Kamerstuk 36748-22

Motie van het lid Stoffer c.s. over in de Wet werkelijk rendement box 3 een passende en afgebakende definitie opnemen van familiebedrijven

Dossier: Wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001 om werkelijke inkomsten uit bezittingen en schulden in box 3 te belasten (Wet werkelijk rendement box 3)

Gepubliceerd: 19 januari 2026
Indiener(s): Henk Vermeer (BBB), Pieter Grinwis (CU), Chris Stoffer (SGP)
Onderwerpen: belasting financiƫn
Bron: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36748-22.html
ID: 36748-22

64,7 %
35,3 %

JA21

VVD

PVV

CDA

BBB

CU

DENK

PvdD

50PLUS

GroenLinks-PvdA

FVD

SGP

Volt

D66

Groep Markuszower

SP


Nr. 22 MOTIE VAN HET LID STOFFER C.S.

Voorgesteld tijdens het wetgevingsoverleg van 19 januari 2026

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

constaterende dat in een eerdere versie van de Wet werkelijk rendement box 3 een vermogenswinstbelasting gold voor aandelen in familiebedrijven;

overwegende dat deze vorm van belastingheffing daarbij ook beter past, omdat deze aandelen bijvoorbeeld niet vrij verhandelbaar zijn en niet jaarlijks gewaardeerd worden;

overwegende dat met name het definiëren van «familiebedrijven» de uitvoering van een vermogenswinstbelasting voor deze groep uitdagend maakt;

constaterende dat de definitie van «startups en scale-ups» nog nader uitgewerkt moet worden;

verzoekt de regering hierbij ook een passende en afgebakende definitie van familiebedrijven mee te nemen, en alsnog te bezien hoe aandelen in familiebedrijven op basis van een vermogenswinstbelasting belast kunnen worden,

en gaat over tot de orde van de dag.

Stoffer

Grinwis

Vermeer