Kamerstuk 36200-VI-104

Appreciatie van moties, ingediend tijdens het wetgevingsoverleg van 14 november 2022, over het begotingsonderdeel migratie

Dossier: Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Justitie en Veiligheid (VI) voor het jaar 2023

Gepubliceerd: 22 november 2022
Indiener(s): Karien van Gennip (minister sociale zaken en werkgelegenheid) (CDA)
Onderwerpen: begroting financiƫn
Bron: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-36200-VI-104.html
ID: 36200-VI-104

Nr. 104 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID

Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal

Den Haag, 22 november 2022

Tijdens de voortzetting van de begrotingsbehandeling migratie op 14 november jl. heeft het lid Jasper van Dijk (SP) mede namens het lid Peters (CDA) een motie ingediend waarin de regering wordt verzocht om een plan van aanpak te maken om statushouders van werk te voorzien (Kamerstuk 36 200 VI, nr. 26). Daarnaast is door het lid Van der Plas (BBB) een motie ingediend waarin de regering wordt verzocht om inzichtelijk te maken welke stappen worden ondernomen omtrent het beheersbaar maken en reduceren van arbeidsmigratie. Het kabinet wordt verzocht de Kamer hierover te informeren vóór 1 maart 2023 (Kamerstuk 36 200 VI, nr. 42).

Zoals door de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid is toegezegd tijdens de voortzetting van de begrotingsbehandeling op 14 november jl. geef ik u daarom namens het kabinet een appreciatie op de ingediende moties.

Ten aanzien van de motie van het lid Jasper van Dijk (SP), ingediend mede namens het lid Peters (CDA), waarin de regering wordt verzocht om een plan van aanpak te maken om statushouders van werk te voorzien, het volgende. In de schriftelijke beantwoording op de gestelde vragen tijdens de eerste termijn van de genoemde begrotingsbehandeling is aangegeven dat een goede en snellere toeleiding naar werk waardevol is voor zowel statushouders als voor de samenleving. In deze beantwoording is aangegeven dat ik in gesprek ben met betrokken partijen over maatregelen, zoals aanvullende scholing of het stimuleren van leerwerktrajecten. Deze inzet is aanvullend op onder meer de Wet inburgering 2021, de mogelijkheden binnen de Participatiewet en de Werkagenda VIA, zoals ook beschreven in de brief over de invulling van de motie-Ceder over praktische belemmeringen bij het aangaan van werk door gemotiveerde statushouders en werkgevers1. Ik zal uw Kamer conform eerdere toezeggingen en zoals verzocht in de motie Aartsen2 in het eerste kwartaal van 2023 informeren over mijn aanvullende inzet voor statushouders en werk. Mijn aanvullende voorstellen, gebundeld met de bestaande inzet, is goed te bezien als een plan van aanpak. Daarmee geef ik deze motie dus oordeel Kamer.

In de motie van het lid Van der Plas wordt verzocht om inzichtelijk te maken welke stappen worden ondernomen omtrent het beheersbaar maken en reduceren van arbeidsmigratie. Deze motie raakt aan het meer grip krijgen op (arbeids)migratie. In het Coalitieakkoord is opgenomen dat het kabinet migratie zoveel mogelijk in goede banen wil leiden en meer grip wil krijgen op migratie. Er worden op dit moment langs verschillende sporen stappen gezet.

Grip op arbeidsmigratie betekent in de eerste plaats dat concurrentie op arbeidsvoorwaarden moet worden beperkt door misstanden aan te pakken. Arbeidsmigranten zijn net als wij mensen die op een goede manier behandeld dienen te worden. Het kabinet is daarom hard bezig met de uitvoering van de aanbevelingen van het Aanjaagteam bescherming arbeidsmigranten («Commissie Roemer»). Denk aan de verplichte certificering van uitzendbureaus, wetgeving voor goed verhuurderschap en registratie en versterking van handhaving. Voor de begrotingsbehandeling SZW ontvangt uw Kamer een update over dit verplicht certificeringsstelsel en de bredere voortgang op de uitvoering van de Aanbevelingen van het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten. Dit Kerst zal ontvangen. Dat betekent niet dat werkgevers, inleners en uitzenders nu nog niets hoeven te doen. Zij kunnen en moeten nú al aan de slag met het verbeteren van de arbeidsomstandigheden en voorwaarden.

Op de iets langere termijn geldt daarnaast dat het kabinet wil kijken naar bijvoorbeeld een beleidsmatig richtgetal voor migratie in den brede. In dat kader wordt nog dit jaar een advies van de Adviesraad Migratie verwacht. Zoals toegezegd tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen zal het kabinet met een reactie komen op dit advies. Het kabinet kan ik het eerste kwartaal van 2023 inzichtelijk maken welke stappen zijn en worden gezet op het gebied van het beheersbaar maken van arbeidsmigratie, zoals hierboven beschreven. Met de kanttekening dat er nog adviezen volgen van de ACVZ en later van de Staatscommissie demografie, kan ik de motie oordeel Kamer geven.

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, C.E.G. van Gennip