Kamervraag 2026Z15840

Naar aanleiding van ‘de ongeregeldheden op diverse plekken in Nederland na de wedstrijd Canada-Marokko’

Ingediend 6 juli 2026
Beantwoord 7 september 2026 (na 63 dagen)
Indiener Ingrid Coenradie (PVV)
Beantwoord door David van Weel (VVD)
Onderwerpen openbare orde en veiligheid politie, brandweer en hulpdiensten
Bron vraag https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z15840.html
Bron antwoord https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-2957.html
  • Vraag 1
    Hoeveel personen zijn landelijk aangehouden, hoeveel politiecapaciteit is ingezet en hoeveel politiemensen of andere hulpverleners zijn tijdens deze ongeregeldheden slachtoffer geworden van geweld?

    Voor zover bekend zijn er in totaal meer dan 40 personen aangehouden in Den Haag, in Rotterdam, in Amsterdam en in Tilburg. De politie heeft veel inzet gepleegd en was zichtbaar en preventief aanwezig, op sommige plekken zijn er extra politiemensen ingezet. Op een aantal plekken zijn er politiemensen bekogeld met attributen en vuurwerk.

  • Vraag 2
    Klopt het dat verschillende gemeenten vooraf rekening hielden met mogelijke rellen en extra veiligheidsmaatregelen hebben voorbereid? Zo ja, waarom zijn desondanks op diverse plaatsen ernstige ordeverstoringen ontstaan?
  • Vraag 3
    Waarom is in risicogemeenten niet gekozen voor het instellen van noodverordeningen of andere vergaande openbare-ordemaatregelen, terwijl eerdere ervaringen aanleiding gaven om rekening te houden met ernstige ongeregeldheden?
  • Vraag 4
    Acht u het achteraf bezien een bestuurlijke fout dat dergelijke instrumenten niet of onvoldoende zijn ingezet?
  • Vraag 5
    Welke concrete maatregelen worden vóór de eerstvolgende WK-wedstrijd waarbij Marokko betrokken is genomen om nieuwe rellen te voorkomen?
  • Vraag 6
    Bent u bereid burgemeesters actief op te roepen om, waar de risicoanalyse daartoe aanleiding geeft, gebruik te maken van alle beschikbare bevoegdheden, waaronder noodbevelen, noodverordeningen en de aanwijzing van veiligheidsrisicogebieden?

    Burgemeesters weten van mij dat ik hen steun bij een stevige aanpak van verstoorders van de openbare orde. Het is aan het lokaal gezag te bepalen welke aanpak, bij het handhaven van de openbare orde, in concrete situaties gepast is en van welke bevoegdheden daarbij gebruik wordt gemaakt. De burgemeester is over het gevoerde beleid verantwoording verschuldigd aan de gemeenteraad. Het is niet aan mij als Minister van Justitie en Veiligheid om hierover te oordelen.

  • Vraag 7
    Hoeveel van de aangehouden verdachten worden strafrechtelijk vervolgd, hoeveel zaken worden via supersnelrecht afgedaan en hoeveel verdachten zitten op dit moment nog vast?

    Het OM heeft mij geïnformeerd dat de meeste van de aangehouden verdachten een boete hebben gekregen wegens overtreding van de APV. In twee zaken heeft de officier van justitie een OM-strafbeschikking opgelegd. Vijf verdachten zijn gedagvaard voor de politierechter, waarbij in één geval supersnelrecht is toegepast. Er zitten geen verdachten meer in voorlopige hechtenis.

  • Vraag 8
    Bent u bereid er bij gemeenten op aan te dringen dat klaarblijkelijk enkel «naming and shaming» en de lange lat werken voor dit soort tuig? Zo nee, waarom niet?

    Zie beantwoording vraag 6.

  • Vraag 9
    Bent u bereid er bij het Openbaar Ministerie op aan te dringen dat verdachten van openlijk geweld, vernieling en geweld tegen hulpverleners waar mogelijk via (super)snelrecht worden berecht?

    Het Openbaar Ministerie (OM) past (super)snelrecht toe waar mogelijk en opportuun. In verband met de korte termijn tussen aanhouding en behandeling ter zitting moet het gaan om bewijstechnisch gezien relatief eenvoudige zaken. Het OM, de rechter en de verdediging moeten tijdig kunnen beschikken over een compleet dossier. Dat betekent dat complexere zaken waarin aanvullend onderzoek nodig is in het algemeen niet in aanmerking komen voor supersnelrecht. Bovendien is (super)snelrecht niet altijd wenselijk in zaken waarin schade is toegebracht, omdat slachtoffers dan te weinig tijd hebben om desgewenst schadevergoeding te vragen. Het is aan het OM om in een zaak die afweging te maken.

  • Vraag 10
    Wordt de volledige schade aan politie, gemeenten, ondernemers en andere gedupeerden verhaald op de daders? Zo nee, waarom niet?

    In het algemeen geldt, dat wanneer partijen schade lijden door toedoen van een ander, zij via de civielrechtelijke weg vergoeding van de geleden schade kunnen vorderen. Wanneer personen strafrechtelijk worden vervolgd, wordt de aangerichte schade (inclusief de schade aan de politie) meegenomen in de strafzaak.

  • Vraag 11
    Hoeveel van de aangehouden verdachten beschikken niet over de Nederlandse nationaliteit of hebben ook een andere nationaliteit? Als u deze gegevens niet registreert, bent u bereid dit alsnog inzichtelijk te maken?

    Conform de wet politiegegevens (Wpg) registreert de politie de informatie die benodigd is bij het uitvoeren van de politietaak. Bij een aanhouding stelt de politie de identiteit van een verdachte vast op basis van een geldig legitimatiebewijs. Wanneer dit een Nederlands legitimatiebewijs is, wil dat niet automatisch zeggen dat de verdachte niet beschikt over een tweede nationaliteit.

  • Vraag 12
    Bent u bereid gemeenten die structureel met dit soort ordeverstoringen worden geconfronteerd extra ondersteuning te bieden op het gebied van politiecapaciteit, handhaving en cameratoezicht?

    Binnen de nationale politie wordt de inzet ten behoeve van de openbare orde zo goed mogelijk gefaciliteerd. Bij incidenten kan de politie op basis van art. 3 Politiewet 2012 camera’s gebruiken. Voor zover in de vraag gedoeld wordt op gemeentelijk cameratoezicht op basis van art. 151c Gemeentewet, is besluitvorming door de burgemeester, in samenspraak met de gemeenteraad, hiervoor de aangewezen weg.

  • Vraag 13
    Welke lessen trekt u uit deze gebeurtenissen en welke aanvullende landelijke maatregelen bent u bereid te nemen om te voorkomen dat Nederland na iedere risicowedstrijd opnieuw wordt geconfronteerd met grootschalige wanordelijkheden?

    De burgemeester draagt de verantwoordelijkheid voor de handhaving van de openbare orde. Evalueren van deze gebeurtenissen laat ik aan de driehoeken van de gemeenten.

  • Vraag 14
    Kunt u deze vragen vóór de eerstvolgende WK-wedstrijd waarbij Marokko betrokken is beantwoorden?

    Dat is helaas niet gelukt.

  • Mededeling - 27 juli 2026

    Hierbij deel ik u mede dat de schriftelijke vragen van het lid Coenradie (JA21), van uw Kamer aan de Minister van Justitie en Veiligheid over «de ongeregeldheden op diverse plekken in Nederland na de wedstrijd Canada-Marokko» (ingezonden 6 juli 2026) niet binnen de gebruikelijke termijn kunnen worden beantwoord, aangezien nog niet alle benodigde informatie is ontvangen. Ik streef ernaar de vragen zo spoedig mogelijk te beantwoorden.


Kamervraag document nummer: kv-tk-2026Z15840
Volledige titel: Naar aanleiding van ‘de ongeregeldheden op diverse plekken in Nederland na de wedstrijd Canada-Marokko’
Kamerantwoord document nummer: ah-tk-20252026-2957
Volledige titel: Antwoord op vragen van het lid Coenradie over ‘de ongeregeldheden op diverse plekken in Nederland na de wedstrijd Canada- Marokko’