Voorgesteld 29 januari 2026
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
constaterende dat het Openbaar Ministerie steeds vaker met grote drugscriminelen procesafspraken maakt, waaronder inmiddels met vijf grote criminelen uit het crimineel samenwerkingsverband van Ridouan Taghi;
constaterende dat grote criminelen geen informatie hoeven te verschaffen, de gepleegde strafbare feiten niet hoeven te bekennen, en een lagere straf krijgen;
overwegende dat grote criminelen door het maken van procesafspraken in een lichter gevangenisregime terechtkomen;
van mening dat lage geldboetes geen enkel nut hebben bij grote criminelen aangezien zij miljoenen verdienen met georganiseerde criminaliteit;
spreekt uit dat procesafspraken met grote criminelen onwenselijk zijn;
verzoekt de regering aan het Openbaar Ministerie met klem over te brengen dat procesafspraken met grote drugscriminelen onwenselijk zijn en geen nadere stappen in deze richting te zetten tot na de behandeling van de eerste aanvullingswet bij het nieuwe Wetboek van Strafvordering in de Tweede Kamer,
en gaat over tot de orde van de dag.
Ellian