders en herkomstland conform CBS-definities?

    Hieronder treft u de voorlopige cijfers jeugdzorg naar herkomst 2025. Betreffende data is alleen terug te vinden in CBS rapporten over jeugdzorg,19 jeugdbescherming,20 en jeugdreclassering,21 en zijn niet beschikbaar in online StatLine tabellen.
    Jeugdzorg naar herkomst
    Jongeren jeugdhulp zonder verblijf
    Jongeren jeugdhulp met verblijf
    Jongeren met jeugdbescherming
    Jongeren met jeugdreclassering
    10,4
    0,9
    1
    0,3
    Nederland
    10,7
    0,9
    0,9
    0,2
    Europa (exclusief Nederland)
    10
    1
    1,1
    0,4
    Turkije
    6,9
    0,4
    0,6
    0,5
    Marokko
    7,1
    0,5
    0,7
    0,9
    Suriname
    10,3
    1,7
    2
    1,1
    Nederlands-Caribisch gebied
    13,9
    2,8
    2,8
    1,9
    Indonesië
    8,5
    0,8
    0,7
    0,4
    Overig Afrika, Azië, Amerika en Oceanië
    9,5
    0,9
    1,1
    0,7
    6,1
    0,7
    1
    0,5
    Europa (exclusief Nederland)
    5,5
    0,6
    1
    0,2
    Turkije
    6
    0,4
    0,6
    0,2
    Marokko
    9,5
    1
    1,6
    1,4
    Suriname
    8,6
    1,5
    1,5
    0,9
    Nederlands-Caribisch gebied
    10,3
    1,9
    2,5
    1,2
    Indonesië
    4
    0,4
    0,5
    0,1
    Overig Afrika, Azië, Amerika en Oceanië
    6,3
    0,7
    0,9
    0,7

  • Vraag 8
    Kunt u daarbij nadrukkelijk onderscheid maken tussen jeugdhulp zonder verblijf, jeugdhulp met verblijf, jeugdbescherming en jeugdreclassering, omdat deze vormen inhoudelijk en beleidsmatig sterk verschillen?

    De informatie die hierover beschikbaar is, is opgenomen in het antwoord bij vraag 7.

  • Vraag 9
    Welke van deze achtergrondkenmerken hangen volgens bestaande CBS-analyses het sterkst samen met jeugdzorggebruik, en welke beleidsconclusies verbindt u daaraan?

    Een soortgelijke analyse als waar u naar vraagt is in 2023 door het CBS uitgevoerd over het jaar 2021.20 Dit onderzoek had naast herkomst ook betrekking op andere demografische achtergrondkenmerken. Voor de daaropvolgende jaren zijn dergelijke analyses niet gedaan.
    Het onderzoek laat de samenhang zien tussen jeugdhulpgebruik en verschillende factoren. Dit betekent overigens niet dat ook geconcludeerd kan worden dat er sprake is van een causaal verband. De samenhang voor jeugdhulp zonder verblijf is het sterkst met de factoren GGZ gebruik in huishouden, speciaal onderwijs en leeftijd. Voor jeugdhulp met verblijf is dit speciaal onderwijs, samenstelling van het huishouden en gebruik van Wmo en/of WLZ in het gezin. Voor Jeugdbescherming is dit ouders wonen op hetzelfde adres/samenstelling van het huishouden, speciaal onderwijs en gebruik van Wmo en/of WLZ. Voor Jeugdreclassering is dit verdachte in huishouden, HALT, geslacht en speciaal onderwijs/hoogst gevolgde opleiding.
    Kortom, in algemene zin blijk uit dit onderzoek dat jongeren met jeugdzorg vaker dan jongeren zonder jeugdzorg te maken hebben met problemen op andere gebieden. Daarmee sluiten de uitkomsten van het onderzoek aan op de beleidsinzet om een integrale en brede blik te hanteren wanneer er problemen bij jeugdigen voordoen en/of een beroep gedaan wordt op jeugdzorg. Onder andere met het met een brede blik kijken naar en betrekken van het gezin bij hulpvragen (waaronder een verklarende analyse), de inzet op stevige lokale teams en de inzet op passende zorg en ondersteuning.

  • Vraag 10
    Kunt u aangeven welk deel van de jeugdhulptrajecten wordt gestart via de gemeentelijke toegang, welk deel via huisarts, jeugdarts of medisch specialist, welk deel via gecertificeerde instellingen en welk deel via rechterlijke of justitiële route?

    Hieronder worden de meest actuele cijfers hierover weergegeven.21
    Huisarts
    35
    36
    38,7
    39,5
    Gemeentelijke toegang
    32,7
    32,3
    30,9
    30,6
    Geen verwijzer
    16,8
    17,5
    16,2
    15,6
    Gecertificeerde instelling
    5,7
    5,6
    5,7
    5,8
    Medisch specialist
    5,5
    4,6
    4,4
    4,5
    Jeugdarts
    3,7
    3,7
    3,7
    3,5
    Rechter, Officier van Justitie, functionaris Justitiële jeugdinrichting
    0,3
    0,3
    0,3
    0,3
    Onbekend
    0,2
    0,1
    0,1
    0,1
    Gemeentelijke toegang
    43,3
    44,9
    44,4
    43,5
    Gecertificeerde instelling
    38,1
    36,3
    35
    36,1
    Huisarts
    6,6
    6,4
    6
    5,6
    Medisch specialist
    6
    5,4
    6,5
    6,4
    Rechter, Officier van Justitie, functionaris Justitiële jeugdinrichting
    0,9
    1,2
    0,9
    0,8
    Jeugdarts
    0,4
    0,4
    0,4
    0,4
    Geen verwijzer
    0
    0
    0
    0
    Onbekend
    4,6
    5,3
    7
    7,1
    Betreft voorlopige cijfers.

  • Vraag 11
    Klopt het dat gemeenten bij de medische verwijsroute wel financieel verantwoordelijk zijn, maar beperkt kunnen sturen op de feitelijke toekenning van hulp? Zo ja, welke gevolgen heeft dit voor kostenbeheersing en voor het terugdringen van onnodige of lichte jeugdhulp?

    De Jeugdwet kent meerdere verwijzers naar jeugdhulp. Huisartsen, jeugdartsen en medisch specialisten (hierna: medisch verwijzers) kunnen bepalen dat een jeugdige aanspraak kan maken op jeugdhulp. De gemeente moet vervolgens een beschikking afgeven op basis van wat de jeugdhulpaanbieder inschat dat nodig is. De jeugdhulpaanbieder moet zich bij deze inschatting houden aan de afspraken die hij daarover met de gemeente heeft gemaakt in het kader van de contract- of subsidierelatie en met de regels die de gemeente in de verordening heeft gesteld.
    Het kunnen bieden van passende jeugdhulp met een brede blik en het kunnen sturen op de inzet van mensen en middelen in de context van schaarste is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van huisartsen en gemeenten. In het najaar van 2025 zijn hierover bestuurlijke afspraken gemaakt tussen de Landelijke Huisartsen Verenging (LHV), Artsen Jeugdgezondheidszorg Nederland (AJN), de VNG en VWS.22 Deze worden verankerd en uitgewerkt in de leidraad.23 In deze bestuurlijke afspraak is de samenwerking tussen gemeenten, huisartsen en jeugdartsen, zoals beoogd in de Hervormingsagenda jeugd, nader uitgewerkt.

  • Vraag 12
    Welke hulpvormen heeft u concreet op het oog, gezien in de toelichting op het wetsvoorstel reikwijdte Jeugdwet wordt gesteld dat preventie en basishulp voorliggend moeten worden op aanvullende jeugdhulp, dat jeugdhulp waar mogelijk groepsgewijs moet worden ingezet en dat bepaalde hulpvormen bij algemene maatregel van bestuur (AMvB) buiten de Jeugdwet kunnen worden geplaatst?

    In de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel reikwijdte Jeugdwet worden bij de betreffende categorieën voorbeelden genoemd. Het gaat bijvoorbeeld bij de versterking van de sociaal pedagogische basis om voorzieningen die alledaagse opvoed- en opgroeivragen in de leefomgeving opvangen zodat jeugdhulp niet nodig is. Concreet gaat het hierbij om: jongerenwerk, laagdrempelige inloop- en ontmoetingsplekken en informele steunstructuren zoals Buurtgezinnen. Bij basishulp worden genoemd: opvoed- en opgroeiondersteuning, begeleiding van jeugdigen met lichte gedragsproblemen en laagdrempelige langdurige begeleiding bij gezinnen met een kind met een chronische beperking. Bij jeugdhulp op groepsbasis gaat het om hulpvormen waarbij het bijvoorbeeld gaat om het besef niet de enige te zijn met een bepaald probleem, onderlinge steun en erkenning, en de mogelijkheid om sociale vaardigheden in een veilige omgeving met leeftijdsgenoten te oefenen. Voor de amvb waarbij vormen van jeugdhulp wordt uitgesloten gaat het bijvoorbeeld om ernstige enkelvoudige dyslexie die niet is vastgesteld volgens het Protocol Dyslexie Diagnostiek en Behandeling, huiswerk-, studie- en stagebegeleiding, weerbaarheidstraining zonder ontwikkelings- of gedragsprobleem, outdoor- of survivalactiviteiten zonder behandel- of begeleidingscomponent, Braingame Brian en HiRO.

  • Vraag 13
    Welke vormen van jeugdhulp worden volgens u op dit moment te vaak ingezet voor problemen die behoren tot het normale leven, gewone opvoedvragen of ondersteuning die beter via onderwijs, gezin, sociaal netwerk of algemene voorzieningen kan worden georganiseerd?

    Bij hulpvragen van jeugdigen rondom het opvoeden en opgroeien is niet één op één aan te geven welke hulp en/of ondersteuning passend is aangezien problematiek altijd afspeelt in een bepaalde context. De context bepaalt welke hulp effectief is bij bepaalde hulpvragen. Zo kan het dus zijn dat eenzelfde hulpvraag, zoals «mijn kind vertoont druk gedrag», verschillende oplossingen nodig heeft in verschillende situaties. Dit maakt het dus ook niet mogelijk om aan te geven welke vormen van jeugdhulp te vaak worden ingezet voor problemen die behoren tot het normale leven, gewone opvoedvragen of ondersteuning die beter via het onderwijs, gezin, sociaal netwerk of algemene voorzieningen kunnen worden georganiseerd. Wel zien we al langer een stijging in de relatief lichtere vormen van ambulante hulp en ondersteuning zoals begeleiding, basis-ggz behandeling en relatief lichte vormen van opvoed- en opgroeiondersteuning.

  • Vraag 14
    Kunt u vóór de behandeling van de nieuwe regels over de reikwijdte van de Jeugdwet een landelijke benchmark aan de Kamer te sturen met per gemeente het feitelijke jeugdzorggebruik, de modelschatting op basis van achtergrondkenmerken, de afwijking daarvan en een beleidsmatige duiding van opvallende uitschieters?

    Het CBS publiceert twee keer per jaar cijfers over jeugdzorg, waarbij o.a. uitsplitsingen worden gemaakt naar gemeente en zorgvorm (zie ook het antwoord op vraag 2 en 3). Daarnaast heeft het CBS in 2025 modelschattingen per gemeente gepubliceerd o.b.v. relevante achtergrondkenmerken voor jeugdzorg. Deze vindt u hier: Modelschattingen jeugdzorggebruik per gemeente, 2023 | CBS.24 Deze cijfers zullen ook betrokken worden in de centrale monitor van het jeugdstelsel, waarvan het CBS nu de data-infrastructuur bouwt. Een eerste versie van deze monitor wordt in het najaar gepubliceerd.

  • Vraag 15
    Bent u bereid daarbij expliciet inzichtelijk te maken waar sprake lijkt te zijn van overgebruik van lichte jeugdhulp, waar sprake lijkt te zijn van onderbereik van kwetsbare jongeren, en waar sprake is van relatief veel zware jeugdzorg? En kunt u dit beleidsmatig duiden?

    Ik beschik niet over cijfers over lichte jeugdhulp, zware jeugdzorg of kwetsbare jongeren. CBS houdt namelijk andere categorieën van zorgvormen bij, zie vraag 3.

  • Vraag 16
    Kunt u deze vragen afzonderlijk beantwoorden vóór het debat over de nieuwe regels voor de reikwijdte van de Jeugdwet?

    Ja.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2026Z10862
Volledige titel: Het bericht 'Aantal kinderen in Rotterdam in de jeugdzorg voor het vierde jaar op rij gestegen'
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20252026-2265
Volledige titel: Antwoord op vragen van het lid Coenradie over het bericht 'Aantal kinderen in Rotterdam in de jeugdzorg voor het vierde jaar op rij gestegen'