Kamervraag 2026Z17138

De datakluis bij de belastingdienst

Ingediend 21 augustus 2026
Beantwoord 8 september 2026 (na 18 dagen)
Indiener Jimmy Dijk (SP)
Beantwoord door Sandra Palmen (NSC)
Onderwerpen belasting financiën
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z17138.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-2989.html
  • Vraag 1
    Waarom besloot u in juli 2025 de Kamer niet te informeren over het bestaan van de datakluis?

    Zoals aangegeven in de beantwoording van de Kamervragen van Markuszower en Moinat (beiden Groep Markuszower)1 had de Tweede Kamer eerder geïnformeerd moeten worden en dat spijt ons. Beide Staatssecretarissen van Financiën zijn via de nota «Datakluis Belastingdienst», met datum 31 juli 2025 schriftelijk geïnformeerd over de datakluis. Voorafgaand aan deze nota is de Staatssecretaris Herstel en Toeslagen eind juli 2025 telefonisch geïnformeerd over de situatie, zoals uit het BDO-rapport blijkt. Deze nota is door Staatssecretaris Herstel en Toeslagen op 17 augustus 2025 gelezen, door de toenmalige Staatssecretaris Fiscaliteit, Belastingdienst en Douane op 8 augustus 2025. In die nota was nog niet bevestigd dat in de datakluis informatie zit die ontsloten had moeten worden aan de PEFD. Het opnieuw in beeld komen van de datakluis riep veel vragen op en bracht uitzoekwerk met zich mee. Uit het BDO-onderzoek komt ook naar voren dat uit de nota van 31 juli 2025 nog onvoldoende duidelijkheid bestond over de inhoud en reikwijdte van de aangetroffen informatie. Zo moest er eerst een steekproef worden uitgevoerd naar de inhoud van de datakluis. Deze steekproeven waren ten tijde van de nota’s van 31 juli en 16 oktober nog niet afgerond. Eind 2025 werd op basis van de uitkomst van de steekproeven bevestigd dat er informatie in de datakluis zit, die geleverd had moeten worden aan de PEFD. Op 26 maart 2026 ontvingen beide Staatssecretarissen een nota ter voorbereiding op een overleg met de Belastingdienst op 27 maart 2026 over de datakluis. Met de nota van 7 april 2026 en de bijbehorende juridische analyse van 6 februari 2026 (afgedaan door de Staatssecretaris Herstel Toeslagen op 8 april en door de Staatssecretaris van Financiën op 12 april) werd bevestigd dat het informatie betreft die verstrekt had moeten worden. De Kamer is vervolgens met de brief «Update datakluis» van 15 april 2026 in kennis gesteld dat de datakluis niet is betrokken in belangrijke leveringen van informatie. Dit proces en daarmee het informeren van uw Kamer heeft duidelijk te lang geduurd. Dit had anders gemoeten en dat spijt ons.
    Met de beantwoording van de Kamervragen van Vragen van de leden Markuszower (Groep Markuszower), Struijs (50PLUS), Keijzer en Vermeer (BBB)2 hebben wij uw Kamer geïnformeerd welke bewindspersonen, ook eerder, over de datakluis zijn geïnformeerd. In 2019 is de Kamer door de toenmalige Staatssecretaris van Financiën over het inrichten van de datakluis geïnformeerd.3

  • Vraag 2
    Op welk moment werden uw voorgangers geïnformeerd over het bestaan van de datakluis en waarom besloten zij deze informatie niet te delen met de Kamer?

    Zie antwoord vraag 1.

  • Vraag 3
    Wanneer en door wie werd het besluit genomen om de afgeschermde omgeving in te richten?

    Wij gaan in deze beantwoording ervan uit, door de terminologie in uw vraagstelling, dat u met de bovenstaande vraag, en onderstaande vragen, naar de veiliggestelde en opgeslagen set met mailboxen en samenwerkingsomgevingen (hierna omgeving) vraagt en niet de datakluis met circa 25 miljoen bestanden.4 Van deze veiliggestelde- en opgeslagen set met mailboxen zijn dus originele bestanden beschikbaar gebleven voor zoekslagen. Dit kan anders zijn als bestanden in de tussentijds zijn verwijderd, zo worden mailboxen na uitdiensttreding standaard na een bepaalde periode verwijderd.
    In het BDO-rapport, welke op 10 juli met uw Kamer is gedeeld, is deze besluitvorming als volgt weergegeven: Op 19 mei 2020 heeft het advocatenkantoor Allen & Overy een memorandum opgeleverd, waarin werd beschreven dat vermoedens bestonden van strafbare feiten, waaronder knevelarij en beroepsmatige discriminatie. Op dezelfde datum is namens de Staatssecretaris van Financiën – Fiscaliteit en Belastingdienst en de Staatssecretaris van Financiën – Toeslagen en Douane, aangifte gedaan tegen de Belastingdienst. Hierbij wordt afgesproken dat relevante informatie beschikbaar moet worden gesteld indien hierom wordt verzocht. In dit kader wordt, in afstemming met juridische adviseurs, besloten om onder meer mailboxen en digitale omgevingen van betrokken organisatieonderdelen veilig te stellen. Het betreft onder andere onderdelen van de Belastingdienst en andere specifieke teams die in de aangifte zijn genoemd. Hierbij wordt benadrukt dat het veiligstellen van deze informatie uitsluitend was gericht op het kunnen voldoen aan een eventuele vordering van het Openbaar Ministerie en niet bedoeld was voor intern gebruik. Daarnaast volgt uit interviews dat de afgeschermde omgeving is ontstaan in een context waarin binnen de Belastingdienst het risico werd ervaren dat informatie onbedoeld zou worden vernietigd. In de nasleep van de toeslagenaffaire bestond het besef dat in het verleden mogelijk te veel informatie was verwijderd. Tegen deze achtergrond is ervoor gekozen om vernietiging van beschikbare informatie tijdelijk te stoppen en gegevens veilig te stellen.

  • Vraag 4
    Door wie werd de afgeschermde omgeving beheerd?

    Deze omgeving viel onder het beheer van de Belastingdienstdirectie Informatievoorziening (IV). Binnen deze directie had een beperkt aantal personen toegang. De omgeving is echter sinds de veiligstelling niet meer geraadpleegd. Er is geen overzicht van het aantal afdelingen waar de omgeving bekend is geweest.
    De vraag rond de veiligstelling van deze omgeving kent geen precedent. Er is daarom nog geen vastgesteld protocol, proces of procedure. Dit zal worden meegenomen in het externe onafhankelijke onderzoek naar afgeschermde omgevingen en vergelijkbare informatiebronnen (zie hiervoor ook de beantwoording op de vragen 13, 14 en 15).

  • Vraag 5
    Hoeveel afdelingen binnen de Belastingdienst wisten over het bestaan van deze afgeschermde omgeving?

    Zie antwoord vraag 4.

  • Vraag 6
    Welke afdelingen en wie binnen deze afdelingen hadden er toegang tot deze afgeschermde omgeving?

    Zie antwoord vraag 4.

  • Vraag 7
    Met welk protocol werd er gewerkt rond deze omgeving? Kunt u dit protocol met de Kamer delen?

    Zie antwoord vraag 4.

  • Vraag 8
    Heeft u, of uw voorganger, dat protocol zelf ook ooit gezien?

    Zie antwoord vraag 4.

  • Vraag 9
    Welke documenten zijn er opgenomen in de afgeschermde omgeving? Kunt u een inventarisatielijst met de Kamer delen?

    Op dit moment is er geen inventarisatielijst beschikbaar van deze omgeving. Wanneer er meer over de inhoud van deze omgeving duidelijk is, delen wij dit uiteraard met uw kamer.

  • Vraag 10
    Is bij WOO-verzoeken ook een zoekopdracht uitgevoerd in deze omgeving?

    Nee. Deze omgeving zal worden meegenomen in de uitvoering en uitwerking van het plan van aanpak, waarbij de externe commissie betrokken zal zijn. Deze omgeving is een kopie geweest van bestanden. Er zijn dus originele bestanden van deze veiliggestelde- en opgeslagen set met mailboxen beschikbaar gebleven voor zoekslagen. Dit kan anders zijn als bestanden in de tussentijd zijn verwijderd, zo worden mailboxen na uitdiensttreding standaard na een bepaalde periode verwijderd.

  • Vraag 11
    Is voor het samenstellen van de persoonlijke dossiers van ouders ook deze omgeving onderzocht?

    We begrijpen dat de berichtgeving bij gedupeerde ouders vragen en mogelijk ook zorgen oproept. Het doel blijft, net als bij de datakluis om zo spoedig mogelijk te weten welke relevante documenten zich in deze veiliggestelde omgeving bevinden. Graag willen we net als in de brief van 15 april 2026 benadrukken dat het aantreffen van deze gegevens geen invloed heeft op eerder genomen besluiten waarin ouders als gedupeerde zijn aangemerkt in het herstelproces. Ook verandert het niets aan de uitgangspunten van de hersteloperatie dat het verhaal van de ouder altijd leidend is en dat zij ruimhartig worden gecompenseerd voor geleden schade. Mocht de datakluis desondanks informatie bevatten die in het voordeel is van de ouder, dan zal dit uiteraard betrokken worden in de besluitvorming. Gedupeerde ouders hebben uiteraard recht op alle relevante informatie. Bij de hersteloperatie krijgen gedupeerde ouders daarom tegenwoordig een ouderdossier. In dit dossier wordt zo goed mogelijk voorzien in de behoeften van ouders en gemachtigden. Het ouderdossier bevat de op de zaak betrekking hebbende stukken. De inhoud van dit dossier is met de werkgroep toeslagenadvocaten besproken en wordt sinds april 2024 door UHT verstrekt in de verschillende fases van het herstelproces. Op dit moment is nog niet precies bekend welke informatie zich in de veiliggestelde omgeving bevindt. Echter, in tegenstelling tot de datakluis is dit een kopie geweest van bestanden, in plaats van bestanden zelf. Op dit moment is niet zeker welke originele bestanden beschikbaar zijn gebleven voor zoekslagen. Om hier zekerheid over te krijgen is in de brief van 10 juli 2026, naar aanleiding van de aanbevelingen in het onderzoek van BDO, aangekondigd een beoordeling te doen van de relevantie van deze omgeving (doelstelling 6).

  • Vraag 12
    Is voor de parlementaire ondervragingscommissie kinderopvangtoeslag en de parlementaire enquêtecommissie fraude en dienstverlening gezocht in deze omgeving?

    Deze omgeving is niet doorzocht ten tijde van de PEFD. Zoals ook in het antwoord op vraag 11 aangegeven is deze omgeving een kopie geweest van bestanden. Op dit moment is niet zeker welke originele bestanden beschikbaar zijn gebleven voor zoekslagen. Om hier zekerheid over te krijgen is in de brief van 10 juli 2026, naar aanleiding van de aanbevelingen in het onderzoek van BDO, aangekondigd een beoordeling te doen van de relevantie van deze omgeving (doelstelling 6 van het plan van aanpak).

  • Vraag 13
    Kunt u een opsomming geven van alle datakluizen en afgeschermde omgevingen die u bekend zijn bij het Ministerie van Financiën, de Belastingdienst, de dienst Toeslagen, UHT, de Douane en andere instellingen onder het Ministerie van Financiën? Kunt u voor elk van deze kluizen of afgeschermde omgevingen aangeven wat de inhoud is en of er bij WOO-verzoeken, parlementaire enquêtes en Kamervragen ook gezocht wordt in deze omgevingen?

    Wij vinden het belangrijk om inzicht te krijgen in mogelijke andere afgeschermde bewaaromgevingen bij alle dienstonderdelen van het Ministerie van Financiën en het ministerie zelf. Op dit moment kunnen we niet uitsluiten dat er geen andere soortgelijke bewaaromgevingen bestaan.
    In het rapport van BDO zijn aanbevelingen opgenomen voor vervolgonderzoek. Wij nemen deze aanbevelingen onverkort over, zoals aangegeven in de Kamerbrief van 10 juli jl. Dit betekent dat we een onafhankelijk extern onderzoek zullen laten uitvoeren naar afgeschermde omgevingen en vergelijkbare informatiebronnen. Dit onderzoek kan zich volgens BDO richten op: het verkrijgen van inzicht in afgeschermde omgevingen, inclusief definities, verschijningsvormen en de mate van centrale registratie en beheersing; de inrichting en werking van governance en besluitvorming rondom deze omgevingen; de wijze waarop gegevens binnen afgeschermde omgevingen worden beheerd én de mate waarin afgeschermde omgevingen voldoen aan relevante wet- en regelgeving.

  • Vraag 14
    Op welke manier doet uw ministerie op dit moment onderzoek om achter het bestaan van andere afgeschermde omgevingen te komen?

    Zie antwoord vraag 13.

  • Vraag 15
    Kunt u de Kamer garanderen dat er geen andere onbekende afgeschermde omgevingen bestaan? Zo nee, waarom niet?

    Zie antwoord vraag 13.

  • Vraag 16
    Kunt u deze vragen voor 1 september 2026 beantwoorden in verband met het plenaire debat over de datakluis?

    Hierbij beantwoorden wij uw vragen voorafgaand aan het plenaire debat over de datakluis op 10 september.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2026Z17138
Volledige titel: De datakluis bij de belastingdienst
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20252026-2989
Volledige titel: Antwoord op vragen van het lid Jimmy Dijk over de datakluis bij de belastingdienst