Kamervraag 2026Z06397

Het bericht ‘De lange arm van Marokko: actiegroep waarschuwt Kamer voor spionage en intimidatie in Nederland’

Ingediend 27 maart 2026
Beantwoord 11 mei 2026 (na 45 dagen)
Indieners Annabel Nanninga (JA21), Ingrid Michon (VVD)
Beantwoord door David van Weel (VVD), Thierry Aartsen (VVD)
Onderwerpen bestuur openbare orde en veiligheid parlement staatsveiligheid
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z06397.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-1870.html
  • Vraag 1
    Bent u bekend met artikel van Elsevier Weekblad «De lange arm van Marokko: actiegroep waarschuwt Kamer voor spionage en intimidatie in Nederland»?1

    Ja.

  • Vraag 2
    Hoe beoordeelt u de in het artikel geschetste signalen en stellingen over buitenlandse inmenging, beïnvloeding en intimidatie in Nederland?

    Het kabinet vindt alle vormen van ongewenste buitenlandse inmenging (OBI, of: statelijke inmenging) in Nederland volstrekt onacceptabel. Iedereen in Nederland moet in vrijheid kunnen leven en keuzes kunnen maken, zonder daarin door autoriteiten van andere landen te worden beperkt.

  • Vraag 3
    Welke instrumenten heeft het kabinet om buitenlandse inmenging tegen te gaan?

    Het kabinet werkt Rijksbreed doorlopend aan het tegengaan van statelijke inmenging in Nederland binnen de landenneutrale aanpak OBI. Hierbinnen wordt Rijksbreed de dreiging tegen de nationale veiligheid in kaart gebracht. Landen die zich schuldig maken aan ongewenste buitenlandse inmenging worden daar consequent op aangesproken. Bij dreigende incidenten of verdenking van strafbare feiten wordt niet geschroomd om binnen eigenstandige taken en bevoegdheden op te treden via bestuurlijke dan wel strafrechtelijke maatregelen. Daarnaast wordt doorlopend gewerkt aan het verhogen van de weerbaarheid van diasporagemeenschappen. Dit gebeurt onder meer door transparant te zijn over de dreiging en zodoende de bewustwording te vergroten.

  • Vraag 4
    Wat doet het kabinet aan het beschermen van onze samenleving voor buitenlandse inmenging?

    Zie graag het antwoord op vraag 3.

  • Vraag 5
    Ziet u een verhoogde dreiging door de onrust in het Midden Oosten?

    Momenteel zijn bij het kabinet geen signalen bekend dat de dreiging van buitenlandse inmenging van Marokko zou zijn toegenomen door de onrust in het Midden-Oosten. Het kabinet monitort de ontwikkelingen in het Midden-Oosten, bijvoorbeeld via bilaterale en multilaterale contacten en het postennetwerk. Mocht dit conflict aanleiding geven tot het vaststellen van een verhoogde dreiging van ongewenste buitenlandse inmenging, dan zullen de onder het antwoord op vraag 3 genoemde stappen worden ondernomen om de dreiging tegen te gaan.

  • Vraag 6
    Welke acties onderneemt het kabinet nu de Wet transparantie maatschappelijke organisaties (Wtmo) niet door de Eerste Kamer is aangenomen?

    Om effectief op te kunnen treden tegen ongewenste buitenlandse financiering dienen instrumenten zich op specifieke vormen van financiering te richten. Nederland kent daarom een systeem waarbij in de eerste plaats de inlichtingen- en veiligheidsdiensten onderzoek kunnen doen in de gevallen waarin er ernstige vermoedens zijn van financiering vanuit het buitenland, die een gevaar opleveren voor de democratische rechtsorde of waardoor risico’s ontstaan voor de nationale veiligheid. Het Ministerie van Buitenlandse Zaken kan notes verbales over financieringsstromen, die zij ontvangen van Golfstaten, doorsturen naar de AIVD. Ook kent Nederland verschillende instrumenten om witwassen en terrorismefinanciering tegen te gaan. Zo analyseert de Financial Intelligence Unit Nederland (FIU) ongebruikelijke en verdachte transacties en kan de FIU deze delen met de opsporings-, inlichtingen- en veiligheidsdiensten om hierop te acteren.
    Daarnaast blijft in de aanpak van ongewenste buitenlandse financiering Europese samenwerking essentieel om dit probleem aan te pakken. Binnen het Radicalisation Awareness Netwerk (RAN) en diens opvolger: de Knowledge Hub van de EU, wordt gewerkt aan bewustwording over het onderwerp binnen de lidstaten onder andere in de vorm van het delen van best practices en het komen tot mogelijke maatregelen. Er zal nader worden bezien of een aanvullend instrument passend is.

  • Vraag 7
    Welke instrumenten, wetgevende maatregelen en samenwerkingsvormen gebruiken andere landen (met name Duitsland) om buitenlandse inmenging te voorkomen, en hoe kunnen deze voorbeelden Nederland helpen zijn eigen weerbaarheid te versterken?

    Om de weerbaarheid van gemeenschappen tegen ongewenste buitenlandse inmenging te vergroten hebben enkele landen centrale punten opgericht waar signalen van OBI kunnen worden gemeld, waaronder Duitsland.
    Gelijkgezinde landen spreken andere landen op vergelijkbare wijze aan op OBI als de Nederlandse overheid. De wijze waarop vergt altijd een per casus bekeken benadering. Dat kan voor, of achter de schermen plaatsvinden. Deze gesprekken zijn altijd onderdeel van een bredere afweging.
    Nederland onderhoudt contact met gelijkgezinde landen om ervaringen in de aanpak van OBI te delen en mee te nemen in de praktijk. In vergelijking met gelijkgezinde landen is Nederland een van de koplopers in het hanteren van een gecoördineerde whole-of-governmentbenadering van het fenomeen ongewenste buitenlandse inmenging, door de Rijksbrede aanpak OBI zoals beschreven in het antwoord op vraag 3.

  • Vraag 8
    Wat is de stand van zaken van het toegezegde meldpunt waar slachtoffers anoniem terecht kunnen, gelet op het feit dat de Kamer reeds in oktober 2023 heeft verzocht om de inrichting van een dergelijk meldpunt? Waarom laat dit zo lang op zich wachten?

    Zoals beschreven in de kamerbrief2 over de stand van zaken rondom het centraal meldpunt OBI is het kabinet gestart met de inrichting van een centraal OBI-meldpunt buiten de rijksoverheid. Onder coördinatie van de NCTV is het afgelopen jaar een projectstructuur op touw gezet voor het realiseren van dit meldpunt. Deze projectstructuur bevindt zich momenteel in een afrondende fase.
    Uw Kamer wordt conform het verzoek van de vaste commissie voor Justitie en Veiligheid van 16 april 2026 zo spoedig mogelijk integraal geïnformeerd over de stand van zaken OBI inclusief de voortgang van het centraal OBI-meldpunt.

  • Vraag 9
    Wat is het handelingskader van de overheid als er dreigingen zijn? Hoe vaak is het strafrecht ingezet in de afgelopen vijf jaar? Wat is een alternatieve route via bestuursrecht?

    De bij de OBI-aanpak betrokken departementen en uitvoeringsorganisaties kunnen passende maatregelen treffen of voor opvolging zorgen in het kader van hun eigenstandige taken en bevoegdheden. Deze maatregelen kunnen zien op diplomatieke actie, bestuurlijke maatregelen, dan wel verhoging van de weerbaarheid van personen die te maken hebben met OBI.
    Daar waar sprake is van een verdenking van strafbare feiten, kunnen OM en politie strafrechtelijk onderzoek doen, mede op basis van de uitgebreide strafbaarstelling spionage. De Minister van Justitie en Veiligheid doet geen uitspraken over individuele strafzaken, dat is aan het OM. Er vindt geen aparte registratie plaats ten aanzien van de vraag of een strafrechtelijk onderzoek verband houdt met een mogelijk motief vanuit de context van statelijke inmenging of diasporaproblematiek.
    In algemene zin kunnen onder voorwaarden maatregelen uit het bestuursrecht van toepassing zijn in het optreden tegen dit type dreiging, al vindt hiervan ook geen aparte registratie plaats.

  • Vraag 10
    Wat doet het kabinet aan de uitspraak van de Kamer om het Moslimbroederschap te verbieden?

    Op 17 maart jl. heeft uw Kamer de motie van de leden Boon en Wilders (beiden PVV) aangenomen die de regering verzoekt om de Moslimbroederschap en daaraan gelieerde organisaties in Nederland te verbieden.3 Ik beoog uw Kamer zo spoedig mogelijk over de afhandeling van de motie te informeren.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2026Z06397
Volledige titel: Het bericht ‘De lange arm van Marokko: actiegroep waarschuwt Kamer voor spionage en intimidatie in Nederland’
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20252026-1870
Volledige titel: Antwoord op vragen van de leden Michon-Derkzen en Nanninga over het bericht ‘De lange arm van Marokko: actiegroep waarschuwt Kamer voor spionage en intimidatie in Nederland’