| Ingediend | 15 mei 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 8 juni 2026 (na 24 dagen) |
| Indieners | René Claassen (PVV), Mona Keijzer |
| Beantwoord door | Letschert |
| Onderwerpen | cultuur en recreatie media |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z09947.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-2170.html |
Ja.
De AVROTROS heeft desgevraagd laten weten dat zij bekend zijn met de auteur van het artikel en haar brieven zorgvuldig hebben beantwoord.
Desgevraagd laat ook de ombudsman weten dat er veelvuldig contact is geweest met de auteur van het artikel waar u naar verwijst. Waar dat contact de bevoegdheden van de ombudsman raakte is door de ombudsman ook inhoudelijk gereageerd.
Ten slotte laat het Commissariaat voor de Media weten dat de auteur van het stuk, namens de «Verzetsgroep Opstaan tegen Antisemitisme» bij het Commissariaat op 17 februari 2026 ook een verzoek om handhaving heeft ingediend. Dit was het eerste contactmoment met het Commissariaat. Op vrijdag 8 mei 2026 heeft het Commissariaat een besluit op het handhavingsverzoek genomen. Het besluit is conform vast beleid twee weken later – op 22 mei – gepubliceerd op de website van het Commissariaat. In het procesverloop van het besluit is het verloop van de procedure opgenomen, waarbij ook de verschillende contacten met de verzoeker zijn opgenomen.
De AVROTROS, het Commissariaat voor de Media en de ombudsman laten weten dat zij veelvuldig contact hebben gehad met de auteur van het artikel en haar te woord hebben gestaan. Ik reken erop dat zij allen hun beslissing rondom de bekendmaking van informatie en het beantwoorden van de vragen goed hebben overwogen.
Daarnaast heeft het Commissariaat voor de Media laten weten dat het handhavingsverzoek waarnaar verwezen wordt in de beantwoording van vraag 2 binnen de gestelde wettelijke termijn en conform de vaste werkwijze is afgehandeld. In correspondentie gaf de verzoeker verder aan spoedeisend belang te hebben bij een besluit vóór 16 mei (de finale van het Songfestival). Het Commissariaat heeft het besluit daarom op 8 mei jl. genomen. Het besluit is te vinden op de website van het Commissariaat.2
De landelijke publieke omroep is als stelsel samen verantwoordelijk om, naast andere publieke waarden, de pluriformiteit te waarborgen. In tegenstelling tot de NOS is het niet de taak van de andere omroepen om (politiek) neutraal te zijn: (politieke) neutraliteit is niet opgenomen als eis in de Mediawet. De verschillende omroepen binnen het publieke bestel vertegenwoordigen hun eigen stromingen om zo vanuit verschillende perspectieven aanbod te maken. De beslissing over de deelname van Nederland aan het Eurovisie Songfestival ligt op basis van de redactionele autonomie bij de betrokken omroeporganisatie.
De omroepen gaan zelf over hun programmering. Hoe zij tot besluitvorming komen en met wie zij daarover spreken is dan ook aan hen.
Het is aan de omroepen zelf om besluiten te nemen over hun programmering. Het is niet aan mij om te oordelen over het besluit van deelname aan en de uitzending van het Eurovisie Songfestival van de publieke omroep.
Het Commissariaat voor de Media is een onafhankelijke toezichthouder en gaat over haar eigen werkzaamheden. Derhalve ga ik geen verzoek doen voor een specifiek onderzoek op dit punt.