| Ingediend | 7 juli 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 10 augustus 2026 (na 34 dagen) |
| Indiener | Daniël van den Berg (JA21) |
| Beantwoord door | Aerdts |
| Onderwerpen | economie ict |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z15899.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-2651.html |
Ja.
Ik achtte het wenselijk om de Kamer dezelfde informatiepositie te geven als de bij het verzoek om voorlopige voorziening inzake Solvinity betrokken stichtingen. De betreffende stukken zijn kort voorafgaand aan de zitting op maandag 6 juli jl. vertrouwelijk beschikbaar gesteld, daarmee samenvallend met de start van het zomerreces.
Het stellen van een termijn aan de ter inzagelegging van vertrouwelijke stukken is verplicht onder artikel 4b van de regeling vertrouwelijke stukken.
De voorgestelde ter inzagelegging was gebaseerd op de dan beschikbare informatie t.a.v. de voorlopige voorzieningszitting op 6 juli. Ik hecht eraan de kamer zo ruim mogelijke inzage te geven binnen de kaders die er zijn. Om uw Kamer tegemoet te komen en te voorzien van een betere informatiepositie, heb ik de termijn van ter inzagelegging verlengd tot 31 augustus. Dit heb ik ook opgenomen met de griffie van de Kamer.
Deze onderbouwing is abusievelijk niet meegenomen in de aanbiedingsbrief. Zie voor de onderbouwing van deze termijn het antwoord op vraag 4.
Ja.
Ja.