| Ingediend | 8 juni 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 26 juni 2026 (na 18 dagen) |
| Indiener | Pepijn van Houwelingen (FVD) |
| Beantwoord door | Pieter Heerma (CDA) |
| Onderwerpen | openbare orde en veiligheid staatsveiligheid |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z12255.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-2389.html |
Waar dat kan, zal ik de vragen met ja of nee beantwoorden. Wanneer een nadere toelichting op zijn plaats is, zal ik die geven.
Ja. Op grond van artikel 41 van de Wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten 2017 (Wiv 2017) heeft de AIVD de bevoegdheid tot het inzetten van agenten. Een agent is een natuurlijk persoon die op basis van vrijwilligheid wordt ingezet en aangestuurd om gericht informatie te verzamelen die voor de taakuitvoering van de AIVD van belang is. De AIVD kan hiervoor iedereen benaderen, dus ook journalisten.
Ja.
Nee. Als de AIVD iets publiekelijk aan de orde wil stellen doet de dienst dat door een publicatie, zoals het jaarverslag. Het onder voorwendsel laten plaatsen van een journalistiek artikel met als doel de publieke opinie of het openbare debat te beïnvloeden is niet aan de orde.
Nee. De AIVD kan wel, bijvoorbeeld door middel van achtergrondgesprekken of het beantwoorden van vragen, nadere duiding geven aan journalisten op fenomenen die de AIVD onderzoekt. Dat gebeurt ook op verzoek van de journalist.
Nee. De Wiv 2017 voorziet niet specifiek in een dergelijke bevoegdheid.
Nee. De vrije pers is een pijler van onze democratische rechtsorde. Het is van wezenlijk belang dat journalisten onafhankelijk en op betrouwbare wijze hun werk kunnen doen.
Nee. Zie mijn antwoorden op vraag 4 en 7.
Ja.