| Ingediend | 18 maart 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 29 mei 2026 (na 72 dagen) |
| Indiener | Peter van Duijvenvoorde (FVD) |
| Beantwoord door | David van Weel (VVD) |
| Onderwerpen | cultuur en recreatie openbare orde en veiligheid politie, brandweer en hulpdiensten religie |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z05346.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-2074.html |
Ja.
Het optreden van de politie moet passen binnen de kaders van de rechtsstaat en neutraal zijn. Dat betekent dat zij onder diensttijd en in uniform niet actief deelnemen aan religieuze uitingen zoals bidden, zingen en reciteren. Het is belangrijk dat de politie in nauwe verbinding staat met de samenleving. Dit doet de politie onder andere om begrip tussen de politie en verschillende doelgroepen in de samenleving te bevorderen, en om toegankelijk te blijven als organisatie, het vertrouwen te versterken, bij te dragen aan bevordering van sociale cohesie, contacten op te bouwen en preventief signalen op te pikken. Dit zijn belangrijke elementen van gebiedsgebonden politiewerk en dragen bij aan de legitimiteit en effectiviteit van de politieorganisatie.
Deelname aan en het faciliteren van gemeenschapsactiviteiten kan een bijdrage leveren aan bovenstaande. Bijvoorbeeld als het gaat om religieuze vieringen zoals een paasontbijt, kerstdiner of een maaltijd om het vasten te verbreken. Vaak gebeurt dit op uitnodiging van lokale partners om de onderlinge verbinding te versterken.
Tijdens deze bijeenkomsten is het mogelijk dat er religieuze uitingen worden gedaan door aanwezigen.
Voor de politie geldt dat de politie de neutraliteit behoudt door onder diensttijd en in uniform niet actief deel te nemen aan religieuze uitingen zoals bidden, zingen en reciteren. Optreden van de politie moet passen binnen de kaders van de rechtsstaat en neutraal zijn.
De politie neemt deel aan bijeenkomsten in het teken van betekenisvolle dagen, of faciliteert en organiseert deze zelf. Dit wordt onder andere gedaan tijdens verschillende religieuze dagen of periodes, zoals Kerst, Pasen, Chanoeka, het Poerimfeest, en Holi Phagwa. Hierbij wordt geen specifiek onderscheid gemaakt en wordt gestreefd naar een goede mix van betekenisvolle dagen.1 Los van religieuze dagen of periodes maakt de politie ook op andere momenten en manieren contact met burgers. In verschillende contexten sluit de politie aan bij uiteenlopende maatschappelijke activiteiten, zoals buurtbijeenkomsten, herdenkingen en culturele evenementen. De gekozen vorm verschilt per gemeenschap maar de insteek is altijd vanuit maatschappelijke betrokkenheid en verbinding, niet vanuit een ideologie of een religie.
De politie handelt op basis van de Grondwet en de belangrijkste waarden van onze democratische rechtsstaat. De politie vertegenwoordigt de wet in een seculiere rechtsstaat, waar religie en staat gescheiden zijn. Een geüniformeerde agent is een bijzondere vertegenwoordiger van de overheid. De rol van de politie in onze democratische rechtsstaat is namelijk essentieel en de aanwending van bevoegdheden van de politie en de inzet van geweldsmiddelen kunnen diep ingrijpen op de (grond)rechten van burgers. Dit brengt een grote verantwoordelijkheid met zich mee en vereist een neutrale uitstraling. Om die reden moet elk vermoeden van aantasting van die neutrale uitstraling worden vermeden. De beroeps- en gedragscode is hierbij leidend. De korpsleiding ziet toe op de neutraliteit en op de juiste interpretatie en uitvoering van deze beroeps- en gedragscode.
Ik heb uw Kamer toegezegd met de korpsleiding in gesprek te gaan zodat deelname aan evenementen niet kan leiden tot (de schijn van) aantasting van de neutraliteit of het gezag van de politie. Over de uitkomsten van dit gesprek wordt uw Kamer geïnformeerd in het tweede halfjaarbericht.
Maatschappelijke verbinding is een belangrijke randvoorwaarde voor goed en effectief politiewerk. Alle hierop gerichte activiteiten zijn ingebed in de structuur van de organisatie en geborgd in het beheersplan en de begroting. De politie-eenheden financieren deze bijeenkomsten binnen de reguliere middelen en vanuit verschillende budgetten, waaronder het GGP-budget, individuele teambudgetten of programma’s zoals Politie voor iedereen en het Netwerk Divers Vakmanschap. De politie houdt geen landelijke registratie bij van afzonderlijke maatschappelijke bijeenkomsten.
Ja, dit wordt ook gedaan tijdens verschillende betekenisvolle dagen die o.a. terug te voeren zijn op een geloofsovertuiging zoals Kerst, Pasen, Chanoeka, het Poerimfeest en Holi Phagwa. Hierbij wordt geen specifiek onderscheid gemaakt en wordt gestreefd naar een goede mix van betekenisvolle dagen.
Ik herken het beeld dat de politie zich identificeert met een specifieke religie niet. Zoals ik heb aangegeven in mijn antwoord op vraag vier is deelname van de politie aan maatschappelijke ontmoetingen of het organiseren ervan, geen ideologische keuze, maar onderdeel van goed en professioneel politiewerk. Om die reden neemt de politie deel aan verschillende bijeenkomsten in het teken van betekenisvolle dagen, onder andere dagen met een religieuze achtergrond. De politie bepaalt zelf aan welke dagen specifiek aandacht wordt besteed. Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt en wordt gestreefd naar een goede mix van betekenisvolle dagen.2 Tijdens deze bijeenkomsten is het mogelijk dat er religieuze uitingen worden gedaan door aanwezigen.
Voor de politie geldt dat de politie de neutraliteit behoudt door onder diensttijd en in uniform niet actief deel te nemen aan religieuze uitingen zoals bidden, zingen en reciteren. Optreden van de politie moet passen binnen de kaders van de rechtsstaat en neutraal zijn.
Zie antwoord vraag 8.
Zie antwoord vraag 8.
Ik heb uw Kamer toegezegd met de korpsleiding in gesprek te gaan om te waarborgen dat deelname aan evenementen niet leidt tot (de schijn van) aantasting van de neutraliteit of het gezag van de politie. In dit gesprek zal ik tevens uw vraag betrekken. Over de uitkomsten van dit gesprek wordt uw Kamer geïnformeerd in het tweede halfjaarbericht.
Zoals ik heb aangegeven is het bevorderen van de sociale cohesie en het creëren van begrip tussen de politie en verschillende doelgroepen in de samenleving, onderdeel van goed politiewerk. Er zijn bij mij geen signalen bekend van ongewenste druk of weerstand bij medewerkers over deelname aan activiteiten die bovengenoemd doel dienen. Deze deelname gebeurt vrijwillig en het staat medewerkers vrij om hierin een andere keuze te maken.
Zie antwoord vraag 12.
Zie antwoord vraag 12.
Zie antwoord vraag 12.
Hierbij deel ik u mede dat de schriftelijke vragen van het lid Van Duijvenvoorde (FVD), van uw Kamer aan de Minister van Justitie en Veiligheid over door de politie georganiseerde iftarbijeenkomsten (ingezonden 18 maart 2026) niet binnen de gebruikelijke termijn kunnen worden beantwoord, aangezien nog niet alle benodigde informatie is ontvangen. Ik streef ernaar de vragen zo spoedig mogelijk te beantwoorden.