Voorgesteld 18 juni 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat wooncoöperaties een maatschappelijke woonvorm zijn waarin bewoners gezamenlijk investeren in en verantwoordelijkheid dragen voor hun eigen huisvesting, met als doel deze blijvend betaalbaar en gemeenschapsgericht te houden;
overwegende dat wooncoöperaties daarmee wezenlijk verschillen van commerciële vastgoedondernemingen, maar toch het risico lopen op het moeten afdragen van vennootschapsbelasting;
overwegende dat bewoners van wooncoöperaties tegen verschillende fiscale ongelijkheden kunnen aanlopen, vergeleken met bewoners van reguliere koop- en huurwoningen, zoals inzake het recht op hypotheekrenteaftrek, huurtoeslag en het lage tarief van 2% in de overdrachtsbelasting;
verzoekt de regering te bezien of en hoe fiscale ongelijkheden kunnen worden weggenomen voor (bewoners van) wooncoöperaties die voldoen aan de Wet bevordering wooncoöperaties, en de Kamer hierover te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag.
Grinwis
Flach
Steen
Jimmy Dijk