| Ingediend | 20 mei 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 18 juni 2026 (na 29 dagen) |
| Indiener | Christine Teunissen (PvdD) |
| Beantwoord door | Sjoerd Sjoerdsma (D66) |
| Onderwerpen | economie organisatie en beleid |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z10362.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-2292.html |
Ja.
De EU-richtlijn inzake de duurzaamheidsrapportering, de Corporate Sustainability Reporting Directive (CSRD), waarvan de implementatievoorstellen momenteel in het parlement aanhangig zijn, verplicht een onderneming niet tot transparantie over de duurzaamheidsgevolgen van een specifiek voorgenomen project tot uitbreiding van de onderneming. Pas zodra de uitbreiding is gerealiseerd, dient die meegenomen te worden in de duurzaamheidsrapportering door de onderneming als zij onder de CSRD-verplichtingen valt.
Een onderneming valt onder de CSRD-verplichtingen in Nederland indien zij een statutaire zetel in Nederland heeft of een beursvennootschap is met Nederland als land van herkomst, een netto-omzet van meer dan € 450 miljoen heeft en meer dan duizend werknemers. Indien de onderneming een dochtermaatschappij met statutaire zetel in Nederland is met een netto-omzet van meer dan € 200 miljoen, waarvan de moedermaatschappij buiten de EU is gevestigd en in de EU een netto-omzet van meer dan € 450 miljoen heeft, dan dient die dochtermaatschappij een verslag inzake duurzaamheid openbaar maken waarin verslag wordt gedaan over de duurzaamheid van het hele concern van de moedermaatschappij.
Elke partij levert volgens het Parijs-akkoord op basis van hun «National Determined Contribution» een bijdrage aan het tegengaan van klimaatverandering. Dat zijn vrijwillige bijdragen van de individuele landen. Het is dus niet aan Nederland om naar bovenstaande onderzoek te gaan doen in Nigeria; dit is aan Nigeria als partij aan het Parijs-akkoord.
Wel zal de Nederlandse regering via de Wet Internationaal Verantwoord Ondernemen (Wivo) de Corporate Sustainability Due Diligence Directive (CSDDD) implementeren en handhaven. De Wivo ziet erop toe dat in Nederland gevestigde bedrijven zich wereldwijd inspannen om misstanden, zoals klimaatschade en mensenrechtenschendingen, te voorkomen.
Als met zorgplicht de verplichting voor bedrijven om gepaste zorgvuldigheid toe te passen bedoeld wordt, is het inderdaad de bedoeling hiervoor adequaat toezicht in te richten. Gepaste zorgvuldigheid komt terug in verschillende Europese wetten die binnenkort van kracht worden. Zo is het kabinet momenteel bezig eerdergenoemde CSDDD te implementeren met de eerdergenoemde Wivo. De CSDDD dient uiterlijk 26 juli 2028 omgezet te zijn in nationale wetgeving en een jaar later moeten bedrijven aan de wet voldoen. De Wivo zal ondernemingen die binnen het toepassingsbereik van de wet vallen verplichten om gepaste zorgvuldigheid toe te passen in hun waardeketen. Dit betekent dat grote ondernemingen feitelijke en potentiële nadelige gevolgen voor mens en milieu, inclusief meetbare milieuschade zoals schadelijke emissies, in hun keten moeten identificeren en deze vervolgens moeten voorkomen, beperken of beëindigen. Beoogd toezichthouder Autoriteit Consument en Markt (ACM) zal op de naleving hiervan toezien.
Daarnaast zal de Europese Ontbossingsverordening (EUDR) van toepassing worden vanaf 2027. Deze verordening verplicht bedrijven die onder haar toepassingsbereik vallen om aan te tonen dat hun producten niet afkomstig zijn van recent ontboste gebieden en dat zij legaal zijn geproduceerd. De bevoegde autoriteiten zullen toezicht houden op de naleving en kunnen bij overtredingen handhavend optreden. Of in een specifiek geval, zoals dat van JBS, handhaving aan de orde is, hangt af van de specifieke omstandigheden en het oordeel van de toezichthouders.
De Wet Internationaal Verantwoord Ondernemen (Wivo), de wet die de Corporate Sustainability Due Diligence Directive (CSDDD) implementeert, wordt momenteel geschreven en geldt nog niet. De CSDDD dient uiterlijk 26 juli 2028 omgezet te zijn in nationale wetgeving en een jaar later moeten bedrijven aan de wet voldoen. De Wivo zal ondernemingen die binnen het toepassingsbereik van de wet vallen verplichten om gepaste zorgvuldigheid toe te passen in hun waardeketen. Dit betekent dat grote ondernemingen feitelijke en potentiële nadelige gevolgen voor mens en milieu, inclusief meetbare milieuschade zoals schadelijke emissies, in hun keten moeten identificeren en deze vervolgens moeten voorkomen, beperken of beëindigen.
Ondernemingen vallen onder het toepassingsbereik van de Wivo wanneer zij binnen Nederland gevestigd zijn en een jaaromzet van ten minste € 1,5 miljard en 5.000 medewerkers hebben. Indien JBS aan deze criteria voldoet wanneer de wet in juli 2028 in werking treedt, zal het onder de handhaving van de Nederlandse toezichthouder vallen.
Nederland hecht groot belang aan een zo hoog mogelijk niveau van harmonisatie bij de implementatie van de CSDDD in de lidstaten, om een gelijk speelveld binnen de Europese Unie te waarborgen. De Wivo wordt mede daarom zuiver en lastenluw geïmplementeerd.
Zoals is toegelicht in het antwoord op vraag 5, wordt momenteel gewerkt aan de implementatie van de CSDDD in de nationale wetgeving. Daarmee ontstaat een gelijk speelveld op het gebied van gepaste zorgvuldigheid in de Europese Unie en kan Nederland op dat gebied geen «safe haven» worden.
Het kabinet is van mening dat de EUDR in de huidige vorm geen geschikt instrument is voor het controleren van financiële stromen, omdat deze zich richt op toeleveringsketens van fysieke producten.