Nr. 2 VOORSTEL VAN WET

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is de Wet op het primair onderwijs en de Wet op de expertisecentra aan te passen teneinde het Participatiefonds en het Vervangingsfonds onder de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen te brengen;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL I. WIJZIGING WET OP HET PRIMAIR ONDERWIJS

De Wet op het primair onderwijs wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 183 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het tweede lid wordt «een door de in het eerste lid bedoelde rechtspersoon» vervangen door «een door het bestuur van de in het eerste lid bedoelde rechtspersoon».

2. In het vierde lid wordt «De rechtspersoon» vervangen door: Het bestuur van de rechtspersoon.

3. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 6. Op de rechtspersoon, bedoeld in het eerste lid, is de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen van toepassing.

B

In artikel 183a, derde lid, wordt «het verslag, bedoeld in artikel 187, tweede lid» vervangen door «het jaarverslag, bedoeld in artikel 18, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen».

C

Artikel 184 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het tweede lid wordt «een door die rechtspersoon vast te stellen bijdrage» vervangen door: een door het bestuur van die rechtspersoon vast te stellen bijdrage.

2. In het vierde lid wordt «De rechtspersoon stelt» vervangen door «Het bestuur van de rechtspersoon stelt» en wordt «betrekt de rechtspersoon» vervangen door: betrekt het bestuur van de rechtspersoon.

3. In het vijfde lid wordt «Indien de rechtspersoon» vervangen door: Indien het bestuur van de rechtspersoon.

4. In het zevende lid wordt «de rechtspersoon» vervangen door: het bestuur van de rechtspersoon.

5. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 8. Op de rechtspersoon, bedoeld in het eerste lid, is de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen van toepassing.

D

In artikel 184a, derde lid, wordt «het verslag, bedoeld in artikel 188, eerste lid» vervangen door «het jaarverslag, bedoeld in artikel 18, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen».

E

Artikel 187 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid komt te luiden:

  • 1. Instemming van Onze minister is vereist ten aanzien van de statuten van de rechtspersoon, bedoeld in artikel 183, alsmede ten aanzien van wijziging van die statuten.

2. Het tweede lid komt te luiden:

  • 2. Onze minister is bevoegd tot intrekking van de aanwijzing van de rechtspersoon, bedoeld in artikel 183.

2. Het derde lid komt te luiden:

  • 3. Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent:

    • a. nadere taakomschrijving van de rechtspersoon;

    • b. de voorwaarden voor instemming door Onze minister met de statuten van de rechtspersoon en wijziging van deze statuten; en

    • c. de gevolgen van intrekking van de aanwijzing van de rechtspersoon.

3. Onder vernummering van het vijfde tot en met zevende lid tot vierde tot en met zesde lid en van het negende lid tot zevende lid vervallen het vierde en achtste lid.

4. In het vijfde lid (nieuw) wordt «het vijfde lid» vervangen door: het vierde lid.

5. In het zesde lid (nieuw) wordt «De rechtspersoon» vervangen door: Het bestuur van de rechtspersoon.

6. In het zevende lid (nieuw) wordt «het vierde en vijfde lid» vervangen door: het derde en vierde lid.

ARTIKEL II. WIJZIGING WET OP DE EXPERTISECENTRA

De Wet op de expertisecentra wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 169 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het tweede lid wordt «een door de in het eerste lid bedoelde rechtspersoon» vervangen door «een door het bestuur van de in het eerste lid bedoelde rechtspersoon».

2. In het vierde lid wordt «De rechtspersoon» vervangen door: Het bestuur van de rechtspersoon.

3. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 6. Op de rechtspersoon, bedoeld in het eerste lid, is de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen van toepassing.

B

In artikel 169a, derde lid, wordt «het verslag, bedoeld in artikel 172, tweede lid» vervangen door «het jaarverslag, bedoeld in artikel 18, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen».

C

Artikel 170 wordt als volgt gewijzigd:

1. In het tweede lid wordt «een door die rechtspersoon vast te stellen bijdrage» vervangen door: een door het bestuur van die rechtspersoon vast te stellen bijdrage.

2. In het vierde lid wordt «De rechtspersoon stelt» vervangen door «Het bestuur van de rechtspersoon stelt» en wordt «betrekt de rechtspersoon» vervangen door: betrekt het bestuur van de rechtspersoon.

3. In het vijfde lid wordt «Indien de rechtspersoon» vervangen door: Indien het bestuur van de rechtspersoon.

4. Er wordt een lid toegevoegd, luidende:

  • 7. Op de rechtspersoon, bedoeld in het eerste lid, is de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen van toepassing.

D

In artikel 170a, derde lid, wordt «het verslag, bedoeld in artikel 172, eerste lid» vervangen door «het jaarverslag, bedoeld in artikel 18, eerste lid, van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen».

E

Artikel 172 wordt als volgt gewijzigd:

1. Het eerste lid komt te luiden:

  • 1. Instemming van Onze minister is vereist ten aanzien van de statuten van de rechtspersoon, bedoeld in artikel 169, alsmede ten aanzien van wijziging van die statuten.

2. Het tweede lid komt te luiden:

  • 2. Onze minister is bevoegd tot intrekking van de aanwijzing van de rechtspersoon, bedoeld in artikel 169.

2. Het derde lid komt te luiden:

  • 3. Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent:

    • a. nadere taakomschrijving van de rechtspersoon;

    • b. de voorwaarden voor instemming door Onze minister met de statuten van de rechtspersoon en wijziging van deze statuten; en

    • c. de gevolgen van intrekking van de aanwijzing van de rechtspersoon.

3. Onder vernummering van het vijfde tot en met zevende lid tot vierde tot en met zesde lid en van het negende lid tot zevende lid vervallen het vierde en achtste lid.

4. In het vijfde lid (nieuw) wordt «het vijfde lid» vervangen door: het vierde lid.

5. In het zesde lid (nieuw) wordt «De rechtspersoon» vervangen door: Het bestuur van de rechtspersoon.

6. In het zevende lid (nieuw) wordt «het vierde en vijfde lid» vervangen door: het derde en vierde lid.

ARTIKEL III. INWERKINGTREDING

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Lasten en bevelen dat deze in het Staatsblad zal worden geplaatst en dat alle ministeries, autoriteiten, colleges en ambtenaren wie zulks aangaat, aan de nauwkeurige uitvoering de hand zullen houden.

Gegeven

De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,

De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,