| Ingediend | 13 april 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 6 mei 2026 (na 23 dagen) |
| Indiener | Pepijn van Houwelingen (FVD) |
| Beantwoord door | Sophie Hermans (VVD) |
| Onderwerpen | verzekeringen zorg en gezondheid |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z07725.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-1824.html |
De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) kan geen bestuurlijke boete opleggen voor het niet naleven van de zorgplicht. Dit hangt samen met het feit dat de zorgplicht een open norm is, waardoor niet vooraf voldoende concreet is vastgelegd wanneer sprake is van een overtreding die met een boete kan worden bestraft.
Zoals toegelicht in de brief van 12 februari 2025 aan de Kamer over de motie van de Kamerleden Tielen, Jansen en Claassen inzake het handhaven van de zorgplicht1, acht ook het kabinet het huidige handhavingsinstrumentarium van de NZa wel toereikend.
De NZa beschikt over effectieve herstelgerichte instrumenten, zoals het geven van een aanwijzing en indien nodig het opleggen van een last onder dwangsom. Deze instrumenten zijn erop gericht om naleving van de zorgplicht daadwerkelijk af te dwingen en de zorg voor verzekerden te borgen. Gelet hierop ziet het kabinet geen aanleiding om de NZa de bevoegdheid te geven om een bestuurlijke boete op te leggen voor het niet naleven van de zorgplicht.
De IGJ kan door middel van een aanwijzing, indien nodig gevolgd door een last onder dwangsom, in uitzonderlijke gevallen afdwingen dat het bestuur van een zorginstelling (deels) wordt vervangen. Daarnaast kan de IGJ in bij wet bepaalde gevallen een last onder bestuursdwang inzetten, bijvoorbeeld indien niet tijdig wordt voldaan aan een aanwijzing of bevel. Het (deels) vervangen van het bestuur is een ingrijpende maatregel. De IGJ zal hier alleen op aansturen als zij onvoldoende vertrouwen heeft in het bestuur om risico’s voor de kwaliteit en veiligheid van de zorg weg te nemen, en zij geen mogelijkheden ziet om tot herstel te komen met dit bestuur. Het is vervolgens aan de interne toezichthouder van de instelling, de raad van toezicht, om de bestuurders te schorsen of te ontslaan en zo nodig tijdelijk bestuur aan te stellen.
Het kabinet voorziet geen invoering van een directe ontslagbevoegdheid voor de IGJ. Een dergelijke bevoegdheid zou een fundamentele wijziging betekenen van het stelsel, waarin publiek toezicht en interne governance van zorginstellingen van elkaar zijn gescheiden.