Voorgesteld 27 mei 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het wetsvoorstel een vergunningsplicht introduceert voor bepaalde asbestwerkzaamheden en dat de vergunningscategorieën in lagere regelgeving worden uitgewerkt;
overwegende dat bescherming van werknemers tegen blootstelling aan asbest altijd voorop moet staan;
overwegende dat erkende werkmethoden bij aantoonbaar laag-risicovolle werkzaamheden kunnen bijdragen aan veilig werken en het voorkomen van onnodig zware verplichtingen;
verzoekt de regering te onderzoeken of en onder welke voorwaarden erkende werkmethoden bij aantoonbaar laag-risicovolle werkzaamheden kunnen leiden tot minder zware verplichtingen, mits werknemersveiligheid, toezicht, vakbekwaamheid en eindcontrole geborgd blijven;
verzoekt de regering dit te doen in overleg met sociale partners, sectorpartijen, het Validatie- en Innovatiepunt Asbest en de Nederlandse Arbeidsinspectie, en de Kamer hierover te informeren voor vaststelling van de onderliggende regelgeving,
en gaat over tot de orde van de dag.
Van Ark