Kamervraag 2013Z19262

Een dreigende ernstige verslechtering van de positie van Iraanse lesbische, homoseksuele, biseksuele en transgender (LHBT) asielzoekers

Ingediend 9 oktober 2013
Beantwoord 24 oktober 2013 (na 15 dagen)
Indieners Pia Dijkstra (D66), Gerard Schouw (D66)
Beantwoord door Fred Teeven (staatssecretaris veiligheid en justitie) (VVD)
Onderwerpen immigratie migratie en integratie
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2013Z19262.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20132014-306.html
1. Zie bijvoorbeeld Human Rights Watch, «Codifying Represssion, an ass...
2. Human Rights Watch «We Are a Buried Generation. Discrimination and Violence Against Sexual Minorities in Iran», december 2010, p. 4 -5.
3. Ook VluchtelingenWerk Nederland heeft de regering gevraagd te garan...
4. Zie de brief van COC Nederland aan de staatssecretaris voor Veiligheid en Justitie Teeven, «Suggesties voor concreet LHBT-beleid op het gebied van justitie, veiligheid en asiel», 21 februari 2013.
  • Vraag 1
    Is het u bekend dat voormalig minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie Verdonk op 18 oktober 2006 een speciaal beleid heeft ingesteld voor Iraanse LHBT asielzoekers, door hen aan te merken als een specifieke groep in de zin van artikel 29, lid 1, onder c Vreemdelingenwet? Is het u bekend dat dit beleid een reactie was op de ernstige mensenrechtenschendingen waar LHBT’s in Iran het slachtoffer van worden, waaronder het opleggen en uitvoeren van de doodstraf wegens homoseksuele handelingen?

    Ja, dat is mij bekend.

  • Vraag 2
    Is het u bekend dat de mensenrechtensituatie van LHBT’s in Iran sinds 2006 onverminderd slecht is? Is het u bekend dat organisaties als Human Rights Watch en Amnesty International deze onverminderd slechte mensenrechtensituatie van LHBT’s in Iran hebben beschreven?1 Is het u bekend dat deze organisaties rapporteren dat de laatste jaren tenminste drie mannen geëxecuteerd zijn op grond van sodomie en tenminste drie andere mannen ter dood zijn veroordeeld wegens het deelnemen aan homoseksuele handelingen? Is het u bekend dat Human Rights Watch in het rapport «We are a Buried Generation» over LHBT’s in Iran, schrijft over een «context of systematic human rights violations» en stelt: «the threat of execution is real for Iran’s vulnerable LGBT community»?2

    Zie antwoord vraag 1.

  • Vraag 3
    Is het u bekend dat in het wetsvoorstel tot wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 in verband met het herschikken van de gronden voor asielverlening (33 293) de c-grond wordt geschrapt en dat dit voor Iraanse LHBT asielzoekers dreigt te leiden tot een ernstige verslechtering van hun positie?

    In het wetsvoorstel tot wijziging van de Vreemdelingenwet 2000 in verband met het herschikken van de gronden voor asielverlening wordt inderdaad voorgesteld de c-grond te schrappen, zodat meer wordt aangesloten bij de Europese regelgeving inzake de gronden waarop asiel verleend kan worden.
    Een belangrijke aanleiding hiervoor is dat in de afgelopen jaren de ontwikkelingen in de Europese jurisprudentie ervoor hebben gezorgd dat internationale bescherming en de c- en d-grond steeds dichter bij elkaar zijn komen te liggen. Ook zijn binnen de a- en b-gronden de mogelijkheden om groepsgewijze bescherming te bieden vergroot.
    Het enkele feit dat, als gevolg van het wetsvoorstel, de nationale beschermingsgronden komen te vervallen, betekent niet per definitie dat de positie van Iraanse LHBT’s in Nederland zal verslechteren. Wel brengt dit mee dat, voorafgaand aan de inwerkingtreding van het wetsvoorstel, op basis van de actuele informatie over de situatie van LHBT’s in Iran, zal worden beoordeeld of er aanleiding bestaat om hen een vergelijkbaar beschermingsniveau te bieden in het kader van de a- of de b-grond. Het nieuwe ambtsbericht inzake Iran wordt binnenkort verwacht, zodat ik naar verwachting de meest recente informatie over de behandeling van LHBT’s uit Iran in mijn beoordeling kan betrekken.
    Volgens mijn informatie is het COC ook in het gesprek dat in december 2011 plaatsvond door de toenmalige minister voor Immigratie, Integratie en Asiel geïnformeerd conform de strekking van bovenstaande beantwoording.

  • Vraag 4
    Is het u bekend dat voormalig minister voor Immigratie en Asiel Leers in een gesprek op 21 december 2011 aan COC Nederland heeft toegezegd dat, ook na het afschaffen van de c-grond, de bescherming van LHBT’s op hetzelfde niveau zou blijven, indien de situatie van LHBT’s in Iran niet substantieel zou verbeteren?

    Zie antwoord vraag 3.

  • Vraag 5
    Hoe gaat u ervoor zorgen, conform de toezegging van voormalig minister voor Immigratie en Asiel Leers aan het COC, dat het niveau van bescherming van deze groep niet vermindert, nu uit gezaghebbende bronnen blijkt dat de mensenrechtensituatie van LHBT’s in Iran onverminderd slecht is?3

    Zie antwoord vraag 3.

  • Vraag 6
    Deelt u de mening dat Iraanse LHBT’s, bij onverminderd slechte omstandigheden in hun land van herkomst, niet het slachtoffer mogen worden van een aanscherping van het beleid in het kader van een stroomlijning van de Nederlandse wetssystematiek?

    Ik ben van mening dat voorafgaand aan de inwerkingtreding van de nieuwe wet een beoordeling moet plaatsvinden van de situatie van Iraanse LHBT’s, zodat aan deze groep de benodigde bescherming wordt geboden. In bovenstaande beantwoording op de vragen 3, 4 en 5 ben ik daar nader op ingegaan.

  • Vraag 7
    Bent u bereid het voorstel van het COC over te nemen, om het huidige beschermingsniveau van Iraanse LHBT’s te handhaven door hen dezelfde bescherming te verlenen als LHBT’s uit Irak, namelijk als groep die systematisch wordt blootgesteld aan vervolging in de zin van artikel 1A Vluchtelingenverdrag?4

    Of er aanleiding is om aan Iraanse LHBT’s dezelfde bescherming te verlenen als aan Iraakse LHBT’s zal ik bezien op basis van het nieuwe ambtsbericht, in combinatie met de mij reeds ter beschikking staande informatie.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2013Z19262
Volledige titel: Vragen van de leden Schouw en Pia Dijkstra (beiden D66) aan de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie over een dreigende ernstige verslechtering van de positie van Iraanse lesbische, homoseksuele, biseksuele en transgender (LHBT) asielzoekers (ingezonden 9 oktober 2013).
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20132014-306
Volledige titel: Vragen van de leden Schouw en PiaDijkstra (beiden D66) aan de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie over een dreigende ernstige verslechtering van de positie van Iraanse lesbische, homoseksuele, biseksuele en transgender (LHBT) asielzoekers (ingezonden 9 oktober 2013).