Kamervraag 2018Z24653

Een publicatie van Instituut Clingendael over het Israëlisch-Palestijns con?ict

Ingediend 21 december 2018
Beantwoord 22 januari 2019 (na 32 dagen)
Indiener Sadet Karabulut (SP)
Beantwoord door Stef Blok (minister buitenlandse zaken) (VVD)
Onderwerpen internationaal organisatie en beleid
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2018Z24653.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20182019-1251.html
  • Vraag 1
    Bent u bekend met de publicatie «Wie wind zaait, zal storm oogsten: bezetting en de staat Israël» van Instituut Clingendael?1

    Ja.

  • Vraag 2
    Kunt u ingaan op elk van de vier genoemde «serieuze tekortkomingen» die de publicatie herkent in het Nederlandse beleid, te weten dat 1) er geen sprake meer is van gelijke verantwoordelijkheid tussen de conflictpartijen; 2) beide «staten» hun bevolking slechts ten dele vertegenwoordigen; 3) het werken op deelonderwerpen terwijl de bredere vredesonderhandelingen op slot zitten de status quo versterkt en daarmee Nederland quasi medeplichtig maakt aan voortzetting van de bezetting en 4) Israël het internationaal recht al decennia met de voeten treedt zonder dat landen als Nederland hier enige consequentie van betekenis aan verbinden? Bent u het eens met deze bevindingen? Zo nee, waarom niet?

  • Vraag 3
    Wat is uw reactie op de twee aanbevelingen (beleidsaccenten) in de publicatie, te weten het grootschalig ondersteunen van inspraak en tegenspraak in Israël en Palestina en het opzetten van een permanente internationale conferentie? Kunt u uw antwoord toelichten?

    Het kabinet maakt zich zorgen over de krimpende ruimte voor het maatschappelijk middenveld. Om duurzame resultaten te behalen is het van belang dat mensenrechtenorganisaties draagvlak hebben en de ruimte behouden om hun boodschap uit te dragen. Het ondersteunen van inspraak en tegenspraak in de Palestijnse Gebieden en Israël is reeds een belangrijk onderdeel van de Nederlandse inzet op het Midden-Oosten Vredesproces en zal dat blijven. Hierbij wordt nauw opgetrokken met gelijkgezinde partners.
    Het kabinet is er niet van overtuigd dat de oprichting van een apart forum voor de handhaving van mensenrechten in Israël en de Palestijnse Gebieden – zoals in de publicatie wordt aanbevolen – voldoende toegevoegde waarde heeft. Er bestaan reeds voldoende mogelijkheden binnen de bestaande mechanismen, zoals de VN Veiligheidsraad, Algemene Vergadering en Mensenrechtenraad, waar aspecten van het conflict aan de orde komen. Het kabinet is om die reden geen voorstander van het oprichten van nieuwe fora of mechanismen. Bovendien staat dit haaks op de inzet van het kabinet om disproportionele aandacht voor de mensenrechtensituatie in Israël en de Palestijnse Gebieden tegen te gaan.

  • Vraag 4
    Deelt u de conclusies in de publicatie dat radicaal omdenken noodzakelijk is en dat de Israëlische strategie van stapsgewijze annexatie van de Westelijke Jordaanoever en Oost-Jeruzalem illegaal en immoreel is? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wat gaat u doen?

    Het radicale omdenken waar in de publicatie over wordt gesproken heeft betrekking op een focus op handhaving van de mensenrechten in Israël en de Palestijnse Gebieden. Voor een antwoord op deze vraag verwijs ik u graag naar het antwoord op vraag 3.
    Tevens betreft het een reactie op wat Clingendael «de Israëlische strategie van stapsgewijze annexatie van de Westelijke Jordaanoever en Oost-Jeruzalem» noemt. Hiervoor verwijs ik u graag naar de laatste alinea van het antwoord op vraag 2.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2018Z24653
Volledige titel: Een publicatie van Instituut Clingendael over het Israëlisch-Palestijns con?ict
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20182019-1251
Volledige titel: Antwoord op vragen van het lid Karabulut over een publicatie van Instituut Clingendael over het Israëlisch-Palestijns conflict