| Ingediend | 29 april 2026 |
|---|---|
| Beantwoord | 8 juni 2026 (na 40 dagen) |
| Indiener | Songül Mutluer (PvdA) |
| Beantwoord door | David van Weel (VVD) |
| Onderwerpen | openbare orde en veiligheid organisatie en beleid |
| Bron vraag | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/kv-tk-2026Z09128.html |
| Bron antwoord | https://zoek.officielebekendmakingen.nl/ah-tk-20252026-2167.html |
Ja.
Deze burgemeesters hebben een oproep gedaan om specifieke wetgeving tegen sektarisch misbruik te ontwikkelen en een landelijk meldpunt in te stellen met mandaat voor opvolging en procesregie. In mijn reactie aan de burgemeesters heb ik toegelicht wat er in juridische zin mogelijk is, zie het antwoord op vraag 6, en welke maatregelen er worden en zijn genomen, zoals de strafbaarstelling van psychisch geweld. Ook heb ik toegelicht dat er beter ingespeeld kan worden op de behoeften van slachtoffers en hun naasten die te maken hebben met misstanden in gesloten groepen. Om die reden is in juli 2025 in het kader van een pilot met financiering van het Ministerie van Justitie en Veiligheid het Hulppunt Onder Controle (HOC) geopend door expertise- en behandelcentrum Fier. Hiermee is er één herkenbaar punt voor hulp en doorverwijzing aan slachtoffers van onveiligheid en dwingende controle in (gesloten) groeperingen.
Het begrip «sektes» kent geen duidelijke, breed gedragen, definitie. Mede als gevolg hiervan kunnen er geen eenduidige cijfers uit de politiesystemen worden gehaald. De cijfers van het aantal hulpvragen bij het Hulppunt Onder Controle (HOC) van Fier bieden enigszins inzicht in de omvang van sektarische misstanden. HOC biedt sinds juli 2025 online hulpverlening voor slachtoffers die in een dwingende groep zitten of hebben gezeten, en voor hun naasten die zich zorgen maken. In de eerste drie kwartalen na livegang (t/m maart 2026) heeft het hulppunt zo’n 480 gesprekken gevoerd met ruim 200 unieke chatters. Daarbij hebben ruim 50 van deze chatters meer dan één gesprek gevoerd. In de 480 gesprekken zijn door chatters meer dan 60 verschillende (unieke) groeperingen genoemd. Dit aantal zal daadwerkelijk hoger liggen, omdat niet alle slachtoffers bij het HOC terechtkomen en de meeste chatters niet aangeven met welke groepering zij te maken hebben of hebben gehad.
Nee, die zorgen deel ik niet. Het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid (CCV), dat mede door het Ministerie van Justitie en Veiligheid gefinancierd wordt, heeft veel kennis en ervaring om (problematiek binnen) gesloten netwerken in kaart te brengen en ondersteunt ook burgemeesters, gemeenten en ketenpartners bij het vormgeven van de regierol. Daarbij kan tevens worden aangesloten op bestaande (regionale) structuren, waaronder zorg- en veiligheidshuizen en Regionale Informatie- en Expertisecentra (RIEC’s) waar de problematiek binnen gesloten netwerken de integrale aanpak van ondermijnende criminaliteit raakt. Deze overlegstructuren hebben met de inwerkingtreding van de Wet gegevensdeling door samenwerkingsverbanden (Wgs) op 1 januari 2025 de mogelijkheid om informatie uit te wisselen tussen de deelnemende partners en tussen regio’s. Gemeenten beschikken daarnaast over een aantal algemene instrumenten waarmee tegen bepaalde overtredingen kan worden opgetreden, zoals bijvoorbeeld het opleggen van een last onder dwangsom bij het overtredingen van bijvoorbeeld de APV of bouwvoorschriften.
Ik ben me goed bewust van de onrust die sekten teweeg kunnen brengen en het hierover afgegeven signaal door de Twentse burgemeesters. Hoewel het een complex onderwerp is, is de verwachting dat de strafbaarstelling van psychisch geweld en het hulppunt een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de aanpak van de problematiek.
De overheid kan optreden wanneer (personen binnen) gesloten groeperingen de grenzen van de wet overschrijden, bijvoorbeeld door zich schuldig te maken aan strafbare feiten zoals dwang, misleiding, lichamelijk, psychisch en/of seksueel geweld of financieel misbruik. In dergelijke gevallen biedt het strafrecht de mogelijkheid om op te treden en slachtoffers te beschermen. De beoogde afzonderlijke strafbaarstelling van psychisch geweld kan hieraan bijdragen, zoals in het antwoord op vraag 7 is toegelicht.
Naast strafrechtelijke mogelijkheden beschikt Nederland over een aanvullend wettelijk instrumentarium om verenigingen te verbieden en te ontbinden. Dit is geregeld in artikel 2:20 van het Burgerlijk Wetboek. In de voortgangsbrief Slachtofferbeleid die voor de zomer naar de Kamer wordt gestuurd, wordt nogmaals bezien wat er wel en niet mogelijk is met betrekking tot de motie van de leden Van Nispen (SP) en Michon-Derkzen (VVD) om te onderzoeken hoe mensen beter beschermd kunnen worden tegen sektes.2
Voor het begrip «sekte» bestaat echter geen eenduidige en objectieve definitie. Er worden in de strafrechtketen geen cijfers over bijgehouden.
Op 10 juli 2025 is, samen met de brief over de voortgang van de prioriteiten uit het plan van aanpak «Stop femicide!», een beschrijving van de contouren van de strafbaarstelling van psychisch geweld naar de Tweede Kamer gestuurd.3 Hierin is het voornemen aangekondigd om een zelfstandige strafbaarstelling van dwingende controle te introduceren. Deze strafbaarstelling is niet beperkt tot gevallen waarin een bepaalde relatie bestaat tussen de dader en het slachtoffer (bijvoorbeeld partnerschap). Dit betekent dat ook als binnen een gesloten groep sprake is van dwingende controle, dit strafbaar kan zijn op grond van de nieuwe strafbaarstelling.
Het streven is om het wetvoorstel voor de zomer van 2026 in consultatie te geven.
Fier is in opdracht van het Ministerie van Justitie en Veiligheid op 1 juni 2024 gestart met een 2,5-jarige pilot om een hulppunt in te richten. Met het Hulppunt Onder Controle (HOC), waar slachtoffers en hun naasten sinds 1 juli 2025 terechtkunnen voor online hulpverlening, is er een herkenbare plek waar signalen van onveiligheid en dwingende controle binnen (gesloten) groeperingen samenkomen en waar kennis en expertise voorhanden is om informatie te verstrekken en hulpverlening te bieden gerelateerd aan problematiek binnen dwingende (gesloten) groeperingen. Het hulppunt van Fier investeert in onderzoek en het ontwikkelen van expertise op het gebied van onveiligheid en dwingende controle in (gesloten) groeperingen, met als doel een landelijke kennisfunctie te creëren. Verworven kennis en bestaande kennis uit de praktijk vormt de basis voor het hulppunt en de gerichte, onderbouwde inzet van hulpprofessionals die betrokken zijn bij de online hulpverlening.
Het hulppunt is erop gericht dat slachtoffers in verschillende fases bij het hulppunt terecht kunnen – als zij al recent of langer geleden bij de groepering weg zijn, maar ook als zij twijfelen over (de veiligheid binnen) hun groepering en nog steeds bij een groep betrokken zijn. Ook naasten van (potentiële) slachtoffers kunnen met hun zorgen terecht bij het hulppunt. Op de website van het HOC kunnen gebruikers informatie vinden over mogelijke kenmerken van dwingende groeperingen, ervaringen van andere slachtoffers en hoe en waarvoor mensen hulp kunnen krijgen. Via de website kunnen gebruikers ook veilig, vertrouwelijk en kosteloos chatten met Fier, waar ze van hulpverleners een luisterend oor, advies en professionele hulp ontvangen. Chatgebruikers kunnen een account aanmaken, zodat ze op hun eigen gewenste moment meerdere keren terug kunnen komen voor hulp. De chat staat in verbinding met hulpverleningspartners en (opsporings)instanties, zodat er mogelijk verbinding kan worden gemaakt met offline ondersteuning indien zij dat wensen.
Sinds de start van het HOC is er met ruim 200 hulpvragers contact geweest, wat erop duidt dat er in ieder geval slachtoffers en naasten zijn die het hulppunt weten te vinden. In juni en september 2026 houdt Fier een online campagne om de naamsbekendheid van het HOC te vergroten en geïnteresseerden en (potentiële) hulpvragers door te leiden naar de website waardoor meer mensen geïnformeerd raken over de hulp die het hulppunt biedt en eventueel een chat kunnen opstarten. In het najaar van 2026 wordt de evaluatie van de pilot bij Fier opgeleverd. Als de pilot succesvol blijkt te zijn, is het streven om de hulp- en kennisfunctie van het hulppunt duurzaam in te richten.
Gelet op de hiervoor toegelichte maatregelen die zijn en worden getroffen zie ik op dit moment geen noodzaak om nader onderzoek te doen.
Hierbij deel ik u mede dat de schriftelijke vragen van het lid Mutluer (GroenLinks-PvdA), van uw Kamer aan de Minister van Justitie en Veiligheid over de weigering van een gerichte aanpak van sektes (ingezonden 29 april 2026) niet binnen de gebruikelijke termijn kunnen worden beantwoord, aangezien nog niet alle benodigde informatie is ontvangen. Ik streef ernaar de vragen zo spoedig mogelijk te beantwoorden.