Kamervraag 2019Z01316

Het (mogelijke) gebruik van chemische middelen tijdens militaire operatie in West Papoea door het door het Indonesische leger

Ingediend 25 januari 2019
Beantwoord 15 februari 2019 (na 21 dagen)
Indieners Sadet Karabulut (SP), Bram van Ojik (GL), Lilianne Ploumen (PvdA)
Beantwoord door Stef Blok (minister buitenlandse zaken) (VVD)
Onderwerpen recht staatsrecht
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2019Z01316.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20182019-1567.html
  • Vraag 1
    Heeft u kennisgenomen van de berichtgeving over het (mogelijk) gebruik van chemische middelen tijdens militaire operatie in West Papoea door het door het Indonesische leger in december 2018?1 2 3 4

    Ja.

  • Vraag 2
    Heeft u hierover contact gehad met uw Indonesische ambtsgenoot om uw zorgen over de bevolking van West Papoea over te brengen? En zo nee, waarom niet?

    De Indonesische overheid heeft deze berichtgeving onmiddellijk stellig tegengesproken. De Indonesische Ambassadeur in Den Haag ontkende tegenover mij op 7 februari jl. deze berichtgeving. Navraag door de ambassade bij lokale bronnen, NGO’s, internationale organisaties en diplomatieke contacten leerde dat ook zij de berichtgeving over het vermeend gebruik van chemische wapens niet kunnen bevestigen. De Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) heeft desgevraagd bevestigd op de hoogte te zijn van de berichtgeving, maar kan berichten op dit moment evenmin bevestigen.

  • Vraag 3
    Heeft u contact opgenomen of laten opnemen met vertegenwoordigers van de bevolking in Papoea om u te laten informeren over de situatie?

    Zie antwoord vraag 2.

  • Vraag 4
    Heeft u contact gehad met uw ambtsgenoten over deze berichtgevingen, in het bijzonder die van Australië, Solomon Islands, Vanuatu, Fiji and New Caledonia? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wat is het resultaat hiervan?

    Zie antwoord vraag 2.

  • Vraag 5
    Hoe denkt u over de oproep van The Free West Papua movement voor een internationaal onafhankelijke «factfinding» missie naar het gebied?

    Gezien het bovenstaande antwoord zie ik vooralsnog geen aanleiding voor een oproep tot het instellen van een internationaal onafhankelijk onderzoek. Wel blijft Nederland zich, ook tegen de achtergrond van oplopende spanningen in de regio5, inzetten voor vrije toegang voor NGO’s, hulporganisaties en (internationale) journalisten tot Papua. Meest recentelijk sprak ik op 7 februari jl. met de Indonesische Minister Laoly van Justitie en Mensenrechten uitgebreid over de situatie in Papua, met inbegrip van de mensenrechtensituatie.

  • Vraag 6
    Deelt u de opvatting dat de aanhoudende berichtgeving over de situatie en mensenrechtenschending van de inwoners van West Papoea aanleiding geeft tot het instellen van een internationaal onafhankelijk onderzoek naar de situatie op West Papoea?

    Zie antwoord vraag 5.

  • Vraag 7
    Gaat u in internationaal verband steun vergaren tot het instellen van een onafhankelijk onderzoek daar ter plaatse? Zo nee, waarom niet?

    Zie antwoord vraag 5.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2019Z01316
Volledige titel: Het (mogelijke) gebruik van chemische middelen tijdens militaire operatie in West Papoea door het door het Indonesische leger
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20182019-1567
Volledige titel: Antwoord op vragen van de leden Ploumen, Van Ojik en Karabulut over het (mogelijke) gebruik van chemische middelen tijdens militaire operatie in West Papoea door het door het Indonesische leger