Kamerstuk 35984-5

Amendement van het lid Westerveld ter vervanging van nr. 4 over steun aan de culturele en creatieve sector

Dossier: Wijziging van de begrotingsstaat van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2022 (Incidentele suppletoire begroting inzake verwerving kunstwerk)


Nr. 5 AMENDEMENT VAN HET LID WESTERVELD C.S. TER VERVANGING VAN DAT GEDRUKT ONDER NR. 41

Ontvangen 8 december 2021

De ondergetekenden stellen het volgende amendement voor:

I

In het opschrift wordt na «kunstwerk» ingevoegd «en steun aan de culturele en creatieve sector».

II

De begrotingsstaat wordt als volgt gewijzigd:

In artikel 14 Cultuur worden het verplichtingenbedrag en het uitgavenbedrag verhoogd met € 150.000 (x € 1.000).

Toelichting

De culturele en creatieve sector is zeer hard geraakt door de gevolgen van de coronacrisis. Met name culturele makers en zzp’ers worden onevenredig hard getroffen door de diverse coronamaatregelen waardoor zij grote inkomstenderving hebben.

De indieners zijn met de regering van mening dat kunst van grote waarde is en toegankelijk moet zijn voor iedereen. Zij stellen voor om eenzelfde bedrag van 150 miljoen euro ten goede te laten komen aan het voorbestaan van de culturele en creatieve sector.

Een groot deel van deze 150 miljoen euro gaat naar het creëren van een vangnetregeling voor makers en zzp’ers, in samenspraak met de sector. De 150 miljoen euro wordt in lijn met de suppletoire begroting generaal op de OCW-begroting bijgeboekt.

Westerveld Ploumen Kwint Teunissen Simons