Kamervraag 2026Z09750

Het geschrapte ‘rampscenario’ van het IPCC

Ingediend 13 mei 2026
Beantwoord 17 juli 2026 (na 65 dagen)
Indiener Lidewij de Vos (FVD)
Beantwoord door Stientje van Veldhoven (D66)
Onderwerpen natuur en milieu organisatie en beleid
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z09750.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-2573.html
  • Vraag 1
    Heeft u kennisgenomen van het bericht dat het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) zijn meest extreme rampscenario (4 tot 6 graden opwarming in 2100) heeft geschrapt?1

    Ja.

  • Vraag 2
    Heeft u kennisgenomen van de analyse dat meer dan 80 procent van de mediaberichtgeving gebaseerd zou zijn op dit inmiddels achterhaalde scenario?2

    Ja.

  • Vraag 3
    Hoe beoordeelt u de berichtgeving zoals genoemd in vraag 1 en 2?

    Door een internationale groep wetenschappers is een nieuwe set mondiale emissiescenario’s gepresenteerd met een beperktere bandbreedte dan voorheen. Dit zijn geen «IPCC-scenario’s», maar emissiescenario’s waar de IPCC na doorrekening haar beoordeling van de klimaateffecten op baseert. Sinds de opstelling van de eerdere scenario’s is er veel gebeurd. Daarmee is het ergste scenario- dat uitging van een situatie waarin er geen klimaatbeleid gevoerd zou worden, nu gelukkig niet meer plausibel. Helaas constateren de onderzoekers tegelijkertijd dat er ook onvoldoende klimaatbeleid is gevoerd om het laagste scenario nog als haalbaar te beschouwen. Het is niet meer mogelijk om de opwarming aan het eind van deze eeuw tot 1,5 graad te beperken zonder dat niveau eerst te overschrijden, zoals bij de eerdere lage scenario’s nog wel mogelijk was.

  • Vraag 4
    Bent u van mening dat de afgelopen jaren een vertekend en te alarmistisch beeld van de klimaatontwikkelingen is geschetst? Zo ja, waarom wel? Zo nee, waarom niet?

    Nee. Scenario's zijn geen voorspellingen, maar projecties om een bandbreedte aan mogelijke toekomstige ontwikkelingen in kaart te brengen. Het hoogste scenario was lange tijd een realistisch scenario in een wereld zonder effectief klimaatbeleid. Bovendien worden de gevolgen van klimaatverandering bij toenemende wereldgemiddelde temperatuurstijgingen nu ernstiger beoordeeld dan voorheen zodat voorzichtigheid geboden is.

  • Vraag 5
    In hoeverre is het huidige Nederlandse klimaatbeleid gebaseerd op aannames en modellen van het IPCC, die inmiddels door datzelfde IPCC zijn bijgesteld? Kunt u uw antwoord toelichten?

    Het Nederlands klimaatbeleid is gebaseerd op inzichten van het IPCC en Nederlandse kennisinstellingen zoals het KNMI en PBL. Het mitigatiebeleid richt zich op het beperken van de mondiale temperatuurstijging tot 1,5 graad aan het eind van deze eeuw met een zo beperkt en kort mogelijke overschrijding daarvan om de ernstigste effecten van klimaatverandering te vermijden en de risico’s van het bereiken van kantelpunten in het klimaatsysteem zo klein mogelijk te houden.
    Voor het Nederlandse adaptatiebeleid zullen de doorrekeningen van de klimaateffecten van deze set aan nieuwe emissiescenario's een hulpmiddel zijn voor het opstellen van nieuwe klimaatscenario’s voor Nederland, inclusief Caribisch Nederland.

  • Vraag 6
    Acht u het verantwoord om door te gaan met beleid dat een zeer grote economische en maatschappelijke impact heeft, terwijl de onder dat beleid liggende en van het IPCC afkomstige aannames en modellen inmiddels door datzelfde IPCC zijn bijgesteld? Zo ja, waarom wel? Zo nee, welke wijzigingen bent u bereid door te voeren?

    Ja. Dat zowel het meest ongunstige als het meest gunstige scenario zijn komen te
    vervallen onderstreept het belang van de huidige koers. Daarbij moet immers worden opgemerkt dat de kosten van niets doen aanzienlijk hoger zijn dan de kosten van het tegengaan van klimaatverandering3.

  • Vraag 7
    Bent u bereid een volledige herijking uit te voeren van het Nederlandse klimaatbeleid? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke termijn?

    Nee. Zoals aangegeven is daar geen aanleiding toe.

  • Vraag 8
    Bent u bereid om, in het licht van deze ontwikkelingen, maatregelen te nemen om de lasten voor burgers te verlagen, bijvoorbeeld door het klimaatbeleid (deels) te schrappen of zelfs terug te draaien? Kunt u uw antwoord toelichten?

    Nee. Zoals aangegeven is daar geen aanleiding toe.

  • Vraag 9
    Hoe gaat u voorkomen dat beleid in de toekomst wordt gebaseerd op extreme en onrealistische scenario’s?

    Zoals aangegeven is dat niet het geval geweest. Ook in de toekomst blijft het Nederlands klimaatbeleid gebaseerd op inzichten van het IPCC en Nederlandse kennisinstellingen, zoals het KNMI en PBL.

  • Vraag 10
    Heeft u kennisgenomen van het bericht dat alle klimaatrechtszaken van de afgelopen jaren zouden verwijzen naar het inmiddels geschrapte rampscenario van het IPCC?3

    Ja.

  • Vraag 11
    Hoe beoordeelt u de berichtgeving zoals genoemd in vraag 10?

    Dat het hoge emissiescenario onwaarschijnlijk is geworden, is daarvoor niet wezenlijk van belang. In klimaatrechtszaken wordt veelal een aanscherping van het klimaatbeleid gevorderd. Daarbij gaat het niet om het vermijden van het hoogste emissiescenario, maar vooral om de vraag of staten een eerlijke bijdrage leveren aan het beperken van de mondiale opwarming tot 1,5 graad Celsius.

  • Vraag 12
    Erkent u dat, als de berichtgeving zoals genoemd in vraag 10 klopt, dit verstrekkende gevolgen heeft voor de juridische grondslagen op basis waarvan rechters de Nederlandse staat en Nederlandse bedrijven hebben veroordeeld tot vergaand en kostbaar klimaatbeleid? Kunt u uw antwoord toelichten?

    Nee. Zie het antwoord op vraag 11.

  • Vraag 13
    Bent u bereid te laten onderzoeken in hoeverre de vonnissen in klimaatrechtszaken direct of indirect steunen op het rampscenario van het IPCC, dat inmiddels door datzelfde IPCC is geschrapt? Bent u bereid de Kamer over de uitkomsten van dit onderzoek te informeren? Zo ja, op welke termijn? Zo nee, waarom niet?

    Nee. Dit is niet aan het kabinet.

  • Vraag 14
    In de klimaatrechtszaak inzake Bonaire (ECLI:NL:RBDHA:2026:1344) gaat de rechter onder punt 4.21 uit van een zeespiegelstijging van 27 cm in 2050 en 85 cm in 2100, gebaseerd op het inmiddels door het IPCC geschrapte «rampscenario» SSP5-8.5; hoe beoordeelt u het feit dat deze rechterlijke uitspraak met verstrekkende gevolgen mede gebaseerd is op scenario’s van het IPCC die inmiddels door datzelfde IPCC zijn geschrapt? Kunt u uw antwoord toelichten?

    Zie antwoord vraag 11 en vraag 15.

  • Vraag 15
    Bent u bereid om in het hoger beroep tegen de uitspraak inzake Bonaire expliciet mee te nemen dat de rechtbank zich mede heeft gebaseerd op het inmiddels door het IPCC geschrapte SSP5-8.5-scenario, en dat de onderbouwing van de uitspraak daarmee wezenlijk is gewijzigd? Zo ja, waarom wel? Zo nee, waarom niet?

    Het kabinet beraadt zich op de hoofdlijnen van de gronden voor het hoger beroep, om op basis daarvan de memorie van grieven te kunnen opstellen. In deze fase kunnen hierover geen mededelingen of toezeggingen worden gedaan.

  • Vraag 16
    Kunt u deze vragen zo spoedig mogelijk en afzonderlijk van elkaar beantwoorden?

    Ja.

  • Mededeling - 12 juni 2026

    De vragen van het lid De Vos (FvD) van 13 mei jl. (2026Z09750) over het geschrapte «rampscenario» van het IPCC kunnen niet binnen de gebruikelijke termijn worden beantwoord. De reden van uitstel is dat er door meerdere fracties vragen over dit onderwerp zijn gesteld en interdepartementale afstemming nodig is. Ik zal uw Kamer zo spoedig mogelijk de antwoorden op de vragen doen toekomen.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2026Z09750
Volledige titel: Het geschrapte ‘rampscenario’ van het IPCC
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20252026-2573
Volledige titel: Antwoord op vragen van het lid De Vos over het geschrapte ‘rampscenario’ van het IPCC