Kamerstuk 33135-48

Gewijzigd amendement van het lid Ouwehand ter vervanging van nr. 41 dat regelt dat de nadere bepalingen ten aanzien van stikstofdepostie niet langer noodzakelijke natuurbescherming in de weg staan

Dossier: Wijziging van de Crisis- en herstelwet en diverse andere wetten in verband met het permanent maken van de Crisis- en herstelwet en het aanbrengen van enkele verbeteringen op het terrein van het omgevingsrecht

Gepubliceerd: 4 juli 2012
Indiener(s): Esther Ouwehand (PvdD)
Onderwerpen: natuur en milieu organisatie en beleid
Bron: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kst-33135-48.html
ID: 33135-48
Origineel: 33135-41

18,0 %
82,0 %

D66

CDA

SGP

PVV

SP

BRINK

VVD

GL

PvdD

CU

GrKH

PvdA


Nr. 48 GEWIJZIGD AMENDEMENT VAN HET LID OUWEHAND TER VERVANGING VAN DAT GEDRUKT ONDER NR. 41

Ontvangen 4 juli 2012

De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:

I

In hoofdstuk 2, artikel 2.1.2, vervalt onderdeel D.

II

In hoofdstuk 2 komt artikel 2.1.2, onderdeel E, te luiden:

E

Paragraaf 2a vervalt.

III

In hoofdstuk 2, artikel 2.1.2, worden na onderdeel E drie onderdelen ingevoegd, luidende:

F

In artikel 45, eerste lid, vervalt:, een oplegging van een verplichting of het geven van instructies als bedoeld in artikel 19ke, tweede lid.

G

In artikel 47b, derde lid, vervalt: en het bepaalde krachtens artikel 19kb.

H

Artikel 57 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het eerste lid vervalt: , en 19ke.

2. In het derde lid vervalt: , en 19ke.

IV

In hoofdstuk 2 wordt aan artikel 2.1.4, onder plaatsing van de aanduiding «1.» voor de huidige wetstekst, een onderdeel toegevoegd, luidende:

2. Artikel 9 van de Spoedwet wegverbreding wordt als volgt gewijzigd:

a. In het vierde lid vervalt: , en 19kd van die wet en het krachtens artikel 19kb, eerste lid, van die wet bepaalde.

b. In het zesde lid vervallen «, of in het programma op grond van artikel 19kh, vijfde lid,» en: of van dat programma.

V

In hoofdstuk 2 wordt aan artikel 2.1.5 een onderdeel toegevoegd, luidende:

D

Artikel 13 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het zevende lid vervalt: , en 19kd van die wet en het krachtens artikel 19kb, eerste lid, van die wet bepaalde.

2. In het negende lid vervalt: , of in het programma op grond van artikel 19kh, vijfde lid.

VI

Aan hoofdstuk 2 wordt een artikel toegevoegd, luidende:

Artikel 2.4.3

In artikel 1a van de Wet op de economische delicten, onder 2°, vervalt de zinsnede «19ke, vijfde lid,».

Toelichting

In ruim 80% van de Natura2000 gebieden is de stikstofdepositie veel hoger dan de natuur aan kan. Waardevolle natuurwaarden worden hierdoor bedreigd in hun voortbestaan. Bij de invoering van de Crisis- en herstelwet op 31 maart 2010 zijn er paragrafen ingevoegd in de Natuurbeschermingswet 1998 met nieuwe bepalingen met betrekking tot stikstofdepositie. De bepalingen stellen uitzonderingsregels voor het bestaand gebruik in relatie tot stikstofdepositie en bevatten het kader voor de programmatisch aanpak stikstofdepositie (PAS). In tegenstelling tot het zo snel en zo veel als mogelijk laten afnemen van de stikstofdepositie tot onder de kritische depositiewaarde door deze bij de bron aan te pakken, beoogt de programmatische aanpak ontwikkelruimte te creëren voor nieuwe stikstofuitstotende activiteiten. Bovendien staan de nieuwe bepalingen bestaande stikstofuitstotende activiteiten toe die sinds de referentiedatum per saldo geen toename van stikstofdepositie hebben veroorzaakt, terwijl de uitstoot toen al in veel gevallen de kritische depositiewaarde ruim overschreed.

Het Planbureau van de Leefomgeving heeft geconcludeerd dat het feitelijk veel moeilijker en in bepaalde gebieden zelfs onmogelijk wordt om de achteruitgang van natuur een halt toe te roepen en te voldoen aan de internationale verplichtingen wanneer depositiedaling zal worden benut voor nieuwe stikstofuitstotende activiteiten. Indiener is van mening dat de natuurwaarden verder in gevaar komen door de uitzonderingsregels ten aanzien van stikstofdepositie. De regels negeren de noodzaak van een zo snel mogelijke depositiedaling. Al twee jaar worden er geen concrete maatregelen genomen om de depositie te laten dalen omdat wordt gewacht op de invoering van de PAS. Maar twee jaar na de invoering van de crisis- en herstelwet is de beoogde programmatische aanpak stikstof nog niet van kracht en blijkt deze voorlopig juridisch onhoudbaar. Bovendien maken de uitzonderingsregels ten aanzien van stikstof de natuurbeschermingswet onnodig ingewikkeld en voegen ze niets toe aan de natuurbeschermingsdoeleinden van de wet. De Natuurbeschermingswet 1998 biedt immers een helder kader om stikstofdepositie te reguleren als deze de natuurwaarden doen verslechteren en/of bedreigen. Met dit amendement wordt bewerkstelligd dat de nadere bepalingen ten aanzien van stikstofdepostie niet langer noodzakelijke natuurbescherming in de weg staan.

Ouwehand