Kamervraag 2016Z19266

De schier eindeloze nasleep van de calamiteit in mei 2007 in het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMC Groningen), waarbij Jelmer Mulder buitengewoon ernstige en onherstelbare hersenschade heeft opgelopen

Ingediend 21 oktober 2016
Beantwoord 2 december 2016 (na 42 dagen)
Indieners Renske Leijten , Henk van Gerven
Beantwoord door Edith Schippers (minister volksgezondheid, welzijn en sport) (VVD), Jet Bussemaker (minister onderwijs, cultuur en wetenschap) (PvdA)
Onderwerpen ethiek ziekten en behandelingen zorg en gezondheid
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2016Z19266.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20162017-647.html
1. 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 3; 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010 blz. 3
2. 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 5
3. 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 6, 10 en 13; 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010 blz. 4, 10, 16, 17, 25
4. 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 10;
5. 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 10; 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010 blz. 4, 10
6. brief van de behandelend anesthesioloog d.d. 3-8-2008, is te lezen in 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 6 en 7 en in 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010 blz. 17, 18 en 27
7. 1e IIGZ rapport d.d. 6-12-2010 blz. 3, 7,17 en 27
8. Rapport 2011/357 van de Nationale ombudsman d.d. 15-12-2011 «Onverantwoorde zorg UMCG, onverantwoord toezicht IGZ» blz. 54, en 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 7 en 11 en 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010 blz. 17
9. Rapport 2011/357 van de Nationale ombudsman d.d. 15-12-2011 «Onverantwoorde zorg UMCG, onverantwoord toezicht IGZ» blz. 15
10. 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 7 en 13; 1e rapport IGZ d.d. 6-12-2010, blz 10 en 25
11. 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 8, NB op blz 7 staat het anders: vertrek van OK 16.35 uur en mondelinge rapportage aan zaalarts NICU over initiële beademingsproblemen met saturatiedaling.; 1e rapport IGZ d.d. 6-12-2010, blz. 7, 11, 19 en 25
12. Rapport 2011/357 van de Nationale ombudsman d.d. 15-12-2011 «Onverantwoorde zorg UMCG, onverantwoord toezicht IGZ» blz. 15; 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010 blz. 11
13. Rapport 2011/357 van de Nationale ombudsman d.d. 15-12-2011 «Onverantwoorde zorg UMCG, onverantwoord toezicht IGZ» blz. 12, ook: 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 9 en 13
14. 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 9; 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010, blz. 20
15. 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 9 en 10; 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010 blz. 19, 20
16. 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 13 NB op blz 12 idem maar met toevoeging: «mogelijk»en «dat wordt bestreden».
17. 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 9; 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010, blz. 20
18. 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 9; 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010, blz. 20
19. Bron voor zowel 1e als 2e rapport van de IGZ is hier de rapportage van de Utrechtse anesthesioloog en een samenvatting van de rapportage van de Utrechtse neonatologen d.d. 27-11-2007 van de hand van de directeur medische zaken, patiëntveiligheid etc. van het UMC Groningen. In 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 9, 12 en 13; 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010 blz. 4, 7
20. zie vorige voetnoot
21. 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 11 en 13.; 1e rapport IGZ d.d. 6-12-2010, blz. 7, 25–27
22. Brief van 26 november 2007 van het UMCG aan de IGZ te lezen in het 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010 blz. 7 en in Rapport 2011/357 van de Nationale ombudsman d.d. 15-12-2011 «Onverantwoorde zorg UMCG, onverantwoord toezicht IGZ» blz. 28. Het is afwezig in 2e IGZ rapport. Meer er over in het 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010 blz. 3,4 en 25
23. 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010 blz. 21–23 (ontbreekt in 2e rapport IGZ d.d. 14-7-2011)
24. 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010 blz. 8 en 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 14
25. 1e IGZ rapport d.d. 6-12-2010 blz. 3
26. 2e IGZ rapport d.d. 14-7-2011 blz. 14
27. http://www.vpro.nl/argos/media/afleveringen/2016/negen-jaar-na-baby-j…
  • Vraag 1
    Gaat u, net als wij, uit van de juistheid en dus het vaststaan van onderstaande feiten genummerd 1 t/m 19 («citaten» en samenvattingen) welke ook staan vermeld in de rapporten van de Inspectie voor de Gezondheidszorg (IGZ) d.d. 6 december 2010 en 14 juli 2011 en de Nationale ombudsman d.d. 15 december 2011? Zo nee, wat zijn volgens u dan wel de feiten 1 t/m 19?

    Het rapport van de IGZ van 14 juli 2011, evenals het door de IGZ ingetrokken rapport d.d. 6 december 2010, is niet openbaar. Op vragen met betrekking tot de inhoud van deze rapportages kan ik daarom niet ingaan.
    Ik heb al eerder laten weten de gang van zaken rond het onderzoek van de IGZ naar de zorg voor Jelmer in het UMCG te betreuren. Het onderzoek van de IGZ heeft veel te lang geduurd en er zijn daarbij fouten gemaakt. Er is hierover in de afgelopen jaren veelvuldig contact geweest – samen met de Nationale ombudsman – met de ouders van Jelmer. De IGZ heeft excuses gemaakt voor de gang van zaken en heeft hen een financiële tegemoetkoming aangeboden. Daarbij is belangrijk te vermelden dat een onderzoek door de IGZ gericht is op de kwaliteit van de zorg in het algemeen belang. Een onderzoek door de IGZ zal niet altijd alle vragen van patiënten en hun familieleden beantwoorden. Ik heb er begrip voor dat de situatie moeilijk is voor de ouders. Zij hebben een staande uitnodiging voor een nieuw gesprek waarin de IGZ bereid is de gang van zaken nogmaals toe te lichten.

  • Vraag 2
    Vindt u dat, gelet op de bovenstaande tekortkomingen die bij analyse van deze calamiteit aan het licht zijn gekomen, zaken beter hadden gekund en/of beter hadden gemoeten en zodanig talrijk zijn, vooral in combinatie, zo ernstig risicovol zijn gebleken, dat de kwaliteit van de door Jelmer Mulder ontvangen zorg in het UMC Groningen ook de kwaliteit is, die redelijkerwijze verwacht had mogen worden in dit universitaire centrum door de ouders van Jelmer, de kinderartsen van Jelmer in Zwolle, die zich tot verwijzing naar het Kinder Chirurgisch Centrum in het UMC Groningen verplicht hebben gevoeld en ook de kinderartsen in het UMC Groningen, die ook verwacht hadden dat een kinderanesthesioloog verantwoordelijk zou zijn voor de anesthesie bij Jelmer? Zo ja, waarom?

    Zie antwoord vraag 1.

  • Vraag 3
    Wat is uw oordeel over het feit dat negen jaar nadat Jelmer ernstige hersenschade opliep bij een operatie in het UMC Groningen er nog steeds een gerechtelijke procedure loopt tussen de familie en het UMC Groningen, met als inzet complete waarheidsvinding, erkenning van wat er is mis gegaan, en een reële financiële compensatie voor het feit dat Jelmer levenslang 24-uurszorg nodig heeft?27

    Het verdriet dat de ouders van Jelmer ervaren zal nooit weggenomen kunnen worden door de onderzoeken die reeds zijn verricht en afgesloten. Ik heb dan ook begrip voor het feit dat zij een aansprakelijkheidsprocedure bij de civiele rechter zijn gestart. Het is echter niet aan mij om in de civiele rechtsgang te treden, noch om civielrechtelijke aangelegenheden te beoordelen.

  • Vraag 4
    Vindt u het nog langer moreel en maatschappelijk verantwoord dat de ouders van Jelmer, naast de ongelooflijk grote belasting van het verdriet over het verlies van Jelmers hersenfuncties ten gevolge van de opgetreden calamiteit, van de zeer intensieve 24 uurs-verzorging en het compleet verstoord raken van hun gezinsleven en toekomst, ook nog langer belast worden met een zoveel jaren durende – zeer ongelijke – strijd om erkenning van de verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid van het UMC Groningen, en het daarmee verkrijgen van een ruimhartige financiële compensatie van de schade die Jelmer en het gezin is overkomen? Zo ja, waarom?

    Zie antwoord vraag 3.

  • Vraag 5
    Is het niet denigrerend dat het UMC Groningen een schikkingsvoorstel heeft gedaan, waarbij werd uitgegaan van het betalen van een brutosalaris van tien euro per uur van een derdejaarsleerling om Jelmer te verzorgen?

    Zie antwoord vraag 3.

  • Vraag 6
    Vindt u ook niet dat het UMC Groningen – een universitair ziekenhuis, gefinancierd met publieke middelen – zich kapot moet schamen dat men om financiële of enig andere redenen jarenlang doorprocedeert tegen de ouders die al zoveel voor hun kiezen hebben gekregen?

    Zie antwoord vraag 3.

  • Vraag 7
    Bent u bereid uw invloed bij en op de leden van de Raden van bestuur en Toezicht van het UMC Groningen rechtreeks aan te wenden om het UMC Groningen te doen stoppen met het zich op alle mogelijke manieren te verdedigen, haar verantwoordelijkheid voor de opgetreden schade alsnog te doen erkennen, en te zorgen dat tot een afwikkeling binnen een half jaar van de schade wordt over gegaan? Bent u ook bereid hierover in overleg te treden met de Minister van Onderwijs Cultuur en Wetenschap, gelet op haar benoemingsrechten? Zo nee, waarom niet?

    Tijdens het debat over het wetsvoorstel Wijziging van de Gezondheidswet en de Wet op de jeugdzorg teneinde een mogelijkheid op te nemen tot openbaarmaking van informatie over de naleving en uitvoering van regelgeving, besluiten tot het opleggen van sancties daarbij inbegrepen (Kamerstuk 34 111), van 6 oktober 2016, heb ik toegezegd dat de IGZ waar mogelijk zal stimuleren dat de juridische procedures zo spoedig mogelijk worden afgerond. De IGZ heeft inmiddels contact gehad met de Raad van Bestuur van het UMCG en er bij hen op aangedrongen tot een zo spoedig mogelijke afwikkeling te komen. De Raad van Bestuur van het UMCG erkent dat de juridische procedures voor de ouders van Jelmer veel te lang duren en begrijpt terdege dat dit voor hen pijnlijk is. De Raad van Bestuur heeft richting de IGZ benadrukt eveneens te ambiëren dat de juridische procedure binnen afzienbare tijd goed en zorgvuldig wordt afgerond.
    Mede gezien bovenstaande zie ik geen aanleiding om, gelet op haar benoemingsrechten, met de Minister van OCW in overleg te treden.

  • Vraag 8
    Bent u bereid de Raad van Bestuur van het UMC Groningen een aanwijzing te geven in deze? Zo neen, waarom niet?

    De IGZ kan namens mij een aanwijzing opleggen aan zorgaanbieders op basis van de Wet kwaliteit, Klachten en Geschillen Zorg (Wkkgz). Deze aanwijzingsbevoegdheid is gekoppeld aan de naleving van de artikelen 2, 3, 4.1.a, 4.1b. en 5 t/m 10, welke allen betrekking hebben op de kwaliteit van zorg. Een aanwijzing op basis van de Wkkgz kan geen betrekking hebben op het al dan niet afwikkelen van een aansprakelijkheidsprocedure bij de civiele rechter.

  • Mededeling - 14 november 2016

    De vragen van het Kamerlid Leijten (SP) over de schier eindeloze nasleep van de calamiteit in mei 2007 in het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMC Groningen), waarbij Jelmer Mulder buitengewoon ernstige en onherstelbare hersenschade heeft opgelopen (2016Z19266) kunnen tot mijn spijt niet binnen de gebruikelijke termijn worden beantwoord. Ik zal u zo spoedig mogelijk de antwoorden op de kamervragen doen toekomen.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2016Z19266
Volledige titel: De schier eindeloze nasleep van de calamiteit in mei 2007 in het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMC Groningen), waarbij Jelmer Mulder buitengewoon ernstige en onherstelbare hersenschade heeft opgelopen
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20162017-647
Volledige titel: Antwoord op vragen van het lid Leijten over de schier eindeloze nasleep van de calamiteit in mei 2007 in het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMC Groningen), waarbij Jelmer Mulder buitengewoon ernstige en onherstelbare hersenschade heeft opgelopen