| Ingediend | 6 maart 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 22 april 2026 (na 47 dagen) |
| Indiener | Don Ceder (CU) |
| Beantwoord door | Bart van den Brink (CDA) |
| Onderwerpen | migratie en integratie organisatie en beleid |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z04539.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-1720.html |
Ja.
Ja.
Landelijk is er een tekort aan opvangplekken. Dit heeft meerdere redenen. Zo zijn bijvoorbeeld niet alle plekken uit de verdeelbesluiten van de Spreidingswet gerealiseerd en daarnaast is er sprake van een achterstand op de taakstelling huisvesting statushouders van ongeveer 9.760 personen (d.d. 20 maart 2026). Daar komt bij dat er momenteel meer (tijdelijke) opvanglocaties sluiten dan dat erbij komen. Tot slot is de uitstroom uit COA locaties lager dan de instroom. In de communicatie vanuit het COA richting de omliggende wijk is destijds aangegeven dat dat het azc tijdig zal sluiten. Ondanks alle inspanningen om extra opvangplekken te realiseren, zag het COA zich toch genoodzaakt de asielzoekers langer te laten verblijven in Hardenberg. Het COA is immers verantwoordelijk voor de opvang van asielzoekers en mensen op straat zetten is nooit een oplossing. Hierover is uitvoerig contact geweest tussen het COA en de gemeente Hardenberg.
Ik begrijp dat deze gang van zaken het vertrouwen kan schaden. Dat is uiterst ongewenst. Door met gemeenten en provincies in gesprek te blijven wil ik ervoor zorgen dat onderling vertrouwen weer wordt versterkt en de samenwerking verbeterd. Gezamenlijk hebben we een opgave te realiseren en iedereen heeft daar zijn rol in te vervullen. Het werken aan structurele oplossingen waarin zowel een rol voor het kabinet als medeoverheden ligt, is hierin ook van belang.
Zie antwoord vraag 4.
De druk op de opvang is hoog. Er is een bezettingsgraad van 103% en alle bedden zijn bezet. Het COA werkt er hard aan om de bewoners van de locaties in Hardenberg zo snel mogelijk een nieuwe opvangplek te geven. Om dergelijke situaties in de toekomst te voorkomen is de inzet van het kabinet om een stabiel opvanglandschap te realiseren. In het coalitieakkoord en de voorjaarsnota is stabiele financiering voor het COA gerealiseerd. Daarnaast zal het kabinet de Spreidingswet onverkort uitvoeren, inclusief de toepassing van het interbestuurlijk toezicht. Hierom zijn op 9 april de brieven in het kader van het interbestuurlijk toezicht op de uitvoering van wet aan gemeenten verzonden. Dit met als doel het realiseren van een goede spreiding door het land. Tot slot zet het kabinet in op het beperken van de instroom en het versnellen van terugkeer zodat in de toekomst minder opvangplekken nodig zijn. Op de korte termijn zijn er nog opvangplekken nodig. Hierover is Uw Kamer op 26 maart jl. geïnformeerd.
Zoals ook aangegeven in mijn antwoord op vragen 4 en 5 hecht het kabinet er veel belang aan een betrouwbare partner te zijn. Dit komt ook het draagvlak binnen gemeenten ten goede. Bij de komst van een nieuw azc is het belangrijk om omwonenden daarin tijdig te betrekken. Ik ben gemeenten die hun verantwoordelijkheid nemen op het gebied van asielopvang dankbaar. Ik roep gemeenten die nog niet voldoen op om snel hun verantwoordelijkheid te nemen en solidair te zijn met gemeenten die al wel hun bijdrage leveren. Het is een gemeenschappelijke opgave om voldoende opvangplekken te realiseren. Hiervoor staat het COA en de rijksoverheid samen met gemeenten en provincies aan de lat.
Ik verwijs naar het antwoord onder vraag 6.
Het is niet gelukt om deze vragen voor 7 maart 2026 te beantwoorden.
Hierbij deel ik u mede dat de schriftelijke vragen van het lid Ceder (ChristenUnie), van uw Kamer aan de Minister van Asiel en Migratie over het bericht dat het COA-bewoners van het azc Hardenberg niet elders kan onderbrengen terwijl contracten aflopen (ingezonden 6 maart 2026) niet binnen de gebruikelijke termijn kunnen worden beantwoord, aangezien nog niet alle benodigde informatie is ontvangen. Ik streef ernaar de vragen zo spoedig mogelijk te beantwoorden.